Pax Assyriaca

assyrian_treaty_antakya
Een asjera en twee Assyrische vereerders (Museum van Antakya)

Ik heb de afgelopen dagen enkele keren geschreven over de Assyrische expansie, een onderwerp dat ik niet had gepland en waar ik bij toeval inrolde. Het begon met een fresco van twee Assyrische hovelingen, dat documenteerde dat de Eufraatvoorde een belangrijke residentie was; daarna kwam de Kurkh-stele, waarin de Assyrische koning Salmanaser aangaf hoe hij een coalitie van stadstaten had verslagen en evenveel verborg als hij vertelde; daarna heb ik verteld over het tribuut van Tyrus en de crisis in het noordelijke joodse koninkrijk, Israël.

De Assyriërs waren niet dom. Rome is niet in één dag gebouwd en het oosterse wereldrijk is dat evenmin. Het zou te ver gaan om te zeggen dat de Assyriërs een langetermijnplanning hadden, maar ze wisten wat ze deden. Ze vroegen tribuut van de onderworpen stadstaten, en ze vroegen véél. De Fenicische stadstaten werden zo heftig afgeperst dat ze waren gedwongen hun koloniale netwerk, dat niet verder reikte dan Cyprus, uit te breiden naar Sicilië, Libië, Tunesië, Sardinië, Andalusië en Marokko.

Lees verder “Pax Assyriaca”

Twaalf apostelen?

El Greco: de elf apostelen

Het Griekse woord apostolos betekent zoiets als ‘gezant’ of ‘afgevaardigde’, en zoals u weet had Jezus er een stuk of twaalf van. Dit feitje behoort echter in dezelfde categorie als de brandspiegels van Archimedes, hoorns op Vikinghelmen en het Zweedse wittebrood: algemeen bekend maar onwaar.

Het sociogram van Jezus’ volgelingen zit behoorlijk complex in elkaar, met leerlingen, apostelen en een groep die de Twaalf wordt genoemd. Dat het gaat om verschillende groepen, blijkt zonneklaar uit een van de alleroudste christelijke teksten, de Eerste brief aan de Korintiërs.

Lees verder “Twaalf apostelen?”

Aan het werk

werk

Deze foto maakte ik afgelopen vrijdag. De Amsterdamse Raadhuisstraat ligt opgebroken. Voor niet-Amsterdammers: dit is een van de drukste straten alhier.

Amsterdammers mopperen graag – dat is hier een verworven burgerrecht – maar in dit geval is daar geen reden toe. Wij snappen best dat straten moeten worden onderhouden. Je kunt bovendien om deze opgebroken weg heen rijden over de Herengracht, door de onooglijke Gasthuismolensteeg en over het Singel. Zeker voor auto’s is dat erg ingewikkeld maar met wat goede wil valt het uiteindelijk wel te doen. Hierover mopperen we niet. We begrijpen het.

Lees verder “Aan het werk”

Boekpromotie

Waar de wegen uiteen begonnen te gaan: de apostel Paulus (Prinsengracht 5, Amsterdam)

Mijn boek over het ontstaan van het christendom en het rabbijnse jodendom, Israël verdeeld, is afgelopen vrijdag naar de zetter gegaan. Dat is altijd een raar moment. Iets waarmee je lang en intensief bezig bent geweest, begint te verdwijnen uit je leven en je kijkt ineens naar een berg werk die je hebt laten liggen om een deadline te halen.

Het manuscript is nog niet perfect, maar er is nog een corrector die ernaar kijkt en ook ikzelf krijg de tekst nog twee keer onder ogen. Als je je eigen materiaal ziet zoals het eruitziet als boek, herken je ook meteen heel veel fouten waar je tot dan toe overheen hebt gelezen. Mijn advies aan iedereen die schrijft is dan ook altijd: lees, herlees en herlees het op papier én in een ander lettertype. En vraag meelezers.

Lees verder “Boekpromotie”

De Wevers Augustus

Keizer Augustus (Archeologisch Museum van Mérida)
Keizer Augustus (Archeologisch Museum van Mérida)

1.

Mijn geliefde kreeg nooit genoeg van verhalen over de Romeinse keizers. Het was beslist niet alleen om mij een plezier te doen dat ze op een vrijdagavond voorstelde een TV-programma te kijken over Constantijn de Grote. Dus zaten we met een wijntje op de bank, tegen elkaar aangekropen, om te zien wat Cambridge-hoogleraar Keith Hopkins had te vertellen over de kerstening van het Romeinse Rijk.

