Gezicht op Palmyra

Restauratie van het “Gezicht op Palmyra” van Gerard Hofstede van Essen (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Gisbert Cuper was, behalve burgemeester van Deventer, een van die wonderlijke geleerden uit de zeventiende, achttiende eeuw: de te weinig bezongen voorgangers van de professionelere wetenschap die later zou ontstaan, liefhebbers van kennis, even rusteloos als creatief zoekend naar informatie, vol van de ideeën van de vroege Verlichting. Cupers specialisme was Palmyra, de in 1691 voor het eerst door westerse bezoekers aangedane woestijnstad in Syrië. Weliswaar heeft hij zelf Palmyra nooit bezocht, maar hij was voor die tijd buitengewoon goed geïnformeerd. Dat was eenvoudiger dan u misschien denkt, want er was aan het einde van de zeventiende eeuw een Nederlandse handelskolonie in Aleppo, die namens hem munten kocht en informatie doorspeelde, zoals een afschrift van het reisverslag van de Engelsman William Halifax, die in 1691 als eerste Europeaan Palmyra bereikte.

In Cupers huis hing sinds 1694 een ruim vier meter breed schilderij, dat in 1693 is vervaardigd door de verder nauwelijks bekende schilder Gerard Hofsted van Essen. Deze lijkt deel te hebben genomen aan de expeditie van Halifax. De schetsen die Hofsted maakte, zouden ook worden gebruikt voor de prent van Palmyra die Halifax in 1695 toevoegde aan zijn officiële publicatie. Op dat moment waren er dus twee afbeeldingen van Palmyra: het schilderij uit 1693 en de prent uit 1695, die beide teruggingen op schetsen die Hofsted in 1691 had gemaakt.

Lees verder “Gezicht op Palmyra”

Crossroads

In de vijftiende eeuw was ze er ineens, de term “Middeleeuwen”. Het achterliggende idee was dat er ooit een glorieuze Romeinse Oudheid was geweest, dat het daarna allemaal minder was geweest maar dat men nu, in het Italië van de Renaissance, althans de ambitie had die glorieuze tijd te doen herleven. De driedeling Oudheid – Middeleeuwen – Nieuwe Tijd is sindsdien blijven bestaan, inclusief de negatieve beoordeling van het middelste tijdvak. Het is geen compliment als iemand je toevoegt dat je er middeleeuwse denkbeelden op nahoudt.

Geen historicus die er nog zo over denkt. Enerzijds omdat aan het einde van de Middeleeuwen het belang van de Italiaanse Renaissance sterk is genuanceerd, anderzijds omdat aan het begin van de Middeleeuwen in feite een compleet nieuw tijdvak “ertussen is geschoven”. Werd vroeger een cesuur aangenomen op het moment dat het Romeinse staatsapparaat in West-Europa in de late vijfde eeuw desintegreerde, tegenwoordig zien historici de periode tussen pakweg 300 en 1000 meer als eenheid. Ik heb weleens geblogd over Chris Wickham, een van de historici die deze omslag hebben bewerkstelligd. Het Amsterdamse Allard Pierson-museum wijdt momenteel een prettige expositie aan dit tijdvak.

Lees verder “Crossroads”

Apsasitu

Afdruk van een Assyrische rolzegel (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Elke vrijdag blog ik over een voorwerp dat iets heeft te maken met de oude Assyriërs, het Noord-Iraakse volk dat de grondslag legde voor het oosterse wereldrijk. Dat doe ik, zoals de lezers van deze inmiddels niet meer zo kleine blog weten, omdat 20 oktober in het Rijksmuseum van Oudheden een expositie begint over de laatste Assyrische hoofdstad, Nineveh. Dit weerhoudt me er natuurlijk niet van ook eens een voorwerp te bespreken uit het collega-museum in Amsterdam, het Allard Pierson-museum. Hierboven ziet u de afdruk van een rolzegel.

Anders dan een zegelring, waarmee je een klein stempeltje drukt in de lak, werd een rolzegel gebruikt om uit te rollen over een kleitablet. De oppervlakte van de afdruk is dus groter – en altijd langgerekt – en dat bood de kunstenaar de ruimte om er echt iets van te maken. Er zijn er honderden, duizenden gevonden.

Lees verder “Apsasitu”

Zeven wijzen

Een van de zeven wijzen (Allard Pierson-museum, Amsterdam)
Een van de zeven wijzen (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Volgens de Mesopotamische mythen schiepen de goden de mensheid om het land te bewerken, de opbrengst te offeren en er zo voor te zorgen dat de goden goed te eten hadden. Helaas kenden de eerste mensen hun taken en plichten nog niet zo goed. Daarom zonden de goden de zeven apkallū, de zeven wijzen.

Lees verder “Zeven wijzen”

Koptische feniks

phoenix_apm
Feniks op een Koptische grafsteen (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Had ik in mijn reeks museumstukken al eens iets uit het Amsterdamse Allard Pierson-museum genoemd? Ik weet het niet, maar in elk geval de bovenstaande feniks is er te zien. Ze is op een grafsteen gehouwen door Koptische christenen in Egypte. Een vogel die uit de dood kan opstaan, dat was voor gelovigen en mooi symbool van de verrijzenis van Christus.

De feniks wordt voor het eerst genoemd door de Griekse dichter Hesiodos, die voorrekent dat deze vogel 972 keer zo oud wordt als een mens. Een kwart millennium later vertelt de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos dat de feniks eens in de vijfhonderd jaar naar Heliopolis in Egypte kwam vliegen om zijn vader te begraven. Het verhaal dat wij kennen, dat de feniks aan het einde van zijn leven zichzelf verbrandt om uit zijn as te herrijzen, is jonger. Ik heb de oudste vermelding ervan niet kunnen vinden, maar het wordt in elk geval vermeld door de Romeinse encyclopedist Plinius de Oudere, een van de invloedrijkste schrijvers uit de Oudheid.

Lees verder “Koptische feniks”