DNA, Ieren, Etrusken, Karthagers en Chinezen

Karthaags masker, eind zesde eeuw (Bardo-museum, Tunis)

Voor de oudheidkundige is het DNA-onderzoek nog vooral een belofte. Ik heb in eerdere stukjes enkele ontwikkelingen geschetst, maar die betroffen vooral de Prehistorie: hoe de mensheid wegtrok uit Afrika, de verspreiding van de landbouw en de migraties van de Indo-Europeanen. De conclusie is dat Europa in twee enorme golven bevolkt is geraakt: één golf van landbouwers en één golf van Indo-Europees-sprekenden.

Als we in de historische tijd aankomen, wanneer we geschreven bronnen krijgen, zijn de grote migraties al voorbij. Het DNA-onderzoek zal eerst verfijnder moeten raken vóór we veel verder kunnen kijken. Dat zal nog wel gebeuren, want het uitvoeren van tests wordt steeds meer routine (en goedkoper).

Overigens is geschreven documentatie niet helemáál zonder betekenis: de Centraal-Aziatische samenleving van de Indo-Iraniërs is enigszins gedocumenteerd in geschreven teksten, namelijk in het oudste deel van de Avesta, het heilige boek van de Iraanse volken: een wereld van nomadische veetelers op de steppe. Het is een wereld met een dualistisch wereldbeeld dat we misschien ook archeologisch kunnen documenteren.

Lees verder “DNA, Ieren, Etrusken, Karthagers en Chinezen”

De Indo-Europese migraties

Stele uit Nevsha (Archeologisch Museum van Varna)

Zoals ik gisteren vertelde, is de vraag waarom de Indo-Europese talen op elkaar lijken, in een kwaad licht komen staan doordat de nationaalsocialisten zich meester maakten van de hypothese dat de veronderstelde Urheimat, waar de Indo-Europeanen hadden gewoond voor ze naar alle windstreken waren gemigreerd, had gelegen op de Noordduitse Laagvlakte. In de nationaalsocialistische interpretatie waren de oerbewoners van dat gebied (de “Ariërs”) autochtoon, onvermengd met migranten die bij hen waren komen wonen, raszuiver en daardoor in allerlei opzichten briljant.

Er was een tweede reden waarom het onderzoek stokte. Weliswaar betwijfelde niemand dat de Indo-Europese talen op elkaar leken doordat ze afstamden van één oertaal, maar men had domweg onvoldoende gegevens om daarover werkelijk uitspraken te doen. Zoals we zagen, probeerde men eerst aan de hand van de gedeelde woordenschat enkele aspecten van het thuisland te reconstrueren – er waren bepaalde dieren en gewassen geweest, men had de ploeg gekend en men had er met karren gereden – en was zo’n reconstructie in principe archeologisch toetsbaar.

Lees verder “De Indo-Europese migraties”

De eerste landbouwers

Stamboom van het Aziatisch en Europees DNA (klik = groot; ©Archaeogenetics Research Group, universiteit van Huddersfield)

Oudheidkundigen maken sinds de zeventiende, achttiende eeuw gebruik van drie soorten bewijsmateriaal: geschreven bronnen, materiële resten en parallellen in andere samenlevingen. Drie vensters op het verre verleden. Met het DNA-onderzoek, waar ik het gisteren al over had, gaat nu een vierde venster open. Ik rondde mijn vorige stukje af met een verwijzing naar de stamboom van DNA-groepen (hierboven) en vroeg uw aandacht voor de ongebruikelijke vertakking onder H. De verspreiding daarvan lijkt samen te hangen met de verspreiding van de landbouw.

Het ontstaan daarvan is een beetje een puzzel, die steeds verandert als er ergens oudere vondsten worden gedaan. De laatste keer dat ik het opzocht leek het erop dat ergens rond 9500 v.Chr. mensen aan de bovenloop van de Eufraat begonnen met de teelt van tarwe, meer precies eenkoorn en emmer. Na een eeuw of vijf werden de eerste schapen en geiten getemd in de Zagros– en Taurusbergen. Veeteelt is dus een latere ontwikkeling dan akkerbouw. Ruwweg tegelijk ontstond de eerste monumentale architectuur: ik blogde al eens over de fenomenale monumenten die zijn aangetroffen in Göbekli Tepe en Sanli Urfa. Vee en varkens volgden en het eerste aardewerk in het Nabije Oosten dateert van ruwweg 7000 v.Chr. In vijfentwintig eeuwen was de samenleving ingrijpend veranderd – archeologen noemen dat een revolutie.

Lees verder “De eerste landbouwers”

Prehistorisch DNA

Stamboom van het Aziatisch en Europees DNA (klik = groot; ©Archaeogenetics Research Group, universiteit van Huddersfield)

Misschien is het plaatje hierboven wel het mooiste dat ik de afgelopen tijd heb gezien. Het is een soort stamboom van het mitochondriaal DNA van de mensen in Europa. Het is misschien wat verwarrend omdat “oud” bovenaan staat en “jong” onderaan; archeologen zijn andersom gewend, want in een opgraving liggen de oudste lagen onderaan.

