De blauwdruk van een theater?

Model van een theater in Baalbek (Nationaal Museum, Beiroet)

Het was, na het uitstel van vorige week, de bedoeling dat vandaag de groepsblog van start zou gaan. Alles staat ook klaar. Gisteravond om negen uur moest de “boodschappenservice” het volautomatisch doen, d.w.z. het programmaatje waarmee abonnees aan het einde van de dag de blogjes van die dag krijgen toegemaild. Het werkte. We konden van start.

Nou ja, er was nog een akkefietje. De fotobijschriften in de zogeheten header, zeg maar de achtergrond bij de kop, verschenen almaar niet. Het was geen reden om niet verder te gaan, maar het was diverse mensen opgevallen en we wilden het toch even gerepareerd hebben voor we van start gaan. Ook wilde ik zelf nog even naar wat teksten kijken. Het wordt dus woensdag.

Lees verder “De blauwdruk van een theater?”

De Tweede Hoofdwet van de Archeologie

Slaven op een scherf terra sigillata uit Matilo (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik maak weleens het grapje dat er een “Eerste Hoofdwet van de Archeologie” is, namelijk dat niet meteen identificeerbare voorwerpen religieus zullen zijn. Aangezien er vroeg of laat wel een staaf of een gat in te herkennen is, zeg ik er soms bij, is ook een interpretatie als vruchtbaarheidssymbool snel gemaakt.

Als je dit tegen archeologen zegt, beginnen ze te grinniken, want ze herkennen het allemaal. De onderzoekers van de grotten waarin de Dode Zee-rollen zijn gevonden, identificeerden een nabijgelegen ruïne als het overblijfsel van een klooster. Het bleek een boerderij. Archeoloog Colin Renfrew noemt in The Archaeology of Cult een verzameling beeldjes van vrouwenfiguren die geen bewijs was voor een eredienst voor de Grote Moedergodin, maar bleek te behoren bij “a Mycenaean toy shop”. Voor een hilarische uitwerking kunt u al sinds 1979 terecht bij The Motel of Mysteries van David Macaulay.

Lees verder “De Tweede Hoofdwet van de Archeologie”

Bar-Rakeb van Sam’al

Bar-Rakeb ontvangt een schrijver (Pergamonmuseum, Berlijn)

Haal u even de landkaart van Turkije en Syrië voor de geest. De grens loopt van het oosten naar het westen. Vlak voor de Middellandse Zee zwenkt hij ineens naar het zuiden en loopt dan een eind zuidelijker naar verder naar de kust. Het gebied waar de grens zo opvallend omheen loopt is dat van Antiochië. Al voor die stad was gesticht, was hier een belangrijk stedelijk centrum, dat eveneens de Orontes en de weg van de zee naar Assyrië beheerste: Sam’al. Het is ook wel bekend als Bit Gabbar. De ruïnes van de koninklijke residentie zijn te zien bij het huidige Zincirli.

Ik herinner me vooral het vluchtelingenkamp ernaast. De ruïnes stellen weinig voor, de opgraving was, toen ik er kwam, stilgelegd. Voor de vondsten moet je zijn in de musea, zoals het Berlijnse Pergamonmuseum, waar bovenstaand reliëf is te zien. Dit is koning Bar-Rakeb, die regeerde van 727 tot 711 v.Chr. en hier een schrijver ontvangt. Op de inscriptie identificeert de koning zichzelf als zoon van Panamuwa, dienaar van de Ba’al van Harran.

Lees verder “Bar-Rakeb van Sam’al”

De groepsblog, bijna af

U heeft gekozen & becommentarieerd: dit is het logo.

Vandaag had ik eigenlijk de groepsblog wilde aankondigen: de website waar archeologen, classici en oudhistorici elkaar ontmoeten. Het begin zal niet lang meer op zich laten wachten, maar vandaag lukt niet meer. Er is een kleinigheidje dat almaar niet goed wil komen.

