Het proactieve Driekoningen-stukje

De drie wijzen uit het oosten (Sant’ Apollinare Nuovo, Ravenna)

Zondag is het 6 januari ofwel Driekoningen ofwel Epifanie ofwel een van die momenten waarop kwakhistorici hun kans grijpen om even wat onzin in de krant te krijgen. Het jaar is nog jong, de zaterdagkrant heeft ruimte, de nieuwsredacties zijn nog niet helemaal scherp en oudheidkundigen bijten, anders dan klimaatwetenschappers en artsen, zelden terug als er onzin wordt gedebiteerd. Tijd dus voor weer een proactief stukje – ik las laatst dat er al een vakterm voor zulke voorwaartse verdediging was: prebunking – in de ongetwijfeld ijdele hoop nog wat stommiteiten uit de krant te houden.

Er waren drie koningen

Tweemaal niet waar. Het verhaal over het bezoek van de wijzen uit het oosten is alleen te lezen in het evangelie van Matteüs – en wel hier – en vermeldt (a) geen koningen en (b) geen aantallen. Een onbepaald aantal magoi verschijnt ten tonele, dat is alles. Het aantal van drie is afgeleid van het drietal geschenken (goud, wierook en mirre) maar in de oosterse kerken kunnen het er twaalf zijn. De namen Caspar, Balthasar en Melchior zijn later verzonnen, al zijn ze al te lezen in de laatantieke Sant’ Apollinare in Ravenna. Zie boven. Merk op dat ze geen koninklijke attributen hebben. De koninklijke status zou een toevoeging zijn uit de Middeleeuwen, gebaseerd op Psalm 72.11:

Alle koningen zullen zich voor hem neerbuigen,
alle heidenen zullen hem dienen.

Het waren astrologen uit Babylon

Nee, niet waar, al zijn er verzachtende omstandigheden. De fout is heel simpel: er staat magoi en dat is het Perzische woord voor een bepaald type religieuze functionaris dat de lange gebeden reciteerde die de kern vormen van de zoroastrische cultus (de yasna-liturgie). Niet meer en niet minder. Met astrologie heeft het weinig te maken en met Babylon evenmin.

Nou viel Babylon lange tijd onder het Perzische Rijk en nou hebben we een tekst uit de eerste eeuw ná Christus waaruit blijkt dat er in de vierde eeuw vóór Christus magiërs in Babylon waren. Het kan natuurlijk zijn dat deze mensen weleens een praatje hebben gemaakt met de plaatselijke astrologen, meestal aangeduid als chaldeeën, en zich zo hun ideeën hebben eigen gemaakt. Dat is mogelijk en de passage bij Matteüs is zeker suggestief. Een verzachtende omstandigheid, zoals ik al zei. De vraag is echter of we deze hypothese zouden hebben geformuleerd als we Matteüs niet van een vergissing hoefden te redden.

Aannemelijker is namelijk dat Matteüs een steekje heeft laten vallen: hij zocht oosterse wijzen, wist het verschil tussen chaldeeën en magiërs niet en koos het verkeerde woord. Hij zou niet de eerste of laatste antieke auteur zijn die oosterse zaken door elkaar haalde: ik zal morgen bloggen over een vergissing van Herodotos, die het verschil niet lijkt te kennen tussen Babylonië en Assyrië.

Overigens: in het Perzische hofceremonieel speelden magiërs weleens een rol bij de aankomst van een vorst. Aangezien Jezus een messias was, en als zodanig een koning, is Matteüs’ toevoeging van enkele magiërs een alleszins begrijpelijk literair beeld.

De wijzen kwamen bij de geboorte van Jezus

Nee, dat is uw kerststal. Die heeft, behalve een ouderlijk paar, een kindje Jezus, een os plus ezel, minimaal één engel, een onbepaald aantal herders én drie koningen magiërs. Maar in dit charmante beeld worden twee tradities samengevoegd.

