Curio in Africa

Juba (Louvre, Parijs)

In het eerste stukje schreef ik dat Gaius Scribonius Curio in de zomer van 49 v.Chr. Sicilië verzekerde voor Caesar. Daarna stak hij over naar Afrika met vijfhonderd Gallische ruiters en het Vijftiende en het Zestiende Legioen, twee eenheden die in 53 v.Chr. waren gelicht toen Rome ook het door Ambiorix verslagen Veertiende moest vernieuwen. Het Vijftiende was in Italië gebleven om deel te nemen aan Crassus’ expeditie tegen de Parthen en was meteen naar Caesar overgelopen toen deze de Rubico was overgestoken; over eerdere avonturen van het Zestiende weten we niets. Veel gevechtservaring lijken de mannen echter niet te hebben gehad.

Schermutselingen

Curio landde bij Kaap Bon en rukte in slechts drie dagen op door het achterland van het verwoeste Karthago tot hij aankwam bij de rivier de Medjerda, waar zijn tegenstander op hem wachtte: Publius Attius Varus. Hij verdedige Utica, de hoofdstad van de provincie Africa.

Tijdens de eerste schermutselingen wist Curio een graanvloot te onderscheppen. Nu had hij de middelen voor een rustig beleg van Utica. Inderdaad rukte hij daarheen op, maar hij vergat zijn flank te dekken en werd verrast door een Numidisch leger, gestuurd door koning Juba. De Gallische cavalerie wist de vijandelijk ruiterij echter terug te drijven.

Lees verder “Curio in Africa”

Curio in Italië

Portret van een Romein (eerste eeuw v.Chr.; British Museum)

Als ik u zeg dat het 20 augustus was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 20 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag gisteren 2069 jaar geleden?” Het antwoord is dat we dat niet weten maar dat het de dag was waarop Curio om het leven kwam.

Caesars kolonel

We zijn Gaius Scribonius Curio al een paar keer tegengekomen. Kort nadat Caesar de Rubico was overgetrokken, had hij Curio uitgestuurd naar Gubbio, waar het garnizoen van Senaatstroepen de strijd niet aandurfde en deserteerde. Enkele weken later, toen Caesar in Rome was aangekomen en enkele bestuursmaatregelen nam, wees hij Curio aan als nieuwe gouverneur van Sicilië. Zoals gezegd was het eiland van groot belang, omdat hier een groot deel van het graan van de stad Rome vandaan kwam.

Met niet minder dan vier legioenen en duizend man Gallische cavalerie slaagde Curio erin de eerdere gouverneur, Cato, te verdrijven. Deze vluchtte naar de provincie Africa, het huidige Tunesië, en Curio kreeg na Caesars overwinning te Ilerda toestemming of opdracht Cato te achtervolgen. De operatie moet zijn voorbereid, want je schudt niet zomaar even een vloot van 112 schepen uit de mouw.

Lees verder “Curio in Italië”

De tweede zeeslag bij Marseille

Afgietsel van een reliëf met twee oorlogsschepen uit Napels (Museum für antike Schifffahrt, Mainz)

Als ik u zeg dat het de derde was van de maand sextilis, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 3 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Nou, het zou best kunnen zijn dat Caesar in Ilerda, waar hij zojuist de troepen van de Senaat had verslagen, bericht kreeg over de gebeurtenissen in Marseille, enkele dagen eerder, op de laatste dag van de Romeinse maand quinctilis (ofwel onze 30 juni). Volgens dit mooie programma deed een ijlbode te paard een kleine drie dagen over de 716 kilometer van Marseille naar Ilerda. En het nieuws dat de bode uit Marseille aan Caesar kwam brengen was goed: voor de tweede keer was er een zeeslag geweest en de aanhangers van Caesar hadden gezegevierd.

