Perzen, Grieken en pseudohistorici (4)

Beeld van een hopliet, geïdentificeerd als Leonidas, uit de tempel van Athena Chalkioikos in Sparta (Archeologisch Museum van Sparta)

Herodotos schreef niet voor ons en selecteert zijn informatie, zo heb ik betoogd in dit, dat en dat stukje, om iets duidelijk te maken aan zijn tijdgenoten. Vragen die voor ons relevant zijn, waren dat voor hem niet en één zo’n vraag is wat er nou precies is gebeurd bij Thermopylai. Zoveel is zeker: de plek was bezet door een paar duizend Grieken, de Perzen wisten het bewaakte bergpad om Thermopylai te forceren en honderden Grieken kwamen in de eindstrijd om het leven.

Herodotos heeft in woorden een monument opgericht voor de gevallenen. Die worden vergeleken met homerische helden, inclusief strijd om het lichaam van koning Leonidas. Het eerbewijs is altogether fitting and proper, maar geen geschiedenis. Wij willen weten waarom Leonidas Thermopylai verdedigde en waarom hij zich niet terugtrok. Op de eerste vraag geeft Herodotos geen duidelijk antwoord – het interesseert hem niet voldoende – en over de tweede lijkt hij zichzelf tegen te spreken.

Lees verder “Perzen, Grieken en pseudohistorici (4)”

Perzen, Grieken en pseudohistorici (3)

Ik heb in de twee eerste stukjes Herodotos aan u geïntroduceerd en iets verteld over zijn ideeën over oorzakelijkheid, die afwijken van hoe wij daar tegenaan kijken. Herodotos’ keuzes hebben invloed op zijn verhaal. Hij selecteert informatie die past bij de toenmalige visie op causaliteit en dat maakt het voor ons al met al wat onbevredigend. (Het is een gekend probleem met antieke auteurs dat ze niet de beleefdheid hadden te schrijven voor mensen die vijfentwintig eeuwen later werden geboren.) Er zijn allerlei zaken die we niet weten, niet weten kunnen, omdat Herodotos ons er niet over informeert.

De oorzaak van de Perzische inval in Griekenland is na het voorgaande het obligate eerste voorbeeld. Vanuit ons perspectief is Herodotos’ relaas, gebaseerd op actie/reactie en onderbroken met een bovennatuurlijke interventie die moet verhinderen dat Xerxes zich bedenkt en nemesis belet, volkomen ontoereikend. Die bovennatuurlijke interventie is bovendien gegoten in de vorm van een misleidende droom, een motief dat Herodotos regelrecht kopieert uit de Ilias.

Lees verder “Perzen, Grieken en pseudohistorici (3)”

Perzen, Grieken en pseudohistorici (2)

Kroisos (Louvre, Parijs)

Er is veel te zeggen voor de stelling dat Herodotos van Halikarnassos geen historicus is in onze zin van het woord, maar er is een belangrijk punt van overeenkomst: Herodotos had in de smiezen dat geschiedenis niet “one damn’ thing after another” is, geen kroniek (zoals), maar dat het draait om verklaringen. Historici – ik bedoel eigentijdse – onderscheiden diverse soorten verklaringen, waaronder de oorzakelijke waarin Herodotos in is geïnteresseerd. Daarin was hij een kind van zijn tijd. Vóór Herodotos zochten de Ionische Natuurfilosofen al naar aitia en na Herodotos systematiseerde Aristoteles wat er zoal over oorzaken te weten viel.

Drie soorten oorzaak

Omdat Herodotos leefde op het moment dat het begrip nog niet was uitgekristalliseerd, valt te verwachten dat hij niet zo systematisch is. Dat zien we mooi in de ouverture van de Historiën, het verhaal van Kroisos, koning van Lydië in West-Turkije, waarin Herodotos alle thema’s van zijn werk aangeeft. Om te beginnen is er in dit verhaal een vorm van causaliteit die we kunnen aanduiden als “actie – reactie”. De Perzische koning Cyrus had een zwager van Kroisos van de troon gestoten, dus moest Kroisos reageren. Kroisos’ leger steekt daarop de grensrivier Halys over, wordt verslagen, en nu is het Cyrus die reageert door over de Halys te komen en Kroisos aan te vallen. Actie en reactie.

