De schade van zwarte handel

Plundering in Šahr-e Qumis
Plundering in Šahr-e Qumis, Iran (2005)

Het probleem met de clandestiene handel in oudheden is, eh, dat ze clandestien is. We kennen het begin en het einde, maar het tussenliggende deel is onbekend. Aan het begin zien we geplunderde archeologische sites en kennen we de schade die is aangericht in musea (de laatste jaren in Egypte, Irak, Libië en Syrië). Wat we eveneens kennen is het einde: als de illegaal opgegraven voorwerpen op de markt komen. Wat er gebeurt tussen plundering en markt, dat is dus een stuk minder bekend.

Niet dat deze tussenhandel volledig onzichtbaar is. Iedereen kan haar zien op bijvoorbeeld eBay. Omdat ik een grote website beheer over de Oudheid, Livius.org, krijg ik regelmatig oudheden aangeboden of vragen over voorwerpen die mensen “toevallig” op het erf hebben gevonden. Vóór de Arabische Lente kwamen de aanbiedingen vooral uit Turkije en Iran, daarna vooral uit Egypte en later keerde Turkije terug met voorwerpen waarvan ik denk dat ze komen uit Syrië of Irak. De politie vangt soortgelijke glimpen op, maar in feite weet niemand wat er tussen roof en markt gebeurt.

Lees verder “De schade van zwarte handel”

De Romeinen in Velsen

Medaille met Romulus en Remus uit Velsen (Huis van Hilde)
Medaille met Romulus en Remus uit Velsen (Huis van Hilde)

Romulus en Remus: een medaille met een van de klassiekst denkbare voorstellingen. Het leuke is de vindplaats, want dit voorwerpje komt niet uit Italië maar uit ons eigen Velsen, waar in de eerste eeuw een Romeinse vlootbasis lag. U hoeft voor deze penning dus niet af te reizen naar Rome, u kunt thuisblijven. Ik maakte deze foto in het Rijksmuseum van Oudheden, maar ik geloof dat de olijke tweeling momenteel woont in het Huis van Hilde in Castricum.

Wat deden de Romeinen in Velsen? We weten er opvallend veel over. Even verderop lag een van de belangrijkste heiligdommen uit de regio, Velserbroek: hét religieuze centrum van de stam die destijds in Holland en Friesland woonde, de Friezen. De vlootbasis, die destijds Flevum lijkt te hebben geheten, diende dus om een bevriende stam in de gaten te houden. Dat de Romeinen geen problemen verwachtten, blijkt uit het feit dat deze versterking vrij ver af lag van de volgende, Vechten. Als er moeilijkheden zouden zijn, stond het garnizoen in Velsen er alleen voor.

Lees verder “De Romeinen in Velsen”

Livius Nieuwsbrief | Februari

liviusDit is de 126e aflevering van de Livius Nieuwsbrief met nieuws over de Oudheid. De nieuwsbrief is gratis; voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Jona Lendering (redactie)

=====================

LIVIUS’ EIGEN NIEUWS

Een greep uit het Liviusaanbod: u kunt u verdiepen in het oude Mesopotamië in Schagen, Herodotos lezen in Zoetermeer, ontdekken wat de Romeinen in Noord-Holland deden in Hoorn, de Koran, Tora en Bijbel leren kennen in Bussum en u verdiepen in Islamitisch Andalusië in Gouda.

Lees verder “Livius Nieuwsbrief | Februari”

Pre-proto-Italo-Kelt

Stele uit Nevsha (Archeologisch Museum van Varna)
Stele uit Nevsha (Archeologisch Museum van Varna)

De Yamnaya- of Kuilgrafcultuur, die u ergens tussen 3600 en 2300 v.Chr. moet plaatsen in wat nu Oekraïne en zuidelijk Rusland heet, geldt momenteel als de “Urheimat” van de volken die een Indo-Europese taal spreken. Daar duidt niet alleen het taalkundige maar ook het archeologische bewijsmateriaal op. Sinds een jaar of wat is er ook genetisch bewijs, waarbij ik aanteken dat veel nog onduidelijk is, dat elke onderstaande zin in feite een hypothese is en dat de vele migraties die blijken te hebben plaatsgevonden, de onderzoekers hebben verbaasd.

De Yamnaya-mensen kenden de ploeg zodat ze aan akkerbouw konden doen, maar ze hadden ook het paard gedomesticeerd en wisten hoe ze een kar moesten bouwen, zodat ze ook heen en weer konden trekken. De Yamnaya-cultuur breidde zich dan ook gestaag uit.

