De Cuijkse affaire

(uit de Beleidsnota Archeologie Cuijk, 2019)

Ik mag dan Jona heten, een profeet ben ik niet en de toekomst is voor mij even ongewis als voor u. Als je echter genoeg schrijft, doe je vroeg of laat weleens een voorspelling en die komt vroeg of laat weleens uit. Dat is helaas gebeurd.

In De klad in de klassieken schreef ik over de rechtvaardiging van oudheidkundig onderzoek en voorlichting en ik merkte op dat van de oudheidkundige disciplines de archeologie er het slechtst voorstond. Omdat de financiering via de Monumentenwet uitstekend was geregeld, zo gaf ik aan, waren de betrokkenen er niet langer aan gewend hun activiteiten met inhoudelijke argumenten toe te lichten.

De argumenten waarmee classici en oudhistorici hun relevantie onderbouwen, zijn weliswaar niet sterk, maar het zijn tenminste argumenten en er is wel eens over nagedacht. De archeologie daarentegen is zo sterk als de Monumentenwet.

Als er ineens wél vragen zijn over financiering, aard en belang van hun werkzaamheden, zijn archeologen verdraaid slecht voorbereid.

Lees verder “De Cuijkse affaire”

Armeense volkscultuur

Dvin

Nog een nagekomen krabbel uit Armenië: de christenen daar brengen nog offers. Die antieke gewoonte is in westelijker kerken als heidens terzijde geschoven maar de Armeens-Apostolische Kerk heeft haar dus gehandhaafd. Iemand kan een gelofte doen – denk aan de genezing van een dierbare of zoiets – en kan, als het gebed is verhoord, uit dankbaarheid een schaap offeren. (Ik heb de dieren te koop aangeboden zien worden langs de weg naar Geghard.) Na het offer wordt het vlees verdeeld over zeven armlastige families.

Een priester zegent van tevoren het zout dat het offerdier in de mond krijgt gelegd. Ik heb voor dit gebruik verschillende verklaringen gehoord: het dier zou erdoor worden verdoofd, het dier zou erdoor worden afgeleid, zout is het symbool van het Verbond, zout is het symbool van vriendschap. Ik vermoed dat ze allemaal waar zijn. In religieuze aangelegenheden zijn de gebruiken er eerder dan de interpretaties.

Lees verder “Armeense volkscultuur”

Het Uddelermeer

Uddelermeer
Uddelermeer

Het belooft een mooie (wellicht tropische) dag te zijn dus ik geef u nog eens een stukje over een mogelijk zomers fietstochtje: naar het Uddelermeer. Als u begint in Ermelo of Harderwijk, passeert u op de Ermelose heide nog een Romeins marskamp, dat wordt aangegeven met een helaas niet al te geslaagd standbeeld van een legionair. Verder fietsend langs de Flevoweg passeert u wat bossen en weilanden, aan uw rechterhand nog een heide (waarvan ik de naam niet weet) en aan uw linkerhand het Nationaal Hippisch Centrum. Na een kleine afslag naar links, de Paleisweg, komt op een rotonde een wat grotere afslag, de Garderenseweg, die u leidt naar Uddel. Tegenover het theehuis aan uw linkerhand ligt het Uddelermeer.

Ik was er tot een paar jaar geleden nog nooit geweest en dat is toch vreemd want als kind heb ik Pim Pandoer en het monster van de Uttiloch van Carel Beke verslonden. Het Uddelermeer is een van de weinige wat vochtiger plekken in een vrij droog gebied, en bovendien wordt in dit gebied ijzer gewonnen, zodat hier al in de IJzertijd mensen woonden.

Lees verder “Het Uddelermeer”

De Vecht

De Vecht ten oosten van Zwolle

Ik heb me weleens afgevraagd wat ik nu de mooiste Nederlandse rivier vind. Misschien is het de Linge, misschien is het ook wel de IJssel. Ze hebben allebei iets heel bijzonders. Als ik echter met een pistool op de borst moest kiezen, zou ik vermoedelijk de Overijsselse Vecht noemen. Een echte reden kan ik daarvoor niet bieden, maar het onderscheidende is in elk geval niet het einde van dit riviertje, dat zich uiteindelijk door één van zijn mondingen via het stadion van PEC Zwolle verliest in de gracht rond Zwolle. Dat einde is maar nauwelijks minder schlemielig dan dat van de Amstel, bij de aanlegsteiger van een rondvaartboot aan het Amsterdamse Rokin.

