Factcheck: Het Afghanistan van Louise Fresco

Bodhisattva uit Gandara (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Het is ogenschijnlijk triviaal, maar toch: de column van Louise Fresco in het Handelsblad van gisteren, daarover heb ik wat te zeggen. Voor het goede begrip, ze heeft vermoedelijk groot gelijk als ze zegt dat de westerse mogendheden Afghanistan met rust moeten laten en dat ze, als ze steun willen geven, samenwerking moeten aanbieden op het gebied van medische zorg, landbouw en voedsel, en mogelijk onderwijs. Daarover blog ik dus niet.

Wat me stoorde was een voor haar betoog welbeschouwd irrelevant terzijde.

In de loop van de geschiedenis hebben buurrijken zoals van de Assyriërs, Grieken, Scythen, Perzen en Mongolen delen van Afghanistan ingelijfd. Het resultaat is een mozaïek van culturen.

Au.

Lees verder “Factcheck: Het Afghanistan van Louise Fresco”

Boeken over het oude Perzië

Achaimenidische mantelgesp (Rijksmuseum van Oudheden Leiden)

De cultuur van het oude Perzië is in West-Europa altijd bekend geweest: Griekse, joodse en Romeinse auteurs schreven erover, de Iraanse religieuze literatuur (de Avesta) volgde en het eerst-ontcijferde soort spijkerschrift was, dankzij de Behistun-inscriptie, het Perzische. Spoedig daarna kwamen, opnieuw dankzij opgemelde inscriptie, de Babylonische teksten erbij met duizenden tegelijk. En Elamitische. De eerste opgravingen vonden al plaats in de negentiende eeuw.

Nieuwe iranologie

In de daarop volgende twintigste eeuw kwamen de inzichten uit de sociale wetenschappen erbij. Ik blogde al over Henri Claessens concept van de Vroege Staat. Twee geleerden speelden een heel belangrijke rol bij het scheppen van een nieuwe iranologie: de Nederlandse Heleen Sancisi-Weerdenburg en de Fransman Pierre Briant. Van de laatste verscheen in 1996 het baksteenzware Histoire de l’empire perse, waarover het onderstaande filmpje gaat. Het is de alweer zesentwintigste aflevering in de bloedstollende reeks “Zit een oudheidkundige met de rug naar een boekenkast”. (Met dank aan Kees Huyser voor de afwerking.)

Lees verder “Boeken over het oude Perzië”

Perzen, Grieken en pseudohistorici (5)

Kleio, muze van de geschiedvorsing (El Djem, Huis van de Maanden)

De term is wat sleets geworden, maar sommige gebeurtenissen zijn echt “historisch”. De dag van de Wannsee-conferentie. De dag waarop Martin Luther King een droom had. De dag waarop Yuri Gagarin de ruimte in werd geschoten. De dag van de Watergate-inbraak. De dag dat de Muur viel. De dag waarop supergeleiding mogelijk werd op zo’n temperatuur dat koeling mogelijk was met vloeibare stikstof. De dag waarop terroristen de Twin Towers aanvielen. Het zijn dagen als alle andere, met een dag en een nacht en vierentwintig uur en wat dies meer zij, maar er gebeurden op die dagen dingen die vérstrekkende gevolgen hebben.

De Perzische Oorlog staat ook op het lijstje. Maar wat houdt het nu precies in dat het een historische gebeurtenis was? Anders gezegd: wat betekent de Perzische Oorlog voor ons? We schakelen over naar Eduard Meyer, een van de allergrootste oudheidkundigen aller tijden. In het derde deel van zijn Geschichte des Altertums (1901) beschreef hij wat zou zijn gebeurd als de Perzen zouden hebben gewonnen:

Das Endergebnis wäre schließlich doch gewesen dass eine Kirche … dem griechischen Leben und Denken ihr Joch aufgelegt und jede freiere Regung in Fesseln geschlagen hätte, dass auch die neue griechische Kultur so gut wie orientalischen ein theologisch-religiöses Gepräge erhalten hätte.

Lees verder “Perzen, Grieken en pseudohistorici (5)”

Perzen, Grieken en pseudohistorici (3)

Ik heb in de twee eerste stukjes Herodotos aan u geïntroduceerd en iets verteld over zijn ideeën over oorzakelijkheid, die afwijken van hoe wij daar tegenaan kijken. Herodotos’ keuzes hebben invloed op zijn verhaal. Hij selecteert informatie die past bij de toenmalige visie op causaliteit en dat maakt het voor ons al met al wat onbevredigend. (Het is een gekend probleem met antieke auteurs dat ze niet de beleefdheid hadden te schrijven voor mensen die vijfentwintig eeuwen later werden geboren.) Er zijn allerlei zaken die we niet weten, niet weten kunnen, omdat Herodotos ons er niet over informeert.