In het evangelie van Lukas wordt Maria’s zwangerschap beschreven, is sprake van de tocht naar Bethlehem, is er geen plaats in de herberg en wordt de geboorte expliciet vermeld. Ook is er sprake van een baby, brefos. Niets van dat alles bij Matteüs, waar Maria in een huis in Bethlehem woont als de magiërs haar kind komen vereren, een paidion. Matteüs had dus een later moment in Jezus’ leven op het oog. Er zijn allerlei tegenspraken tussen de evangeliën, maar dit is er geen.

Er was echt een ster van Bethlehem!

Lastig. Er zijn verschillende theorieën geopperd maar geen ervan is werkelijk overtuigend. Een goed overzicht dat alle opties overweegt is hier. Een deel van de problematiek is dat we niet goed weten om welke datum het gaat. We weten alleen dat volgens Matteüs magiërs aan het hof van koning Herodes verschenen en dat de vorst overleed in 5 of 4 v.Chr. In het verhaal van Matteüs is Jezus dan al geen baby meer en dat betekent dat er enige ruimte is waarin het hemelverschijnsel kan zijn waargenomen. Logisch dat er diverse kandidaten zijn.

Er was geen ster van Bethlehem!

Mijn eigen voorkeur gaat ernaar uit dat het verhaal van de ster van Betlehem een verwijzing is naar de profetie van Bileam, een regel uit Numeri die aan het begin van de jaartelling werd uitgelegd als aankondiging van de komst van de messias:

Er zal een ster voortkomen uit Jakob,
en er zal een scepter uit Israël opkomen (24.17).

Omdat voor Matteüs Jezus de messias was, was er dus een hemels teken geweest en daarom voegde de evangelist die toe. Hij voegt wel vaker toe wat er volgens hem geweest behoorde te zijn.

Maar om mijn eigen glazen in te gooien: de lijst ongebruikelijke hemelverschijnselen is behoorlijk lang. Bedenk bovendien dat aan het eind van de eerste eeuw v.Chr. de messias werd verwacht: de reeks van zevenenzeventig generaties liep ten einde en toen koning Herodes overleed, waren er messiaanse opstanden. In dit klimaat hoefde een hemels teken niet eens heel bijzonder te zijn om herinnerd te blijven worden en door latere generaties van toepassing te worden verklaard op bijvoorbeeld Jezus van Nazaret.

De wetenschap heeft laatst antwoord gegeven

Nee, dat heeft het symposium in Groningen niet. De wetenschap weet maar twee dingen met redelijke zekerheid:

  • het verhaal van de ster van Bethlehem is binnen het evangelie van Matteüs een literair motief om aan te geven dat de messias op komst is;
  • de evangelist kán daarbij gebruik hebben gemaakt van een historisch verschijnsel dat de joden zich hebben herinnerd.

Je mag je onderzoek dan en slechts dan beginnen als je rekening houdt met alle literaire vormen die twee millennia geleden gangbaar waren. Pas daarna kun je gaan kijken naar een eventuele astronomische kern. Wie zijn onderzoek begint met het letterlijk nemen van de Bijbel, en de literaire aankleding niet eens in overweging neemt, is gewoon een slechte wetenschapper. Voor meer informatie over dat Groningse symposium leest u dit stuk van Govert Schilling maar.

40 gedachtes over “Het proactieve Driekoningen-stukje

  1. kneistonie

    De magi worden voor 1600 steevast (altijd) afgebeeld met attributen die nuttig zijn voor een Grote Verlosser, een verlosser der zonden.
    Wat was de grootste zonde? De erfzonde. Kinderen der zonde werden in de praktijk met brouwsels van mirre (gomhars, rode en geelbruine stukken) en witte bessen van de zevenboom (een juniperusplant) weggehaald.

    De middeleeuwse kunstenaars brachten dit onder de aandacht door overvloedig met vlekjes, vouwen en zware lijnen in de kledij te werken. Hoofdbedekking was soms die van heelmeester-aborteurs, soms niet. In de bovenstaande illustratie dragen ze een opvallende vouw in een rode muts, tekens van wat hen ten diepste bezighoudt.

    1. Peter van Loo

      De mutsen zijn Scytische mutsen (zoals Marianne van Frankrijk) om aan te geven dat de dragers heidenen waren. Immers geen Joden (andere hoofddeksels) of Christenen.

