Een nieuwe techniek, nieuw soort inzicht

Een loodbaar van het Negentiende Legioen (Westfälisches Römermuseum, Haltern)

Een fraai bericht, nog helemaal waar ook, en het gaat over de zogeheten metallurgische vingerafdruk. Maar eerst even recapituleren: de oudheidkundige disciplines delen het probleem van de dataschaarste, waaruit volgt dat de wetenschappelijke vernieuwing minder zit in nieuwe ontdekkingen (al zijn die er natuurlijk wel) dan in nieuwe technieken en methoden. Dat geeft het vak zijn eigen karakter. En nu is er een nieuwe techniek. Of beter, een nieuwe toepassing van een bestaande techniek.

Metallurgische vingerafdruk

Met spectroscopie – welbeschouwd een verzameling technieken – kunnen analisten vaststellen uit welke chemische bestanddelen een monster is samengesteld. Dat gebeurt al jaren. Ik heb weleens verteld dat het lood van de Tongerse loodbaar afkomstig moet zijn uit het Taunus- of het Eifelgebergte. Er zitten sporen in van andere metalen en het spectrum is specifiek voor een bepaalde regio. Een metallurgische vingerafdruk.

Lees verder “Een nieuwe techniek, nieuw soort inzicht”

De Hemelschijf van Nebra: Naschrift

Hemelschijf van Nebra, reconstructie van de oervorm

[Van Ab Langereis, die vorige week vier keer schreef over de Hemelschijf van Nebra (één, twee, drie, vier) is nog een naschrift gekomen.]

Omdat ik op de dagen waarop Jona mijn stukjes over de Hemelschijf van Nebra op de blog zette elders was, was ik niet in de gelegenheid commentaar te geven op de hier geplaatste opmerkingen. Jona heeft op adequate wijze geantwoord. Echter ook van mij een paar woorden als naschrift.

Eerst een correctie. In het tweede stukje stond oorspronkelijk dat de bladgouden sterren twee millimeter dik waren. De juiste dikte is 0,2  – 0,4 millimeter.

De vervaardiging

We kennen allemaal brons als een gegoten legering van koper en tin, maar gesmeed? Gegoten brons heeft een samenstelling van 8 – 15 % tin en is daarmee een keihard metaal.

Lees verder “De Hemelschijf van Nebra: Naschrift”

De hemelschijf van Nebra (4): Aanpassingen

De constatering dat de Hemelschijf van Nebra een astronomische vuistregel bevatte die destijds bekend was in Mesopotamië, maakte het mysterie alleen maar groter. Astronomen menen dat de benodigde kennis niet in het Nebra-gebied kan zijn opgedaan. De hemel, redeneren zijn, is niet helder genoeg om gedurende minimaal veertig jaar de benodigde waarnemingen te doen. Daar staat tegenover dat de mensen in het noordwesten van Europa al ver vóór Nebra een grote kennis van de jaarcyclus hadden; Stonehenge is maar één voorbeeld. Hoe dat ook zij, er speelt nog een ander probleem: hoe zou je in een schriftloze cultuur het inzicht moeten vastleggen en doorgeven?

Speculaties

In zijn boek De Hemelschijf van Nebra speculeert Harald Meller dat de kroonprins van een (hypothetische) Únětice-staat bij het hof van een Mesopotamische vorst op bezoek is geweest, bijvoorbeeld ter versterking van de goede handelsrelaties. Vergelijk het met de wijze waarop wij tegenwoordig handelsmissies organiseren met onze koning aan het hoofd. Die Mesopotamische vorst zou mogelijk de van zijn Wetten bekende Babylonische koning Hammurabi kunnen zijn geweest, want uit zijn tijd stamt de Hemelschijf van Nebra.

Lees verder “De hemelschijf van Nebra (4): Aanpassingen”

De hemelschijf van Nebra (3): de Plejaden

Hemelschijf van Nebra, reconstructie van de oorspronkelijke vorm (Arche Nebra)

De Hemelschijf van Nebra is, blijkens de analyse van het weinige aan de grafgiften verbonden organisch materiaal, rond 1600 v.Chr. ritueel begraven, maar is 150 tot 200 jaar eerder vervaardigd. Harald Meller is er zeker van dat er maar één schijf is gemaakt en dat dit gebeurde in opdracht van de heersende vorst.