De oorzaak van de Perzische inval in Griekenland is na het voorgaande het obligate eerste voorbeeld. Vanuit ons perspectief is Herodotos’ relaas, gebaseerd op actie/reactie en onderbroken met een bovennatuurlijke interventie die moet verhinderen dat Xerxes zich bedenkt en nemesis belet, volkomen ontoereikend. Die bovennatuurlijke interventie is bovendien gegoten in de vorm van een misleidende droom, een motief dat Herodotos regelrecht kopieert uit de Ilias.

Lees verder “Perzen, Grieken en pseudohistorici (3)”

Er staat geen ú maar lu

Je ziet het gelijk: geen ú maar lu

Er staat dus geen ú maar lu. U begrijpt, zoiets belangrijks, dat schrijf ik niet lichtvaardig. We hebben het over het kleitablet dat bekendstaat als ABC 7, een van de bekendste kronieken uit het oude Nabije Oosten. Meer precies: de zevende kroniek uit het boek met Assyrian and Babylonian Chronicles dat A.K. Grayson in 1975 uitgaf. Kroniek 7 beschrijft de regering van koning Nabonidus van Babylonië, die in 539 v.Chr. de macht moest overdragen aan de Perzische veroveraar Cyrus de Grote.

Die maakt in deze kroniek zijn opwachting april 547 v.Chr. De koning van Babylonië verblijft dan in de oase van Tayma (waarover ik al eens blogde), ’s konings moeder overlijdt, ’s konings zoon Belsazar gaat drie dagen in rouw, en dan komt het: Cyrus steekt de rivier de Tigris over en gaat in mei op weg naar een vreemd land. Daar doodt hij de koning en rooft hij een schat. De hamvraag is waar dat was. Hier doet zich een probleem voor dat zich altijd voordoet bij antieke teksten: daar waar de cruciale informatie moet staan, is een kras of een breuk of scheur of iets anders. Altijd.

Lees verder “Er staat geen ú maar lu”

Het Aramees: de eerste wereldtaal

Een papyrus uit Elefantine met een deel van de tekst van de Behistuninscriptie, vertaald in het Aramees (Neues Museum, Berlijn)

De oudste wereldtaal is het Aramees. Of eigenlijk is het niet één taal, maar een familie van talen. Het aardige is dat het Aramees al drie millennia te volgen is. Aanvankelijk was het de taal van – u raadt het al – de Arameeërs in Syrië, maar later was het de kanselarijtaal van het Perzische Rijk en toen dat ten onder was gegaan, bleef het Aramees in gebruik in het gehele Nabije Oosten. In het Romeinse Rijk en het Parthisch/Sasanidische Rijk ontstonden joodse, samaritaanse en mandese varianten.

En ook christelijke, trouwens, die nog altijd worden gesproken in een paar dorpen ten noorden van Damascus. Ik weet niet of dat nog steeds de situatie is want tijdens de Syrische Burgeroorlog is stevig geplunderd in die regio en ik sluit niet uit dat ook de bewoners het hard te verduren hebben gehad. Mogelijk is het Aramees sinds kort geen levende taal meer.

Lees verder “Het Aramees: de eerste wereldtaal”

De slangenzuil van Delfi

De sokkel van de slangenzuil in Delfi

Eind september 480 v.Chr. versloegen de Griekse schepen de Perzische in de zeeslag bij Salamis. Hiermee lijken de Perzen, die probeerden de Griekse stadstaten te onderwerpen, hun overmacht ter zee te hebben verloren, al moet hierbij meteen worden aangetekend dat onze belangrijkste bron, Herodotos, eveneens vertelt dat het Fenicische eskader wegvoer. We weten niet waarom dit gebeurde, maar het kan weleens belangrijker zijn geweest dan de roemruchte zeeslag.

In elk geval werd het voor de Perzen moeilijk hun landleger voldoende te steunen. In de zomer van 479 slaagden de Grieken er in een zenuwenoorlog in Boiotië in ook de Perzische cavalerie en infanterie terug te drijven. Na deze slag bij Plataia vielen de Grieken nog allerlei Perzische posities aan, culminerend in de val van Eïon, mogelijk het belangrijkste Perzische fort in Europa. De Grieken vierden hun overwinning met een monument in Delfi.