    1. Gerben Vos

      Om precies te zijn: het verwijst naar alle artikelen met de tag “prebunking”, en dit is het eerste en dus enige artikel met dat tag. Er zullen t.z.t. vast nog wel meer volgen, en dan verschijnt er vanzelf een lijstje met meer artikelen achter die link. De techniek staat voor niets!

      1. Inderdaad. Ik wil een speciale catch-all-pagina gaan maken, zodat ik in de toekomst op 7 februari alvast Valentijns-onzin en op 14 april Rome-onzin uit de krant kan houden.

            1. Jeroen

              Het was een poging om leuk te zijn… van de 10 mislukken er meestal 9…

              Da’s toch Constantijns geboortedag? Rond dat “Visioen” werden ook regelmatig de nodige kwakzalf-theorieën de wereld in geholpen…

  2. FrankB

    “Er was echt (g)een ster van Bethlehem!”
    Zo langzamerhand is dit een vals dilemma. Mattheus kon schrijven en had dus een opleiding genoten. Hij zal heus wel bekend zijn geweest met astronomische verschijnselen. De echte vraag is dus of er bij de geboorte van Jezus eentje aan de hemel hing. Nou, boeie. Het antwoord op die vraag heeft evenveel invloed op de latere levensloop van Jezus als de vraag in welke dierenriem Donald the Clown uit zijn moeders buik kwam gekropen op diens presidentschap.

      1. FrankB

        Ik bedoelde niet dat Mattheus ze begreep – misschien had ik beter het woord bekend kunnen gebruiken. Het verschijnsel was niet nieuw voor hem.

      2. Frans

        Is het nog steeds. Okay, wetenschappelijk kunnen we het misschien allemaal verklaren, maar ik herinner me een zonsverduistering in de jaren 90, ik weet niet meer exact wanneer, het was een warme zomer en ineens werd het koel en donker. Je voelde gewoon een verandering in de atmosfeer. Er waren toen zelfs speciale zonsverduisteringsbrilletjes (als je dat woord kunt maken met Scrabble ben je binnen!) Kortom, het maakte indruk. Ook als mensen er geen bovennatuurlijke/goddelijke verklaring aan geven. Een zonsverduistering blijft een fascinerend fenomeen.

        1. FrankB

          U zou wel eens slachtoffer van de Mount Everest fallacy kunnen zijn – zij die zonsverduisteringen fascinerend vinden laten het meest van zich horen. Zij, zoals ik, die er min of meer onverschillig onder blijven maken zich niet druk.

  3. Leuk stukje, Jona. Je geërgerde toon doet me denken aan een oude Joodse mop:

    “On the Upper West Side of NYC lived an assimilated Jewish man who was now a very militant atheist. But he sent his son Morris to Trinity School because, despite its denominational roots, it was a great school and completely secular.

    After a month, the boy came home and said casually, “By the way, Dad, I learned what Trinity means! It means ‘The Father, the Son, and the Holy Ghost.'”

    The father could barely control his rage. He seized his son by the shoulders and declared, “Morris, I’m going to tell you something now and I want you never to forget it. Forget this Trinity business. There is only one God… and we don’t believe in him!””

  4. Robbert

    Ik reageer even op een doorklikje: “dit stuk van Govert Schilling over het Groningsr congres”. Hij schrijft: “…dat er onder de Joden kort voor het begin van onze jaartelling sprake was van een groeiende messiaanse verwachting, maar ook dat is volgens Popovic niet hard te maken.”
    Jij hebt die groeiende messiaanse verwachting toch aannemelijk gemaakt/aangetoond? Henoch etc.

  5. jacob krekel

    Ik heb ook het stukje van Govert Schilling gelezen. Leuke conclusie: alfa-wetenschappers kunnen wel lezen, natuurkundigen niet. Dat blijkt ook uit het feit dat iedere “verklaring” van de ster van Bethlehem over het hoofd ziet, dat dit niet zo maar een ster was, maar een wegwijzer. Hij ging de wijzen voor en bleef tenslotte boven Bethlehem staan. Geen conjunctie, nova of welk ander reëel bestaand astronomisch verschijnsel is tot zoiets in staat. Maar voor een boodschapper van God is dit een koud kunstje.
    De vraag is wel waarom die beta-wetenschappers zo geweldig hun best doen om een of andere natuurwetenschappelijke verklaring te vinden voor die ster. Als je je bezighoudt met iets totaal onbegrijpelijks als quantummechnanica dan moeten een eenvoudig literair motief en een concept als “schrijfdoel” toch niet al te moeilijk zijn.

