Misverstand: Rammende galeien

Model van een triëre (Mon repos, Korfu)

Na de Perzische Oorlogen zetten de Atheners de strijd tegen het Perzische wereldrijk voort. Ze hadden de triëren, ze hadden een zilvermijn om de roeiers te betalen, ze hadden de wouden waar het scheepshout groeide, en ze waren voor de duvel niet bang. Wie zich als bondgenoot bij hen wilde aansluiten moest daarvoor betalen, maar kon dan rekenen op bescherming. Een en ander geschiedde tegen concurrerende prijzen, want de Atheners waren goedkoper dan zelf een vloot onderhouden.

Onnodig te zeggen dat er daarna voor een bondgenoot geen weg terug was: wie uit het bondgenootschap wilde stappen, had meestal geen eigen schepen meer, ja had zelf betaald voor de vloot waarmee Athene de achterstallige betalingen kwam innen. Met deze gelden financierde Athene de roeiers: meestal gewone Atheense burgers, die in de volksvergadering niet zelden stemden voor agressieve militaire expansie. Dat leverde immers een leuk inkomen op.

De roeiers waren dus professionals en dat maakte tactieken mogelijk die anders niet mogelijk zouden zijn geweest. Zo konden de Atheners een zeeslag voeren door andere triëren te rammen. Dat wil echter niet zeggen dat álle antieke zeeslagen zo werden uitgevochten. Weliswaar waren alle antieke oorlogsbodem voorzien van een verstevigde voorplecht met een metalen ram, want het kon zomaar eens gebeuren dat je in de mêlée van een zeeslag een tegenstander kon rammen, maar lang niet alle bemanningen waren zo goed getraind dat de bijbehorende ingewikkelde manoeuvres mogelijk waren.

Alleen in de vloten van het vijfde-eeuwse Athene was het de voornaamste tactiek. De Romeinen gebruikten bijvoorbeeld enterbruggen en harpoenen om schepen langszij te trekken, en ook andere zeemogendheden deden hun best hun zeeslagen te veranderen in landslagen: de schepen enterden elkaar, de soldaten gingen bij elkaar aan boord en een onbelemmerd moorden kon een aanvang nemen.

4 gedachtes over “Misverstand: Rammende galeien

  1. jacob krekel

    Ik weet al niet wat een “gewone” Nederlander is, laat staan dat ik weet wat ik me bij een “gewone Atheense burger” moet voorstellen.

    1. J. Houtsma

      O, ik vond dat wel een handige formulering. Geen huurlingen, geen slaven, geen elite, zoiets.

      1. johannesoverduin

        Inderdaad,ik weet nu in ieder geval wat die roeiers niet waren. Uitleggen wat een historisch verschijnsel NIET is vaak handiger dan een beroep doen op ons beperkt voorstellingsvermogen.

Reacties zijn gesloten.