Museumzolder

april 26, 2015
Velásquez, Innocentius X

Velásquez, Innocentius X

In 2001 bezocht ik met een vriendin de Galleria Doria Pamphilj in Rome. We kwamen er voor maar één schilderij: Diego Velázquez’ beroemde portret van een geducht ogende Innocentius X. We maakten altijd het grapje dat als deze paus een aflaat verstrekte, God zelf het besluit niet ongedaan zou durven maken.

Het doek hing in een apart vertrek met een zolderraam, waarvoor een soort laken was gespannen. Zo viel het Italiaanse zonlicht er niet in volle heftigheid op. Ik geloof dat zo’n lichtfilterende doek een “velum” wordt genoemd. Als er een wolk voor de zon langs trok – en geloof me, anders dan u denkt gebeurt dat in Italië een enkele keer – veranderde het licht. Het schilderij leefde.

Lees de rest van dit artikel »


Geheimpjes

april 25, 2015

planesZoals u weet – en anders moet u het maar nalezen (1, 2, 3, 4, 5) – groeit in mijn omgeving een klein meisje op, dat nu alweer drie-en-half jaar oud is. Een tijdje geleden was ik bij haar op visite en terwijl haar moeder en ik wat zaten bij te praten, zat zij op haar tablet te kijken naar een animatiefilm: Planes.

Op een gegeven moment begonnen de moeder en ik mee te kijken naar het verhaal over een grote race tussen allerlei vliegtuigen. De dames kenden de ontknoping al en besloten dat ze die nog niet aan mij moesten zeggen. Als ik het niet wist, zou ik er immers meer van genieten.

Lees de rest van dit artikel »


Oorlogskind

april 24, 2015

tafelzilverIn het nawoord van zijn boek Terug voor het tafelzilver herinnert auteur Floris van Dijk eraan dat het internationaal recht erkent dat in oorlogstijd kinderen extreem kwetsbaar zijn. Dat zal de lezer niet verbazen, want hij heeft dan het verhaal van Erich Kremer gelezen en weet wat die zoal heeft meegemaakt tijdens de Tweede Wereldoorlog. De jongen, vijftien jaar oud in het laatste oorlogsjaar, heeft wonderbaarlijk veel geluk gehad, zoveel is duidelijk.

Erich is geboren in Bochum, waar zijn vader een toeleveringsbedrijf had voor de mijnbouw. Een strategisch belangrijke functie, die de man weliswaar vrijwaarde van dienst in het leger maar met zich meebracht dat hij de hele oorlog in het Roergebied moest blijven. Terwijl zijn gezin werd geïnterneerd in Ukta in het veilige Oost-Pruisen, doorstond hij verschillende bombardementen.

Lees de rest van dit artikel »


Kwakgeschiedenis: Paulus’ visioen

april 23, 2015
Poster van het Syrisch toeristenbureau

Poster van het Syrisch toeristenbureau

Ik had een positief stukje over iets moois voor u klaarstaan, maar er is weer wat klinkklare wetenschap die moet worden weerlegd vóór ze in de krant komt. Dit keer schakelen we over naar de weg naar Damascus, twee kilometer ten oosten van het inmiddels beruchte vluchtelingenkamp Yarmouk: de plaats waar Saulus, de man die later Paulus zou worden genoemd, het visioen zou hebben gehad dat hem ertoe bracht christen te worden. Hier is het verhaal.

Toen hij onderweg was en Damascus naderde, werd hij plotseling omstraald door een licht uit de hemel. Hij viel op de grond en hoorde een stem tegen hem zeggen: “Saul, Saul, waarom vervolg je mij?” Hij vroeg: “Wie bent u, Heer?” Het antwoord was: “Ik ben Jezus, die jij vervolgt. Maar sta nu op en ga de stad in, daar zal je gezegd worden wat je moet doen.” De mannen die met Saulus meereisden, stonden sprakeloos; ze hoorden de stem wel, maar zagen niemand. Saulus kwam overeind, en hoewel hij zijn ogen open had, kon hij niets zien. Zijn metgezellen pakten hem bij de hand en brachten hem naar Damascus. Drie dagen lang bleef hij blind en at en dronk hij niet. (Handelingen 9.3-9).

