Domitianus (19): Domitia Longina

Domitia Longina (British Museum, Londen)

In een eerder stukje haalde ik de harteloze woorden aan waarmee de Romeinse geschiedschrijver Tacitus het optreden van Domitianus typeerde: hij hield zich vooral met zijn prinselijke taken bezig in zoverre het overspel en ontucht betrof. Zijn geliefde heette Domitia Longina en was een dochter van generaal Corbulo. Ze scheidde al snel van haar echtgenoot Aelius Lamia om te trouwen met Domitianus. Die bekleedde inmiddels het ambt van consul.

Het machtsspel

Het is maar de vraag in hoeverre de relatie, zoals Tacitus insinueert, voortkwam uit wellust. In 70 was het geen uitgemaakte zaak dat Vespasianus een dynastie zou stichten. Hij was nog in Alexandrië en in het noorden heerste Sabinus. Hij is nu een voetnoot bij de Bataafse Opstand, maar dat perspectief ontbrak in 70. Een huwelijk tussen Domitianus en Domitia verzekerde Vespasianus van de steun van de machtige Domitii.

Lees verder “Domitianus (19): Domitia Longina”

Domitianus (18): I Minervia

Grafsteen van een soldaat van I Minervia (Römisch-Germanisches Museum, Keulen)

Bovenstaande inscriptie is niet te zien op de door de lockdown vooralsnog verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden. Ze komt uit het Römisch-Germanisches Museum. U kunt zich echter de moeite te besparen naar Keulen te reizen, want dat museum is nog dichter dan dat in Leiden. Het wordt namelijk verbouwd.

De tekst van inscriptie EDCS-01200105:

D(is) M(anibus) C(aius) Iul(ius) Maternus
vet(eranus) ex leg(ione) I M(inervia) viv(u)s sibi
et Mari(a)e Marcellinae
coiiugi dulcissim(a)e
castissim(a)e obitae f(ecit)

Dat wil zoiets zeggen als dat Gaius Julius Maternus, veteraan van het Eerste Legioen Minervia, tijdens zijn leven deze grafsteen heeft gemaakt voor Maria Marcellina, zijn overleden, liefste en onbaatzuchtigste echtgenote. De vierde regel bevat een leuke spelling: het woord coniugi is gespeld als coiiugi, wat suggereert dat men in het Rijnland de /n/ tussen twee klinkers uitsprak als /j/.

Lees verder “Domitianus (18): I Minervia”

Hermafroditos

Wandschildering van een hermafrodiet (Museo Barracco, Rome)

Ten westen van de haven van Halikarnassos (het huidige Bodrum) ligt de heuvel Salmakis, waar in de Oudheid een zoetwaterbron was. Hier leefde, volgens een plaatselijke mythe, de waternimf Salmakis. Het arme meisje werd verliefd op Hermafroditos, een jongen waarvan u al vermoedde dat hij de zoon was van Afrodite en Hermes. Met goddelijke voorouders kon hij niet anders dan een buitengewoon knappe verschijning zijn. De Romeinse dichter Ovidius vertelt dat Salmakis hem aanrandde, dat hij zich verzette, dat zij de goden smeekte om zich met hem te mogen verenigen en dat de twee wezens versmolten tot één, tweeslachtig wezen (Metamorfosen 4.285-388).

Hermafroditisme

De mythe diende om mensen met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtskenmerken te typeren. Ons woord “hermafrodiet” komt er natuurlijk vandaan. Diodoros van Sicilië legt in zijn Wereldgeschiedenis 4.6.5 uit hoe men zulke mensen destijds zag:

Lees verder “Hermafroditos”

Domitianus (17): Piazza Navona

De Minotaurus van Myron (Capitolijnse Musea, Rome)

Zoals ik in het vorige stukje aangaf, zijn de gebouwen die keizer Domitianus neerzette op het Marsveld overbouwd. Dat begon al in de Oudheid. Keizer Hadrianus zette een nieuw Pantheon neer, met ostentatieve bescheidenheid voorzien van de naam van de oorspronkelijke bouwheer, Agrippa. Domitianus bleef onvermeld, hoewel hij toch ook een bouwfase op zijn naam had. Zijn naam was inmiddels taboe (al zouden er later nog twee keizers zijn die zich zo noemden). In de Middeleeuwen bleef het gebied bewoond, het leger van Karel V ging er in 1527 als een beest tekeer en wat er sindsdien staat dateert grosso modo uit de tijd van de Barok.

