Parthenon Marbles

juli 25, 2014

Detail van de Elgin Marbles (British Museum)

Traditioneel worden ze de “Elgin Marbles” genoemd, maar een slimme, ongetwijfeld Griekse, taaltacticus heeft het woord “Parthenon Marbles” bedacht om te benadrukken dat het gaat om kunstwerken die behoren in de tempel op de Atheense akropolis. De prachtige marmeren reliëfs zijn momenteel in het British Museum maar Griekenland wil ze terug. De bovenste verdieping van het enkele jaren geleden in Athene geopende, prachtige Parthenonmuseum is alvast ingericht om ze terug te verwelkomen. Op Historiek legt Natascha Neef uit waarom ze weer naar Athene moeten.

Laat vooropstaan staan dat ik eigenlijk al haar argumenten hout vind snijden. Ik heb in het oude Akropolismuseum – dat met zijn beperkingen overigens ook zijn charmes had – wel eens een petitie getekend waarin de Britten werden opgeroepen de stukken terug te geven. Nu ik erover denk, geloof ik dat ik daar voor het eerst de naam “Parthenon Marbles” tegenkwam.

U voelt echter al aankomen dat ik aan de kwestie ook een andere kant ontwaar.

Lees de rest van dit artikel »


Syracuse

juni 17, 2014
Syracuse: een verkeerd belichte foto van de Latomia dei Cappuccini

Syracuse: een verkeerd belichte foto van de Latomia dei Cappuccini

In 415 v.Chr. probeerden de Atheners Sicilië te veroveren. Alles wat verkeerd kon gaan, ging verkeerd: een van de generaals had eigenlijk geen zin, de tweede werd teruggeroepen en de derde sneuvelde in een vroeg stadium. Er was te weinig cavalerie. Veronderstelde bondgenoten bleken minder loyaal dan aangenomen.

En vooral: de aanvallers verzuimden Syracuse meteen aan te vallen, toen de bewoners het niet verwachtten. Toen de Atheners het beleg later wel opsloegen, was de machtige stad er klaar voor. Er begon een langzame stellingenoorlog op het rotsige plateau ten noorden van de stad, die de Atheners niet in hun voordeel wisten te beslissen.

Lees de rest van dit artikel »


Xerxes’ Griekse oorlog (29)

september 29, 2013

De zeeslag bij Salamis

[Dit is het negenentwintigste van zo’n zevenendertig stukjes; het eerste is hier.]

De eerste Perzische linie was de zeestraat binnengevaren en achtervolgde de Korinthiërs, die naar het noorden voeren. De andere Griekse schepen bevonden zich op de zuidelijke kust: de bemanningen zagen de Perzische linkerflank voor zich, terwijl de mannen op de Griekse rechtervleugel keken naar de achterste linie van de vijand, die hen voorbij voer en nu op het punt stond zich naar hen toe te keren. Dat was het moment waarop de Grieken hadden gewacht.

Geholpen door de lichte zuidoostenwind die gewoonlijk in de ochtend over de baai waait, schoten hun schepen naar voren en vielen de Perzische linkervleugel en de achterste linie aan. Ik geef het woord aan de toneeldichter Aischylos, die een betere bron is dan Herodotos; de vertaling is van E. de Waele.

Lees de rest van dit artikel »


Xerxes’ Griekse oorlog (28)

september 29, 2013

Aischylos (Neues Museum, Berlijn)

[Dit is het achtentwintigste van zo’n zevenendertig stukjes; het eerste is hier.]

Met de inname van Eleusis had het Perzische leger alle kusten bezet (landkaart). De vloot kon nu de Griekse schepen aanvallen: Griekse drenkelingen zouden op het strand worden gedood, Perzische drenkelingen zouden worden gered. Elders landden Perzische mariniers op een eilandje dat eventueel een toevlucht zou kunnen zijn voor drenkelingen. Koning Xerxes had het krijgstheater waar mogelijk omgeven door eigen troepen. Zoals altijd waren zijn voorbereidingen perfect.

