La petite ligne Maginot

Als ik het goed heb begrepen, was de Belgische regering in 1936 buitengewoon teleurgesteld in haar Franse bondgenoot, die zich niet actief genoeg zou verzetten tegen de opkomst van Adolf Hitler. In oktober van dat jaar verklaarde koning Leopold III zijn land neutraal. Voor de Franse generale staf, die had gemeend dat België, net als in de Eerste Wereldoorlog, zij aan zij met Frankrijk zou vechten tegen de Duitsers, was het herstel van de Belgische neutraliteit een streep door de rekening. Men had gemeend Noord-Frankrijk in België te kunnen verdedigen, waar machtige forten als Battice de Duitsers dagenlang zouden tegenhouden. Nu moest Frankrijk de eigen noordgrens verdedigen in eigen land.

De Franse regering besloot daarop om de Maginotlinie, die langs de Frans-Duitse grens lag, te verlengen langs de Belgische grens. Het project, La petite ligne Maginot, begon nog in 1936 en had in 1941 voltooid moeten zijn. In mei 1940 waren de bunkers gereed, maar onvolledig ingericht. Periscopen ontbraken en niet alle geschut was aanwezig. Het was sowieso geen massieve verdedigingslinie zoals de echte Maginotlinie; eerder was het een netwerk van grote en kleine bunkers, met een tankgracht.

Lees verder “La petite ligne Maginot”

Chrodoara van Amay

Sarcofaag van Chrodoaray van Amay

Twee jaar geleden maakte ik een fietstocht door de Maasvallei. Hoewel de coronamaatregelen op dat moment niet meer zo streng waren, bleken de archeologische musea die ik had willen bezoeken, zonder uitzondering gesloten. Dat gold ook voor de kapittelkerk van Amay, dat u zo’n vijfentwintig kilometer stroomopwaarts van Luik moet zoeken. Daar is een belangrijk Merovingisch graf, maar de kerk was en bleef gesloten. Gisteren had ik meer geluk. Heel veel geluk zelfs, want we arriveerden toen de kerk eigenlijk al dicht was, maar een vriendelijke mevrouw die het wat sneu vond dat ik voor de tweede keer voor niets was gekomen, gaf ons een uitgebreide rondleiding. En zo zag ik dan toch de sarcofaag van Chrodoara van Amay. Het is wat overdreven die aan te duiden als de belangrijkste archeologische vondst in de Lage Landen sinds de opgraving van Dorestad, maar het graf behoort zeker in een top-tien.

Chrodoara

De sarcofaag is in 1977 aangetroffen onder de apsis van de kerk. De inscriptie S(an)C(t)A CHRODOARA identificeerde de overledene, en er bleek ook een kort  rijmpje dat vertelde dat ze had behoord tot de nobilitas (de allerhoogste adel) en dat ze uit haar eigen vermogen heiligdommen had gesticht. Dat edellieden uit eigen vermogen schenkingen deden, was blijkbaar vermeldenswaard.

Lees verder “Chrodoara van Amay”

Searching for Utopia

“Searching for Utopia” (Namen)

Bij het kunstevenement ArtZuid plaatst men in het Amsterdamse stadsdeel Oud-Zuid allerlei contemporaine sculptuur. Die staat er dan een tijdje en gaat dan weer weg, waarna twee jaar later weer andere beelden worden geplaatst. Vaak is het  aanbod geslaagd, in 2017 was het onthutsend voorspelbaar en meestal is er een absolute publieksfavoriet. Geen enkel kunstwerk maakte meer en positievere reacties los dan “Searching for Utopia”, dat in 2011 stond aan de Apollolaan. Een gigantische schildpad, waarop een mannetje zat, langzaam zoekend naar een betere wereld.

De populariteit kwam misschien door de locatie. Het beeld stond meteen achter een oorlogsmonument. Een prachtige aanvulling die bij menigeen de associatie opriep met Bloems’ constatering “zo moeizaam triomfeert gerechtigheid”. Het kunstwerk was echter ook uit zichzelf geweldig en mocht wat langer blijven staan om ArtZuid de gelegenheid te geven de fondsen te verzamelen om het aan te schaffen. Dat is dus niet gelukt.

Lees verder “Searching for Utopia”

Bruxelles, je t’aime

Mijn fiets

Recht op de man kreeg ik onlangs de vraag voorgelegd: “Waarom houd je eigenlijk van Brussel?” De vraag kwam onverwacht en ik was op het verkeerde been gezet. “Omdat het een stad is”, was het eerste wat ik bromde. Dat klopt ook wel. Ik had ook kunnen antwoorden “Omdat er een Librairie Jona is”. Het stukje dat ik daarover ooit schreef, kwam uit mijn tenen. Al gaat het natuurlijk niet over Brussel.

