Geliefd boek: Rusland tegen Napoleon

Rusland tegen Napoleon van Dominic Lieven is een prachtig en spannend geschreven boek dat ons herinnert aan de Napoleontische oorlogen. Het beschrijft wat, hoe en waarom de Russen deden wat ze deden, de organisatie tegen het aanstormende Napoleontische leger, de legerleiding, de Tsaar, de tactieken, de organisatie achter de schermen.

Het toont ook hoe Rusland Napoleon in zijn eentje moest weerstaan en dat de ‘geallieerden’ pas na de overwinning bij Leipzig er brood in zagen om zich daar schoorvoetend bij aan te sluiten. Voor de geallieerden begon de oorlog tegen Napoleon pas toen de Russen de achtervolging door Europa al hadden ingezet.

Ook behandelt het boek de tactische miskleunen van beide kanten. Maar vooral zien we de oorlog vanuit het Russisch perspectief. Het boek biedt niet, zoals in onze geschiedenisboekjes, de West-Europese visie.

Rusland hoort nog steeds bij Europa is mijn mening.

Lees verder “Geliefd boek: Rusland tegen Napoleon”

Geliefd boek: The Hare with Amber Eyes

Met Edmund de Waals The Hare with Amber Eyes. A hidden inheritance (2010) heb ik een speciale band. Het boek gaat over de adellijke, Joodse familie Ephrussi uit Wenen. De Ehrussis kwamen oorspronkelijk als graanhandelaren vanuit Odessa naar Wenen. Als in 1862 de Donau een grote overstroming veroorzaakt, leent de familie grote bedragen aan de staat om de kades te herstellen. Het was in het Habsburgse Rijk niet ongewoon om zo’n familie met een adellijke titel te belonen, ook bij Joodse families. De Ephrussis uit Odessa splitsten zich op in een Weense (bankiers) en een Parijse tak (graanhandelaren). Sinds ik het boek kocht heb ik het regelmatig geraadpleegd voor informatie over Joodse adel. Maar natuurlijk ook wegens de indrukwekkende geschiedenis.

De Waal beschrijft zijn speurtocht naar zijn familie aan de hand van een verzameling van 264 netsuke, waaronder een haas met ogen van barnsteen. Toen Japanse mannen nog een kimono droegen werd een netsuke aan de gordel geknoopt om daaraan ‘spullen’ op te hangen. Het zijn kunstzinnige en praktische voorwerpen. Vrouwen stopten kleine spullen in de mouwen van hun kimono.

Lees verder “Geliefd boek: The Hare with Amber Eyes”

Geliefd boek: In het huis van de dichter

Gedurende de jaren 1986-1990 werkte ik in Hilversum, als presentator van klassieke muziekprogramma’s voor de KRO op Radio4. Dat werk bestond in hoofdzaak uit het aan elkaar praten van programma’s, het geven van toelichting op de gedraaide muziek en het in de gaten houden van de tijd, want de eindtijd voor de zaterdagavondprogrammering was onverbiddelijk vastgelegd op 00.00u.

Vaak bleven er dan nog enkele minuten over aan het eind van de avond, en die tijd moest dan gevuld worden met rustige, niet al te opdringerige muziek. Piano-solo lag dan vaak voor de hand, en in de studio aan de Emmastraat lagen een paar CDs met stukken, gespeeld door Youri Egorov (Kazan, 1954- Amsterdam, 1988). Op de een of andere manier was Egorov mij al snel lief geworden: zijn rustige, maar bij tijd en wijle ook erg spannende speltechniek ontroerden me. Het was dan ook met ontroering dat ik hoorde van de dood van deze jonge pianist, in mei 1988. Het bericht bereikte me in diezelfde studio, waarin ik net een CD met muziek van hem klaar had liggen.

Lees verder “Geliefd boek: In het huis van de dichter”

Geliefd boek: A History of the Crusades

Ik had mijn studie (Oude) Geschiedenis al afgesloten toen ik op de driedelige History of the Crusades stuitte. De auteur, wiens officiële naam Sir James Cochran Stevenson Runciman was, maar die beter bekend stond als Steven Runciman, leefde zo’n beetje de hele twintigste eeuw vol: van 1903-2000. Uitgeverij Penguin had deze monumentale studie uit de jaren 1951-1954 als goedkope paperback herdrukt, en daarmee bereikbaar gemaakt voor een grote lezersschare. De drie pockets hebben mijn selectie ter voorbereiding van een verhuizing gemakkelijk overleefd: ik weet namelijk zeker dat ik ze wil herlezen.