De Perzische vloot was al in de nacht in positie gebracht om de zeestraat tussen Salamis en het vasteland binnen te varen. De toneeldichter Aischylos, die enkele jaren na de zeeslag een toneelstuk schreef over de zeeslag bij Salamis en een minder verward verhaal presenteert dan Herodotos, meende dat dit meteen gebeurde nadat Themistokles zijn slaaf naar de Perzen had gestuurd om ze te zeggen dat de Grieken zouden vluchten.

Xerxes was echter niet alleen het slachtoffer van de slimme Atheense politicus, meent Aischylos: de enorme rijkdom en het geluk van de Perzen hadden de jaloezie opgeroepen van de goden, die het niet konden velen dat een sterveling even voorspoedig leefde als zij. Zoals zoveel Grieken meende Aischylos dat de goden al te gelukkige stervelingen in het verderf stortten. In de vertaling van E. de Waele:

Meteen toen Xerxes dat hoorde, gaf hij, zonder de list van
de Griekse man en de afgunst van de goden te
doorzien, zijn kapiteins vooraf volgend bevel:
zodra de zon met haar stralen de aarde niet meer bescheen
en duisternis beslag had gelegd op het hemelrijk,
hun schepen op te stellen in drie rijen dicht
opeen.

De zeeslag bij Salamis

Drie rijen: het was praktisch om op deze wijze de nauwe wateren binnen te varen. De ingang van de zee-engte is namelijk zo’n 1200 meter breed en dat was te smal om alle Perzische schepen in een keer doorheen te sturen, zelfs nu het Egyptische eskader, dat die nacht om Salamis heen voer, al was vertrokken.

Op dit punt struikelt de hedendaagse historicus over zijn gebrek aan kennis, want het is wat lastig een antieke zeeslag in het echt na te bootsen. Een antieke galei was zo’n elf meter breed en moest aan weerszijden wat ruimte hebben, volgens de Nederlander Wallinga tweemaal drie meter. In dat geval konden de Perzen dus 1200/(3+11+3) ofwel zo’n zeventig schepen naast elkaar leggen; drie rijen zouden dan 210 schepen zijn, wat bijna hetzelfde is als de 207 schepen die volgens Aischylos deelnamen aan deze manoeuvre. Er zijn andere schattingen, maar ik zou Aischylos’ woorden niet al te snel negeren.

Dit aantal betekent dat de Perzen niet hun volledige vloot inzetten maar schepen in reserve hielden. En dit betekent weer dat, zolang het Egyptische eskader er niet was of de reserve niet was ingezet, de Perzische vloot korte tijd in de minderheid was. Aangezien de Perzische schepen sneller waren, viel het risico te overzien, maar het was een gewaagde actie.

De Grieken hadden hun vloot klaarliggen op de lange landtong ten oosten van Salamis: ongeveer op de plaats van de grote schepen op de foto die ik ooit uit een vliegtuig maakte. Een late maar niet per se onbetrouwbare traditie zegt dat de Grieken ter voorbereiding een mensenoffer brachten.

De zee-engte van Salamis vanuit het zuiden

De foto toont rechts een stadswijk op een heuvel: hier had Xerxes zijn commandopost ingericht. Het was de enige plaats waarvandaan hij tekens kon geven aan de 207 Perzische kapiteins van de hoofdmacht, die kort na dageraad de zeestraat begon te naderen. Alles was klaar om de Griekse vloot te vernietigen: de 207 schepen kwamen vanuit het oosten; het Egyptische eskader, dat rond het eiland was gevaren, zou de naar het noorden vluchtende Grieken opwachten; er was nog een tactische reserve; de kusten waren bezet door Perzische soldaten.