Ik geloof dat het eigenlijke antwoord in het verlengde van de vorige alinea ligt. Brussel heeft – for better or worse – iets internationaals, meertaligs en multicultureels. Voor wie, zoals ik, woont in een stad waarin steeds meer Engels wordt gesproken door mensen die volstrekt niets interessants te melden hebben, is het een verademing te wandelen door een stad waar Frans nadrukkelijk aanwezig is. Ik weet niet of alles wat in die taal wordt gezegd interessant is, maar het is tenminste iets anders.

Lees verder “Bruxelles, je t’aime”

W.H. Auden, Musée des Beaux Arts

Museum voor Schone Kunsten, Brussel

Er zijn weinig schilders waarvan ik meer houd dan van Pieter Bruegel, over wiens Landschap met de Val van Ikaros ik al eens blogde. Het is namelijk helemaal niet van Bruegel. In een ander blogje, een van mijn favorieten, beschreef ik hoe de Berlijnse schilder Robert Seidel Bruegels Jagers in de sneeuw gebruikte voor een schitterend nieuw schilderij.

De dichter W.H. Auden verwees naar twee of drie van Bruegels schilderijen in een van zijn beroemdste gedichten, Musée des beaux arts (1938). Het gaat om de Volkstelling in Betlehem, het Landschap met de Val van Ikaros en waarschijnlijk ook De kindermoord in Betlehem. Alle drie zijn te zien in de Musea voor Schone Kunsten in Brussel. Omdat ik ook het gedicht mooi vind, wilde ik daar al jaren een kijkje gaan nemen, maar het kwam er nooit van. Tot vandaag dan.

Het was een fijn bezoek. Het lukt me nooit om in een schilderijenmuseum van meer dan drie doeken écht te genieten, en hier was het niet moeilijk te kiezen welke. Ze hangen bij elkaar in dezelfde zaal. Dus hierbij: het gedicht van Auden, met bijbehorende illustraties.

Lees verder “W.H. Auden, Musée des Beaux Arts”

Het ros Beiaard (4)

He tRos Beiaart in 2022 (© Wikimedia Commons | Gebruiker Floris DC)

[Laatste van vier door Dieter Verhofstadt geschreven stukken over de legende van het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen. Het eerste deel was hier.]

Tot slot moet ik, als muziekliefhebber, een lans breken voor het lied van het Ros Beiaard. Het zou dateren uit de zeventiende eeuw en oorspronkelijk het lied van de pijnders zijn geweest, de dragers van het paard. De melodie is – wat mij betreft – heel opwekkend en origineel, hoewel het een klassieke hymne is die zich bedient van basisakkoorden. Het ritme wisselt af tussen een vrolijke mars en een brugstuk met triolen.

Op die melodie is later een strijdlustige tekst geschreven. Wanneer en door wie is niet gekend maar gezien het taalgebruik en de thematiek is Prudens Van Duyse een mogelijkheid. In de eerste strofe wordt meteen de rivaliteit met buurstad Aalst in de verf gezet:

die van Aalst die zijn zo kwaad omdat hier ’t Ros Beiaard gaat.

Lees verder “Het ros Beiaard (4)”

Het ros Beiaard (2)

De Vier Heemskinderen, gevelsteen op de hoek van de Herengracht/Leidsegracht in Amsterdam

[Tweede van vier door Dieter Verhofstadt geschreven stukken over de legende van het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen. Het eerste deel was hier.]

Van het verhaal bestaan sinds de dertiende eeuw diverse manuscripten met lichte variaties, ten gevolge van de mondelinge traditie waarin troubadours eigen elementen toevoegen.

Vertalingen

In 1508 komt een Nederlandse vertaling uit van de cyclus. In deze versie is Aymon niet erg opgetogen over de krijgsbuit die hem te beurt valt na trouw aan de zijde van Karel de Grote te hebben gevochten. Zelfs een huwelijk met Karels zuster Aye kan hem niet vermurwen. Hij zweert elk kind dat eruit voortkomt eigenhandig te doden. Als hij bij Aye na jaren klaagt over het kinderloos gebleven huwelijk, openbaart zij de vier zoons aan haar man. Aymon is in het bijzonder opgezet met de kloeke Reinout en schenkt hem het Ros Beiaard.

In de Oudnederlandse versie van 1508 is er al sprake van “Dormonde” als laatste rustplaats voor Reinout. Het is de oude naam voor Dortmund. Het kan niet worden uitgemaakt of de vermelding een oorzaak is of een gevolg van de patroonheiliging aldaar. Wel zou hier de voedingsbodem kunnen liggen voor de toe-eigening van de legende door het gelijkluidende Dendermonde. Dat het over Dortmund gaat, is wel zeker: de vroegste Franse versie heeft het over Trémoigne. Hier dokkert de kar met het lijk van Reinold uit eigen beweging heen, nadat het uit de Rijn is opgevist.

