Schatvondst

Ik heb de kop in De Volkskrant even gecorrigeerd.

Eerst even een duidelijk punt: De Volkskrant en het NRC Handelsblad zijn de twee ogen van de Nederlandse samenleving. Ik ken medewerkers van beide kranten en dat zijn gewoon goede, degelijke journalisten met hart voor de waarheid. Maar soms denk ik weleens: “Dat onderwerp zou ik anders hebben aangepakt.” Zoals het bericht van vandaag dat archeologen in Como een goudschat hebben gevonden.

Over archeologische vondsten wordt vaak gesproken alsof iets een schat is. “Mysterie”, “verloren stad” en “het Pompeii van…” zijn andere veelvoorkomende frases. Dat is nogal ergerlijk, want oudheidkunde is gewoon een wetenschap, die al lijdt onder slechte bekendheid en daarom onvoldoende serieus wordt genomen. Romantische clichés zijn het laatste waarop oudheidkundigen zitten te wachten. Maar goed, dit keer is er dus écht een schat gevonden. Hoe schrijf je dan?

Lees verder “Schatvondst”

Vernieuwde RMO-zalen “Nederland in de Romeinse tijd”

Nehalennia-altaar (© Rijksmuseum van Oudheden)

Oké, het grapje is te flauw voor woorden, maar het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden is dit jaar “twee eeuwen jong”. Dat ik uw goede smaak teister met dit cliché is omdat het gewoon waar is: het museum heeft zich de afgelopen jaren volledig vernieuwd. Ik blogde al eens over de afdeling Nabije Oosten, maar alle afdelingen zijn op de schop gegaan. Het meest geslaagd vind ik zelf de Griekse afdeling, die gewoon móói is. Je loopt er van weg met een beter humeur dan toen je binnenkwam.

Nu is dus de afdeling Nederland in de Romeinse Tijd, die alweer twintig jaar oud was, geheel vernieuwd. De opening is dinsdag maar journalisten mochten al een kijkje nemen op de vijf onderafdelingen, die zijn gewijd aan de militaire aanwezigheid langs de Beneden-Rijn, de religie, handel, culturele contacten (zeg maar tussen de oude bewoners en de nieuwe heersers) en grafrituelen. Deze volgorde betekent dat de expositie toeloopt naar de fenomenale Sarcofaag van Simpelveld, een van de mooiste stukken uit het Nederlandse cultuurbezit.

Lees verder “Vernieuwde RMO-zalen “Nederland in de Romeinse tijd””

MoM | Niet populariseren maar communiceren

Vroeger zeiden ze vervoer. Daarna zeiden ze transport. Vervolgens noemden ze het logistiek. En nu doet een bedrijf aan logistics. Ondertussen doen die bedrijven, voor zover ik weet, precies hetzelfde. En zo is het meestal met naamsveranderingen, dus het zij u vergeven als u denkt dat een naamsverandering gebakken lucht is. Soms is er echter wel degelijk iets aan de hand: human resource management is echt iets anders dan het aloude personeelszaken. En wetenschapscommunicatie is echt een andere vorm van overdracht dan populariseren.

Het grote verschil is dat de popularisator sprak maar niet luisterde. De wetenschapper die zijn inzichten wilde delen was als een radiostation dat een boodschap de wereld instuurde; het publiek was daarbij de passieve ontvanger. Hierbij werd de boodschap vereenvoudigd: er was een kloof tussen de universiteit, waar een zeer kleine groep mensen lang had kunnen studeren, en de overgrote, minder lang geschoolde burgerij. Vereenvoudiging was noodzakelijk.

Lees verder “MoM | Niet populariseren maar communiceren”

Wetenschapsblogs

Even een simpele vraag: ik ben bezig een verzameling Nederlandse wetenschapsblogs aan te leggen. Blogs, met andere woorden, waarin mensen hun enthousiasme voor een bepaald vakgebied uitleven. Verder wil ik het genre niet dooddefiniëren.

Inmiddels heb ik al het een en ander verzameld. U vindt ze hieronder. Welke mogen er volgens u niet ontbreken? De commentaarruimte staat voor u open.

Lees verder “Wetenschapsblogs”

Archeologie en het grote publiek

De slag bij de Milvische Brug (Reliëf op de boog van Constantijn)

Dankzij het wonder der mobiele telefonie kreeg ik onlangs een filmpje toegestuurd waarop een beginnend amateur-archeologe (“bijna zeven”) me een steen toont die ze heeft gevonden tijdens haar vakantie. Was dit iets van vroeger?

Met mijn goede vriend Richard werk ik nu aan een heus rapport waarin we uitleggen wat je dankzij één stuk beschilderde baksteen zoal kunt weten. Dat moet nog in kindertaal worden gesteld, maar u weet wel ongeveer waar het heen gaat. De temperatuur waarop de steen is gebakken vertelt iets over het technologisch peil: wie bakstenen kan maken, kan ook ijzer bewerken en glas maken. De chemische samenstelling van de klei zegt iets over de rivier waaruit deze is gewonnen, vermoedelijk in het stroomgebied van de Rijn, en aangezien dat niet de klei is van de regio waar de beginnende amateur-archeologe op vakantie is, is er een aanwijzing voor handel. Een scheikundige kan naar de synthetische verf kijken en zo voort en zo verder.

Lees verder “Archeologie en het grote publiek”

De handtekeningen gezet

Wim Weijland, directeur Rijksmuseum van Oudheden (links), en Bert Looper, directeur Tresoar (rechts), hebben de akte getekend. Achteraan ikzelf (Livius) en Luc de Vries (Tresoar).

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, werk ik alweer bijna twee maanden in Leeuwarden aan een project om de duizenden foto’s die mijn zakenpartner en ik (met bijdragen van nog enkele anderen) sinds 2003 hebben gemaakt, in het openbare domein te plaatsen. Dat project is eigenlijk een beetje toevallig ontstaan, doordat ik twee jaar geleden namens RomeinenNu bij Tresoar kwam overleggen over de mogelijkheid een website te bouwen die alle bestaande Romeinse dingen samenbracht en wel zó, dat het kwaliteitsniveau van de voorlichting verbeterde. (Tresoar is bekend als de schatkamer van Friesland maar beheert ook het Buma-legaat, een fonds dat oudheidkundige informatie wil verspreiden.)

Het had een echt Web 3.0-project kunnen worden. Een gesubsidieerde partij kan immers anno vandaag niet aankomen met het aanbieden van wat zelfgeschreven content. Het gaat tegenwoordig om een trechter waarmee de bezoeker naar informatie komt, niet langer om de aanbieder die informatie zendt. Helaas is dat project er niet gekomen, maar toen ik en passant bij Tresoar die 85.000 foto’s eens noemde, werd een nevenprojectje geboren.

Lees verder “De handtekeningen gezet”