The Day Before You Came

november 6, 2014

ABBA’s The Day Before You Came: dit heb ik altijd een mooi melancholiek liedje gevonden. Een vrouw bezingt de dagelijkse routine van haar leven: de forensentrein naar haar werk, kantoorwerkzaamheden, lunch met dezelfde collega’s, de gebruikelijke karweitjes van de middag, weer naar huis, een afhaalmaaltijd, wat TV kijken, met een boek naar bed, klaar voor de volgende dag met dezelfde regelmaat.

Without really knowing anything, I hid a part of me away

en even later

It’s funny, but I had no sense of living without aim
The day before you came.

Lees de rest van dit artikel »


ISIS en Don Quichot

oktober 31, 2014
De vernuftige ridder uit La Mancha (Picasso)

De vernuftige ridder uit La Mancha (Picasso)

Eh, hoe zat het ook alweer met de ridder met het droevige gelaat? Mijn excuus eerst, want ik ga u twee alinea’s lang dingen vertellen die u al weet.

Don Quichot ziet bordelen aan voor kastelen en molens voor reuzen. Als hij mensen uit een benarde situatie bevrijdt, blijken het bandieten. Hij is echter eerlijk, hij is oprecht, hij is nobel. Hij is, met andere woorden, precies wat Cervantes zegt dat hij is: een edelman.

Hij is ook krankzinnig, maar zijn vrienden houden van hem. Eén van hen verkleedt zich als ridder en verslaat hem in een duel, waardoor de ongelukkige uiteindelijk thuis komt en daar de zorg krijgt die hij nodig heeft. Heel keurig, maar de man gaat dus mee in de wanen van Don Quichot. Idemdito Sancho Panza: hij gaat geloven in de betovering van Dulcinea, hoewel hij die zelf heeft verzonnen. Het motief dat Cervantes hiermee aansnijdt is hetzelfde als dat in Ettore Scola’s Enrico IV: wie is de echte gek, de man die niet weet wat de werkelijkheid is, of de man die willens en wetens meegaat in andermans waan? Een vergelijkbare vraag: wie is de echte edelman, de verarmde ridder met het zuivere hart of het rijke hertogelijk paar, dat zijn sadisme op een geesteszieke uitleeft?

Lees de rest van dit artikel »


Tacitus

oktober 22, 2014

germanenDe Nijmeegse classicus Vincent Hunink houdt zich al zeker vijftien jaar bezig met het vertalen van de Romeinse auteur Tacitus. Het is leuk zijn vroege en recentere weergaven van het lastige Latijn te vergelijken, want je ziet dan hoe Vincent steeds brutaler wordt en een bepaald staccato-effect bereikt dat – voor zover ik dat kan beoordelen – de lezer een gevoel geeft van het ongemakkelijke Latijn in de brontaal.

Een tijdje geleden vroeg hij me of ik de inleiding en de verbindende teksten wilde schrijven voor zijn vertaling van de aan de Germanen gewijde gedeelten van Tacitus’ Germania, Historiën en Annalen. Uiteraard zei ik ja, want het zijn boeiende teksten en bovendien heb ik prettige herinneringen aan de samenwerking bij Vincents prachtvertaling van Velleius Paterculus.

Lees de rest van dit artikel »


Tolkien, Hulspas en Holman

oktober 21, 2014

tolkienVoor mijn eindexamen las ik The Lord of the Rings van Tolkien. En nog een bulk andere boeken, maar daar heb ik het nu niet over. Een leuke herinnering is dat mijn docent en ik na afloop van het examengesprek nog even koffie dronken en spraken over, jawel, literatuur. In het Nederlands en niet in mijn moeizame Engels, maar het was een gelijkwaardig gesprek waarin mijn leraar serieus informeerde naar mijn literaire oordeel.

Ik herinner me niet wat ik toen heb gezegd over Tolkien, maar weet wel dat mijn docent uitlegde dat de Germaanse achtergrond van de verhalen hem weinig deed, en dat we zoekend concludeerden dat een liefde voor Tolkien eigenlijk een heel subjectieve zaak was. Je deelt zijn “Germaanse gevoel” of niet. Ik ben dat gevoel kwijtgeraakt, maar ik vond het leuk dat ik later in Oxford in café The Eagle and Child bleek te zitten aan de tafel waar Tolkien elke week was neergestreken met C.S. Lewis en enkele andere literatoren. Ik kan begrijpen waarom er mensen zijn die een soort Tolkien-religie hebben, zoals de media vorige week berichtten.

Lees de rest van dit artikel »


Bijbellectuur

oktober 14, 2014
Dit is natuurlijk geen konijn.

Dit is natuurlijk geen konijn.

Een kennis van me ging met pensioen en besloot, nu hij wat tijd had, de Bijbel eens te lezen. Zoals te verwachten viel, bekwam hem dat slecht en hij is er halverwege mee gestopt. Zijn eerste fout: hij nam de Statenvertaling. Zijn tweede fout: hij begon bij Genesis. Zijn derde fout: hij vergat dat deze bibliotheek niet voor hem was geschreven.

Om met de Statenvertaling te beginnen: die is vier eeuwen oud en ook in hertaling geen toegankelijk Nederlands. Een andere moeilijkheid is dat een moderne lezer al snel struikelt over evidente fouten. Zo wordt het Hebreeuwse woord voor klipdas vertaald met “konijn”. Je hoeft geen biologie te hebben gestudeerd om te weten dat dit dier in het oude Nabije Oosten niet voorkwam. Storend.

Lees de rest van dit artikel »


Germanenmasker

oktober 8, 2014
Masker van een Germaan

Masker van een Germaan

Een geintje van de pottenbakker ben ik:
masker van een rossige Bataaf.
Jij zult om mijn gelaat wel moeten lachen…
kinderen jaag ik stuipen op het lijf!

Het gedichtje is van de Romeinse dichter Martialis (Epigrammen 14.176), de vertaling is van Vincent Hunink, het masker is te zien in het British Museum en ik heb geen tijd voor een langer stukje – dus dit was de zeventigste aflevering in mijn reeks museumstukken; een overzicht is hier.


Leidens Ontzet

oktober 3, 2014
Leidens Ontzet

Leidens Ontzet

P.C. Hooft is geen schrijver die nog veel lezers trekt. We kennen hem zoals we Vondel kennen: er is een straat of een park naar zo iemand genoemd, en dat is het dan. Zo gaan die dingen nou eenmaal en dat is niet erg. Dat laat onverlet dat die auteurs wel wisten hoe ze een verhaal moesten vertellen en mooi Nederlands schreven. Hieronder volgt een stukje uit Hoofts Nederlandse Historiën (1642) dat ik tijdens een slapeloze nacht heb overgetypt. Gegeven de datum – dit gaat online op 3 oktober – kunt u het onderwerp wel raden: het ontzet van Leiden.

De situatie: de dijken zijn doorgestoken, de vloot van Lodewijk van Boisot nadert de belegerde stad en hoeft alleen de Lammenschans nog in te nemen, maar de postduif waarmee dit de Leidenaren wordt aangekondigd, valt in Spaanse handen. De belegeraars besluiten echter geen soldaten nodeloos op te offeren en trekken zich geordend terug. Het geschut, dat ze niet kunnen meenemen door het geïnundeerde gebied, wordt onklaar gemaakt door de stukken in het water te werpen.

Lees de rest van dit artikel »


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 277 andere volgers