Er volgen nog Engelse, Duitse en Italiaanse vertalingen. In de Italiaanse overlevering wordt Rinaldo een belangrijke figuur, die verbonden is met zijn neef Orlando/Roeland, zoals in het epos Orlando Furioso. In de Frankische Roman komen er afgeleide verhalen en voorlopers, spin-offs en prequels als het ware, met de populaire Malegijs als hoofdpersonage.

Lees verder “Het ros Beiaard (2)”

Het ros Beiaard (1)

De finale van de omgang van het Ros Beiaard op de Grote Markt in Dendermonde (©Lieve Gijsbrecht).

Op 29 mei 2022 ging in Dendermonde het Ros Beiaard uit, naar tienjaarlijkse gewoonte. Deze keer moest men zelfs twaalf jaar wachten, aangezien de voorbije twee jaar massale bijeenkomsten werden ontmoedigd of verboden. Een decennium van pauze is lang genoeg om levens gevoelig te zien veranderen, ontstaan of ophouden. Dat maakt elke ommegang voor de betrokkenen weer een emotionele, existentiële gebeurtenis, terwijl de traditionele elementen in de folklore de gelukkige deelnemers verbinden met de heimat.

Nochtans is de legende niet voorbehouden, noch ontstaan aan de monding van Dender en Schelde. Het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen op zijn rug stammen immers uit de verhalencyclus die we aanduiden als Chansons de geste – vrij vertaald heldendichten –  een mondelinge traditie die bloeide in de twaalfde en dertiende eeuw. Ze vertellen over de regeerperiode van Karel de Grote, soms met feitelijke achtergrond maar hoofdzakelijk opgebouwd uit verzonnen personages en mythische elementen verbonden met lokale legenden. Het bekendste dergelijke heldendicht is het Roelantslied. De in het Oudfrans geschreven chansons de geste vormen de cyclus van de  Frankische roman die bestond naast de Arthurlegenden en de klassieke romans zoals de legende van Troje. In de Frankische roman vinden we Karel de Grote zowel terug als geliefde koning en held, zoals in het Roelandslied, als in de gedaante van onbetrouwbare tiran en antiheld, zoals bij de Vier Heemskinderen. Een hypothese is dat Karel een personificatie is van de historische sterke koning én van zijn zwakkere opvolgers.

Lees verder “Het ros Beiaard (1)”

De mysteriën van Mithras

Reconstructie van een mithraeum (Musée royal de Mariemont, Morlanwelz)

Ik vertelde gisteren over de expositie Le Mystère Mithra in het Musée royal de Mariemont in Morlanwelz. Daarin behandelde ik het astrologische aspect van de tauroktonie-reliëfs. Daarnaast vatte ik de mythologie samen, zoals moderne onderzoekers die reconstrueren. Ik gaf verder aan dat de vereerders van Mithras zich vermoedelijk niet zoveel hebben bekreund om een doctrine. Ook een consistente verklaring van de kosmos is niet wat ze gezocht zullen hebben. Wat was die Mithrasreligie nu eigenlijk?

Mysteriecultus?

Het boekje Het Mithras-mysterie, dat toelichting geeft op de tentoonstelling, stelt de vraag waarom godsdiensthistorici het überhaupt een mysteriecultus noemen. Goede vraag. De term is gemunt door christelijke schrijvers uit de Romeinse tijd. Ze plaatsten daarmee andere culten – Demeter, Kybele, Isis, de grote goden van Samothrake, Jupiter Dolichenus – in één hokje. Het is dus een externe. polemische term.

Lees verder “De mysteriën van Mithras”

Mithras: mysterie en mythe

Mithras doodt de stier (Nationaal Museum, Boedapest)

Ooit kreeg ik mail van iemand die een boek wilde schrijven over Mithras. Als hij had aangetoond dat het christendom slechts een derivaat was, zo schreef hij, had hij wraak genomen op de paters die zijn jeugd hadden verziekt.

Tja.

Als je een rekening met het christendom wil vereffenen, prima. Er valt beslist een boom over op te zetten. Maar als je dat doet, laat dan het verleden erbuiten. Wie dat benut om in het heden een punt te scoren, misbruikt het.

Dit heb ik destijds maar niet geschreven. Ik vermoedde een trauma. In plaats daarvan heb ik literatuurverwijzingen gegeven, inclusief een verwijzing naar de website van Roger Pearse. Die maakt korte metten met het misverstand dat het christendom op een of andere manier leentjebuur heeft gespeeld bij de verering van Mithras.

Zou ik de mail vandaag moeten beantwoorden, ik zou verwijzen naar de expositie in het Musée royal de Mariemont in Morlanwelz. Voor Nederlanders: dit schitterende museum, gelegen in een al even schitterend park vol zeldzame bomen, toont de fenomenale collectie van multimiljonair Raoul Waroqué, die haar in 1917 naliet aan de Belgische staat. Het dorpje Morlanwelz vindt u halverwege Bergen en Charleroi.

Lees verder “Mithras: mysterie en mythe”