Beit Beiroet

Beit Beirut

Ik heb al vaker over de Libanese burgeroorlogen geblogd. Je merkt er in Libanon eigenlijk elke dag wel iets van, niet zozeer doordat de mensen elkaar nog naar het leven staan maar doordat de gevolgen zo blijvend zijn. Vaak gaat het om heel triviale dingen. Ik noemde al eens het feit dat Beiroetis hun straten nooit aanduiden met de officiële namen, maar ik zou ook hebben kunnen schrijven over het grote aantal auto’s, want het openbaar vervoer heeft de burgeroorlogen niet overleefd.

Vandaag kwam ik in Beit Beirut, een ooit elegant Ottomaans huis aan de Rue de Damas ofwel de beruchte Groene Lijn die ooit het christelijke Oost-Beiroet scheidde van het islamitische West-Beiroet. Het huis werd de vaste basis van christelijke sluipschutters, want het had grote ramen, waardoor een wijd schootsveld viel te bestrijken. Het werd dus ook zelf onder vuur genomen en de kogelgaten zijn nog altijd zichtbaar. Het resultaat ziet u hierboven. In 2008 werd een begin gemaakt met de restauratie, die voor een groot deel is gefinancierd door de stad Parijs.

Lees verder “Beit Beiroet”

Archeologisch museum, Sidon

Museum in aanbouw

Ik heb al eerder geschreven over de opgravingen in Sidon, waar een wonderschone opgraving eindelijk licht werpt op het oudste stedelijke verleden. Op de plaats die bekendstaat als “Les Frères” of de “College Excavations” is de hele geschiedenis gedocumenteerd vanaf het Chalcolithicum (pakweg het vierde millennium v.Chr.) tot en met de komst van de Arabieren. Even verderop ligt een Kruisvaarderskasteel en tussen de opgraving en dat slot ligt een grafveld uit de dertiende eeuw.

Het onderzoek is niet alleen interessant omdat Sidon, dat na Byblos en Tyrus altijd een beetje op de derde plaats komt, nu zijn verleden in beeld krijgt. Belangrijk is ook dat hier voor het eerst Kanaänitisch DNA is geïsoleerd uit de Bronstijd. Weliswaar bereikte het de media op een vreemde manier – u moet het hier maar even nalezen – maar het is wel een belangrijke verworvenheid die een basis kan zijn voor nieuw onderzoek naar bijvoorbeeld de Fenicische migratie.

Lees verder “Archeologisch museum, Sidon”

De terugkeer van Wahibre-em-achet

Het plaatsen van de sarcofaag van Wahibre-em-achet in het Rijksmuseum van Oudheden (©RMO)

Toen ik werd benaderd om het themaboekje te schrijven voor de Week van de Klassieken, gewijd aan migratie in de Oudheid, wist ik meteen dat ik Wahibre-em-achet zou noemen. De inleiding opent dus met de sarcofaag van deze Griekse Egyptenaar, die de wacht houdt bij de ingang van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, is hij uiteindelijk uitgegroeid tot de titelheld van Wahibre-em-achet en andere Grieken. Er was echter één probleem: de sarcofaag was uitgeleend aan een Amerikaans museum. En het is toch een beetje vreemd als je schrijft “u ziet hem bij de ingang van het museum” als hij daar feitelijk niet staat.

Gelukkig werd de afgelopen maanden duidelijk dat het museumstuk tijdig zou terugkeren. U vindt de museale beschrijving hier en hieronder krijgt u het officiële persbericht. Leuk weetje: dat had eigenlijk gisteren de deur uit gemoeten, maar het museum was bang dat het zou worden opgevat als 1-april-grap.

Lees verder “De terugkeer van Wahibre-em-achet”

Het vernieuwde Afrikamuseum

Masker van de nganga Diphomba, d.w.z. gedragen door iemand die de rituelen beheerst (Afrikamuseum, Tervuren)

Welbeschouwd is een Afrikamuseum even idioot als een Amerikamuseum, een Aziëmuseum of een Europamuseum. Zeker als het niet alleen gaat over het hedendaagse werelddeel, maar als het verhaal begint in de Steentijd. En als het niet alleen gaat over de menselijke geschiedenis, maar ook over fauna, mineralogie, klimaat, archeologie én de manier waarop Noordwest-Europeanen de afgelopen eeuw naar Afrika hebben gekeken. De naam “Afrikamuseum” van de instelling in Tervuren belooft dan ook meer dan ze kan waarmaken. Het gaat vooral over Congo in de negentiende en twintigste eeuw. En dat is een heleboel.

