Caesar in Tarragona

De republikeinse stadsmuur van Tarragona

Als ik u zeg dat het van 25 september tot en met 1 oktober was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 23 tot en met 28 augustus 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Hij kwam aan in Tarraco, het huidige Tarragona, de hoofdstad van de provincie Hispania Citerior. In zijn eigen commentaar heeft hij daarover, in de vertaling van Hetty van Rooijen, het volgende over te melden:

Zelf bereikte hij met de schepen die Marcus Terentius Varro en, op zijn order, de bewoners van Cadiz  hadden gebouwd, in enkele dagen Tarraco. Daar wachtten delegaties van bijna de hele provincie op Caesars komst. Nadat hij er op dezelfde manier persoonlijk en officieel aan enkele gemeenten eer had bewezen, vertrok hij uit Tarraco en begaf zich over land via Narbo naar Massilia.

Lees verder “Caesar in Tarragona”

Hannibal: van Cannae tot Zama

Scipio Africanus (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het derde van vier stukjes over het leven van de Karthaagse veldheer Hannibal. Het eerste was hier.]

Ondanks de bloedige nederlaag bij Cannae en het verlies van Capua weigerde de Senaat tot een vergelijk te komen. Logisch, want de strategische situatie was dezelfde gebleven: Romes vermogen afvallige bondgenoten te straffen was groter dan Hannibals vermogen hen te beschermen. De noodzaak de bondgenoten die hij wél had te beschermen, verzwakte bovendien Hannibals slagkracht. En hij kreeg nog altijd geen versterkingen. Kortom, er was geen enkele reden waarom Rome concessies zou doen.

Dus koos Hannibal voor een diplomatiek offensief dat de oorlog zou uitbreiden naar de Balkan. In 215 sloot hij een verbond met koning Philippos van Macedonië. Ook Syracuse werd een Karthaagse bondgenoot.

Lees verder “Hannibal: van Cannae tot Zama”

De jeugd van Hannibal

Saguntum

Toen Hannibal (in zijn eigen Punische taal: Hanba’al, “genade van Ba’al”) in 247 v.Chr. werd geboren, stond zijn geboortestad Karthago op het punt een lange en belangrijke oorlog te verliezen, de Eerste Punische Oorlog (264-241). De stad was de welvarendste zeehaven van de Middellandse Zee geweest en had rijke provincies bezeten, maar het was onvoldoende om én tegen de Romeinen én tegen Numidië te vechten. Uiteindelijk nam Rome niet alleen Sicilië in bezit, maar ook Sardinië en Corsica. De vernedering moet grote indruk gemaakt hebben op de jonge Hannibal.

Hij was de oudste zoon van de Karthaagse generaal Hamilkar Barka, die de jongen in 237 meenam naar Iberië. Daar waren verschillende Karthaagse steden, zoals Gadir (“kasteel”, het moderne Cádiz) en Malkah (“koningsstad”, Málaga). Nieuw-Karthago, het huidige Cartagena, zou korte tijd later worden gesticht. De oude naam van Córdoba is onbekend, hoewel het Punische element Kart, “stad”, herkenbaar is in de naam.

Lees verder “De jeugd van Hannibal”

Caesar en Varro (1)

Portret van een Romein (derde kwart eerste eeuw v.Chr.; Museum für Kunst und Gewerbe, Hamburg)

Als ik u zeg dat het 17 september was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 15 augustus 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Aankomen in Cádiz.

Twee provincies

De Romeinen bestuurden het Iberische Schiereiland als twee provincies, Hispania Citerior en Hispania Ulterior, ofwel het nabijgelegen en verderop gelegen Spanje. Je kunt het ook opvatten als de gebieden aan weerzijden van de Ebro en de vlakte van de Guadalquivir. Ofwel Catalonië en Andalusië met achterland.