En toch is Domitianus niet helemaal verdwenen. De Piazza Navona in Rome, het mooiste plein van Italië, bewaart de contouren van het stadion dat de keizer er heeft laten aanleggen. Zelfs de naam van het langwerpige plein is een echo uit de Oudheid: het woord agon is herkenbaar, wat zoiets betekent als wedstrijd.

Lees verder “Domitianus (17): Piazza Navona”

Domitianus (16): Quintus Haterius Tychicus

Het reliëf van de Haterii (Vaticaanse Musea, Rome)

Het Haterii-reliëf! Dit is een van de bekendste afbeeldingen uit de Oudheid. Elk boek over Romeinse bouwkunde bevat er wel een plaatje van. Ik weet niet of ik het eerder heb gezien of dat het me vertrouwd voorkwam door de vele boeken waarin het is afgebeeld. Hoe dat ook zij, het is nu niet in de Vaticaanse Musea maar op de door de lockdown vooralsnog verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

Het reliëf, dat op een graf aan de Via Labicana heeft gestaan, toont enkele gebouwen die de aannemersfirma van Quintus Haterius Tychicus heeft neergezet. Van links naar rechts zijn dat de ereboog voor de tempel van Isis, een Colosseum dat zijn bovenste verdieping nog niet had, de boog voor Domitianus’ broer Titus, een ereboog met een beeld voor de godin Roma, en de tempel van Jupiter Stator die naast de Titusboog heeft gestaan.

Lees verder “Domitianus (16): Quintus Haterius Tychicus”

Domitianus (15): Het Capitool

Lamp met afbeelding van de Jupitertempel op het Capitool (Allard Pierson, Amsterdam)

In het jaar 80 werd Rome getroffen door een grote brand. Cassius Dio schrijft:

Juist toen keizer Titus in Campanië was om de catastrofe in ogenschouw te nemen die dat gebied had getroffen, verspreidde een grote brand zich over grote delen van Rome. De vlammen verteerden de tempel van Serapis, de tempel van Isis, de Saepta, de tempel van Neptunus, het Badhuis van Agrippa, het Pantheon, het Diribitorium, het theater van Balbus, het theater van Pompeius, de Porticus van Octavia met alle boeken, en tempel van Jupiter op het Capitool en alle omliggende tempels. De ramp leek geen menselijke, maar een bovennatuurlijke oorsprong te hebben.

Dit keer geen vervolging dus van een groep menselijke zondebokken. Toen Domitianus een jaar later de macht van zijn broer overnam, erfde hij een verwoeste stad. Dat bood hem een mogelijkheid om een enorm deel van de stad te herbouwen. Het gaat om de vlakke zone binnen de bocht van de Tiber. Het heette destijds het Marsveld en is het deel van Rome dat altijd bewoond is gebleven. De gebouwen van Domitianus zijn allemaal vervangen door Barokgebouwen. (De meeste van de heuvels waarop Rome is ontstaan, zijn in de Middeleeuwen verlaten. Ze zijn pas weer in gebruik genomen toen na 1870 woonruimte nodig was voor de ambtenaren van het nieuwe koninkrijk Italië.)

Lees verder “Domitianus (15): Het Capitool”

Domitianus (14): De triomfboog van Titus

Een soldaat van XII Fulminata (Capitolijnse Musea, Rome)

Wat heb je aan een tentoonstelling als daar niet iets te zien is dat je niet had verwacht? Het bovenstaande stukje reliëf kende ik. Het behoort tot de collectie van de Capitolijnse Musea in Rome en is afkomstig van de triomfboog van Titus. Ik bedoel de echte, in het Circus Maximus, dus niet de ereboog met de beroemde reliëfs naast het Forum Romanum. Ook een leuk monument, maar een ereboog is geen triomfboog.