Lees verder “Perzen, Grieken en pseudohistorici (2)”

Een andere “ander”

Wie de Griekse teksten leest over de Skythen of de Romeinse teksten over de Germanen, stuit al snel op passages waarvan je je afvraagt wat daar aan de hand kan zijn. Zo zijn er Germanen die het haar op hun voorhoofd lang dragen en op hun achterhoofd kort. De Germaan is dan de anti-Romein, levend in een omgekeerde wereld. Hij is de Ander. Hetzelfde geldt voor de Skythen en nog een hele trits volken rondom de Grieks-Romeinse wereld.

Over “de constructie van de Ander” is veel geschreven. Op zich gaat het om een simpele constatering: u en ik, we definiëren wie we zijn door (onder meer) aan te geven wat ons onderscheidt van onze naasten. Ik ben niet mijn zus, want ik woon in Amsterdam en zij woont op Curaçao. Ook ben ik mijn buurman niet, want hij woont aan de voorkant van het huis terwijl ik uitkijk op de achtertuin. Elk “ik” veronderstelt een ander, zo simpel.

Lees verder “Een andere “ander””

“Rape in the sky”

Romeinse gem (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

We moeten wegens de corona zoveel mogelijk thuis blijven maar voor de opnames van Oog op de Oudheid moest ik afgelopen dinsdag toch echt naar Leiden, naar het Rijksmuseum van Oudheden. Daar was een expositie van gemmen – u weet wel, gesneden edelstenen – ingericht waar geen mens momenteel naar kan komen kijken. Het stemde me intens treurig. Het is zoiets als de weg weten in een huis dat is gesloopt. (Tussen haakjes: al mijn veel beleden sympathie voor Rotterdam maakt me niet blind voor de waanzin van de sloop in de Tweebosbuurt.)

Terug naar die gemmen. Hierboven een Romeins voorbeeld uit de eerste eeuw n.Chr.: een adelaar die iemand optilt. De adelaar is Zeus/Jupiter, daar zit geen probleem. Maar wie is de ander? Is het Hebe, de schenkster van de goden? Die wordt meestal afgebeeld met een beker in de hand. Is het – zie het plaatje hieronder – Ganymedes, de geliefde van Zeus? Het door een enorme adelaar meegevoerde mensje lijkt een vrouw met een haarknotje.

Lees verder ““Rape in the sky””

Een koninklijke toerist

Tempe

Voordat hij in de zomer van 480 v. Chr. Thessalië binnenviel, verzamelde de Perzische koning Xerxes zijn troepen in Therma (het huidige Thessaloniki). Bij het zien van de toppen van Olympos en Ossa, besloot hij de kloof tussen de twee bergen, het Tempe-ravijn waarover ik al eens blogde, te bezoeken. Een van de redenen was om de weg te verkennen. De Griekse onderzoeker Herodotos geeft echter ook een tweede motief aan: de grote koning had grote bewondering voor de grote werken van de natuur.

Het koninklijk bezoek biedt Herodotos de gelegenheid om uit te weiden. Verwijzend naar een oude mythe dat de god Poseidon de kloof van Tempe zou hebben geschapen, merkt hij op dat dit een redelijke verklaring is. De dichter Homeros had Poseidon immers de “schudder der aarde” genoemd, en het lag volgens Herodotos voor de hand dat deze kloof door aardbevingen was ontstaan. Hoewel hij zich vergist – Tempe is in feite ontstaan door erosie – geeft hij er blijk van zich bewust te zijn van het feit dat het oppervlak van de aarde sinds het ontstaan van de wereld is veranderd. Dat is nogal een inzicht.

