Op admiraal De Ruyter (bis)

januari 30, 2015
Joan Lievensz, Portret van Michiel de Ruyter

Joan Lievensz, Portret van Michiel de Ruyter

Het is sinds gisteren de Week van de Poëzie. Ik zou daarover vandaag niet zijn begonnen – ik heb er immers vorig jaar al over geschreven – als het niet zo was geweest dat er mensen blijken te zijn die denken dat admiraal De Ruyter iets anders is geweest dan een zeeman.

Mijn vriend en collega Josho Brouwers attendeerde me op een tof gedicht van Joost van den Vondel, dat deze schreef bij het portret van Joan Lievensz dat hiernaast is afgebeeld. Vondel had er zin in. Dit is gewoon vuurwerk.

Lees de rest van dit artikel »


Cervantes, alweer

januari 26, 2015

cervantesDit is dus eigenlijk gewoon regelrecht & ronduit schokkend nieuws. Al negen maanden, zo lees ik, zijn archeologen in Madrid op zoek naar het stoffelijk overschot van Cervantes. Ze hebben daarbij drie niet-geregistreerde graven in het vizier. Je vraagt je af waarom ze daar negen maanden voor nodig hebben, want zo moeilijk kan het toch niet zijn een geraamte met één arm te identificeren.

Maar het wordt nog gekker. De speurtocht naar de laatste rustplaats van de auteur van de eerste roman uit de wereldliteratuur duurt namelijk helemaal geen negen maanden. Dat is een klinkklare leugen. Men is er al drie-en-half-jaar mee bezig. Ik wijdde er op 29 juli 2011 een van de eerste stukjes van deze kleine blog aan. Daarin schreef ik:

Lees de rest van dit artikel »


Europa

januari 25, 2015
Europa (British Museum)

Europa (British Museum)

De mythe van Europa, die door de als stier vermomde oppergod Zeus (de Romeinse Jupiter) werd ontvoerd, is een van de bekendste uit de oude wereld. Het meisje, een prinses uit de stad Tyrus, zou worden meegenomen naar Kreta, waar ze de moeder werd van koning Minos en haar naam gaf aan het werelddeel waar ze was aangekomen. Het valt niet uit te maken of er een Fenicisch of ander oosters sprookje aan dit verhaal voorafgaat.

Hierboven is een afbeelding van Europa en de stier. Ze dateert uit de derde eeuw v.Chr., is opgegraven in Babylon en te zien in het British Museum. En hieronder is de navertelling door de Romeinse dichter Ovidius, te vinden in de Metamorphosen, in de vertaling van Marietje d’Hane-Scheltema.

Lees de rest van dit artikel »


Iran en ironie

januari 16, 2015
(Foto Ronald Sweering)

Het graf te Blauwhuis (Foto Ronald Sweering)

Hieronder is de tekst van een van de beroemdste gedichten uit het Nederlands, het “Graf te Blauwhuis” van Gerard Reve. Het is te vinden in Nader tot U (1969) en is opgedragen aan Sieuwke Hofmeijer-Rijpma, Reves buurvrouw in het Friese Greonsterp.

De “hij” waarmee het gedicht begint is haar zoon Gerrit Rijpma, die in 1945 door de Duitsers werd gedood. Als u er meer over wil lezen, kunt u terecht in dit stukje van Frits Abrahams.

Hij rende weg, maar ontkwam niet,
en werd getroffen, en stierf, achttien jaar oud.
Een strijdbaar opschrift roept van alles,
maar uit een bruin geëmailleerd portret
kijkt een bedrukt en stil gezicht.
Een kind nog. Dag lieve jongen.

Gij, die koning zijt, dit en dat, wat niet al,
ja ja, kom er eens om,

Gij weet waarom het is, ik niet.
Dat Koninkrijk van U, weet U wel, wordt dat nog wat?