Lees verder “Caesar en Varro (1)”

Caesar zegeviert in Ilerda

Portret van Caesar uit Nijmegen (nu in het Rijksmuseum van Oudheden)

Als ik u zeg dat het 2 sextilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 2 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Een paar dagen geleden beschreef ik hoe een einde was gekomen aan de impasse die was ontstaan te Ilerda, waar Caesar en zijn tegenstanders Afranius en Petreius wekenlang tegenover elkaar hadden gelegen aan een rivier. Uiteindelijk had Caesar zijn troepen weten over te zetten, waarop Afranius en Petreius waren begonnen met de aftocht richting Ebro, 45 kilometer verderop. Dat had Caesar voor een dilemma geplaatst:

  • Hij moest óf hen volgen terwijl zijn aanvoerlijnen niet veilig waren, omdat hij Marseille niet in handen had,
  • óf de achtervolging staken en zijn vijanden toestaan zich elders in Iberië te versterken, waar hun bondgenoot Varro hun hulp kon bieden.

Caesar moest vooral snel een keuze maken, want zijn tegenstanders trokken weg over betrekkelijk vlak terrein dat later zou overgaan in heuvelland. Als ze eenmaal in de heuvels waren, konden ze de weg blokkeren en kon Caesar de oversteek van de Ebro niet meer beletten.

Lees verder “Caesar zegeviert in Ilerda”

Caesars diplomatieke zege bij Ilerda

Caesar (Altes Museum, Berlijn)

Als ik u zeg dat het 25 quinctilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 24 juni 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” We hadden Caesar met het onvoltallige Zesde, het onvoltallige Zevende, het onvoltallige Negende, het onvoltallige Tiende, het onvoltallige Elfde en het onvoltallige Veertiende Legioen achtergelaten in Ilerda, het huidige Lérida of Lleida in Catalonië, waar hij oorlog voerde tegen vijf legioenen van Pompeius, gecommandeerd door Lucius Afranius en Marcus Petreius.

In het vorige stukje behandelde ik een verwarde reeks gevechten, waarin Caesar probeerde de weg tussen Ilerda en het kamp van zijn tegenstanders in handen te krijgen. Ondanks heldhaftig optreden van het Negende Legioen, dat misschien in deze tijd zijn bijnaam Hispana kreeg, was dat niet gelukt. Toen heftige regens vervolgens een brug wegsloegen, werd verdere strijd vrijwel onmogelijk en beide partijen bleven tegenover elkaar liggen: Caesar aan de ene zijde van de rivier, Afranius en Petreius op de andere.

Lees verder “Caesars diplomatieke zege bij Ilerda”

De slag bij Ilerda

De Pyreneeën

Als ik u zeg dat het 26 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 27 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dat, dames en heren, was niets minder dan de slag bij Ilerda. Dat is de stad die tegenwoordig Lérida heet (in het Spaans) of Lleida (in het Catalaans).

Zoals Caesar in Gallië het imperium had, dat wil zeggen het recht gezag uit te oefenen, had Pompeius dat in Iberië. Alleen had deze generaal, de grote vernieuwer van het Romeinse staatsrecht, besloten dat hij het gezag indirect zou uitoefenen, via zogeheten legaten. Toen Caesar Italië was binnenviel, had Pompeius ervoor gekozen met de Senaat naar Griekenland te gaan om extra legers op te bouwen; zijn vijf Spaanse legioenen had hij overgelaten aan Lucius Afranius en Marcus Petreius. Caesar had in Italië geconcludeerd dat hij een generaal zonder leger had in het oosten en een leger zonder generaal in het westen, en had besloten eerst daarmee af te rekenen. Een voorhoede, gecommandeerd door Gaius Fabius, verzekerde de passen over de Pyreneeën en na een oponthoud in Marseille was ook Caesar zelf naar Catalonië gekomen.