Opzet

Toch is er al veel bereikt. Zoals ik al aankondigde, neem ik een voorbeeld aan Neerlandistiek.nl. De neerlandici hebben namelijk een vorm gevonden die blijkt te werken. Marc van Oostendorp blogt er bijna elke dag en dat is wat ook ik zal doen. Dat stukje verschijnt als vanouds op deze blog, maar wordt tevens automatisch doorgeplaatst naar de groepsblog. Wie daar begint, vindt er twee alinea’s van mijn spinsel en wordt, als ’ie meer wil weten, naar deze blog geloodst. Andere bloggers werken met een vergelijkbaar systeem. Dus als mijn goede vriend Richard iets over de Oudheid heeft te melden, dan zet hij er iets als #reblog in en dan verschijnt het ook op de groepsblog. U vindt daar dus uitsluitend stukken over de Oudheid. Voor mijn Beobachtungen over het openbaar vervoer of de Chagallgerelateerde problematiek zult u hier moeten blijven komen.

Lees verder “De groepsblog, bijna af”

Lucius en Amaka

Het kruikje van Lucius (Thermenmuseum, Heerlen)

Voor mij, ga ik u eens lekker inwrijven, gaan de deuren open die voor u onlangs gesloten werden. Een kleine twee weken geleden, op de eerste dag waarop de musea geen publiek meer mochten ontvangen, mocht ik rondwandelen door het Thermenmuseum in Heerlen. Het was verder verlaten, afgezien van conservator Karen Jeneson en mijn geliefde, die wilde genieten van een stil museum.

Privileges verplichten, dus binnenkort doe ik verslag van de laatste fase bij de vernieuwing van dat mooie museum. Het zal het eerste stukje zijn als de groepsblog online gaat. Ik mik op donderdag.

Maar eerst: een van de beroemdste archeologische vondsten uit Nederland. Niet het badhuis zelf, maar het kruikje hierboven.

Lees verder “Lucius en Amaka”

De bochelaar van Antiochië

Mozaïek van een gebochelde (Archeologisch museum van Antiochië)

Het zou de titel van een roman kunnen zijn, “De bochelaar van Antiochië”, maar ik denk aan niet meer dan het mozaïek hierboven. Het is te zien in het plaatselijke museum. Qua stijl zijn de Syrische mozaïeken wat minder verfijnd dan de Afrikaanse, maar dat laat onverlet dat de Antiocheense kunstenaars hun eigen verhalen te vertellen hebben. Alleen weet ik niet altijd welk.

Hierboven een gebochelde met een opvallend groot geslacht. Ik vermoed dat hij visser is, want hij houdt twee sprieten vast van de soort waarmee je een vis spietst. Maar misschien zie ik dat verkeerd. Ik zou geen vragen hebben gehad als er niet twee Griekse woorden bij hadden gestaan, καὶ σὺ, “ook jij”. Dat is een gebruikelijke formulering uit grafschriften. Het Latijnse equivalent is hodie mihi, cras tibi, “heden ik, morgen gij”. Een beroemd voorbeeld is de waarschuwing die de stervende Julius Caesar zijn moordenaar Brutus voorhield: καὶ σὺ τέκνον, “ook jij, m’n zoon”.

Lees verder “De bochelaar van Antiochië”

Een Kybele uit Afghanistan

Kybele (Nationaal Museum van Afghanistan, Kaboel)

Hé, dat is grappig: ik heb nog nooit geblogd over de bovenstaande schijf. Terwijl die heel beroemd is. Hij is gevonden in Ai Khanum in het noordoosten van Afghanistan. De stad is lang geïdentificeerd geweest als het antieke Alexandrië-aan-de-Oxos, totdat Kampyr Tepe een betere kandidaat bleek te zijn. Ai Khanum is ook vaak getypeerd als een Griekse stad, maar het is beter te spreken van een Baktrische stad met een hellenistisch bestuurlijk centrum. De bewoners konden er diverse rollen aannemen: nu eens Baktrisch, dan weer Grieks.