Fiets je voorbij het MAC³PARK-stadion (wie verzint zo’n naam?!) naar het oosten, dan opent het landschap zich. De meander hierboven is even voorbij Zwolle. Daarna biedt het landschap alles wat je hartje begeert: mooie uitzichten over een rivier, kasteel Rechteren bij Vilsteren, de ruïne van een vroegmiddeleeuwse motte die daar ergens rechts langs de weg ligt, en vlak voor Ommen de St-Ada’s Hoeve.(Als u die niet kent, was u nooit lid van de scouting.)

Lees verder “De Vecht”

Yerevan

Plein van de Republiek: Tamanyans regeringsgebouw (met klok)

Even een stukje over de stad waar ik vorige week enkele keren heb overnacht: Yerevan. Het stadscentrum is een overzichtelijke cirkel met in het westen het ravijn van de rivier Hrazdan en in het oosten een gordel van parken. Een echte parkstad. Van het noorden, waar de opera is die in geen enkele voormalige volksdemocratische stad ontbreekt, loopt een hoofdstraat naar het centrale plein, dat ooit naar Lenin was vernoemd (wiens standbeeld hier natuurlijk ook stond) maar dat sinds de desintegratie van de Sovjet-Unie het Plein van de Republiek heet. Als bezoeker zeg je maar niet dat Yerevan hiermee lijkt op Turkije, waar elke stad wel een Cumhuriyet Meydanı heeft.

Aan dit plein staat – als het centrum van de stad – het Nationaal Museum, waar de archeologische collectie van Armenië is ondergebracht. Ook zijn er regeringsgebouwen, een postkantoor en een hotel. Het is een opvallend mooi plein, wat in de voormalige Sovjet-Republiek geen vanzelfsprekendheid is. De verklaring is dat het als geheel is ontworpen door een architect die wist wat ’ie deed, die geen megastad wilde ontwerpen – hij dacht aan iets van 150.000 mensen – en die het eerste gebouw in enig detail kon ontwerpen: de van geboorte Russische en metterwoon Armeniër geworden Alexander Tamanyan. Andere architecten volgden zijn plan, waardoor het plein stilistisch een eenheid bleef, omgeven door gebouwen die nooit hoger waren dan drie verdiepingen.

Lees verder “Yerevan”

De Deltawerken

Oosterscheldekering

    Oosterscheldekering

Nog een fijne fietstocht voor als u eens een hele dag hebt: neem de trein naar Middelburg, bewonder de monumentale trap van het raadhuis en het drakengevelsteentje even verderop, fiets verder naar Veere (ik kwam hier destijds iemand tegen die mij herkende van mijn blog), en rijd dan naar het noorden. Net als op de Afsluitdijk kun je de wind beter in de rug hebben, maar het is een fantastische tocht.

Eerst passeer je de dam over het Veerse Gat tussen Walcheren en Noord-Beveland maar al snel ligt de prachtige waterkering van de Oosterschelde voor je. Ik ben een nette, oppassende burger, die echt wel weet hoe lelijk nationalisme is, heus, maar als ik dit zie, voel ik toch een stukje poldertrots. Dat wordt overigens ook bij de grootste chauvinist de kop weer ingedrukt als hij het eiland Schouwen voorbij is en de volgende dam bereikt.

Lees verder “De Deltawerken”

Utrecht CS

Utrecht CS (Madurodam, Den Haag)

    Utrecht CS (Madurodam, Den Haag)

De hel, dat is de spoorverbinding tussen Amsterdam en Utrecht. Toen er zes treinen per uur gingen rijden, leek het even te verbeteren, maar het blijft desondanks gierend druk in die trein, of je vanuit Amsterdam nu vanaf Zuid of vanaf CS vertrekt. Een zitplaats vind je eigenlijk nooit, de stiltecoupé is een oorlogszone en je bent helemaal aan de goden overgeleverd als je ook nog een fiets moet meenemen. Wat regelmatig gewoon noodzakelijk is, bijvoorbeeld als ik bij mijn uitgever moet zijn.

Ik ben weleens om zes uur opgestaan om naar Utrecht te fietsen omdat ik anders domweg daar niet op tijd kon zijn. Nu zal ik heus geen zout leggen op elke openbaarvervoerslak, geef ik ook weleens complimenten als een conducteur een pluim verdient en kan ik zo nu en dan best reizen zonder zitplaats, maar het moet me toch van het hart dat het openbaar vervoer faalt als je alleen op je bestemming kunt komen door voor dag en dauw veertig kilometer te gaan fietsen. Dan is er de facto geen openbaar vervoer.

Anyhow.

Lees verder “Utrecht CS”