Wat maakt deze allesomvattende geschiedenis van de Kruistochten nu zo bijzonder? Allereerst het feit dat Runciman in staat was om bronnen uit vele talen te lezen: naast zijn kennis van de moderne talen en Grieks en Latijn kon hij bronnen in het Arabisch, Turks, Perzisch, Hebreeuws, Syrisch, Armeens en Georgisch lezen. Voor een geschiedenis van de Kruistochten is dat natuurlijk enorm handig, ook omdat er daarmee een vollediger beeld van die Kruistochten kan worden geschreven dan de doorgaans Europees/Christelijke versie.

Lees verder “Geliefd boek: A History of the Crusades”

Geliefd boek / geliefde film: De Vierde Man

Voor mij is de grote makke van de Nederlandse literatuur het grote aandeel autobiografische romans over jeugdjaren verpest door religie. Ik hoef geen tientallen romans te lezen om te begrijpen dat voor een naar vrijheid en ontplooiing hunkerende geest het een hel is op te groeien in een klein, benauwd dorp of stadje met een heersende streng-christelijke of anderszinse moraal. Noch heb ik behoefte aan de vruchten van therapeutisch-van-je-afschrijven. Eén Anton-Wachter-roman vond en vind ik ruimschoots voldoende.

Bovendien is de ultieme semi-autobiografische roman al lang geleden geschreven: De Avonden. Dat geldt dus ook voor vele opvolgers van dat boek. En daarom was De vierde man voor mij een aangename verrassing. Dat boek ging over de auteur en toch weer niet.

Lees verder “Geliefd boek / geliefde film: De Vierde Man”

Geliefd boek: De encyclopedie

Standbeeld voor Anthony Winkler Prins (Veendam)

Meneer Janss was mijn eerste leraar geschiedenis, op de dependance van het Veluws College in Apeldoorn. Ik mocht hem en hij mocht die puberende brugklasser, die hij typeerde als encyclopedist. Daarmee had hij gelijk. Ik kende de namen van de banden van de Winkler Prins-encyclopedie uit het hoofd: A-Amor, Amos-Baat, Bab-Bin…

Ik heb die liefde voor encyclopedieën altijd behouden. Het fijne van zo’n verzamelwerk is namelijk dat je alle relevante informatie, gevarieerd als ze is, bij elkaar hebt. Het is vermoedelijk geen toeval dat ik in de oudheidkunde terechtkwam: ook daar is de informatie gevarieerd. Laat ik maar eerlijk toegeven dat Livius.org eigenlijk mijn privé-encyclopedie is.

Lees verder “Geliefd boek: De encyclopedie”

Geliefd boek: Playing Cards in Cairo

De Britse journalist Hugh Miles (1977) vertelt in zijn persoonlijke Playing Cards in Cairo. Mint tea, Tarneeb and Tales of the City (2008) over liefde in Caïro. Hij beschrijft onder andere de amoureuze omgangsvormen tussen jonge mensen in een chaotische stad. Zelf raakt hij verliefd op Roda, een Egyptische arts, hoewel het aanvankelijk erg moeilijk is haar te ontmoeten. Voor een ongehuwde vrouw is het problematisch om met een man, laat staan een buitenlander, in het openbaar te verschijnen. Ze brengen daarom veel avonden bij Roda thuis door waar ze met haar vriendinnen Tarneeb spelen, een kaartspel dat op bridge lijkt.

Toneelspel

Miles vertelt dat zijn vriendin Roda geen broer heeft en haar vader in Koeweit werkt. Door de afwezigheid van nauw verwante mannen kan ze zich meer vrijheden veroorloven dan haar getrouwde en ongetrouwde vriendinnen. Maar ze gaat in het begin niet zo ver om Hugh in zijn appartement te bezoeken, want dat zou erg slecht voor haar reputatie zijn. Zelfs in haar eigen buurt is na korte tijd bekend dat Miles ongehuwd is en haar bezoekt. Want in de

close-knitted Caïro society, where everybody makes it their business to know everyone else’s business

verspreiden geruchten zich snel. Uiteindelijk waagt ze het erop, lichtelijk vermomd en met een zonnebril, om bij hem thuis te komen. De conciërge en parkeerwachters maken er een sport van om haar zichzelf te laten verraden door Arabisch tegen haar te spreken. Ze reageert niet. Zoals Miles opmerkt, zijn Egyptische vrouwen onder de druk van zedig gedrag in het openbaar ervaren toneelspeelsters.