Lees verder “De tweede zeeslag bij Marseille”

Caesar zegeviert in Ilerda

Portret van Caesar uit Nijmegen (nu in het Rijksmuseum van Oudheden)

Als ik u zeg dat het 2 sextilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 2 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Een paar dagen geleden beschreef ik hoe een einde was gekomen aan de impasse die was ontstaan te Ilerda, waar Caesar en zijn tegenstanders Afranius en Petreius wekenlang tegenover elkaar hadden gelegen aan een rivier. Uiteindelijk had Caesar zijn troepen weten over te zetten, waarop Afranius en Petreius waren begonnen met de aftocht richting Ebro, 45 kilometer verderop. Dat had Caesar voor een dilemma geplaatst:

  • Hij moest óf hen volgen terwijl zijn aanvoerlijnen niet veilig waren, omdat hij Marseille niet in handen had,
  • óf de achtervolging staken en zijn vijanden toestaan zich elders in Iberië te versterken, waar hun bondgenoot Varro hun hulp kon bieden.

Caesar moest vooral snel een keuze maken, want zijn tegenstanders trokken weg over betrekkelijk vlak terrein dat later zou overgaan in heuvelland. Als ze eenmaal in de heuvels waren, konden ze de weg blokkeren en kon Caesar de oversteek van de Ebro niet meer beletten.

Lees verder “Caesar zegeviert in Ilerda”

Caesars diplomatieke zege bij Ilerda

Caesar (Altes Museum, Berlijn)

Als ik u zeg dat het 25 quinctilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 24 juni 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” We hadden Caesar met het onvoltallige Zesde, het onvoltallige Zevende, het onvoltallige Negende, het onvoltallige Tiende, het onvoltallige Elfde en het onvoltallige Veertiende Legioen achtergelaten in Ilerda, het huidige Lérida of Lleida in Catalonië, waar hij oorlog voerde tegen vijf legioenen van Pompeius, gecommandeerd door Lucius Afranius en Marcus Petreius.

In het vorige stukje behandelde ik een verwarde reeks gevechten, waarin Caesar probeerde de weg tussen Ilerda en het kamp van zijn tegenstanders in handen te krijgen. Ondanks heldhaftig optreden van het Negende Legioen, dat misschien in deze tijd zijn bijnaam Hispana kreeg, was dat niet gelukt. Toen heftige regens vervolgens een brug wegsloegen, werd verdere strijd vrijwel onmogelijk en beide partijen bleven tegenover elkaar liggen: Caesar aan de ene zijde van de rivier, Afranius en Petreius op de andere.

Lees verder “Caesars diplomatieke zege bij Ilerda”

Ambiorix

Een aarden wal bij Kanne-Caestert

Cassius Dio was een voorname senator uit de vroege derde eeuw n.Chr., afkomstig uit een van de oostelijke provincies. Hij was geïnteresseerd in geschiedenis en schreef een overzicht van de groei en het (zijns inziens) verval van het Romeinse Rijk. Daarbij behandelde hij ook Julius Caesars verovering van de Lage Landen.

De legioenen hadden Gallië al onder de voet gelopen en waren al overgestoken naar Brittannië toen Caesar in de winter van 54/53 v.Chr. te maken kreeg met een inheemse opstand, aangevoerd door Ambiorix, de vorst van de Eburonen, een stam in de Maasvallei. Diens eerste aanvalsdoel was het pas geformeerde Veertiende Legioen. Het was gestationeerd in Atuatuca, de naam die later gegeven zou worden aan Tongeren. Daar zijn geen Romeinse resten uit die tijd; een alternatief is dat het legioen zich bevond bij Kanne-Caestert, op het Belgische gedeelte van de Sint-Pietersberg, maar dan is het weer wat vreemd hoe de naam zeventien kilometer (een dagreis) kan zijn verplaatst. Enfin, we bevinden ons ergens in de Haspengouw.

Lees verder “Ambiorix”

De eerste zeeslag bij Marseille

Reliëf van een antieke zeeslag (Vaticaanse Musea, Rome)

Als ik u zeg dat het 27 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 28 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan vindt u dat een wat flauw intro. Ik kondigde immers gisteren al aan dat u vandaag zou belanden in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dit keer gaat het eigenlijk niet over Caesar, maar vooral over het beleg van Marseille.

