MoM | Rome 455, Washington 2021?

Als mijn uitgever het me vraagt, en als die uitgever ook nog inhoudelijk nadenkt over wat geschiedenis is, kan ik moeilijk weigeren. Vandaar: een stukje over de vergelijking in het plaatje hierboven. Mijn uitgever heeft gelijk: de grap, waarin de Vandalen van 455 staan tegenover de vandalen van 2021, veronderstelt een achterhaalde visie op de Vandalen. Wie de Vandalen waren, leest u maar in het boek van Mischa Meier. Ik schreef er al over en zal er nog weleens op terugkomen. Mij gaat het vandaag om de vergelijking zelf.

Washington en Rome

Het is namelijk niet de enige recente vergelijking tussen gebeurtenissen in Washington en gebeurtenissen in het Romeinse Rijk. Hier staat bijvoorbeeld Donald Trump naast de Gracchi, de Pompeii en de Caesares die een einde maakten aan de Romeinse republiek. Er valt iets voor te zeggen. Een elite die privileges accepteerde zonder dienstbaarheid, werd ervaren als corrupt, had geen steun meer en ging ten onder. Maar ja: die analyse is zó algemeen dat ’ie altijd klopt. De instorting van het pausdom in de dertiende eeuw en de ondergang van het Franse absolutisme zijn andere voorbeelden. De vergelijking is zo breed dat ze zinledig is.

Lees verder “MoM | Rome 455, Washington 2021?”

MoM | Thesaurus linguae Latinae

Kasten vol dozen met systeemkaarten

De Thesaurus linguae Latinae is een wetenschappelijk woordenboek van het Latijn. Nu zou je kunnen denken: er bestaan toch al woordenboeken Latijn? Inderdaad, het meest bekend is voor Nederlanders het woordenboek van Pinkster, voor Engelsen de Oxford Latin Dictionary, en zo heeft elk taalgebied wel zijn Latijnwoordenboek.

Nu is er een aantal problemen met deze woordenboeken. Ten eerste zijn ze gemaakt op basis van maar een beperkt aantal teksten, meestal bestaand uit werken van  “grote” auteurs als Cicero, Caesar, Vergilius, Ovidius. Ten tweede bouwen ze meestal op elkaar op: zo is Pinkster oorspronkelijk een bewerking van het Duitse woordenboek van Pons, dat weer een bewerking is van Taschen-Heinichen. Op deze manier krijgen we steeds dezelfde lemmata met dezelfde betekenissen, en soms zelfs dezelfde fouten.

Lees verder “MoM | Thesaurus linguae Latinae”

Continuïteit

Twee Punische grafstèles uit Utica (Musée archéologique d’Utique)

Het reliëf hierboven heb ik een paar maanden geleden gefotografeerd in Utica. Twee Punische grafstèles waarvan er in Tunesië dertien in een dozijn gaan. De overledenen zwaaien ons nog even na nu we wandelen langs hun laatste rustplaatsen, zou je op het eerste gezicht zeggen, maar het kan natuurlijk ook een zegenend gebaar zijn.

Je kunt moeiteloos parallellen vinden van de vriendelijk opgestoken hand. In de Oudheid zijn er de handen van de Thracische godheid Sabazios, vaak voorzien van allerlei kwaadafwerende tekens, of de handen van de Syrisch-Romeinse godheid Jupiter Dolichenus, waarvan u hieronder een foto ziet. Er zijn christelijke amuletten met dezelfde open hand. In alle gevallen dienden deze handen om geluk en heil te brengen. Een zegen, een groet.

Lees verder “Continuïteit”

De “Everest Fallacy”

Op de achtergrond de westelijke uitlopers van de Himalaya.

De Everest Fallacy is het beste te introduceren met een voorbeeld. In de tweede eeuw v.Chr. gold in Rome de regel dat dienstplichtigen deelnamen aan niet meer dan zes veldtochten. Er was echter een tendens mannen vaker onder de wapenen te roepen. Oudhistorici illustreren deze ontwikkeling weleens door te verwijzen naar een toespraak die volgens de Romeinse historicus Livius in 171 v.Chr. werd gehouden door ene Spurius Ligustinus. Als we Livius moeten geloven – en er is geen reden om dat niet te doen – had deze krijger in tweeëntwintig veldtochten gediend en eiste hij nu dat hij niet zou worden gedegradeerd.