    Nog een aanvulling op het stukje van Jona.
    Mattheus portretteert Jeshoea (= Jozua = God redt) als de nieuwe Mozes. Daarom moet hij uit Egypte komen. En heet zijn moeder Mirjam. En de kindermoord in Bethlehem is de pendant van de moord op de Joodse kinderen door Farao

    1. gmknepper

      Dat Jezus’ moeder bij Mattheüs Mirjam/Maria heet kwam de auteur van dat evangelie inderdaad waarschijnlijk goed uit, gezien zijn portrettering van Jezus als de nieuwe Mozes. Maar die naam verzon hij niet: hij vond hem al in zijn bron Markus.

  6. Dirk

    In het artikel wordt dan weer wel verwezen naar de herders als argument voor een geboorte in het voorjaar. Lucas’ geboorteverhaal kan je evenmin als dat van Matteüs als historische bron gebruiken.

  7. Bert van der Spek

    Magoi en Chaldaioi werden in de oudheid al snel door elkaar gehaald. Dat is in Daniël al zo. Dus de ‘magoi’ kunnen best astrologen uit Babylon zijn geweest (als het verhaal een historische kern heeft tenminste!)

    1. gmknepper

      De correcte vraag luidt m.i.: bedoelde Mattheüs met het gebruik van de term ‘magoi’ astrologen uit Babylon? En het antwoord daarop zou, onafhankelijk van enige historische kern en eveneens m.i., wel degelijk ‘ja’ kunnen luiden.

      1. Dat wil ik aannemen, maar ik zou gerustgesteld zijn als we bronnen hadden die vertelden dat ze ook op pad gingen om nieuwe vorsten te begroeten. Magoi waren reislustig – we kennen ze als begeleiders van vorsten (Alexander in Taxila, een Armeense koning in Rome…). Ik ken geen chaldeeën die op pad gingen.

        1. gmknepper

          Ja, maar als de vraag mag zijn ‘wat bedoelt Mattheüs met “magoi”‘, dan doet het er niet toe dat we geen Chaldeeën kennen die op pad gingen ter begeleiding van een vorst. Bij Mattheüs gaan er magoi op pad, omdat ze in een niet nader gespecificeerd ‘Oostenland’ een ster hebben gezien en -kennelijk krachtens hun deskundigheid- daaruit konden afleiden dat er in Israël een prins was geboren. Ze waren dus volgens het verhaal a) deskundig op het terrein van de astrologie, en b) afkomstig uit ‘het Oosten’. Mattheüs gebruikt de term ‘magoi’, zoals Bert van der Spek terecht zegt of althans suggereert, in de betekenis van ‘iemand die een nauwer contact met de ‘magische (d.i. goden-)wereld’ heeft dan de doorsnee sterveling’. Onder die noemer kon probleemloos ook een astroloog vallen. Kortom: m.i. is er niet echt een probleem: met ‘magoi’ bedoelt Mattheüs de magoi die zich met astrologie bezighielden. Dat we geen bronnen hebben waarin magoi op pad gaan om nieuwe vorsten te bezoeken betekent dus, dat Mattheüs hun activiteit in dit geval als heel bijzonder beschouwt. Een zuiver theologische reden dus, waar we gezien de strekking van M.’s geboorteverhaal (ik bedoel: M.’s verhaal over de geboorte van Jezus) niet echt van op (hoeven te) kijken.

          1. Frans

            En c) dat het die magoi ook maar ene fluit interesseerde wat voor een kindje er werd geboren in wat voor hen het westen was.

