Het proactieve Kerststukje

Kerststalletje in Beiroet

Als een misverstand over de Oudheid er eenmaal is, gaat het nooit meer weg. Wie de Oudheid goed wil uitleggen, moet dus niet alleen zo accuraat mogelijke informatie verspreiden maar er ook voor zorgen dat misverstanden niet ontstaan. Is het daarvoor te laat, zoals vaak het geval is, dan moet hij zien de verspreiding te bemoeilijken.

Zoals vandaag. Binnenkort is het namelijk kerstmis en de christelijke feestdagen zijn altijd een moment waarop de media snelle kopij zoeken, journalisten niet verder kijken dan hun neus lang is en er nogal wat onzin de wereld in wordt gepompt. Wellicht helpt dit stukje de schade in de perken te houden.

Heeft Jezus überhaupt wel bestaan?

Niets uit het verre verleden is helemaal zeker, maar bij een normale toepassing van de historisch-kritische methode is het antwoord ja. U leest er hier meer over.

Lees verder “Het proactieve Kerststukje”

Jona naar Nineveh

Jona en de grote vis (Sarcofaag, Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

U gelooft me vast niet, en ik zou het ook niet doen, maar het is toch echt waar: het was pas toen ik een week of vijf geleden een groep rondleidde door de Nineveh-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden dat ik me realiseerde hoe koddig het eigenlijk was dat iemand met mijn voornaam probeert Nineveh onder de aandacht te brengen.

Het Bijbelboek Jona gaat over een profeet die er weinig zin in heeft in de hoofdstad van het Assyrische Rijk te gaan verkondigen dat die door God zal worden “omgekeerd”. Jona vlucht. Hij daalt af naar de kust en daalt in de haven af naar een schip. (In feite loop je natuurlijk over een loopplank het schip op, maar de schrijver speelt een spelletje.) Eenmaal op zee steekt een storm op, Jona legt uit dat dit is omdat hij Gods wil niet heeft uitgevoerd en de zeelieden werpen hem naar beneden, de zee in. Richting dodenrijk. De volgende neerwaartse beweging brengt de onwillige profeet in de maag van een grote vis.

Lees verder “Jona naar Nineveh”

Marmer

Een steengroeve in Turkije

Een tijdje geleden maakte ik voor de Livius.org-website een webpagina aan over diverse soorten natuursteen. Die diende vooral om te kunnen linken naar foto’s als ik eens zou moeten verwijzen naar een stuk marmer. Het is niet de allermooiste pagina maar u vindt die hier.

Toen ik die pagina af had, zocht ik de plaatsen op waar ik het woord “marble” had gebruikt, omdat ik daarvandaan moest linken naar de nieuwe pagina. Dat vind ik meestal het leukste klusje omdat ik dan allerlei oude schrijfsels tegenkom, waar ik dan vaak iets zie dat verbeterd kan worden. Of ik houd er mijn kennis mee op peil. Dit keer belandde ik op enkele webpagina’s die ik had gewijd aan de spijkerschriftteksten die bekendstaan als de Achaimenidische koningsinscripties: een klein corpus van nogal stereotype teksten die ik ooit online heb geplaatst omdat niemand anders de moeite nam. En toen viel me iets grappigs op.

Lees verder “Marmer”

Livius Nieuwsbrief | December 2017

Dit is de 147e aflevering van de Livius Nieuwsbrief met nieuws over de Oudheid. Bijna 6800 abonnees ontvangen de nieuwsbrief elke maand gratis; voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Jona Lendering (redactie)

======================================

LIVIUS’ EIGEN NIEUWS

Traditioneel vindt u hier een greep uit het Liviusaanbod. Voor het moment vragen we alleen uw aandacht voor de leuke reis naar Cyprus. De cursussen vindt u onderaan dit mailtje.

De val van Nineveh plus: welke talen spraken de mensen in de Oudheid in Nederland? (En in het verlengde daarvan: de boeken van Tony Riches.) In de reeks museumstukken: Taparet , de Leeuwenjacht van Assurbanipal en Aion.