Lees de rest van dit artikel »


Vluchtelingen

april 22, 2015
Vluchtelingen in Zahlé

Vluchtelingen in Zahlé

Honderden mensen verdronken in de Middellandse Zee. Iedereen spreekt erover. De politiek heeft ineens een tienpuntenplan en toont daadkracht. Waar het zal eindigen moeten we nog zien, maar één ding is duidelijk: Europa zal er de komende tijd tienduizenden mensen bij krijgen uit landen als Syrië, Libië en Eritrea. Wat dat betekent weet niemand, maar we kunnen wel kijken naar de vluchtelingenopvang elders om een beeld te krijgen van wat Europa te wachten staat.

In Libanon verblijven momenteel 1.800.000 Syrische vluchtelingen. Ter vergelijking: er zijn ongeveer vier miljoen Libanezen. Ik heb er al eerder over geschreven: hier en vooral daar. Of daar, als u Palestijnse vluchtelingen zoekt. De twee categorieën lopen overigens in elkaar over: ik ontmoette eens een Palestijn die na 1967 naar Syrië vluchtte, verbleef in het inmiddels beruchte Yarmouk-kamp en nu vrijwel zeker in Libanon is.

Veel vluchtelingen zijn al vier jaar in Libanon en het zal nog wel even duren voor ze terug kunnen. Een complete generatie kinderen dreigt geen onderwijs te krijgen. Ze groeien op om de kritiekloze slachtoffers te zijn van eenieder die hun ressentimenten wil exploiteren. Maar het gaat al eerder verkeerd. Libanese grootgrondbezitters staan er niet boven om Syrische kinderen in te zetten als goedkope arbeidskrachten. Journalist Robert Fisk heeft het getypeerd als “a situation perilously close to slave labor” (meer), wat vermoedelijk een of twee nuances overslaat maar in elk geval duidelijk maakt dat de problemen groot zijn.

Er zijn hulporganisaties als de (in Nederland niet zo bekende) International Rescue Organization, die proberen onderwijs aan te bieden. Ik ben eind oktober wezen kijken in een van de projecten: vijf of zes klassen met zo’n dertig kinderen van basisschoolleeftijd. Het viel me op dat ze, hoewel de zomer nog niet voorbij was, allemaal winterkleren droegen: de enige kleren die ze bij zich hadden toen ze hun land verlieten.

Het project was niet gevestigd in een kamp maar in een oude, verlaten school. Op deze manier lopen de kinderen hun vader en moeder niet voor de voeten en – vooral – kunnen ze even iets ander zien dan de tenten. Op school zijn ze met andere kinderen en kunnen ze weer even kind zijn. Hun tekeningen hadden ook van Nederlandse kinderen kunnen zijn: een tekening van een huis met regenwolken erboven bijvoorbeeld. De conciërge, die zijn best deed met een lik verf het bedompte gebouw op te vrolijken, had op de muur wat smurfen geschilderd.

Het onderwijs wordt niet alleen verzorgd door onderwijzers uit Libanon – mijn gastvrouw was een Libanese docente die haar baan aan een internationale school had opgegeven om voor de vluchtelingen te werken – maar ook door Syrische onderwijzers, die voor hetzelfde werk minder betaald krijgen. Net als in Nederland, waar vluchtelingen ook niet zomaar een baan kunnen aannemen, wil men in Libanon verdringing op de arbeidsmarkt vermijden. De Syrische onderwijzers gelden als vrijwilligers.

Die docenten worden ondertussen geconfronteerd met reële problemen. Toen het project begon, kocht men schoolboekjes aan, om te ontdekken dat veel kinderen nog niet konden lezen. Niet ontmoedigd begon het team het benodigde lesmateriaal zelf te maken. Soms zijn de klassen vijftig leerlingen groot. Een scholier slaat zijn onderwijzer. Een jongen heeft het syndroom van Down. Pesten. Een deel van de problemen is niet heel anders dan in ons onderwijs, maar de ingewikkelde politieke situatie maakt het lastiger.

Neem het voorbeeld van een leerling die zijn arm breekt en naar het ziekenhuis moet voor een operatie. Die kost $850, een flink bedrag. Nu zijn de Syrische vluchtelingen in Libanon verzekerd, maar er is een eigen risico van 25%. De ouders konden $100 betalen, maar er ontbrak $112,50, waardoor het kind zes uur moest wachten. Het is goed gekomen, maar onder normale omstandigheden zou het sneller zijn gegaan en was de kans op complicaties kleiner.