Zo’n 100.000 jaar geleden verlieten zo’n 150 tot duizend mensen (homo sapiens) Afrika en om het Midden-Oosten binnen te trekken. Hun afstammelingen vielen in twee groepen uiteen, die we M en N noemen en kunnen identificeren aan de hand van hun DNA. Groep M trok naar het zuiden van India en naar Australië, waar mensen wat trekjes hebben bewaard van de oorspronkelijke bewoners van oostelijk Afrika. Andere M-mensen trokken naar Siberië en belandden uiteindelijk in Amerika.

Lees verder “Prehistorisch DNA”

Factcheck: Romeinen in Japan?

Romeinse munten, gevonden in Japan (Uruma City Education Board)
Romeinse munten, gevonden in Japan (Uruma City Education Board)

Okinawa is een Japans eiland maar het is misschien wat misleidend het zo te noemen. Daarmee bedoel ik dat het eigenlijke Japan bestaat uit twee heel grote eilanden en twee reeksen kleine eilandjes, waarvan de noordoostelijke richting Siberië loopt en de zuidwestelijke richting Taiwan. In die tweede reeks, de Ryukyu-eilanden, ligt Okinawa halverwege (landkaart).

Onlangs zijn daar Romeinse munten gevonden, daterend uit de vierde eeuw. Uiteraard gehypet als “Romeinen in Japan”, hoewel het dus eigenlijk meer “Romeinen richting Japan” zou moeten zijn. Of nog beter: “Romeinse handelsartikelen richting Japan”. Zouden de munten zijn aangeboden in de antiquiteitenhandel, ze zouden zijn genegeerd, want deze vondst kán eigenlijk niet zijn gedaan. Ze zijn echter opgegraven in wat “gecontroleerde omstandigheden” heet: in een professionele, wetenschappelijke opgraving. Hoe komen die munten daar?

Lees verder “Factcheck: Romeinen in Japan?”

Oudheidkundig DNA-onderzoek

Glazen hanger uit Karthago: er is evident uitwisseling van voorwerpen tussen de Levant en Tunesië, maar was er ook migratie? (Musée national de Carthage)

Het vijfde nummer van uw favoriete oudheidkundige tijdschrift nadert zijn voltooiing. Het thema is de Griekse sportcultuur, maar er is desondanks geen reden voor paniek. Natuurlijk, de sportprogramma’s op TV zullen weliswaar ook deze zomer gemakzuchtig items hebben over de antieke Olympische Spelen (“we moeten deze maand ons percentage cultuur nog halen”), maar juist daardoor kan het tijdschrift van die ellende afzien. Ancient History Magazine biedt daarom de Pythische Spelen, de Nemeïsche Spelen, de Isthmische Spelen, de lokale spelen van Rhodos en de laatantieke festivals in Antiochië. De Griekse festivals zijn veel breder, gevarieerder en interessanter dan je zou denken – zoals de Oudheid veel breder, gevarieerde en interessanter is dan een verplicht cultureel variéténummer ter onderbreking van de sport.

Verder zijn er stukken over Ovidius, over de Laokoöngroep, dendrochronologie en het ontstaan van de Stoa. Tot slot zijn er twee stukken over het DNA-onderzoek: een ervan biedt, om het zo te zeggen, een overzicht van de eerste vruchten van deze betrekkelijk jonge wetenschap, het ander gaat over het Indo-Europese vraagstuk, dat enkele jaren geleden door DNA tot een oplossing is gebracht.

Lees verder “Oudheidkundig DNA-onderzoek”

Karthaags DNA

DIGITAL IMAGE
Karthago, Byrsa

Zoals we de laatste tijd weer eens duidelijk mochten zien, is oudheidkundig nieuws zelden echt de moeite waard. Aan het gebeuzel van eergisteren (Sapfo) kan ik nog het gebeuzel van gisteren toevoegen: het graf van Aristoteles zou zijn ontdekt. Er zijn wat laat-antieke bronnen die vertellen dat hij rust in zijn geboorteplaats Stageira in het noorden van Griekenland en nu is daar dus een bijzonder gebouwtje ontdekt.

Dat kan door elke Macedonische edelman zijn gebouwd en er is voorlopig geen enkele reden aan te nemen dat dit het graf is van de grote filosoof. Als het wetenschappelijke rapport er eenmaal is, zal de stoere claim er ongetwijfeld niet meer instaan maar tegen die tijd is de geest uit de fles en de desinformatie in de wereld. Met dank aan de opgravers, die heus wel beter weten. Laten we ons er maar niet over opwinden en het op deze plek gewoon hebben over het échte nieuws, dat er ook is.

Lees verder “Karthaags DNA”