Met voorwerpen als de zilveren schijf hierboven en deze deze inscriptie is het echter wel logisch dat je denkt aan een Griekse stad. Dit edelsmeedwerk, vervaardigd in de tweede eeuw v.Chr., sluit aan bij tradities uit het verre westen. Hoewel…

Lees verder “Een Kybele uit Afghanistan”

Livius.org, hoe verder?

Inscriptie van Antigonos (Archeologisch Museum van Amfipolis)

Jaren, jaren geleden moest ik concluderen dat ik de Livius.org-website eigenhandig om zeep had geholpen. Ooit was ik er trots op, want Livius.org was de grootste Oudheid-site ter wereld. Er was echter wat je noemt een fatal flaw: ik had een verzoek ingewilligd geen literatuurverwijzingen op te nemen, omdat studenten anders mijn pagina’s zouden overschrijven en als werkstuk inleveren. Ik vond dit destijds een vreemd verzoek – studenten hebben niets op het internet te zoeken, nog steeds niet – maar plagiaat schijnt inderdaad voor te komen. Ik willigde het verzoek dus in en maakte Livius.org zo minder nuttig dan het project had kunnen zijn. De Wikipedia haalde me later in, en terecht. Mijn trots haal ik nu uit het ontsluiten van duizenden foto’s.

De ontbrekende literatuurverwijzingen vormden niet het enige probleem. De software waarmee ik Livius.org heb gebouwd, verouderde. Ik schakelde over op een veelbelovend nieuw content management system, wat nogal een klus was. Bovendien was het, tot het allemaal handmatig overgezet was, lastig bestaande pagina’s te actualiseren en de annotatie toe te voegen. Het nieuwe content management system is sindsdien veelbelovend gebleven, en zo kwam het dat ik naar een gangbaarder systeem moest overschakelen. Dat gebeurt binnenkort en ik hoop daarna een begin te maken met het verbeteren van de bestaande pagina’s. En nog meer foto’s te ontsluiten.

Lees verder “Livius.org, hoe verder?”

Het Spainkbos in Apeldoorn

De grote grafheuvel in het Spainkbos in Apeldoorn

Het Spainkbos in Apeldoorn is een piepklein parkje in de richting van de Loolaan, een van de mooie boulevards van de Veluwestad. Tot nog niet zo heel lang geleden was dit parkje het paradijs voor mountainbikers. Ze konden er lekker crossen over het licht geaccidenteerde terrein. Daaraan kwam in 2006 echter een einde toen archeologen vaststelden dat de hellinkjes in feite vier oeroude graven waren.

Zoals u op de bovenstaande foto ziet, zijn er sindsdien lage houten hekjes omheen gezet. Nodig was het eigenlijk niet. Toen de fietsers hoorden op welke grond ze reden, waren ze zelf al op zoek gegaan naar een andere plek. De jeugd van tegenwoordig heeft gewoon verantwoordelijkheidsgevoel.

Lees verder “Het Spainkbos in Apeldoorn”

Gevallen voor de vrijheid van Griekenland

Grafmonument van een hopliet (Archeologisch Museum, Peiraieus)

Een vriendin was onlangs in Griekenland en maakte een foto van dit reliëf, dat is te zien in het Archeologisch Museum van Peiraieus. Het maakt deel uit van een hoge grafstèle. Daarop is ook een zogenaamde loutroforos te zien, een kruik om badwater te vervoeren. Omdat een bruiloft gepaard ging met een ritueel bad, leggen archeologen de afbeelding van zo’n kruik op een grafmonument uit als aanwijzing dat de overledene ongetrouwd is gebleven.

De naam van de overledene was Panchares, zoon van Leochares. Ongetrouwd en kinderloos als de dode is gebleven, zal het de vader zijn geweest die heeft betaald voor het grafmonument. Hij liet zijn zoon afbeelden als zwaarbewapende infanterist, strijdend tegen een ruiter. Tussen de twee soldaten is een derde man te zien, naakt. Dit laatste suggereert dat hij van zijn harnas is beroofd; iemand die dus al eerder is gesneuveld. De houding van deze derde man is overigens niet bepaald die van een lijk, dus ik heb mijn twijfels.

Lees verder “Gevallen voor de vrijheid van Griekenland”