Lees verder “De slangenzuil van Delfi”

Interview met Daan Nijssen

Vandaag verschijnt het boek Het wereldrijk van het Tweestromenland van Daan Nijssen. Het is een geschiedenis van het antieke Nabije Oosten, een thema dat enerzijds belangrijk en boeiend is, maar anderzijds lastig. Veel van die namen, plaatsen en volken zijn ons immers vreemd. Nijssen, die online al publiceerde op zijn eigen blog en op Sargasso en die dus weet wat hij doet, heeft het kunststukje toch geflikt: een leesbaar boek over een van de grootste oude beschavingen.

Als de gezondheidssituatie beter was geweest, zou er vandaag een presentatie zijn geweest in het Rijksmuseum van Oudheden, maar zo heeft het niet mogen zijn. Het alternatief is per livestream; u leest er hier meer over en kunt zich daar aanmelden. Per e-mail heb ik hem geïnterviewd.

Lees verder “Interview met Daan Nijssen”

Een leeuw uit Perzië

Achaimenidische mantelgesp (Rijksmuseum van Oudheden Leiden)

Het logo van GrondslagenNet, waar komt dat vandaan? Ik zocht een voorwerp dat zich leende voor een abstract beeld, dus geen wandschildering uit Pompeii of zo. Ik wilde ook dat het iets was uit een Nederlands of Vlaams museum. Dus alle schatten uit het Louvre en het Vaticaan vielen af. Ten slotte wilde ik een motiefje dat in alle antieke culturen voorkwam. Dan kom je al vrij snel uit op de leeuw, die kunstenaars uit vrijwel alle beschavingen uit de Oudheid hebben afgebeeld. Ook in streken waar de koning der dieren niet voorkwam.

De bovenstaande leeuw is een mantelspeld uit Iran, vervaardigd in de vijfde of vierde eeuw v.Chr. Het voorwerpje is een centimeter of vijf groot en gemaakt van verguld zilver. Reken maar dat deze mantelspelden, die per twee werden gedragen, ooit hebben toebehoord aan een voorname Pers. Twee van die spelden zijn in 1960 aangekocht door het Rijksmuseum van Oudheden, waar het koppel nu is te zien op de afdeling Archeologie van het Nabije Oosten.

Lees verder “Een leeuw uit Perzië”

Xerxes’ non-comeback

Een Fenicisch oorlogsschip op eens munt uit Byblos (Nationaal Museum, Beiroet)

In 480 v.Chr. probeerde de Perzische koning Xerxes de Griekse stadstaten te onderwerpen. Hij veroverde Thessalië, zegevierde bij Thermopylai en Artemision, onderwierp Boiotië en verwoestte Athene. Ik heb er al eens over geblogd. Zijn vloot leed echter een nederlaag in de haven van Athene – de zeeslag bij Salamis – en daarop keerde Xerxes terug naar Klein-Azië. De slag bij Salamis geldt daarom als keerpunt in deze oorlog, ja als een gebeurtenis van wereldhistorische betekenis. Dat laatste is onzin, zoals ik hier uitleg, maar het eerste, tja, eigenlijk is het maar de vraag of Salamis zo belangrijk was.

Logistiek?

De grote, onoplosbare vraag is namelijk waarom de Perzen de winter niet benutten om hun vloot, die met 300 of 400 oorlogsbodems nog ruimschoots was opgewassen tegen de Griekse, verder te versterken en waarom ze niet profiteerden van het feit dat in het voorjaar van 479 de Atheners en Spartanen ruzieden over de te volgen koers.

Eén verklaring is dat het voor de Perzen onmogelijk was in de winter voldoende voedselvoorraden op te bouwen. Als dit correct is, was niet de zeeslag bij Salamis beslissend voor de uitkomst van de oorlog. Dan ligt de oorzaak van de Griekse overwinning vooral in de logistiek. De Perzen konden tegenover de technisch superieure Grieken alleen superieure aantallen stellen, maar die veronderstelden onmogelijk grote voedselvoorraden. De operatie moest zijn afgerond voor het einde van het vaarseizoen. De late zomer van 480 was de enige kans die de Perzen hadden gehad, stormen hadden het succes belet en Salamis was de klap geweest die ze niet meer te boven kwamen.

Lees verder “Xerxes’ non-comeback”