En zoals in Nederland niet iedereen zit te wachten op de komst van de vluchtelingen, zo hebben ook de Libanezen gemengde gevoelens. Lang niet alle gemeentes werken mee aan het hier beschreven onderwijsproject. Sommige vinden het goed dat kinderen wat leren, maar andere vinden dat het geboden asiel niet te aantrekkelijk moet worden gemaakt omdat het de bedoeling is dat Syriërs ooit zullen terugkeren. Het lijkt sterk op de standpunten in de discussies die wij in Nederland voeren, met één verschil: van 1976 tot 2005 bezette Syrië Libanon. De Libanezen die helpen, helpen hun voormalige vijanden. Menselijkerwijs vind ik dat groots.

Wat ik al met al met dit stukje probeer aan te geven is enerzijds dat de problemen groot zijn, en anderzijds dat de hulporganisaties de problemen aankunnen. Met moeite, maar het lukt. Ik schrijf dit ook omdat ik er niet zeker van ben dat de politici die nu zo kordaat willen handelen, de complexiteit van hun beslissingen werkelijk begrijpen. Als iemand, terwijl 97% van de vluchtelingen al in de regio wordt opgevangen, “opvang in de regio” presenteert als het ei van Columbus, heb ik weinig fiducie in ’s mans kennis van zaken.

Er zijn al tienduizenden vluchtelingen in Griekenland en Italië, er zullen er meer komen, er zullen problemen zijn van de soort die ik hierboven heb beschreven, ze zullen vermoedelijk beheersbaar zijn, maar ze zijn complex.

[Het bij dit soort stukjes gebruikelijke verzoek te doneren vindt u hier.]


Homohuwelijk

april 21, 2015

post-atheistIk had voor vandaag eigenlijk een lief stukje over negende-eeuwse moslims aan de Zijderoute in gedachten, waarin ik dan wilde vertellen dat de islam ook toen al een enorme variatie vertoonde, maar de actualiteit moest natuurlijk weer tussenbeide komen. Die bestaat uit een van de wonderlijkste opiniestukken die ik in tijden heb gezien. Het is helaas niet meer online, maar hier vindt u een samenvatting: drie godsdienstwetenschappers (Hector Avalos, Robert Cargill en Kenneth Atkinson) herinneren de lezers van de Des Moines Register eraan dat de Bijbel het huwelijk nergens definieert als de verbintenis tussen een man en een vrouw.

Duh.

De Bijbel veronderstelt wel meer bekend. Wat een messias is, wordt bijvoorbeeld onvoldoende uitgelegd, zodat wetenschappers zich nog altijd het hoofd breken over de vraag hoe Jezus’ zelfbeeld zich verhoudt tot de bekende messianologieën. De Bijbel is nu eenmaal een millennium of twee, drie oud en veronderstelt ideeën die destijds gangbaar waren. Dat geldt voor elke antieke tekst. De dromen in het Gilgamesj-epos veronderstellen kennis van de Mesopotamische waarzeggerij, Homeros neemt aan dat je de Griekse goden kent, de historische teksten van Tacitus veronderstellen dat je weet dat op de randen van de aarde de agressiefste barbaren wonen. Er is altijd een onuitgesproken context. Dat de Bijbel geen definitie van het huwelijk geeft, is daarom een zeer slecht argument voor een alleszins respectabel standpunt.

Lees de rest van dit artikel »


Johannes Kinker

april 20, 2015
Johannes Kinker

Johannes Kinker

Jaloers was ik, toen ik hoorde dat de bewoners van de Apeldoornse Vondellaan in hun straat een buste hadden geplaatst van de grote dichter. Ik woon aan de Bilderdijkkade in Amsterdam en het is ondenkbaar dat de naamgever hier ooit een gedenkteken zal krijgen, hoewel zijn Aanmerkelijke luchtreis best de moeite waard is. In feite de eerste Nederlandstalige science fiction. Maar Bilderdijk zal nooit een buste krijgen, laat staan een standbeeld.

Amsterdam is namelijk slecht in het eren van zijn schrijvers. Een paar blokken van mijn huis is W.F. Hermans geboren en de school waar hij leerde schrijven (en waar “Manuscript in een kliniek gevonden” zich afspeelt) is er nog steeds. Vanzelfsprekend komt daar geen gedenkteken – dat  zou hypocriet zijn in een stad die hem persona non grata verklaarde. Dat is al erg genoeg, maar nee, hij kreeg nog een trap na: toen de school een nieuwe naam moest krijgen, werd ze vernoemd naar een andere schrijver.

Lees de rest van dit artikel »


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 350 andere volgers