Dit is een indrukwekkend redevoering maar het is slechte logica dit te beschouwen als bewijs voor de Romeinse rekruteringspraktijk. Het incident is namelijk in onze bronnen vermeld omdat het zo uitzonderlijk was. Het kan daarom niet worden gebruikt als bewijs dat soldaten steeds vaker gedwongen werden deel te nemen aan meer dan zes veldtochten. Het extreme is het representatieve niet.

Lees verder “De “Everest Fallacy””

De Tweede Hoofdwet van de Archeologie

Slaven op een scherf terra sigillata uit Matilo (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik maak weleens het grapje dat er een “Eerste Hoofdwet van de Archeologie” is, namelijk dat niet meteen identificeerbare voorwerpen religieus zullen zijn. Aangezien er vroeg of laat wel een staaf of een gat in te herkennen is, zeg ik er soms bij, is ook een interpretatie als vruchtbaarheidssymbool snel gemaakt.

Als je dit tegen archeologen zegt, beginnen ze te grinniken, want ze herkennen het allemaal. De onderzoekers van de grotten waarin de Dode Zee-rollen zijn gevonden, identificeerden een nabijgelegen ruïne als het overblijfsel van een klooster. Het bleek een boerderij. Archeoloog Colin Renfrew noemt in The Archaeology of Cult een verzameling beeldjes van vrouwenfiguren die geen bewijs was voor een eredienst voor de Grote Moedergodin, maar bleek te behoren bij “a Mycenaean toy shop”. Voor een hilarische uitwerking kunt u al sinds 1979 terecht bij The Motel of Mysteries van David Macaulay.

Lees verder “De Tweede Hoofdwet van de Archeologie”

MoM | Vormende krachten

Tom Holland, daar had ik het al een tijdje niet over gehad. Ik was begonnen met een reeks waarin ik zijn boek Dominion gebruikte om uit te leggen wat een historicus doet en waarom Holland geen historicus is. Door het ziekbed van mijn moeder is die reeks onderbroken, maar het kan geen kwaad haar te hernemen. Teveel mensen denken dat geschiedenis zoiets is als wat verhalen bij elkaar plaatsen. Het is echter een wetenschap. Er zijn dus kwaliteitseisen.

Begrijp me niet verkeerd: ik zal Holland het schrijven niet verbieden. Maar hij moet niet voorwenden dat het geschiedenis is. Hoe je het métier wel moet noemen, dat weet ik ook niet. Zijn verhalen zijn in elk geval geromantiseerd, want hij construeert feiten door weg te laten wat hem niet bevalt en kleedt zijn gegevens regelmatig aan met bewijsbaar onjuiste gegevens. Bovendien zijn Hollands verhalen ideologisch vooringenomen. Net als in Persian Fire (waarin hij het negentiende-eeuwse frame van een unieke door oosterse horden bedreigde Griekse cultuur nieuw leven inblies) is ook in Dominion de oosterling opnieuw De Vijand. Perzen, Arabieren, moslims – het is allemaal één pot nat. Daar staat dan de pluriformiteit van de westerse wereld tegenover. Hollands Oosten is een exotisch collectief, Hollands Westen is genuanceerd en individualistisch. Noem het wat je wil maar noem het géén geschiedenis.

Lees verder “MoM | Vormende krachten”

MoM | Niet alle vertalingen zijn even goed

Het laatste nummer van Met andere woorden, het vriendelijke (en gratis) tijdschrift over de bestudering van de Bijbel, is geheel gewijd aan de NBV21. Die afkorting staat voor de revisie van de Nieuwe Bijbelvertaling. U leest nog eens na wat de vertaalprincipes zijn en verneemt diverse voorbeelden, zoals uitleg over Genesis 37. Er is een interview met een betrokken vertaler en uitleg van de wijze waarop de vertalers zijn omgegaan met lezersreacties.