Lees verder “Pre-proto-Italo-Kelt”

Caesar in Kessel: terugblik (4)

spraakverwarringIk ben de laatste dagen erg bezig met het derde nummer van uw favoriete oudheidkundige tijdschrift (neem een abonnement!), waardoor deze kleine blog, die ik toch vooral schrijf als een plezierig extraatje naast mijn eigenlijke werk, er wat bij inschoot. Vandaag herneem ik echter de terugblik op de claim van Nico Roymans dat Julius Caesar bij Kessel een groep Usipeten en Tencteri had afgeslacht. Zoals ik al opmerkte, is het jammer dat het nieuws zo amateuristisch naar buiten kwam (De Wereld Draait Door ging ermee aan de haal), waarna het aan hyperbolen niet meer heeft ontbroken. De Volkskrant noemde het vorige week zelfs “de grootste Nederlandse oudheidkundige ontdekking ooit”, wat zó onwaar is dat ik het zelfs niet ga uitleggen.

Je kunt ook zonder oudheidkundige standaardoverdrijving kijken naar de vondsten in Kessel en mij viel op dat de discussies die ik zo links en rechts heb beluisterd, drie terugkerende kenmerken hadden. De eerste: er wordt over gesproken alsof het een archeologisch vraagstuk is. De tweede: er wordt over gesproken alsof het een gesloten vraag is. De derde: er wordt over gesproken alsof alleen de feiten – de vondsten in Kessel dus – relevant zijn. Dat is allemaal niet onjuist maar er zijn wat bomen over op te zetten en ik denk dat we moeten beginnen met de simpele vraag wat de vraag nu eigenlijk is.

Lees verder “Caesar in Kessel: terugblik (4)”

Culturele eerstes

Göbekli Tepe
Göbekli Tepe

Wie in de achttiende eeuw zou hebben gevraagd waar de beschaving vandaan kwam, zou hebben kunnen rekenen op verbaasde reacties: uit Mesopotamië natuurlijk! De Bijbel was daarover immers duidelijk: de eerste hoofdstukken van de Bijbel spelen in de Hof van Eden, op de vlakte van Sinjar en in de stad Harran. Ook de steden Babylon en Ur, die wat zuidelijker liggen, worden vermeld. De vroegste mensen hadden gewoond in Mesopotamië en waren daar hun paradijselijke superioriteit kwijtgeraakt. Uitzwervend over de wereld waren ze gedegenereerd.

Je zou in de achttiende eeuw ook een ander antwoord hebben kunnen krijgen, dat een andere definitie van beschaving veronderstelt. Sinds de Renaissance was men van mening dat het vooral Rome was geweest waar de wereldgeschiedenis een sprong voorwaarts had gemaakt. Daar was getoond hoe je efficiënt moest besturen, mooie kunst maakte, goed kon schrijven. In de tweede helft van de achttiende eeuw kregen de Grieken de reputatie als eersten het stadium van primitiviteit te hebben verlaten en de beschaving te hebben bereikt, dit keer gedefinieerd als “vrij denken”. Griekenlands voortreffelijkheid werd vooral uitgedragen door J.J. Winckelmann, en ook al was zijn verklaring stapelgek, dit idee bleef nog enige tijd in zwang. Het scheelde weinig of de Griekse originaliteit zou zijn vastgelegd in de preambule van de Europese Grondwet, en dat zou dan even absurd zijn geweest als de wet waarmee Indiana de waarde van pi wilde vastleggen.

Lees verder “Culturele eerstes”

Het backfire-effect

Vluchtelingen in Zahlé (Libanon)
Vluchtelingen in Zahlé (Libanon)

“Tijd om fictie van feiten te onderscheiden”, schrijft Carlijne Vos in een verhelderend stuk in De Volkskrant van zaterdag 23 januari over de toestroom van asielzoekers. Er is niets mis met haar betoog en indien u het nog niet heeft gelezen, moet u dat zeker doen. Als u probeert genuanceerd te danken over de problematiek, heeft u een hoop gegevens bij elkaar. Als u zich daarentegen vooral zorgen maakt, zult u worden bevestigd in uw idee dat die linkse journalisten van De Volkskrant desnoods gewoon liegen om hun multiculti-ideaal aan u op te dringen.

Die laatste reactie is dan een uiting van het backfire-effect. Het presenteren van de correcte feiten is weliswaar een manier om een discussie naar een goed einde te brengen, maar niet als de context polemisch is, zoals met de huidige discussie. Om wat voorbeelden te geven uit mijn eigen vak, de oudheidkunde:

Lees verder “Het backfire-effect”