Behistun (5)

Darius en zijn verslagen tegenstanders

Darius had, zo weten we uit de Historiën van Herodotos en dankzij de Behistuninscriptie, het koningschap bemachtigd en had het rebellerende Babylon getuchtigd. Het Perzische Rijk leek in rustiger vaarwater te komen en leek als eenheidsstaat te zijn gered. Leek, want in de laatste dagen van het jaar 522 ontving de nieuwe koning slecht nieuws.

Terwijl ik verbleef in Babylon, kwamen deze provincies tegen mij in opstand: Persis, Elam, Medië, Assyrië, Egypte, Parthië, Margiana, Sattagydia en Skythië. (Behistuninscriptie 21)

Uiteraard waren dit geen opstanden. Dat veronderstelt immers dat er een moment was geweest waarop deze gebieden Darius als heerser hadden erkend en dat was niet het geval. Dit waren gebieden die na de dood van Kambyses en Bardiya/Gaumata voor zichzelf waren begonnen en niet van zins waren hun herwonnen onafhankelijkheid op te geven. De lijst is overigens niet eens compleet: Herodotos weet dat de satraap van Lydië (in wat nu Turkije is) eveneens een nogal onafhankelijke koers was gaan varen.

Lees verder “Behistun (5)”

Behistun (2)

Een papyrus uit Elefantine met een deel van de tekst van de Behistuninscriptie, vertaald in het Aramees, illustreert hoe Darius zijn versie van de gebeurtenissen aan alle onderdanen liet weten. (Neues Museum, Berlijn)

Gisteren vertelde ik dat de Behistun-inscriptie een belangrijke rol speelde bij de ontcijfering van het spijkerschrift: ze hielp drie talen met elk een eigen spijkerschrift te ontcijferen, namelijk het Perzisch, het Babylonisch en het Elamitisch. Maar wat had koning Darius nu eigenlijk te melden?

Eerst even iets over de situatie. In 522 was koning Kambyses overleden, die Egypte had toegevoegd aan het rijk dat Cyrus de Grote had gesticht. Als we de Griekse onderzoeker Herodotos mogen geloven, was Kambyses niet goed bij zinnen geweest en had hij onder meer zijn broer Smerdis laten doden. Terwijl hij uit Egypte terugkeerde, had hij echter gehoord dat Smerdis niet alleen in leven was, maar ook de troon had opgeëist. Op weg naar huis was Kambyses toen overleden. Herodotos verklaart de wederopstanding van Smerdis als een dubbelganger: het was een magiër, die samen met zijn broer de macht had overgenomen. Een magiër is overigens geen tovenaar maar een specialist die de offerliturgieën kon opzeggen.

Lees verder “Behistun (2)”

Behistun (1)

Het Behistun-reliëf

Het is misschien wel de bekendste Known Unknown uit de oudheidkunde: de Behistun-inscriptie. Eigenlijk heeft iedereen die een gangbare auteur als Herodotos heeft gelezen, ervan gehoord, maar werkelijk bekend is de Perzische inscriptie niet. Het leek me, nu ik toch bezig ben met een reeks Herodotosstukjes, zinvol eens een paar blogjes te wijden aan dit monument, dat zich bevindt in het westen van Iran, zo’n honderd meter boven de weg van Mesopotamië naar de Iraanse hoogvlakte. Het bestaat uit een reliëf en een inscriptie in drie soorten spijkerschrift en drie talen.

Het reliëf is een imitatie van een ander reliëf, wat verder naar het westen, in Sar-e Pol-e Zahab. Dat is rond 2000 v.Chr. gemaakt en toont een koning die een verslagen vijand vertrapt en neerziet op nog meer verslagen tegenstanders, met stroppen om hun nek. De Perzische koning Darius moet dit oeroude reliëf in de jaren van zijn staatsgreep – laten we zeggen tussen 522 en 520 v.Chr. – hebben gezien en hebben besloten dat hij ook zo’n reliëf wilde hebben. U ziet het hierboven. Van links naar rechts zijn er twee hovelingen, koning Darius die een vijand vertrapt en een reeks verslagen tegenstanders. Opnieuw met stroppen om de nek. De gevleugelde figuur bovenaan is de Perzische oppergod Ahuramazda. (Moderne zoroastrianen houden het op het zichtbare aspect van de ene god.)

Lees verder “Behistun (1)”

De mantel van Syloson

Een Perzische “speerdrager”: reliëf uit Sousa, nu in het Louvre in Parijs.

De Griekse onderzoeker Herodotos heeft altijd goede verhalen, dus laat ik u eens op een daarvan trakteren. Het speelt zich af tijdens de veldtocht van de Perzische vorst Kambyses naar Egypte, rond het jaar 525 v.Chr. ’s Konings aanwezigheid in Memfis trok nogal wat mensen en een daarvan was Syloson. Zijn broer Polykrates was alleenheerser geweest op het Griekse eiland Samos, maar nadat hij was vermoord, was zijn familie in ongenade gevallen. Syloson hoopte op een gunst van Kambyses, maar het liep anders. De vertaling hieronder is van Hein van Dolen.

Op een dag ging Syloson inkopen doen op de markt in Memfis. Hij had een rode mantel omgeslagen. Daar kreeg Darius, die op dat tijdstip nog een onbetekenend lid van de lijfwacht van Kambyses was, hem in het oog. Die mantel leek Darius wel wat en hij ging eropaf om hem te kopen. Syloson zag dat Darius echt tuk op het kledingstuk was en zei in een moment van goddelijke inspiratie tegen hem: “Ik hoef er geen geld voor, je mag die mantel zo wel hebben als je er zoveel prijs op stelt.” Dat vond Darius nog eens aardig en maar al te graag nam hij het aanbod aan. Syloson wist niet beter of hij was weer eens iets kwijtgeraakt omdat hij zo’n goeie sul was. (Historiën 3.139)

Lees verder “De mantel van Syloson”

Het eerste Suezkanaal

Achaimenidische koningsinscripties DZ (Parijs, Louvre)

De Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos heeft vele talenten, maar één gave bezit hij niet: al zou hij het willen, het lukt hem maar niet saai te zijn. Hij weet het altijd weer te verknallen, altijd, al is het maar in de laatste zin. Steeds weer is er iets grappigs, iets interessants, iets waarvan je blij bent dat je het weet.

Klinkklare leugens zijn mij niet bekend, al heeft Bert van der Spek, de emeritus hoogleraar oude geschiedenis van de VU, erop gewezen dat Herodotos soms erg suggestief is. “Mensen die nooit in Babylon zijn geweest zullen wel niet geloven dat…” en “het was in mijn tijd nog zo” suggereren dat de Halikarnassiër wel in de culturele hoofdstad van het Nabije Oosten is geweest, maar hij claimt het in feite niet en biedt dan ook informatie die onmogelijk feitelijk juist kan zijn.

Lees verder “Het eerste Suezkanaal”