De afbeelding

In zijn oorspronkelijke vorm bestaat de schijf uit de maan (ook te beschouwen als zon), sikkelvormig en vol, een klontering van zeven sterren en vijfentwintig willekeurig  over het vlak geplaatste sterren. In deze vorm heeft het voorwerp enkele generaties gefunctioneerd.

Bijzonder is dat de maansikkel, zoals die is afgebeeld, de schijngestalte heeft van een maan die 4½ dag oud is. Dat is dikker dan de nieuwe maan van 1½ à 2½ dagen oud, die als eerste licht verspreidt. De zeven sterren duiden op de sterrenhoop Plejaden (het Zevengesternte), die in veel oude culturen een belangrijke mythische rol toebedeeld kregen.

Lees verder “De hemelschijf van Nebra (3): de Plejaden”

De hemelschijf van Nebra (2): de ontdekking

De Hemelschijf met twee bronzen bijlen, twee zwaarden, een beitel en twee armspiralen (foto uit Harald Meller & Kai Michel, De Hemelschijf van Nebra, 2019)

De rijkdom van de Únětice- of Aunjetitz-cultuur, die in het vorige stuk is beschreven, uitte zich onder meer in het opwerpen van enorme grafheuvels voor overleden stamhoofden. Het is in deze wereld dat rond 1800 v.Chr. de Hemelschijf van Nebra is vervaardigd.

Het verhaal van deze schijf leest als een detective in drie bedrijven, waarbij James Bond, moderne wetenschap en sciencefiction samenkomen:

  • het vinden;
  • het maken;
  • de betekenis.

Lees verder “De hemelschijf van Nebra (2): de ontdekking”

De hemelschijf van Nebra (1): de Únětice-cultuur

De hemelschijf van Nebra

Mijn “relatie” met de Hemelschijf van Nebra begon drie jaar geleden. Ik las toen in de weekendeditie van 27/28 april  2019 van de NRC de recensie van Theo Toebosch over De Hemelschijf van Nebra. Dit boek is geschreven door Harald Meller directeur van het Landesmuseum für Vorgeschichte in Halle Duitsland in samenwerking met de historicus en journalist Kai Michel. En zoals het soms gaat na het lezen van een boeiend verhaal, het laat je niet meer los.

Deze Hemelschijf, brons met gouden afbeeldingen van sterren, manen, horizon-bogen en een schip, is de oudste gevonden afbeelding van de hemel op aarde.

Lees verder “De hemelschijf van Nebra (1): de Únětice-cultuur”

Het wijnschip van Neumagen of zoiets

Het wijnschip van Neumagen (Landesmuseum, Trier)

Het bovenstaande reliëf van een wijnschip, te zien in het Rheinisches Landesmuseum in Trier, is gevonden in Neumagen aan de Moezel. Het stadje heette in de Romeinse tijd Noviomagus, net als Neoux, Nijmegen, Nijon, Nogent, Nouvion en Novion. Allemaal nederzettingen langs de routes waar men vroeger kuddes over een rivier zette en novio magos betekent in het Gallisch “het nieuwe veld”. De andere weide heette dan seno magos, zoals we herkennen in Senan. Misschien zijn “deze kant” en “overkant” de handigste vertalingen.

Blijkbaar heeft men het in Neumagen niet zo op zijn herderlijke oorsprong en prefereert men de Romeinen. Men heeft althans rond 2007 het wijnschip herbouwd. Het heet Stella Noviomagi, “de ster van Neumagen”. Zoiets kan leuk zijn, maar zoals u op de foto hieronder ziet, ligt de boot nogal hoog in het water. De roeiriemen staan op de foto omhoog, maar zelfs als ze neergelaten zouden zijn, zouden ze het water nauwelijks raken.