Lees de rest van dit artikel »


Enuma elisj

januari 15, 2015

enuma_elisjSoms ontdek je een boek dat je al jaren had moeten kennen maar om een of andere reden niet bent tegengekomen. De Nederlandse vertaling van het Babylonische Scheppingsverhaal Enuma elisj is zo’n boek: terwijl ik het gedicht ken en tegelijk met vertaalster Selma Schepel gestudeerd moet hebben, kende ik dit in 2002 verschenen boek niet tot ik het aantrof in een antiquariaat.

Het verdiende beter dan de ramsj, want dit is een fijn boek. Deels doordat de antieke tekst interessant en belangrijk is, deels doordat Schepel verstandige redactionele keuzes heeft gemaakt. De enige keuze die, met de kennis van nu, verkeerd uitpakt, is dat ze de slisklank die bekendstaat als sjin, weergeeft als /sj/, zoals in de titel. Daarmee is een woord online, waar de internationale transcriptiesystemen overheersen, niet makkelijk terug te vinden, maar ik weet niet of dat in 2002 al voldoende duidelijk was. Maar verder is Schepels boek echt de moeite waard.

Lees de rest van dit artikel »


Watchmen

januari 14, 2015
De cover van de verzamelband

De cover het boek

Een graphic novel – voor wie het nog niet mocht weten – is een stripverhaal met literaire ambities. De naam is voor het eerst gebruikt voor William Eisners A Contract with God. Andere geslaagde voorbeelden zijn Art Spiegelmans Maus (over de Holocaust) en Peter Pontiacs Kraut (een soort Brief an den Vater). Een van de allerbeste voorbeelden van het genre is Alan Moores Watchmen uit 1986/1987, waarin we het leven volgen van vijf oud-superhelden, vanaf het moment waarop een collega is vermoord. Er is een lek in de organisatie, maar hoe zit het?

Het verhaal, gepubliceerd in twaalf afleveringen en later uitgegeven in boekvorm, is niet makkelijk samen te vatten. De achtergrond is in elk geval dat in 1938 de Amerikaanse overheid de criminaliteitsbestrijding heeft opgedragen aan een groep superhelden, die overigens geen echte superkrachten hadden maar hun werk redelijk deden, waarna een tweede generatie het stokje overnam. Hierbij zit wel een echte superheld, Doctor Manhattan, die ervoor zorgt dat Amerika de Vietnamoorlog wint, zodat Nixon eindeloos kan worden herkozen en in 1985 nog altijd president is. Op dat moment zijn de superhelden alweer een tijdje met pensioen: sinds 1977 spelen ze geen rol meer in de strijd tegen de misdaad.

Lees de rest van dit artikel »


Apostata, gebundeld

december 23, 2014
Dit boek moet u dus lezen. Of beter: u moet ze alledrie lezen.

Dit boek moet u dus lezen. Of beter: u moet ze alle drie de bundels lezen. Het stripalbum dat er onder ligt is trouwens ook alleszins de moeite waard.

Toen de Amerikaanse schrijver Gore Vidal een roman publiceerde over de Julianus die ook de held is van Ken Broeders’ reeks Apostata, constateerde hij dat de Romeinse keizer “in Europa altijd iets van een verborgen held is geweest”. De overwegend christelijke geschiedenis van het oude continent heeft inderdaad weinig ruimte gehad voor deze heerser, die tussen 361 en 363 als laatste heeft geprobeerd de cultus voor de oude goden te herstellen.

Dat wil niet zeggen dat het leven van de keizer slecht is gedocumenteerd. In tegendeel. Hij heeft zelf het een en ander geschreven, er is de fenomenale geschiedenis van de Romeinse officier Ammianus Marcellinus, er zijn toespraken van Julianus’ voor- en tegenstanders. Hij speelt een rol in drie kerkgeschiedenissen. Bovendien is de vierde eeuw, de laatste bloeitijd van het Romeinse Rijk, archeologisch heel redelijk gedocumenteerd. We kennen de landschappen waardoor Julianus reisde, we kennen zijn persoonlijke gedachten, we kennen de impact die hij had op zijn tijdgenoten.

Lees de rest van dit artikel »


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 335 andere volgers