Lees verder “Livius Nieuwsbrief | December 2017”

Vervalste Dode Zee-rol-fragmenten

Twee snippers van de Dode Zee-rollen met daarop de tekst van Prediker (Jordan Museum, Amman). Om misverstanden te vermijden: deze fragmenten zijn afkomstig uit een gecontroleerde opgraving en hebben wetenschappelijk wél betekenis.

Het is al honderd keer gezegd: oude teksten hebben dan en slechts dan wetenschappelijk belang als ze afkomstig zijn uit een gecontroleerde opgraving. Een vervalsing is immers niet in het lab te herkennen, zoals elke student leert in zijn eerste jaar en de rest van de mensheid weet sinds het schandaal van het Evangelie van de Vrouw van Jezus.

Hoe belangrijk het is ook naar dit simpele inzicht te handelen, blijkt uit de gang van zaken rond de Green Collection, die op grote schaal gestolen oudheden opkocht voor een Bijbelmuseum in Washington (dat overigens afgelopen maand open ging). De verzamelaars, een rijke Amerikaanse familie met een christelijke achtergrond, kregen de FBI achter zich aan en hebben inmiddels ingestemd met een schikking voor het door hen gepleegde culturele misdrijf. Over enkele stukken die door de handen van deze verzamelaars zijn gegaan, heerst echter nog altijd onduidelijkheid.

Lees verder “Vervalste Dode Zee-rol-fragmenten”

Snouck Hurgronje

Wie in Leiden over het Rapenburg naar het Academiegebouw wandelt, passeert op nummer 61 het huis waar Christiaan Snouck Hurgronje heeft gewoond. Afgezien van de in steen gebeitelde naam herinnert er weinig aan de geleerde, die leefde van 1857 tot 1936 en tot op de dag van vandaag ietwat omstreden is. Snouck was namelijk de islamoloog die de strategie ontwierp waarmee generaal Van Heutsz tussen 1898 en 1903 de bevolking van Atjeh onderwierp. Niet iedereen kan, om het zacht uit te drukken, waardering opbrengen voor de architect van een koloniale oorlog.

Er is echter meer. Snouck Hurgronje had zich in 1885, minimaal in naam, bekeerd tot de islam en had enige tijd in Mekka en gewoond en gestudeerd. Voor menig moslim gold hij als vertrouwenspersoon, ja als leraar. Tegelijk schreef hij rapporten voor de Nederlands-Indische autoriteiten, waarin hij doorgaf wat hem was verteld. Was het, zoals Snouck Hurgronjes biograaf Philip Dröge in zijn onlangs verschenen boek Pelgrim opmerkt, wel eerlijk van de Nederlandse geleerde om de mensen die hem bewonderden, zó te belazeren? Was hij niet in feite gewoon een spion?

Lees verder “Snouck Hurgronje”

De val van Nineveh

De laatste verdedigers van Nineveh

Hoe het Assyrische Rijk precies ten onder is gegaan, er is niemand die het weet. Onder koning Esarhaddon had het nog Egypte onderworpen, onder Aššurbanipal bloeide het wereldrijk, maar vanaf diens dood kampte het met steeds meer problemen: onrust in het binnenland, onrust in Babylonië, onrust aan de grenzen. De Egyptenaren en Babyloniërs wisten onafhankelijk te worden en de laatsten bestreden hun voormalige meesters, daarbij geholpen door de Meden uit het Zagrosgebergte. De stad Aššur viel in 614, Nineveh twee jaar later, en in 610 kwam er ook een einde aan de laatste Assyrische burcht in Harran.

Die feiten staan vast, maar niemand weet waarom het zo liep. Het helpt niet dat we voor deze periode van verval minder bronnen hebben. Imperial overstretch kan een factor zijn geweest voor de neergang van Assyrië. Dat het rijk sowieso nooit meer is geweest dan een plundermachine, zal ook een rol hebben gespeeld. In elk geval: in 612 was het voorbij.

Lees verder “De val van Nineveh”