            1. gmknepper

              Ze waren volgens het verhaal zéér geïnteresseerd, want ze wilden dat kind zelfs op voorhand “aanbidden”. Dat is uiteraard allemaal fictie, maar het gaat er nu om wat Mattheüs bedoelde. En dat was: zelfs (heidense) magoi (sterrenwichelaars, volgens mij), zagen in dat er daar in het westen iets heel bijzonders had plaatsgevonden.

  8. Dirk

    Allemaal heel boeiend, maar de discussie hier te lande gaat meer over de datum van Verloren Maandag dan over de Drie Koningen.

  9. Frans

    Nog iets: ik zit een beetje Redbad te kijken op tv en als het nou in de categorie “zo slecht dat het weer leuk wordt” had gevallen, was het nog niet zo erg geweest, maar nee, het valt echt in de categorie “zo slecht dat je denkt, waarom heeft helemaal niemand tijdens de opnames gedacht, halloho… Waar zijn wij nou helemaal mee bezig?!”

  10. Marieke

    Ik heb ooit bij kunstgeschiedenis opgevangen dat de letters/ namen op het mozaïek in Ravenna latere toevoegingen zijn….

    1. kneistonie

      Waar het Mattheus en de mozaiekmakers natuurlijk om ging was het feit dat er drie Hoofdgezanten Van De Geest hun respect gingen betuigen aan De Grootste Van Allemaal. Drie hoofdgezanten die vol van zonden waren, dat dan weer wel.

      1. Robert

        Vol van zonden misschien, maar al in de zesde eeuw is er een verhaal dat de drie heren door Sint Thomas werden bekeerd, en allen bisschop werden in India.

  11. Jeroen

    Dat zou zomaar kunnen: wijzigingen in mozaïeken zijn lastig exact te dateren, zeker als dezelfde steentjes zijn hergebruikt.
    Een beroemd voorbeeld uit dezelfde kerk zijn de “zwevende vingertjes”…

  12. Robert

    “De koninklijke status zou een toevoeging zijn uit de Middeleeuwen, gebaseerd op Psalm 72.11”

    Ik kwam ook nog een profetie in Jesaja tegen:
    “Koningen zullen uw opvoeders zijn en hun vorstinnen uw verzorgsters. Zij zullen voor u op hun aangezicht vallen…” (Jesaja 49,23).

    Die voorspelt ook nog de cadeautjes:
    “Een vloed van kamelen zal u bedekken, dromedarissen van Midjan en Efa; alle bewoners komen uit Seba, met goud en wierook beladen; zij verkondigen de lof van de Heer” (Jesaja 60,06).

  13. Robert

    “De namen Caspar, Balthasar en Melchior zijn later verzonnen”

    Er waren blijkbaar meerdere versies van het verhaal, met andere namen voor de heren.
    In het Grieks: Apellius, Amerius en Damascus;
    in het Hebreeuws: Galgalat, Malgalat en Sarathin;
    en tenslotte in het Perzisch: Bithisarea, Melichior en Gathasp. (Balthasar, Melchior en Caspar zijn de Latijnse versies). Die Perzische versie dateert uit de 8e eeuw (Excerpta latina barbari), dus dat is dan weer leuk omdat het aansluit bij die ‘magoi’.

    Ook leuk: ze zouden resp. 20, 40 en 60 jaar oud zijn geweest (de drie leeftijden van de man), afkomstig uit de drie (bekende) werelddelen.

  14. Peter van Loo

    “Driekoningen ofwel Epifanie ” suggereert dat de begrippen identiek zijn.
    Dat is echter niet zo.
    Driekoningen is de bekendste Epifanie (In de bijbel genoemde “manifestatie van God”)
    Er zijn er meer, hoewel niet veel.
    Denk aan de tien geboden die door God aan Mozes worden gegeven.
    En aan de gedaanteverandering van Christus op de berg Hathor.

    Driekoningen is EEN epifanie.
    Epifanie is meer dan alleen Driekoningen.
    Met Driekoningen wordt bedoeld de dag waarop hun komst wordt gevierd. De epifanie is de verschijning van de ster die hen naar de geboortestal heeft geleid.

    Naar wordt gezegd dezelfde staartster die voorkomt op het Tapijt van Bayeux.
    De komeet van Haley ?

Reacties zijn gesloten.