Bedelbrief

Schat van Heers (Gallo-Romaans museum, Tongeren)
Dit leek me wel een geschikt plaatje bij een stukje dat gaat over geld.

Ahum. Ik ben deze blog een kleine vijf jaar geleden begonnen – op 14 juli 2011 om precies te zijn – en ik heb sindsdien 2115 stukjes geschreven. Daarnaast beheer ik Livius.org, een grote website over oude geschiedenis, met ongeveer 3600 pagina’s informatie. Per jaar beantwoord ik momenteel ongeveer 700 vragen. Allemaal gratis.

Dat wil ik ook zo houden. Zo gauw geld een doorslaggevende rol gaat spelen bij iets waarvoor je gepassioneerd bent, verlies je immers je passie, en dat kun je beter vermijden. Dat wil echter niet zeggen dat ik helemaal ongevoelig ben voor financiële argumenten.

Voor deze zomer – zal wel najaar of winter worden – heb ik namelijk een projectje in het vizier dat wat meer zal kosten dan ik kan dragen. Het gaat om een reeks korte filmpjes waarin het oudheidkundig ambacht wordt uitgelegd: het filologisch handwerk, de archeologische methoden, de historische verklaringsmodellen, de grenzen van een vergelijking. Het belooft leuk te worden maar goedkoop zal het niet zijn.

Enigszins aangemoedigd door degene die hier onlangs schreef dat hij betaling voor de door mij geboden informatie normaal zou vinden, attendeer ik u op de Stichting Wetenschapsvoorlichting Oudheid ofwel de SWO, die ernaar streeft informatie over de Oudheid beter over te dragen dan nu gebeurt. De SWO co-subsidieert kleine projecten

  • om informatie anders te ontsluiten (zoals het Classical World-project dat Josho Brouwers een dezer dagen online plaatst),
  • om ervoor te zorgen dat meer informatie sneller aan meer mensen wordt overgedragen,
  • om de geboden informatie te verdiepen (zoals de uitbouw van Livius.org met theoretische achtergronden als de conversie is afgerond).

SWO is bereid om de filmpjes te ondersteunen omdat hiermee informatie wordt gegeven die momenteel niet wordt geboden, hoewel uitleg van het oudheidkundig ambacht nu net cruciaal is voor de bestrijding van kwakgeschiedenis en pseudowetenschap. Omdat SWO bereid is mij te subsidiëren, vind ik het niet onbillijk dat ik u attendeer op haar website en op de pagina waar het bankrekeningnummer staat.

Als deze blog u kan bekoren, of als Livius.org u bevalt, of als de humaniora u ter harte gaan: kijk eens of u nog wat kunt missen. Ik ga niet controleren wie er betaalt maar rond af met de constatering dat SWO het geld goed zal beheren.

6 gedachtes over “Bedelbrief

  1. Leo Heynen

    Jona, ik wens je veel succes. Maar is het probleem ook niet een beetje (veel), dat er met de door archeologen geboekte resultaten veel meer gedaan zou kunnen worden!? Ik wacht al jaren op die (geschoolde) oudhistoricus met visie.

  2. Leo Heynen

    Op 7-1-2014 schreef Josho Brouwers hier als gastredacteur het artikel ‘Chronologisch gegoochel’. Hij besprak daarbij ook ‘Centuries of Darkness’, een boek van de Britse archeoloog Peter James en zijn team, die zo’n 2,5 eeuw ‘donkere eeuwen’ schrappen. “Het boek wordt tegenwoordig geheel genegeerd”, schreef Brouwers, “en dat zou niet moeten”. Enz.enz. Oudhistorici zouden dus beter eerst de hand in eigen boezem kunnen steken.
    Persoonlijk stoort mij al jaren dat wereldwijd nog steeds wordt beweerd dat Europa vroeger geen eigen beschaving had. Wij noteerden o.a.:
    1) ‘De mens. 10.000 jaar geschiedenis’. Michael Cook, Brits historicus en als hoogleraar Near Eastern Studies verbonden aan Princeton University. Het Spectrum, eerste druk 2005, blz. 255.
    2) ‘Zwaarden, Paarden & Ziektekiemen. De ongelijkheid in de wereld verklaard’. Jared Diamond, hoogleraar fysiologie aan de University of California in Los Angeles. Het Spectrum, veertiende druk 2008, blz. 427.

