1 Henoch voor beginners

De avonturen van de achttiende-eeuwse Schotse ontdekkingsreiziger James Bruce behoren tot de grote verhalen van de mensheid. Hij wilde weten waar de Nijl vandaan kwam. Hij ging dus op reis naar Alexandrië in het Ottomaanse Rijk, bezocht Jeddah in Arabië, stak over naar Afrika, won het vertrouwen van keizer Tekle Haymanot II van Ethiopië, verbleef twee jaar aan zijn hof, reisde in 1770 door naar de bron van de Blauwe Nijl, volgde die stroomafwaarts tot Khartoum, werd gearresteerd door de sultan van Sennar, ontsnapte, werd nog eens overvallen, en bereikte Aswan in het veilige Ottomaanse Rijk. Waarop hij terugkeerde naar de woestijn om de boeken terug te halen die hij bij de overval was verloren.

Edities en vertalingen

Zo kregen de West-Europese geleerden drie exemplaren van het Ethiopische Boek Henoch ofwel 1 Henoch. Een intellectuele schat, waarmee de Europese geleerden vervolgens niets deden. Pas in 1800 keek de Franse oriëntalist Silvestre de Sacy ernaar om. Hij zou enkele delen uit het Ge’ez hebben vertaald en hebben gepubliceerd in dit deel van het Magasin Encyclopédique, maar ik heb het niet gevonden. (Wat niet wegneemt dat het een feest is in dat soort oude wetenschappelijke tijdschriften te bladeren. De brede kennisliefde spat van elke bladzijde.) Pas in 1851 was er een wetenschappelijke editie. Duits, uiteraard.

Lees verder “1 Henoch voor beginners”

De tafel van de zon

Offertafel (Museum of Fine Arts, Boston)

Soms lees je bij Herodotos weleens iets waarvan je denkt: “Ik heb geen idee wat ik hiermee moet.” Neem het verhaal over de Zonnetafel in Ethiopië, een voorwerp of een plek die blijkbaar beroemd genoeg was om de aandacht te trekken van Kambyses, de Perzische koning die net Egypte had veroverd. Hij stuurde gezanten naar het zuiden, die niet alleen moesten onderhandelen met de lokale heerser, maar ook moesten spioneren.

In feite moesten ze alle mogelijke inlichtingen zien te verzamelen en daarbij uitvinden of de zogeheten Zonnetafel in Ethiopië werkelijk bestond. Die Zonnetafel bestaat uit een veld dat bezaaid is met hompen gekookt vlees van allerlei kuddedieren. Op dit veld, dat zich aan de rand van de stad bevindt, wordt volgens voorschrift iedere nacht door de magistraten vlees neer gelegd, zodat overdag elke willekeurige voorbijganger ervan kan eten. De inheemse bevolking denkt overigens dat het vlees telkens vanzelf uit de grond komt. (Historiën 3.18; vertaling Hein van Dolen)

Lees verder “De tafel van de zon”

Grieks parfumflesje

Kruikje met afbeelding van een Ethiopiër (British Museum, Londen)

De bovenstaande foto is niet helemaal scherp, ik weet het. Nog erger is: ik heb dit soort flesjes in twee of drie musea gezien en dit is de enige waarvan ik een foto heb gemaakt. We zullen het er dus mee moeten doen maar gelukkig is het interessant.

Het gaat bij mijn weten om een kruikje dat vooral was bedoeld om dure parfums en zalven in te bewaren. De uitleg van het British Museum – de foto van het bordje met tekst is weer wél scherp – is dat ze zijn gemaakt in de tijd van Xerxes’ campagne naar Griekenland, dus in 480 v.Chr. Het leuke is de afbeelding: een Nubiër of (zoals de Grieken het noemden) Ethiopiër. De vaasschilder lijkt gefascineerd te zijn door de rijzige figuur, al kan het zijn dat ik dat er vooral zelf op projecteer, terugdenkend aan de Ethiopische monniken die ik ooit zag in Jeruzalem. Als enigen in de Grafbasiliek straalden ze een stille waardigheid uit. Ik was daarvan onder de indruk.

Lees verder “Grieks parfumflesje”