U herinnert zich dat Caesar deze stad voor zich had willen winnen om zijn aanvoerlijnen richting Iberië veilig te stellen. Tijdens de onderhandelingen was Lucius Domitius Ahenobarbus, een generaal in dienst van de Senaat, naar de stad gekomen en hij had alles in staat van verdediging had gebracht. De belegering was begin april begonnen en duurde dus alweer een week of zeven toen de verdedigers een uitval deden. Caesars kolonels, die de belegering voortzetten terwijl hun generaal op weg was gegaan naar Spanje, hadden schepen laten bouwen om te verhinderen dat de belegerden overzee zouden uitbreken. Caesar zelf vertelt, in de vertaling van Hetty van Rooijen:

Lees verder “De eerste zeeslag bij Marseille”

De slag bij Ilerda

De Pyreneeën

Als ik u zeg dat het 26 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 27 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dat, dames en heren, was niets minder dan de slag bij Ilerda. Dat is de stad die tegenwoordig Lérida heet (in het Spaans) of Lleida (in het Catalaans).

Zoals Caesar in Gallië het imperium had, dat wil zeggen het recht gezag uit te oefenen, had Pompeius dat in Iberië. Alleen had deze generaal, de grote vernieuwer van het Romeinse staatsrecht, besloten dat hij het gezag indirect zou uitoefenen, via zogeheten legaten. Toen Caesar Italië was binnenviel, had Pompeius ervoor gekozen met de Senaat naar Griekenland te gaan om extra legers op te bouwen; zijn vijf Spaanse legioenen had hij overgelaten aan Lucius Afranius en Marcus Petreius. Caesar had in Italië geconcludeerd dat hij een generaal zonder leger had in het oosten en een leger zonder generaal in het westen, en had besloten eerst daarmee af te rekenen. Een voorhoede, gecommandeerd door Gaius Fabius, verzekerde de passen over de Pyreneeën en na een oponthoud in Marseille was ook Caesar zelf naar Catalonië gekomen.

Lees verder “De slag bij Ilerda”

Cicero kiest eindelijk partij

Cicero (Capitolijnse Musea, Rome)

Als ik u zeg dat het 11 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 12 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe, een week vertraagde aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En ik kan u verklappen dat we het gaan hebben over Cicero.

Advies aan vrouw en dochter

Vorige week 2069 jaar geleden schreef de Romeinse politicus vanuit Formiae, waar hij een buitenhuis bezat, een brief aan zijn echtgenote Terentia en zijn dochter Tullia, die is overgeleverd (Ad familiares 14.7). Hij vertelt geen last meer te hebben van gal en verzoekt zijn familieleden namens hem te bidden tot de genezende goden. Ter zake komend adviseert hij ze naar die landhuizen te gaan waar ze het verst zijn van de soldaten. Hij oppert zijn geboortehuis bij Arpinum, in het zuiden van Latium. Ze zullen er met het boerenpersoneel goed kunnen leven indien de prijzen elders te hoog zijn geworden.

Lees verder “Cicero kiest eindelijk partij”

Het beleg van Marseille begint

Re-enactors in de uitrusting van soldaten uit de tijd van Caesar

Als ik u zeg dat het de vierde dag was van mei, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 4 april 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag eergisteren 2069 jaar geleden?”

Antwoord: hij begon met de belegering van Marseille. Zoals ik in de eerdere afleveringen vertelde, had hij vrij snel Italië onderworpen. De Senaat en zijn generaal Pompeius waren naar Griekenland gevlucht, Caesar had de Lex Roscia laten aannemen die hem toestond mensen uit de provincie tot Romeins burger te maken en als legionairs te rekruteren, en was daarop naar het westen gegaan, waar Pompeius troepen had liggen. Zij het zonder generaal, want die was met een groot aantal senatoren in Griekenland.

Lees verder “Het beleg van Marseille begint”