Livius.org, hoe verder?

Inscriptie van Antigonos (Archeologisch Museum van Amfipolis)

Jaren, jaren geleden moest ik concluderen dat ik de Livius.org-website eigenhandig om zeep had geholpen. Ooit was ik er trots op, want Livius.org was de grootste Oudheid-site ter wereld. Er was echter wat je noemt een fatal flaw: ik had een verzoek ingewilligd geen literatuurverwijzingen op te nemen, omdat studenten anders mijn pagina’s zouden overschrijven en als werkstuk inleveren. Ik vond dit destijds een vreemd verzoek – studenten hebben niets op het internet te zoeken, nog steeds niet – maar plagiaat schijnt inderdaad voor te komen. Ik willigde het verzoek dus in en maakte Livius.org zo minder nuttig dan het project had kunnen zijn. De Wikipedia haalde me later in, en terecht. Mijn trots haal ik nu uit het ontsluiten van duizenden foto’s.

De ontbrekende literatuurverwijzingen vormden niet het enige probleem. De software waarmee ik Livius.org heb gebouwd, verouderde. Ik schakelde over op een veelbelovend nieuw content management system, wat nogal een klus was. Bovendien was het, tot het allemaal handmatig overgezet was, lastig bestaande pagina’s te actualiseren en de annotatie toe te voegen. Het nieuwe content management system is sindsdien veelbelovend gebleven, en zo kwam het dat ik naar een gangbaarder systeem moest overschakelen. Dat gebeurt binnenkort en ik hoop daarna een begin te maken met het verbeteren van de bestaande pagina’s. En nog meer foto’s te ontsluiten.

Lees verder “Livius.org, hoe verder?”

Een Joods graf uit Saoedi-Arabië

Joods grafschrift uit Hegra

Een paar jaar geleden kondigde de Saoedische oudheidkundige dienst aan dat ze meer aandacht zou besteden aan het joodse erfgoed op het Arabische Schiereiland. Het is al heel lang bekend dat dit er is want ooit was Jemen een Joods koninkrijk. De islamitische traditie vertelt over hardhandige conflicten tussen Mohammed en joodse stammen. Vreemd is het dus niet dat er aandacht voor is, zeker nu Saoedi-Arabië en Israël elkaar hebben gevonden in hun vijandschap met Iran.

Toch is het blijkbaar nog een stap te ver om er ook mee te koop te lopen. Een voorbeeld is het bovenstaande grafschrift, dat is opgegraven in het Al-Mabiyat-grafveld bij het Romeinse fort Hegra en dat deel uitmaakt van de archeologische collectie van de Koning Saoed-Universiteit in Riyad. Ze is tot 8 maart nog te zien op de overdonderend mooie Al-Ula-expositie in het Institut du Monde Arabe in Parijs. De bovenste helft van de inscriptie, waarin de naam van een overleden man moet hebben gestaan, is verloren maar het restant is intrigerend.

Vrede (šlm) over het graf van Rammanat, zijn echtgenote, de dochter van Yusuf, de zoon van Irar uit Qarya. Ze werd zesentwintig en stierf in de maand ijar van het jaar 165.

Lees verder “Een Joods graf uit Saoedi-Arabië”

Hoe kennen we de Romeinen? (2)

Germania Capta
Romeinse munt met een huilende Germaanse vrouw. De Romeinen hebben de Germanen verslagen, de mannen gedood en de vrouwen in rouw achtergelaten.

[Eergisteren begon de Romeinenweek. Wat dat is en waarom het leuk is, lazen de vaste lezers van deze kleine blog al eerder (hier) en zal ik niet herhalen. Liever schrijf ik deze week een reeks Romeinenstukjes voor mijn neef op Curaçao. Die heeft ooit een spreekbeurt over de Romeinen gehouden, dus hij weet al heel veel, maar ik voeg deze week wat Romeinse dingen toe.]

Ik vertelde gisteren dat we de Romeinen kenden door de teksten die ze op papyrus hebben geschreven. Sommige daarvan zijn gevonden in de Egyptische woestijn, andere zijn, omdat het zulke mooie literatuur was, door een lange reeks kopiisten overgeschreven. Er zijn echter nog veel meer Romeinse teksten over, namelijk op inscripties en op munten.

Lees verder “Hoe kennen we de Romeinen? (2)”

Romeinse inscripties

Grafsteen van een soldaat van het Derde Legioen Cyrenaica (Mausoleum van Caecilia Metella, Rome)

Je hoeft de Tiberstad niet bezocht te hebben om tenminste één standaardfrase uit de Romeinse inscripties te kennen: SPQR, Senatus PopulusQue Romanus, ‘Romeinse Senaat en Volksvergadering’. Een andere uitdrukking met meer dan lokale bekendheid is Pontifex Maximus: de aanduiding van de hogepriester, later van de paus. Er zijn in Rome nog tienduizenden Latijnse inscripties, variërend van de vloekformule uit de zesde eeuw v.Chr. tot een triomfantelijke gedenksteen voor de ondertekening van de Europese Grondwet in 2004.

Dit laatste voorbeeld maakt wel duidelijk dat je niet alles moet geloven wat inscripties zeggen. Het bedoelde verdrag is immers verworpen, uitgekleed, onconstitutioneel bevonden en in referenda voorgelegd aan een mokkende bevolking. De betrouwbaarheid van inscripties is een belangrijke kwestie, maar de Amerikaanse classicus Tyler Lansford stipt haar in The Latin Inscriptions of Rome niet aan. Evenmin gaat hij in op het feit dat inscripties betrekkelijk goedkoop waren en dus informatie kunnen bieden over het leven van de gewone man. Zijn collectie is beperkt tot de monumentale inscripties van consuls en keizers, pausen en prelaten, burgemeesters en bisschoppen.

Lees verder “Romeinse inscripties”