De Perzen hadden de val gezet en het leek erop dat de Grieken realiseerden dat ze verdoemd waren. Vanaf zijn troon zag Xerxes de Griekse vloot uiteenvallen: terwijl de meeste schepen zich voorbereidden op de strijd tegen de Perzen die aanstonds vanuit het oosten de baai binnen zouden komen roeien, voeren andere schepen naar het noorden om noordelijk om Salamis heen te varen. De vluchtende Grieken wisten blijkbaar niet van het Egyptische eskader, dat ze nu tegemoet voeren. De koning begreep dat hij de zege binnen handbereik had: vol zelfvertrouwen zal Xerxes de hoofdmacht het teken hebben gegeven dat ze de zeestraat binnen konden varen.

[Wordt vanmiddag vervolgd]


Xerxes’ Griekse oorlog (25)

september 28, 2013

Themistokles (buste uit Ostia)

[Dit is het vijfentwintigste van zo’n vijfendertig stukjes; het eerste is hier.]

Oorlogen beginnen nooit zomaar. Er gaat een tijd van oplopende internationale spanningen aan vooraf waarin de voorbereidingen beginnen en dreigementen worden geuit, terwijl beide partijen hopen dat de situatie zó verandert dat deze moeite overbodig zal blijken te zijn geweest. Zeker als de vijand een betrekkelijk onbekende is, zal men in deze fase aan alle kanten proberen informatie in te winnen, en zo treffen we een Atheense delegatie, nog voordat Xerxes naar Europa zou oversteken, aan in het orakel van Delfi. Na zich te hebben gereinigd en het heiligdom te hebben betreden, kregen ze een gruwelijke voorspelling te horen: de Atheners moesten “vluchten naar de grenzen der aarde” omdat alles zou worden verwoest.

Met dit soort deprimerende en demoraliserende orakels was Delfi in feite de beste bondgenoot die Xerxes kon hebben. Dit keer had de priesteres die de woorden in trance sprak, echter niet het laatste woord. De Atheense gezanten verlieten het heiligdom, zochten de olijftakken waarmee smekelingen zich destijds ergens aandienden, keerden terug en vroegen – nu niet als gezanten van een nog bestaande stad maar als mensen die alles al hadden verloren – een tweede orakel.

Dat was nauwelijks beter. Het zou de Atheense beschermgodin Athena niet lukken haar vader, de oppergod Zeus, tot andere gedachten te brengen, antwoordde het orakel. Athene zou worden verwoest en de bewoners moesten niet hopen dat ze de Aziatische hordes zouden kunnen verslaan. “Houten muren”, wat dat ook mochten zijn, zouden echter een uitweg bieden, waarna het orakel eindigde met de opmerking dat als de Atheners ooit de Perzen het hoofd zouden bieden, “het goddelijke Salamis” de dood zou brengen.

In Athene was er grote verdeeldheid in de Volksvergadering over de juiste uitleg van deze woorden. Sommigen meenden dat “houten muren” sloeg op de heg die ooit rond de Akropolis had gelopen en concludeerden dat de citadel diende te worden verdedigd, terwijl anderen meenden dat het sloeg op de schepen waarmee de Atheners, zoals het oorspronkelijke orakel had geadviseerd, naar de grenzen der aarde moesten vluchten. Dit laatste standpunt kreeg de overhand, en men begreep dat het vooral zaak was géén zeeslag te wagen, en zeker niet bij Salamis.

“Toen stond een man op,” schrijft Herodotos, “die sinds kort in Athene een prominente plaats innam: Themistokles, de zoon van Neokles.” Het is de eerste keer dat Herodotos de Atheense leider vermeldt en hij doet het met enige nadruk. Niet ten onrechte, want Themistokles’ interventie zou beslissend zijn voor het verloop van de oorlog. Hij wees zijn medeburgers erop dat als Salamis de dood zou brengen aan de Atheners, de god van Delfi wel zou hebben gesproken van “het gruwelijke Salamis”. Het orakel had het echter gehad over “het goddelijke Salamis”, en dat kon niet anders betekenen dan dat ze juist wél bij Salamis moesten strijden.