Lees verder “Het wijnschip van Neumagen of zoiets”

De Hemelschijf van Nebra

De hemelschijf van Nebra

Om het te hebben over de Hemelschijf van Nebra moeten we het eerst hebben over de Leidse balpenmoord. Dat is alweer dertig jaar geleden. Een mevrouw was dood aangetroffen met in de hersenen een balpen. Die was afgeschoten met een kruisboog, zo veronderstelde de politie. Men arresteerde iemand en er volgde een complexe rechtszaak. Toen was er een onverwachte ontwikkeling. Het bleek namelijk dat de pen even goed door een ongelukkige val in de oogkas kon zijn terechtgekomen. Door de tragedie meteen te typeren als moord, had de politie de verdere interpretatie in een bepaalde richting geduwd. En niet per se de juiste.

Zo is het ook met archeologische vondsten. Een team vindt iets, geeft een eerste duiding en die bepaalt dan in welke richting de verdere interpretatie gaat. Uiteraard is er ook weleens correctie. Toen in een grot bij Qumran joodse religieuze teksten waren gevonden, kon de nabijgelegen ruïne alleen maar een klooster zijn. Tot bleek dat het ging om een dadelpalmplantage. De beroemde dodecaëders die overal in Romeins Europa zijn gevonden, gelden als religieuze voorwerpen, maar onlangs opperde iemand dat het punnikklosjes zouden zijn gewest. Voor zover ik weet denkt niemand dat het werkelijk zo is – je zou iets van hout of bot hebben verwacht – maar het was wel een voorbeeld van een hypothese waar nooit iemand aan had gedacht.

Lees verder “De Hemelschijf van Nebra”

Geliefde boek: Im Westen nichts Neues

Een Duitse soldaat uit de Eerste Wereldoorlog (©Bundesarchiv)

Im Westen nichts Neues van Erich Maria Remarque stond al een tijdje op het lijstje van boeken die ik toch echt nog eens wilde lezen. Toen ik een vroege druk uit 1929 op Boekwinkeltjes zag kocht ik hem, voor een grijpstuiver. Een boek met een geschiedenis – en wat voor een. Het heeft de tweeënnegentig jaar echter prima doorstaan en is met zijn naturel linnen band nog in puike staat. De eerste eigenaar kocht het ooit bij Van Benthem & Jutting, Algemeene Boekhandel te Middelburg. Ik had me al aangegord voor een gotische letter, maar dat viel mee: alleen op het inlegvel met reclame van de uitgever – Im Prophyläen-Verlag Berlin – dat nog steeds ongeschonden tussen de pagina’s ligt, staat wat gotisch schrift. Deze luxe uitgave van Im Westen nichts Neues kostte destijds zes mark. Ik kreeg hem op woensdag. De dag daarna viel Rusland Oekraïne binnen. Oekraïne, het grote grensland. Twee zielen in één borst, een strijdtoneel van eeuwen.

Verwoeste generatie

Door toeval lees ik dus de een van de meest indringende oorlogsromans ooit terwijl in Oekraïne een oorlog in volle gang is. Remarque is nog steeds actueel. Zelf zei hij een beeld te willen schetsen van zijn generatie – de jongens die vanuit de schoolbanken naar het front werden gestuurd:

Lees verder “Geliefde boek: Im Westen nichts Neues”

Domitianus (28): De “Mainz Pedestals”

Een van de Mainz Pedestals (Landesmuseum, Mainz)

Keizer Domitianus leidde de oorlog tegen de Chatten vanuit Mainz. De legioenbasis werd tijdens zijn regering herbouwd en uit die bouwfase stammen ook de “Mainz Pedestals”, een verzameling reliëfs die, zoals de naam al aangeeft, was aangebracht op de sokkels van enkele zuilen. Ik weet niet hoe ze heten in het Nederlands of Duits.

Vroeger stonden ze opgesteld in de wereldberoemde Steinhalle van het Landesmuseum, maar die is al jaren gesloten en zal niet heropend worden. De zaal is namelijk enkele jaren in gebruik geweest als vergaderruimte voor het Landesparlement, en dat is de parlementariërs zo goed bevallen dat ze niet meer weg willen. We kijken in Nederland vaak bewonderend naar het Land der Dichter und Denker, maar volmaakt is het ook daar niet.

Lees verder “Domitianus (28): De “Mainz Pedestals””