Lees verder “De slag bij Ilerda”

Geliefd boek: De ongelukkige

Eén van de meest historisch interessante en intrigrerendste maar tegelijkertijd ontroerendste romans die ik ken is een minder bekend werk van Louis Couperus: De ongelukkige (1915). Het verhaal speelt zich af in het Spanje aan het einde van de vijftiende eeuw tijdens de regering van Ferdinand van Aragon en Isabella van Castilië , het katholieke koningsechtpaar dat met hun huwelijk Spanje verenigde en vervolgens in 1492 de laatste Arabisch-islamitische machthebber op de knieën dwong. Die heerser, vorst van Granada, heette Mohammed XII Abu-Abdallah (ca 1459 – ca 1533), de laatste Moorse koning uit de Nasriden-dynastie van het Koninkrijk Granada, wiens naam door de Spanjaarden verbasterd werd tot ‘Boabdil’.

Eén van zijn bijnamen luidde El Zogoybi, de Ongelukkige. Boabdil is in het boek een immer weifelende koning die steeds tussen twee vuren zit. Enerzijds heeft hij zijn macht te danken aan het Spaanse koningspaar waarvan hij in feite de vazal is en dat zijn enige zoon in Córdoba gegijzeld houdt. Anderzijds komt hij voortdurend in conflict met zijn islamitische geloofsgenoten die hem verwijten dat hij zijn hoogste opdracht, het verslaan van de Ongelovigen, verzaakt. Boabdil ziet zich voortdurend als speelbal van het Noodlot, als de Ongelukkige. De plek waar Boabdil een laatste blik geworpen zou hebben op Granada heet nog steeds El último suspiro del Moro (De laatste zucht van de Moor). Daarbij zou zijn moeder hem sarcastisch hebben toegevoegd: ‘Huil als een vrouw om wat je als een man niet kon verdedigen.’

Lees verder “Geliefd boek: De ongelukkige”

Iberische ruiter

Iberische ruiter (Museu d’Arqueologia de Catalunya in Barcelona)

Stik, ik ben gisteren vergeten mijn dagelijkse stukje te schrijven. Iets te veel kerstsfeer, vrede op aarde, smakelijk eten, goede films (namelijk deze, die ik u echt aanraad, en natuurlijk deze) en ook nog de nieuwe opmaak van nieuwssite Sargasso, met een overaanbod aan leuke stukjes.

Snel alsnog iets geschreven: hierboven een klein metalen beeldje, afkomstig uit het heiligdom van La Luz, niet ver van Murcia in het zuidoosten van Spanje. Zeg maar achter Cartagena. Het is een Iberische ruiter met een groot rond schild: een soldaat dus. Er zijn wel meer van dit soort beeldjes gevonden en we mogen speculeren dat een ruiter voor of na een veldtocht zo’n kleine kopie van hemzelf achterliet.

Lees verder “Iberische ruiter”

Wat is er nieuw? Spanje

Een Iberische zilveren schaal uit Tivissa (Archeologisch museum van Catalonië)

Het Iberische Schiereiland is bij de bestudering van de antieke wereld een beetje een buitenbeentje. Vergeleken met Italië en Griekenland zijn er betrekkelijk weinig bronnen, terwijl de archeologie het in de Franco-jaren niet heel gemakkelijk heeft gehad. Toch is de geschiedenis boeiend: de IJzertijdculturen, de komst van Fenicische en Griekse kolonisten, de keltificering, de oorlog tussen Karthago en Rome, de geleidelijke verovering van het metaalrijke gebied, de rustige keizertijd, het Rijk van Toledo en tot slot de bliksemsnelle Arabische verovering.

Conflictarcheologie

De laatste jaren zijn er vrij veel belangrijke opgravingen, waarvan vooral de conflictarcheologie van Spanje de aandacht trekt. Archeologie is meestal de bestudering van lange processen, maar het opgraven van een slagveld biedt een overlap met evenementiële geschiedenis en is dus een uitgelezen kans om de archeologische methoden te vergelijken met de methoden van de historici en zo verder te groeien. Die dimensie komt niet meteen aan de orde in de berichtgeving van El Pais, maar is wel waarom Spanje interessant is.

Lees verder “Wat is er nieuw? Spanje”