Hopkins, die gold als een grootheid in mijn vak, deed zijn uitleg aardig, maar stelde mijn geliefde toch teleur. Ik merkte het aan van die kleine dingen: ze zat wat minder ontspannen op de bank en nipte net iets te vaak van haar wijn. Uiteindelijk kwam het hoge woord eruit. “Is dit alles wat bij jullie een hoogleraar te vertellen heeft? Dat Constantijn het christendom begunstigde, dat heb ik al op het gymnasium geleerd hoor.” En dan, na een korte pauze, de uppercut: “Trouwens, dat leert iederéén.”

Lees verder “De Wevers Augustus”

Bronnenhoppen

Drusus (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)
Drusus (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Je zou het “bronnenhoppen” kunnen noemen en je zou het kunnen definiëren als de neiging van historici overdreven te vertrouwen op de bronnen. Ik zal een voorbeeld geven uit eigen werk: de Romeinse verovering van Germanië.

Van de eerste fase hebben we informatie uit het geschiedwerk van Cassius Dio, die beschrijft hoe Augustus’ adoptiefzoon Drusus in 12-9 v.Chr. de valleien van de Lippe en de Main verovert en het gebied tussen Weser en Elbe verkent. Hij overlijdt als de oorlog is afgerond. Voor de tweede fase hebben we de beschikking over het geschiedwerk van Velleius Paterculus, die de campagnes van 4 en 5 n.Chr. beschrijft, waarmee Drusus’ broer Tiberius (de latere keizer) de aanspraken verplaatst naar de Elbe. Over de gebeurtenissen van 9, waarin de Romeinen een geduchte nederlaag leden in het Teutoburgerwoud, hebben we vrij veel bronnen, waarna Tacitus de wraakexpedities beschrijft.

Lees verder “Bronnenhoppen”

Literatuurlijst

Ik heb al eens eerder geschreven over problemen waarmee je wordt geconfronteerd als je probeert de Oudheid aan het grote publiek uit te leggen. Journalisten falen en wetenschappers gaan niet zelden misleidend te werk. De prietpraat waar ik afgelopen donderdag over schreef is een voorbeeld: als journalisten hun feiten hadden gecontroleerd, zouden ze hebben gezien dat de archeologen weer eens een nieuwtje recycleden, dit keer met nieuwe plaatjes.

Laten we er niet omheen draaien: in de geesteswetenschappen is de voorlichting niet meegegroeid met het scholingspeil van de burgers. Momenteel heeft een kwart tot een derde van de westerse bevolking een hogere opleiding. Die mensen zijn in staat goede vragen te stellen én de fouten te herkennen die de hyperspecialistische wetenschappers onvermijdelijk maken als ze generalistenwerk doen, zoals iets uitleggen aan het publiek.

Lees verder “Literatuurlijst”

Joodse literatuur (epiloog)

De Mishnah

[Dit is het laatste stukje over de bronnen van mijn komende boek Israël verdeeld; het eerste is hier.]

In 70 n.Chr. werd de tempel verwoest, waarmee de Joodse godsdienst werd beroofd van een van zijn twee traditionele zwaartepunten. Verschillende teksten, zoals 4 Ezra, 2 Baruch, 2 Henoch en JosephusJoodse Oorlog, dienden om in het reine te komen met deze catastrofe. Het andere zwaartepunt van de Joodse religie, het lezen van en discussiëren over de heilige schrift, werd echter niet wezenlijk aangetast door de ondergang van Jeruzalem. In de loop van de tweede eeuw legden rabbi’s de mondelinge uitlegtraditie van de farizeeën steeds vaker op schrift vast, een proces dat culmineerde in de optekening van de Mishna: een collectie van drieënzestig traktaten die bewees dat God niet vér van de Joden stond, maar in elk aspect van het dagelijks leven was te vinden. Latere optekeningen van de rabbijnse wijsheid zijn de Tosefta en de Palestijnse en Babylonische Talmoed.

Lees verder “Joodse literatuur (epiloog)”

Joodse literatuur (3)

Jona en de grote vis (Sarcofaag, Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

[Dit is het derde van vier à vijf stukjes over de bronnen van mijn komende boek Israël verdeeld; het eerste is hier.]

De Perzische tijd, van 539 tot 332 v.Chr., zag grote veranderingen binnen de Joodse godsdienst. Het exclusivisme van de Verbondstheologie, waarin één uitverkoren volk op één plaats één God diende, werd bijgesteld. Hoewel de tempelcultus inmiddels was hersteld, bevatten de tijdens de Perzische heerschappij geschreven slothoofdstukken van Jesaja opnieuw beschrijvingen van een nieuw Jeruzalem, waarin de tempel het gebedshuis van alle volken zou zijn. Opnieuw is er het idee van een vernieuwde wereld, waarin in feite de paradijstoestand zal worden hersteld.

Lees verder “Joodse literatuur (3)”