Themistokles had de Atheners er al eerder van overtuigd dat ze een vloot moesten bouwen en verdedigde nu dus zijn strategie: de Perzen konden ter zee worden verslagen. Het opmerkelijke is dat hij dus al vóór Xerxes naar Europa overstak, had voorzien dat de eindstrijd wel eens bij Salamis zou kunnen plaatsvinden. Wie dit al te kras vindt en het als verzinsel wil afdoen, moet wel een verklaring vinden voor de inscriptie uit Troizen die eveneens verwijst naar Salamis. Twee stukken bewijs terzijde schuiven als verzinsel is misschien wat veel, zeker als je al zo weinig hebt.

Hoe dit ook zij, de Atheense vloot lag, samen met de andere Griekse schepen, op Salamis toen de Perzische vloot de Atheense haven Faleron binnenliep. Na het voor de Perzen succesvol verlopen gevecht bij Artemision zal het moreel opperbest zijn geweest, maar het was niet langer de spectaculair grote vloot die van Therma was vertrokken. Sommige schepen waren in Griekse handen gevallen, een deel van de galeien was vergaan in de storm bij Magnesia, en het eskader dat om Euboia had moeten varen, had verliezen geleden. Nu de hoofdvloot en dit eskader weer verenigd waren, beschikten de Perzische admiralen vermoedelijk over ruim vijfhonderd oorlogsbodems.

Ook de Griekse vloot was groter. Doordat verschillende steden pas nu hun vloot hadden gestuurd en de Atheners er schepen aan hadden toegevoegd die tot dan toe de kust hadden bewaakt, waren er in totaal 380 schepen, waarvan de helft uit Athene kwam. Mogelijk waren er slechts 310 werkelijk inzetbaar.

Reconstructietekening van de Perzische bestorming van de Atheense Akropolis, uit het nog te verschijnen boek "Henchmen of Ares" van mijn collega Josho Brouwers.

Reconstructietekening van de Perzische bestorming van de Atheense Akropolis, uit het nog te verschijnen boek “Henchmen of Ares” van mijn collega Josho Brouwers.

Zolang deze op Salamis lagen, konden de Perzen niet veilig beschikken over hun Atheense haven. Het verdrijven van de vijandelijke bodems was daarom noodzakelijk. Het moest bovendien snel gebeuren want elke dag nam het aantal Griekse schepen toe. Maar ook de Grieken hadden haast, want zij moesten op Salamis zo’n 60.000 roeiers en soldaten voeden, en het voedsel moest worden aangevoerd over de door de superieure Perzische vloot beheerste open wateren tussen Salamis en de istmus.

Terwijl beide partijen zich opmaakten voor een gevecht, nog groter dan dat bij Artemision, zagen de Grieken op Salamis dat de Akropolis in brand stond. De Perzen hadden korte metten gemaakt met het kleine Atheense garnizoen dat daar nog was gelegerd: mensen die hadden gemeend dat het orakel met “houten muren” verwees naar de heg rond de Akropolis.

[Wordt vanavond vervolgd]


Xerxes’ Griekse oorlog (24)

september 27, 2013

De beeldengroep van de Tirannendoders was beroemd in de Oudheid. Dit tweetal stond in de Thermen van Caracalla in Rome en is nu te zien in het Archeologisch Museum van Napels.

[Dit is het vierentwintigste van zo’n vierendertig stukjes; het eerste is hier.]

Op 27 september 480 v.Chr., vandaag 2492 jaar geleden, bereikte de voorhoede van het enorme leger van koning Xerxes de grootste stad van Griekenland: Athene. Zo’n 200.000 soldaten, 8000 ruiters en 28.000 paarden en trekdieren waren de Olympos omgaan, door Thessalië getrokken, om de Othrys gegaan, door Thermopylai gebroken, plunderend door Fokis getrokken, door Boiotië gemarcheerd en over de Kithairon naar Athene gekomen. En dat alles in precies vier weken. Het was een logistieke triomf.