    De Europese grotten met zijn fantastische kunst zal ik overslaan. Maar ook na de IJstijd is hier lang meer gepresteerd dan elders. In ons werelddeel werden gedurende 4000 jaar (van ca. 5500 tot ca. 1500 v.C.) indrukwekkende megalietmonumenten opgericht. En in de eerste 2000 jaar daarvan was er aan de Nijl en de Eufraat nog niets van belang te bespeuren.
    De archeologie spreekt hier boekdelen, maar ik heb nog steeds de eerste oudhistoricus met visie, die hierover een mening heeft, niet ontdekt. Dus, Jona Lendering, besteed je tijd a.u.b. zinvoller!

    1. Beste heer Heynen,
      Hoe wilt u een zinvolle mening van een oudhistoricus krijgen over een bewering (dat er van ca. 5500 tot ca. 1500 v.C. [..] aan de Nijl en de Eufraat nog niets van belang te bespeuren valt) die zó kant nog wal raakt dat er wel iets van cultuurvijandigheid in móet zitten? Of ontkent u voor het gemak de huidige datering van bijvoorbeeld, om slechts twee van vele voorbeelden te noemen, de piramidebouw in Egypte (tussen 2700 en 1700 v, Chr) of de eerste steden in Mesopotamië (c. 3500-2000 v. Chr.)? Om maar niet te spreken van de vele vergelijkbare megalieten in het Midden-Oosten (ze staan over de hele wereld) die zeker teruggaan tot het 7de millennium v. Chr.?
      Ik stel voor dat u, met een luttele 10 minuten op Wikipedia, al genoeg materiaal zult vinden om uw visie over ‘onze’ prestaties gedurende die 4000 jaar beter op waarde te schatten door simpelweg te vergelijken wat men in die tijd elders deed. Die 10 minuten zullen, kan ik u voorspellen, een stuk zinvoller besteed zijn dan het schrijven van uw aantijging richting de schrijver van deze blog.

  3. Leo Heynen

    Beste Robert Vermaat,
    Als u mijn stukje nog eens rustig overleest, zult u zien dat ik iets heel anders schrijf dan u denkt. Ik citeer mezelf: “In ons werelddeel werden gedurende 4000 jaar (van ca. 5500 tot ca. 1500 v.C.) indrukwekkende megalietmonumenten opgericht. En in de eerste 2000 jaar daarvan was er aan de Nijl en de Eufraat nog niets van belang te bespeuren.”
    Die eerste 2000 jaar zijn dus van ca. 5500 tot ca. 3500 jaar v.C. Wat er zich daarna langs Nijl en Eufraat heeft afgespeeld, is natuurlijk indrukwekkend, maar daar had ik het niet over. Overigens erken ik dat het ook wat dat betreft heel persoonlijk blijft, wat je “van belang acht”.
    Verder verwacht ik dat de kreet “Ex Oriente Lux” over een aantal jaren heel anders bekeken zal worden dan nu nog vaak. Het is nog even wennen, wat de C-14 methode allemaal teweeg heeft gebracht. Maar uit boeken van archeologen (en andere wetenschappers) heb ik de volgende conclusie getrokken: Door natuurrampen is meerdere malen een groot deel van de elite uit Europa vertrokken, weg gevlucht. Dat begon al op het einde van de plotseling verdwenen IJstijd. Kort daarna treffen we in Turkije en Syrië culturen aan van mensen, die dezelfde (zeer bijzondere) magische symbolen gebruiken als in de (veel oudere) Europese IJstijdgrotten zijn te bewonderen. Daarna in ca. 3300 v.C. en ca. 2500 v.C., vervolgens tegen ca. 1500 v.C. en opnieuw rond 900 v.C. loopt Europa steeds weer voor een deel leeg. Plato vermeldde de rampen in zijn dialogen Timaeus en Critias, maar de archeologie heeft het ook kunnen constateren doordat er in die periodes een golf van megalietmonumenten over de wereld gaat, een tsunamie van beschaving als het ware met daarmee tevens: heilige symbolen, wiskunde en astronomie, koper, daarna brons en tenslotte ijzer, verder met verhalen en ideeën, enz., m.i. stammend uit dit dichtbevolkte Europa, waar vele verschillende volkeren en rassen steeds weer samen waren gekomen.
    Ik zou u willen adviseren: begin eens met het standaardwerk van Roger Joussaume: ‘Des Dolmens pour les Morts, Les mégalithismes à travers le monde’ (inmiddels ook in het Engels verkrijgbaar: ‘Dolmens for the Dead’). Ik wens u veel leesplezier, en nog meer stomme verbazing.
    Een vriendelijke groet van Leo Heynen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s