Lezersreacties op vertalingen zijn nogal eens terug te voeren op het verdwijnen van vertrouwdheid. Dat geldt niet alleen voor de vertaling van de beroemdste van alle antieke teksten of voor antieke teksten in het algemeen, maar voor alle teksten. Barber van de Pol heeft bijvoorbeeld nogal eens moeten uitleggen waarom ze de bekende beginregel van de Quichot (“een dorp waarvan ik me de naam niet wens te herinneren”) anders en correcter ging vertalen. Correct wilde voor haar zeggen: zoals een zeventiende-eeuwse lezer het had begrepen.

Lees verder “MoM | Niet alle vertalingen zijn even goed”

MoM: Intersubjectiviteit, objectiviteit en subjectiviteit

Jeruzalem, “Large Stone Structure”: dit is vrijwel zeker niet het paleis van koning Salomo, maar dat roeptoeteren archeologen wel de wereld in.

Bestaat er zoiets als objectieve kennis van het verre verleden? Als je de vraag zo stelt, is het antwoord nogal eens nee. Objectieve kennis wil zeggen dat iets geen interpretatie nodig heeft en voor iedereen altijd het geval is. De menselijke lichaamstemperatuur schommelt rond de 37 graden Celsius. Koning Filip is getrouwd met koningin Mathilde. Dertien is een priemgetal.

De Oudheid

Als het gaat om kennis van het verleden, is er een glijdende schaal. Robert Fisk overleed op 30 oktober 2020 en Jeanne d’Arc op 30 mei 1431. Komen we in de Oudheid, dan wordt het lastiger. Ovidius schreef de Tristiae in Tomi. Alexander bezocht Jeruzalem. Petoebastis III versloeg Kambyses. De Etrusken kwamen uit Anatolië. Troje is veroverd door een coalitie van Mykeense krijgers. Dat waren vijf voorbeelden waarover discussie mogelijk is. Dit is een onvermijdelijk gevolg van het feit dat we te maken hebben met dataschaarste. Hoe minder data, hoe meer ruimte er is voor verschillende interpretaties.

Lees verder “MoM: Intersubjectiviteit, objectiviteit en subjectiviteit”

MoM | De Oudheid uitleggen: vier adviezen

Restauratie op zaal: een mooie manier om wat diepgang te bieden (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, is “de Oudheid uitleggen” mijn vak en zou ik willen dat we de mensen beter bereikten. Ik denk momenteel concreet aan een groepsblog, zodat tenminste de informatie die bij elkaar hoort, bij elkaar te vinden is. Bijkomend voordeel is dat journalisten een punt hebben waar ze zich kunnen informeren.

Toevallig verzorg ik binnenkort ook een college over mijn werk, waarin ik vier adviezen zal geven. Ik zet ze hieronder neer. Voor een deel van de lezers zal dit weinig nieuws zijn, maar niets dwingt u hier te blijven. Bekijk anders deze of die pagina!

Lees verder “MoM | De Oudheid uitleggen: vier adviezen”

MoM | Een molensteen en wat dat betekent

Molensteen uit Ezinge (Museum Wierdenland, Ezinge)

De Tweede Hoofdwet van de Archeologie luidt “wat een archeoloog ook vindt, hij zal het belang altijd groter voorstellen dan het is, zelfs als hij rekening houdt met de Tweede Hoofdwet van de Archeologie”. Een treffend voorbeeld is de Amerikaanse archeoloog Lewis Binford, die in de jaren zestig een New Archaeology propageerde.

Overdrijving één: zo nieuw was de Nieuwe Archeologie nou ook weet niet. Europese archeologen als Grahame Clark waren Binford al voorgegaan op de door hem voorgestelde weg. Ik blogde daar al over en zal die materie nu laten rusten. Overdrijving twee is vandaag waar het om gaat: de claim dat aan de materiële cultuur voldoende informatie viel te onttrekken om n’importe welke vraag te beantwoorden. In zijn intellectuele autobiografie, An archaeological perspective (1972), schreef Binford:

It is highly improbable that the multiple, independent variables which determined the form of any item or distribution of items should be restricted to only one component of a cultural system. This means that data relevant to most, if not all, the components of a past sociocultural system are preserved in the archaeological record. Lees verder “MoM | Een molensteen en wat dat betekent”