Het museum is ontstaan als een traditionele koloniale instelling en verheerlijkt wat de Belgen destijds beschouwden als een beschavingsmissie. U zult in de centrale zaal dus beelden zien met titels als “België schenkt Congo welstand”. Een beeld van een (nogal Arabisch ogende) slavenhandelaar, compleet met zweep en naakte slavin, brengt in herinnering hoe de koloniale overheid optrad tegen slavernij. Het zou geschiedvervalsing zijn zulke beelden weg te halen: het museum is zélf eveneens cultureel erfgoed. Je gaat de fascistische landkaart van Italië in het Museo nazionale della civiltà romana ook niet te lijf met de witkwast. Wat je wel kunt doen, is uitingen van een ons inziens verouderde visie op Centraal-Afrika hercontextualiseren.

Lees verder “Het vernieuwde Afrikamuseum”

Het vernieuwde Thermenmuseum

Het Thermenmuseum

Het economische zwaartepunt van de Lage Landen lag in de Romeinse tijd in het zuiden van die Lage Landen, bij de villa’s op de lössgronden. In Nederland telde eigenlijk alleen Zuid-Limburg een beetje mee. Noordelijker waren er de arme Kempen, nog wat noordelijker waren de forten van het rivierenlandschap (de limes dus), nog noordelijker waren de gebieden waar de Limburgse boeren hun vee naartoe lieten verweiden en helemaal in het noorden waren de terpen en wierden. Omdat het zuiden het zwaartepunt vormde, is het Thermenmuseum in Heerlen eigenlijk hét centrum van Romeins Nederland, zeker nu ook het Limburgs archeologisch provinciaal depot hier wordt gevestigd en er een belangrijk restauratieatelier is. Als u eens een fijn weekendje weg wil, combineer Heerlen dan met Tongeren. Aken en Maastricht zijn ook wel aardig, trouwens.

Het Thermenmuseum heeft een geweldige collectie, prachtig ontsloten ook, en je ziet er een van de grootste ruïnes uit de Benelux: een Romeins badhuis. Beter hebben we het in Nederland niet.

Lees verder “Het vernieuwde Thermenmuseum”

Het museum in Cairo

De Perzische koning Kambyses vereert de Apis: een reliëf dat wel behoort tot de collectie van het museum in Cairo, maar dat ik er niet heb gezien. Dit is dan ook een scan uit G. Posener, La première domination Perse en Egypte (1936).

Afgelopen maandag maakten enkele Europese musea bekend dat ze het Egyptisch Museum in Cairo – het staat aan het beroemde Tahrirplein – wilden gaan helpen om

met de gezamenlijk expertise een masterplan te ontwerpen voor de transformatie van gebouw, tentoonstellingen, publieksaanbod, collectiebeheer en onderzoek. Daarmee wil het Egyptisch Museum zich op de kaart zetten als modern (inter)nationaal centrum voor educatie, wetenschap en vermaak.

Als ik voor elke keer dat het cliché dat iets op de kaart gezet moest worden een euro had gekregen, kon ik nu een lang weekend op vakantie naar Cairo, daar mijn intrek nemen in het Carlton-hotel en twee dagen doorbrengen in opgemeld museum. Het zou me misschien tegenvallen, want een deel van de collectie is overgebracht naar een Grand Egyptian Museum in Giza, bij de piramiden, dat in 2020 zal worden geopend. De vondsten uit het graf van Toetanchamon zijn niet langer aan het Tahrirplein en dus is er inderdaad reden om het museum te herorganiseren. En het valt alleen maar te prijzen dat het daarbij samenwerkt met andere musea.

Lees verder “Het museum in Cairo”

Nubië in het Drents Museum

Koning Senkamanisken met de dubbele uraeus-slang, die symbool staat voor de heerschappij over Nubië én Egypte

Nubië is de naam die meestal wordt gebruikt voor de antieke culturen van pakweg het huidige Soedan en het zuidelijkste deel van het huidige Egypte. Je zou het ook kunnen omschrijven als het gebied tussen Aswan en Khartoum.

Er zijn in Nubië ruwweg vier fases aan te wijzen: de Kerma-cultuur (vanaf pakweg 2400 v.Chr.), een periode waarin Nubië werd bestuurd door een Egyptische onderkoning (tijdens het Egyptische Nieuwe Rijk), de Napata-cultuur (ca.1000 – ca.300 v.Chr.) en de Meroïtische periode (ca. 300 v.Chr. – ca. 300 n.Chr.). Een aantal factoren maakt dat we meestal naar Nubië kijken als een soort appendix van Egypte. Eén reden is dat het ten tijde van het Egyptische Nieuwe Rijk ook werkelijk een buitengebied van Egypte was. Een andere reden is dat het noordelijkste deel van Nubië, ofwel het zuiden van Egypte, heel erg grondig is onderzocht toen de Aswandam werd aangelegd en het Nasser-stuwmeer kwam te ontstaan. De onderzoekers waren daar, in Zuid-Egypte, het meest in de Egyptische cultuur geïnteresseerd.

Lees verder “Nubië in het Drents Museum”