Xerxes had zijn eerste doel bereikt: door Athene te veroveren had hij de schande van de slag bij Marathon uitgewist. Omdat de bevolking al was gevlucht, was de stad leeg, zodat een ongelimiteerd plunderen een aanvang kon nemen.

Tot de buit behoorden twee standbeelden die bekend stonden als “De Tirannendoders”. Voor de Atheners waren ze van uitzonderlijk belang. Rond het midden van de zesde eeuw was de macht in hun stad in handen geweest van een alleenheerser (Grieks: tyrannos) met de naam Peisistratos, die was opgevolgd door zijn zoon Hippias. Nadat in 514 v.Chr. diens broer Hipparchos om persoonlijke redenen was vermoord door Harmodios en Aristogeiton, was Hippias’ bewind repressiever geworden, en uiteindelijk hadden de Atheners de Spartanen erbij gehaald om de alleenheerser te verdrijven. Daarna was de democratie ontstaan. Het was echter wat gênant dat Athene zijn vrijheid dankte aan aartsrivaal Sparta, en daarom kregen Harmodios en Aristogeiton ineens de reputatie de tirannie te hebben willen verdrijven, hoewel de moord op Hipparchos in feite een persoonlijke vendetta was geweest. Hoe dat ook zij, ze kregen mooie standbeelden en omdat ook Xerxes de beeldengroep mooi vond, liet hij haar meenemen naar zijn residentie in Sousa. Ze zou ruim anderhalve eeuw later naar Athene worden teruggestuurd door Seleukos Nikator.

Penelope (Archeologisch Museum, Teheran)

Een ander standbeeld dat Xerxes’ aandacht trok, stelde Penelope voor, de kuise echtgenote van Odysseus. Een groot gedeelte van dit beeld, gemaakt van marmer uit het Pentelisch gebergte vlakbij Athene, is teruggevonden in het schathuis van de Perzische hoofdstad Persepolis en is nu te zien in het Nationaal Archeologisch Museum van Iran in Teheran.

De Perzen sloegen andere beelden kapot. Toen de oorlog voorbij was, zouden de Atheners het beschadigde materiaal verzamelen en begraven in een kuil op de Akropolis. Daar werd het in 1863 teruggevonden: een van de belangrijkste archeologische ontdekkingen van de negentiende eeuw. Alle stukken uit de “Perserschutt” kunnen met zekerheid worden gedateerd vóór 480 v.Chr. en vormen zo een belangrijk ijkpunt voor de chronologie van de Griekse beeldhouwkunst.

Kortom, Athene werd ontdaan van alles wat mooi was. De humanitaire gevolgen waren ondertussen beperkt, want de meeste Atheners hadden de stad verlaten en waren naar Troizen gegaan. Alleen een klein groepje, waarover we het morgen zullen hebben, verdedigde de Akropolis, min of meer zoals het tempelpersoneel het heiligdom in Delfi had bewaakt.

Op dezelfde 27e september verliet de Perzische vloot het gebied rond Artemision en voer door naar Chalkis. Aan de Griekse zijde werd nog steeds gewerkt aan de muur over de istmus, terwijl de Griekse vloot nog altijd lag in de haven van Salamis. De vlootcommandanten overlegden en hoewel menigeen opperde terug te vallen op Korinthe nu Athene in handen was van de Perzen, wist Themistokles de anderen ervan te overtuigen in Salamis te blijven. Het zou erom gaan spannen.

[Wordt morgen alweer vervolgd. Ondertussen was dit een dubbele aflevering - nummer veertig en eenenveertig - in mijn reeks museumstukken, waarvan u het overzicht hier vindt.]


