Cyrus, Harpagos en Astyages

Het terreas van de citadel van Pasargadai, Cyrus’ residentie.

[Tweede deel van het oosterse sprookje over de ondergang van de Medische koning Astyages en de opkomst van de Perzische heerser Cyrus. Ik ga het niet samenvatten. U moet het eerste deel maar lezen – het begint hier.]

Alles leek goed te zijn gekomen en die avond was het feestmaal, waarbij Harpagos, die toch ’s konings bevelen niet had opgevolgd, van Astyages een ereplaats kreeg. Wat hij niet wist, was dat de koning in de tussentijd Harpagos’ zoon had laten doden, braden en serveren. Anders gezegd, hij had zijn eigen kind opgegeten. En met deze excessieve straf riep Astyages zijn ondergang over zich af.

Astyages stuurde Cyrus naar zijn echte ouders, Kambyses en Mandane. Terwijl de jongeman in Perzië opgroeide, zon Harpagos op wraak. Zelf kon hij de rekening niet vereffenen, maar met hulp van de populaire Cyrus zag het er anders uit.

Harpagos had al een eerste stap gedaan door de Medische edelen tegen hun vorst op te zetten. Op elke belangrijke Mediër praatte hij in dat het alleen maar gunstig voor ze was als Cyrus de macht zou krijgen in plaats van Astyages, die zijn volk wreed behandelde.

Lees verder “Cyrus, Harpagos en Astyages”

Astyages, Harpagos en Cyrus

De “Nesaïsche vlakte” in Medië, met herders en bergen. Denk de electriciteitsmasten weg en je weet dat er in zesentwintig eeuwen weinig is veranderd.

Astyages nam de macht over de Meden over. Deze vorst had een dochter die hij Mandane had genoemd. Zij speelde een rol in zijn dromen, hoor maar. In zijn slaap zag Astyages haar zo verschrikkelijk veel plassen dat zijn hele stad onder water kwam te staan en zelfs Azië volledig werd overspoeld. Hij vertelde het de volgende morgen aan de magiërs die de taak hadden dromen te duiden, en de schrik sloeg hem om het hart toen zij punt voor punt hun uitleg gaven.

Zo begint, in de vertaling van Hein van Dolen, het sprookjesverhaal waarmee Herodotos verklaart hoe de macht over Iran in het tweede kwart van de zesde eeuw v.Chr. van de Meden naar de Perzen (Historiën 1.107-130). U zult zo meteen snel genoeg door hebben dat het niet waar zijn kán, maar één punt moet vooraf worden gemaakt: Astyages, Kambyses en Cyrus worden ook genoemd in kleitabletten en zullen wel historische personen zijn. De machtsoverdracht is eveneens een feit.

Het liefst zou ik het integraal citeren want zo’n volksverhaal heeft een eigen ritme, een eigen spanningsopbouw en een eigen taalgebruik. Als medewerker van die vertaling – ik maakte het register en moet nog weleens lachen om de klucht met de landkaarten – zou ik misschien nog een verworven recht hebben ook. Maar het hele verhaal telt 5500 woorden en dat is misschien wat veel. Een samenvatting dus maar.

Lees verder “Astyages, Harpagos en Cyrus”

Geschiedenis van Perzië (2)

Rembrandts weergave van het “teken aan de wand”. De vrouw links van de koning heeft de trekken van Rembrandts echtgenote Saskia.

Het punt kan niet vaak genoeg worden gemaakt en dus maak ik het gewoon nog maar eens een keer: we hebben over de oude wereld te weinig informatie. Daaruit volgt dat we over sommige gebeurtenissen eigenlijk te weinig weten. Hoe het Perzische Rijk is ontstaan bijvoorbeeld. Het staat vast dat toen koning Cyrus de Grote in oktober 539 v.Chr. de stad Babylon innam, hij in één moeite door het hele Babylonisch Rijk kon overnemen en dus beschikte over een goedgeorganiseerde staat, maar hoe hij dit kon doen is niet goed bekend. Halfnomadische stammen uit de bergen nemen niet zomaar een wereldrijk over.

Lange tijd zou het verhaal uit Herodotos, over wie ik onlangs schreef, zijn gebruikt om dit allemaal te verklaren. Het komt erop neer dat in Iran de Meden (in West-Iran) aan de macht waren en dat de Perzen (Zuid-Iran) hun vazallen waren. Op een gegeven moment besluit de Pers Cyrus in opstand te komen – het romantische sprookje dat moet verklaren waarom, zal ik later vandaag behandelen – en hij onderwerpt zijn voormalige overheerser. Vervolgens onderwerpt hij de Lydiërs in het westen van Turkije en daarna valt hij Babylonië aan. Ook oostelijk Iran wordt onderworpen en Cyrus komt om als hij probeert Centraal-Azië te onderwerpen.

Lees verder “Geschiedenis van Perzië (2)”

Geschiedenis van Perzië (1)

Assyrisch soldaten (Pergamonmuseum, Berlijn)

Een tijdje geleden benutte ik deze blog om tips te geven voor een eerste kennismaking met de Bijbel. Dat leidde tot een uitnodiging of ik iets wilde schrijven over de geschiedenis van het oude Perzië, dat tussen 550 en 330 de hele oude wereld verenigde. Heel de oude wereld? Nee, in het verre westen bleef een kleine groep Grieken moedig weerstand bieden tegen de Perzische eenheidsstaat. Daarover maandag meer, nu eerst even iets over die Perzen en als we het daarover gaan hebben, moeten we eerst even wat terug in de tijd.

