Archeologisch nieuws (ja, echt!)

De zuidelijke stallen van Megiddo zijn een voorbeeld van een bouwwerk dat eerst ten tijde van Salomo werd gedateerd, maar jonger leek te zijn. Of misschien is het toch weer anders.

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, ben ik momenteel in Leeuwarden duizenden digitale foto’s online aan het plaatsen die mijn zakenpartner, enkele vrienden en ik de afgelopen vijftien jaar hebben gemaakt. Het is allemaal nog even wennen, maar mijn geadopteerde woonplaats is prettig ontspannen en ik werk hier met plezier. Als ik straks wat sneller kan werken en als ik wat geluk heb, dan is over drie maanden zo niet de hele dan toch een fors deel van de verzameling online beschikbaar voor iedereen die er gebruik van wil maken, bijvoorbeeld via de websites van Tresoar, Vici, het Rijksmuseum van Oudheden of Livius. (Hoewel ik daarnaar link, is er nu nog niets te zien van de fotocollectie.)

Omdat ik én met deze lekkere klus bezig ben én nog wat aan het Friese leven moet wennen – waar is in Leeuwarden om tien uur ’s avonds een supermarkt open? – is er weinig tijd om het nieuws te volgen, maar gelukkig attendeerde Kees Huyser van het NIKHEF, die ook de landkaarten maakte voor Het visioen van Constantijn, me op een artikel dat me anders misschien was ontgaan: “Fluctuating radiocarbon offsets observed in the southern Levant and implications for archaeological chronology debates”. Dit lijkt belangrijk nieuws over de archeologie van het Nabije Oosten.

Lees verder “Archeologisch nieuws (ja, echt!)”

Menandros van Efesos

Tyrus betaalt tribuut aan Salmanasser III (British Museum)

Ik rondde vorige week een reeks blogposts af over de discussie, in Israël, over de prioriteit van de archeologie dan wel de geschiedenis bij het vaststellen van wat er tussen pakweg 1300 en 900 in het land is gebeurd. Dat is het minimalisme-maximalisme-debat, en een verkorte versie van het stuk verscheen vandaag op kennislink.nl.

Mijn argumentatie sneed zichzelf overigens in de staart. Ik concludeerde namelijk dat de monumentale gebouwen uit de Vroege IJzertijd niet kunnen zijn gebouwd door Salomo, omdat ze worden gedateerd ná diens regering, waarvan de Bijbel suggereert dat het zou gaan om 970-931. De archeologische datering van de gebouwen suggereert dat het bijbelse verhaal zwakke punten heeft (en dat denk ik ook), maar als dat zo is, waarom aanvaard ik dan wel de chronologie? Kan het niet zijn dat het chronologische skelet te lang is, dat David en Salomo later leefden dan aangenomen, en dat we de monumentale gebouwen dus wél aan ze kunnen toeschrijven?

Lees verder “Menandros van Efesos”

Archeologie van Israël (4): chronologieën

beth_shean_canaanite_stela_israel_museum
Kanaänitische stele (Israel Museum, Jeruzalem)

In mijn eerdere blogposts – de eerste is hier– heb ik erop gewezen dat de archeologie van Israël twee methodische oriëntaties kent: maximalisme en minimalisme. Bij het vaststellen van de juistheid van deze benaderingen staan twee kwesties centraal, namelijk of er archeologisch bewijs is voor de Intocht en voor het glorieuze koninkrijk van David en Salomo.

In mijn laatste stukje wees ik erop dat in Jeruzalem een groot gebouw was gevonden, met aardewerk uit de IJzer IIa-periode. Deze large stone structure was misschien het paleis van koning Salomo, die regeerde tot ongeveer 930 v.Chr. De maximalist neemt aan dat er zo’n gebouw is geweest, terwijl de minimalist het bewezen wil zien. De zaken werden dit keer complex gemaakt doordat het begin van het IJzer IIa volgens sommigen moet worden gelegd rond 1000-980 v.Chr. (“hoge chronologie”) en volgens anderen rond 900 (“lage chronologie”). De vraag is hoe we vaststellen welk van deze twee systemen het beste is.

Lees verder “Archeologie van Israël (4): chronologieën”