Xerxes’ Griekse oorlog (19)

september 22, 2013

De onderste weg volgt het tracé van de antieke weg van Skiron; let op het hellingspercentage en het gedenkkapelletje,

[Dit is het negentiende van zo’n tweeëndertig stukjes; het eerste is hier.]

Terwijl de opvarenden van de Perzische schepen verder gingen met het herstel van in de zeeslag bij Artemision beschadigde schepen en de Perzische soldaten verder marcheerden richting Thebe, Athene en Korinthe, kwam de Griekse vloot aan in de haven van Athene. Zonder twijfel hebben ze hulp verleend bij de evacuatie van de stad en mensen overgevaren naar Troizen of Salamis.

Ondertussen was het Griekse oppercommando, dat vergaderde op de istmus van Korinthe, verdeeld over de wijze waarop de oorlog verder moest worden voortgezet. Zeker, de Perzen hadden twee overwinningen geboekt, waren tactisch in het voordeel en zouden onvermijdelijk Athene veroveren, maar de strategische balans begon door te slaan in het voordeel van de Grieken. Om Korinthe en de steden op de Peloponnesos te onderwerpen, moesten de Perzen de istmus forceren. Daarvoor was een groot leger nodig en dus – zoals we al zagen – een transportvloot en een oorlogsvloot, maar die begon langzamerhand kleiner te worden. De Grieken mochten met enig optimisme vooruitzien naar een volgende zeeslag.

Vandaar dat de Atheense vlootcommandant Themistokles erop hamerde dat de Griekse vloot op het eiland Salamis moest blijven, waarvandaan ze niet alleen de Perzen het ongestoorde gebruik van de haven van Athene kon ontzeggen, maar waarvandaan ze bovendien moeilijk kon worden verdreven. Daarvoor zouden de Perzen een zeeslag moeten riskeren in de smalle zeestraat die Salamis scheidde van het vasteland (landkaart).

De "Hexamilon": een Byzantijnse herbouw van de muur die in 480 over de istmus werd gebouwd.

De “Hexamilon”: een Byzantijnse herbouw van de muur die in 480 over de istmus werd gebouwd.

Voor het moment overtuigde Themistokles de andere Griekse vlootcommandanten, al waren er die meenden dat de vloot zich moest terugtrekken naar de istmus om het leger te steunen dat daar, onder commando van Leonidas’ broer Kleombrotos, een muur over de istmus bouwde. Herodotos zegt:

De bouw vlotte omdat ontelbare handen het werk licht maakten en iedereen meewerkte. Keien, bakstenen, balken, met zand gevulde manden – noem maar op, álles werd aangesleept. Dag en nacht werd er doorgewerkt zonder een moment te verspillen.

Wie ervoor koos te strijden op de istmus, had het voordeel dat het weer een landslag zou worden, waarin de Griekse zwaarbewapenden zeker niet kansloos hoefden zijn. De vloot kon hier ook eenvoudiger worden bevoorraad. Het nadeel was echter dat dan een zeeslag tegen de Perzen in open wateren zou kunnen plaatsvinden, waar de snellere en (nog altijd) talrijkere schepen in de Perzische vloot in het voordeel waren.

Voor het moment weigerden de Griekse vlootcommandanten Salamis te ontruimen, maar dat wil niet zeggen dat hun schepen steeds in de haven van het eiland lagen. We zagen al dat de Atheners zullen hebben geholpen bij de evacuatie van hun stad. We mogen aannemen dat de Korinthische bemanningen medewerking verleenden aan de bouw van de muur en het slopen van de “Weg van Skiron”: de smalle kustweg van Megara naar Korinthe. Door deze te vernietigen, zouden de Perzen in elk geval hun ingenieurs aan het werk moeten zetten en kostbare tijd verliezen.

[Wordt ook morgen weer vervolgd]


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 260 andere volgers