Rond het jaar 1250 v.Chr. was de wereld nog overzichtelijk. Een paar supermachten deelden de lakens uit: Egypte, de Hittieten in Turkije, Babylonië. In de twaalfde eeuw desintegreerde dit systeem. Als u er meer over wil lezen: Eric Cline beschrijft in zijn boek 1177 hoe het systeem te complex begon te worden. Een crisis op één punt had gevolgen voor de andere delen en als één staat instortte, was er geen staat die voldoende geïsoleerd was om overeind te blijven. De Bronstijd liep ten einde en de IJzertijd begon. Rond 1000 begon de geschiedenis in feite opnieuw met nieuwe partijen. In het oude Kanaän lezen we over de Hebreeën, wat noordelijker namen de Feniciërs de aloude handelsroutes over en in het noorden van Irak begonnen de Assyriërs aan de opbouw van een wereldrijk.

Lees verder “Geschiedenis van Perzië (1)”

De jonge islam

De aqedah (Byzantijns reliefje uit het Nationaal Museum in Beiroet)

Onlangs verzorgde ik een lezing waarbij het ontstaan van de islam ter sprake kwam. Over dat onderwerp is – door gelovige moslims, door islamofoben en door historici – voldoende gezegd dat niet herhaald behoeft te worden, maar ik wil wel wijzen op een punt dat ik belangrijk vind: er gingen ideeën aan de islam vooraf. Nu is dat natuurlijk het intrappen van een wagenwijd openstaande deur: nieuwe ideeën ontstaan doorgaans in wisselwerking met andere. Als het niet zou zijn, zouden we immers niet begrijpen wat er nieuw aan was. Maar het blijft interessant te kijken waartegen Mohammed zich afzette, welke ideeën de zijne voortbrachten, waartegen hij polemiseerde en wat de in de vroege islam gemaakte keuzes zeggen over de eerste gelovigen. Daar ligt, zoals ik zie, momenteel een van de fronten van de geschiedwetenschap.

In de eerste plaats: in het laat-Romeinse Rijk won het christendom aan populariteit. Eerst stonden de keizers Licinius en Constantijn het geloof toe, daarna waren er keizers die het als persoonlijke voorkeur hadden, vervolgens kwam een einde aan de overheidssubsidie van de heidense culten en tot slot zag keizer Theodosius erop toe dat de christenen één centrale leer hadden, vastgelegd in de geloofsbelijdenis die op het Concilie van Constantinopel in 381 werd bevestigd.

Lees verder “De jonge islam”

Berbers en Arabieren

Dat had u natuurlijk nóóit verwacht, dat ik een stukje over het het ontstaan van het emiraat van Cordoba zou illustreren met een heel originele foto van de moskee die Abdelrahman bouwde in opgemelde Andalusische stad.

Gisteren blogde ik over het Rijk van Toledo en ik schreef dat deze laat-Romeinse staat, centraal georganiseerd als ze was, door Arabieren in één keer kon worden overgenomen. Koning dood, het hof uitgeschakeld, hoofdstad ingenomen: dan houdt het verder op. Ik werd terecht gecorrigeerd: het leger dat de genadeklap uitdeelde bestond uit Berbers. Het grappige is dat ik daar bij het schrijven aan had gedacht. Omdat het leger marcheerde uit naam van de Umayyadische kalief van Damascus, had ik besloten het stukje niet nog ingewikkelder te maken dan het al was – maar het is geen onbeduidend detail.

De verovering begon in april 711, toen generaal Tariq, een islamitische Berber, met zo’n 12.000 soldaten de Straat van Gibraltar overstak. (“Gibraltar” is overigens een verbastering van Jebel Tariq, “Tariqberg”.) In juli versloeg hij bij Jerez het leger van de Toledaanse koning Roderik, waarna de joden in Cordoba en Écija Tariq en zijn mannen als bevrijders binnenhaalden. Of het enthousiasme oprecht was of een lepe reactie op het simpele feit dat er geen Toledaans leger meer was dat de steden kon beschermen, zullen we nooit meer weten. Wel moet worden aangetekend dat de handelingen van de diverse kerkelijke synodes duidelijk maken dat de christelijke autoriteiten de joden liever zagen gaan dan komen.

Lees verder “Berbers en Arabieren”

Leeuw en hond

Kanaänitische stele (Israel Museum, Jeruzalem)

In het midden van de vijftiende eeuw v.Chr. veroverden de Egyptenaren het gebied dat bekendstaat als Kanaän of de Levant. Zeg maar alles van Gaza tot aan de Eufraat. In het zuidelijk deel, dat wij nu aanduiden als Israël, is de Egyptische aanwezigheid in diverse nederzettingen gedocumenteerd, zoals in Beth Shean in het oosten van Galilea. Op een heuveltop is het paleis van een Egyptische gouverneur opgegraven, met een inscriptie van farao Seti I en een standbeeld van een der diverse Ramsessen, ik meen numero drie.

Ook de bovenstaande stele is er gevonden. Ze komt uit een Kanaänitisch heiligdom en wordt wel gedateerd in de vijftiende eeuw, maar kan ook jonger zijn. We weten het niet goed, zoals zo vaak. De interpretatie, tja, ook die is wat speculatief.

Lees verder “Leeuw en hond”