Lees verder “Geliefd boek: Playing Cards in Cairo”

Geliefd boek: Wijlen Sarah Silbermann

In de aanloop naar het aanstaande carnaval (13 t/m 16 februari) heb ik in de kleine uurtjes de roman Wijlen Sarah Silbermann (1980) van Hubert Lampo herlezen, het boek dat mij precies vijfendertig jaar geleden op het spoor zette van de intrigerende geheimen binnen de volkscultuur en folklore onder het motto ‘niets is wat het lijkt’. Lampo (1920-2006) is de belangrijkste vertegenwoordiger van de stroming die als ‘magisch realisme‘ wordt betiteld: een stroming die zich kenmerkt door de realistische weergave van bovennatuurlijke verschijnselen, eigenschappen en gebeurtenissen. Magie, esoterie en het paranormale worden daarbij ongemerkt en geleidelijk een aanvankelijk alleszins realistische vertelling binnengesluisd.
Precies zoals ik het graag zie: legenden, sagen en dergelijke, maar wel met onderliggende feiten.

Wijlen Sarah Silbermann bevat diverse thema’s, grotendeels, typisch Lampo, jungiaans archetypisch. De titel van het boek met daarin de Joodse Sarah Silbermann, verwijst naar de Tweede Wereldoorlog, een tijd die Lampo licht getraumatiseerd is doorgekomen. Ook komt in het boek een Duitse Hauptmann voor van organisatie Ahnenerbe die perfect in het verhaal past.

Lees verder “Geliefd boek: Wijlen Sarah Silbermann”

Geliefd boek: Begin van een onbekend tijdperk

Zo haalde Paustovski me uit een depressie

Een kwart eeuw geleden werd ik plots emotioneel analfabeet. Ik kon nog lezen –werken zou anders wel erg lastig zijn geworden– maar lezen voor mijn plezier ging niet meer. Net zoals het toen niet meer tot me doordrong of voedsel me smaakte, misten woorden ieder doel.

Het overviel me, want tot dan toe hadden boeken me juist door moeilijke perioden heen gehaald. Ik probeerde keer op keer de lettertroost te hervinden, maar zonder resultaat. Totdat ik een boek uit de kast pakte dat ik tien jaar eerder van mijn vader had gekregen.

Lees verder “Geliefd boek: Begin van een onbekend tijdperk”

Geliefd boek: De grote angst in de bergen

Als mensen weten dat je graag leest, krijg je vaak boeken aangeraden. Zo leerde ik De grote angst in de bergen kennen van de Zwitser Charles-Ferdinand Ramuz (1878-1947). Het decor lijkt opgesteld voor een heimatroman: een dorp in de Zwitserse Alpen, een zomerse alpenweide aan de voet van een gletsjer. Het boek opent in een dorpsvergadering. De jonge generatie schaart zich achter een voorstel om de kudde deze zomer op de afgelegen alm Sasseneire te hoeden. Dat stuit op verzet van de ouderen. Zij herinneren zich nog goed de rampspoed toen deze weide voor het laatst gebruikt werd, jaren geleden: “Op sommige plekken dulden de bergen geen indringers.” Sasseneire is vervloekt, mompelen ze in hun baarden. Het jonge volkje lacht het bijgeloof weg. Zoveel hubris kan niet onbestraft blijven, de bergen laten zich op verpletterende wijze gelden.

Ramuz, beroemd in Zwitserland, is blijkbaar weinig bekend in het Nederlandse taalgebied, al zal dat bij de belezen MB-bezoekers mogelijk anders liggen. Zijn ‘openluchtfrans’, zoals hij het zelf noemde, werd niet door alle critici gesmaakt. Het boek is geschreven in een voor die tijd (1926) zeer moderne, beeldende, haast filmische taal. Ze geeft het verhaal de vaart en het gevoel van een gesproken ooggetuigenverslag met herhalingen en indrukken, bij momenten erg helder, soms als een droom die gereconstrueerd moet worden. Ik heb het boek in vertaling gelezen maar zou de Franse versie eens moeten doornemen om een paar vertaalvondsten en -problemen die de vertaler achteraan toelicht te kunnen bekijken.

Lees verder “Geliefd boek: De grote angst in de bergen”