Brand in Rome, brand in Jeruzalem

De triomfboog in het Circus Maximus memoreerde natuurlijk de overwinning op de Joden. Er is weinig van het monument over, maar we weten het desondanks zeker. De middeleeuwse auteur die bekendstaat als de Anonymus van Einsiedeln citeert  namelijk het opschrift. De plek is opvallend. Het monument voor de brand van Jeruzalem staat namelijk precies op de plek waar, zo dacht menigeen, de groep messiasbekennende joden (d.w.z. de groep die we tegenwoordig christenen noemen) enkele jaren eerder de stad Rome in brand hadden gestoken.

Lees verder “Domitianus (14): De triomfboog van Titus”

Domitianus (13): Keizer tegen wil en dank

Domitianus (Capitolijnse musea, Rome)

Het is vandaag Drie Koningen, dus we hebben het over geschenken. En lang niet elk geschenk is gewenst. Ik schat zo in dat Domitianus, toen hij in 81 hoorde dat zijn broer Titus was overleden en dat hij zich moest beschouwen als de nieuwe keizer, gemengde gevoelens heeft gehad. Tegenover de macht, die hij aantrekkelijk zal hebben gevonden, stond het verdriet om de dood van zijn broer en wellicht ook het bewustzijn dat hij niet voldoende was ingewerkt. Het keizerschap was een dubieus geschenk.

Bovendien: er gingen geruchten. Titus was zo onverwacht overleden. Domitianus kreeg de schuld in de schoenen geschoven. Hij zou een vis hebben vergiftigd. Het verhaal duikt vrij laat in onze bronnen op (begin derde eeuw) maar het is zeker niet uit te sluiten dat het al tijdens Domitianus’ leven werd verteld. Zulke verhalen circuleren immers wel vaker als een geliefde leider snel overlijdt. In onze tijd is te denken aan de complottheorieën over de dood van paus Johannes Paulus I en de moord op president Kennedy.

Lees verder “Domitianus (13): Keizer tegen wil en dank”

Domitianus (12): Titus

Titus (British Museum, Londen)

In 79 overleed Domitianus’ vader Vespasianus. Suetonius geeft een indrukwekkende beschrijving van zijn dood:

Hij bleef zijn keizerlijke verplichtingen vervullen zoals hij gewoon was. Delegaties ontving hij zelfs te bed. Toen hij door een aanval van buikloop bijna het bewustzijn verloor, zei hij dat een keizer staande hoorde te sterven. Terwijl hij overeind kwam, is hij gestorven in de armen van de mensen die hem ondersteunden. (vertaling Daan den Hengst)

Imago

Zijn oudste zoon Titus, de man die Jeruzalem had veroverd, volgde hem op. Nog eens Suetonius:

Titus was het idool en de lieveling van heel het mensdom. Al wat ertoe bijdraagt de volksgunst te verwerven – natuurlijke begaafdheid, ontwikkeling, succes – bezat hij namelijk in de hoogste mate en, wat heel moeilijk is, hij behield het toen hij keizer was geworden.

Lees verder “Domitianus (12): Titus”

Domitianus (11): De DNA-revolutie

De mythe van Io op een muurschildering uit Herculaneum (Museo Archeologico Nazionale, Napels)

Ik vind het sneu voor de mensen die voor het Rijksmuseum van Oudheden de expositie over de Romeinse keizer Domitianus maakten dat er tot 14 januari een lockdown is. Dus blog ik over de tentoongestelde voorwerpen. Mijn sympathie weerhoudt me er echter niet van om zo nu en dan een vraagteken te plaatsen. Zoals vandaag.

Bovenstaande wandschildering is afkomstig uit Herculaneum en doorgaans te zien in het museum in Napels. Het is de mythe van Io. De oppergod Jupiter vond het meisje aantrekkelijk, Zeus’ echtgenote Juno was voorspelbaar jaloers, Jupiter dacht Io te beschermen door haar in een koe te veranderen (wie verzint zo’n mythe?!), Juno kwam er achter en stuurde een horzel, die de arme Io opjoeg tot in Egypte aan toe. Een diepere moraal dan dat de Bosporus sindsdien Bosporus (“Coevorden”) heet, schijnt in het verhaal niet aanwezig te zijn.

Lees verder “Domitianus (11): De DNA-revolutie”