Lees verder “Een koninklijke toerist”

De slangenzuil van Delfi

De sokkel van de slangenzuil in Delfi

Eind september 480 v.Chr. versloegen de Griekse schepen de Perzische in de zeeslag bij Salamis. Hiermee lijken de Perzen, die probeerden de Griekse stadstaten te onderwerpen, hun overmacht ter zee te hebben verloren, al moet hierbij meteen worden aangetekend dat onze belangrijkste bron, Herodotos, eveneens vertelt dat het Fenicische eskader wegvoer. We weten niet waarom dit gebeurde, maar het kan weleens belangrijker zijn geweest dan de roemruchte zeeslag.

In elk geval werd het voor de Perzen moeilijk hun landleger voldoende te steunen. In de zomer van 479 slaagden de Grieken er in een zenuwenoorlog in Boiotië in ook de Perzische cavalerie en infanterie terug te drijven. Na deze slag bij Plataia vielen de Grieken nog allerlei Perzische posities aan, culminerend in de val van Eïon, mogelijk het belangrijkste Perzische fort in Europa. De Grieken vierden hun overwinning met een monument in Delfi.

Lees verder “De slangenzuil van Delfi”

Het Tempe-ravijn

Het ravijn Tempe

De Tempevallei is de diepe kloof tussen de bergen Olympos en Ossa, waar de snelle rivier Peneios zich een weg van Thessalië naar de Egeïsche Zee baant. Wat zo vaak een vallei wordt genoemd, is in feite maar 25 tot 50 meter breed, bijna 500 meter diep en tien kilometer lang. Het is een ravijn.

Er zijn prachtige kliffen en de vegetatie is lieflijk, zodat het niet verwonderlijk is dat het landschap altijd door dichters is geprezen: zo was er van Dion Chrysostomos een Ekfrasis (beschrijving). De tekst is helaas verloren gegaan.

De Grieken vertelden dat de god Apollo hier eens had geprobeerd de nimf Dafne aan te randen, maar dat ze was veranderd in een laurierboom. Apollo zou een loot vanuit de canyon hebben overgeplant naar de Kastalische Bron bij Delfi.

Lees verder “Het Tempe-ravijn”

De Kastalische Bron

De Kastalische Bron

De Kastalische bron in Delfi bevindt zich niet in het eigenlijke heiligdom van Apollo zelf, maar een eindje vóór de hoofdingang tot het tempelcomplex. Volgens Euripides’ toneelstuk Ion gingen de bezoekers van het orakel eerst naar deze bron om zich ritueel te reinigen. Het wassen van het haar was daarbij voldoende. Alleen moordenaars moesten zich van top tot teen wassen.

Het bronwater diende ook om de tempel van Apollo te besprenkelen. Het kwam van de twee rotsen die bekend stonden als de Faidriades en stortte zich als een beekje naar beneden, om zich onder Delfi te voegen bij de rivier de Pleistos. Volgens de Griekse schrijver Pausanias was het water heerlijk van smaak.

Lees verder “De Kastalische Bron”

Katharsis

Romeinse toneelmaskers (Museum van Sousse)

Bij een tragedie zien we op het podium een afgeronde reeks serieuze handelingen met een zekere lengte, waarbij elegante taal wordt benut die functioneel is toegesneden op de delen van het stuk en de handelingen niet worden beschreven maar uitgevoerd, met als doel door middel medelijden en angst van die emoties te zuiveren. Tot zover is de definitie – meer een opsomming van kenmerken – redelijk duidelijk, maar de vraag is wie er wordt gezuiverd.

Of misschien was dat de vraag en is er inmiddels een antwoord dat ik niet ken. Het was eind jaren tachtig, toen ik bij de vorige week overleden professor Schenkeveld een literatuurtentamen deed over alle stukken van Aischylos, Sofokles, Euripides en Ezechiël, wel een kwestie. Had die zuivering, de katharsis, betrekking op een personage dat tot inzicht kwam of op het publiek?

Lees verder “Katharsis”