De Romeinse economie

Libische boeren (Museum van Bani Walid)

Het handboek waarover ik elke week even schrijf, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, is oorspronkelijk samengesteld in de jaren tachtig. In die tijd was economische geschiedenis in de mode. Begrijpelijk, want er zijn interessante vragen te stellen. Hoe kan het bijvoorbeeld zijn, zo vroeg de Italiaanse oudhistoricus Arnaldo Momigliano zich eens af, dat we zoveel verschijnselen verklaren vanuit handelscontacten, terwijl handel vrij marginaal was? De Blois en Van der Spek wijzen er terecht op dat 80-90% “van de bevolking betrokken was bij de productie, bewerking en verplaatsing van landbouwproducten”. (Het antwoord op Momigliano’s paradox is vermoedelijk dat oudhistorici hebben onderschat hoe mobiel de antieke bevolking was. Niet alleen kooplieden gingen op reis.)

Een andere vraag, actueel in de jaren tachtig: hoe modern of primitief was de antieke economie? Of, om die vraag te herformuleren: als de Griekse en Romeinse economie onderontwikkeld was, ten opzichte waarvan was ze dat dan? Nog anders gezegd: je kunt pas uitspraken doen over de antieke economie als je betekenisvol kunt vergelijken – en dan is de eerste vraag of de moderne economische theorie het daarvoor benodigde instrumentarium wel levert.

Lees verder “De Romeinse economie”

Geld, cultuur en welzijn (1)

Het Romeinse Rijk behoorde tot de grootste, rijkste en meest stabiele rijken in de wereldgeschiedenis. Hoe valt het economisch succes van het Romeinse Rijk te verklaren? Dat is de vraag die Daniel Hoyer wil beantwoorden in Money, Culture, and Well-Being in Rome’s Economic Development, 0-275 CE (2018). Hij beperkt zich tot pakweg de eerste drie eeuwen van de jaartelling. En bovendien tot het westelijk deel van het Romeinse Rijk, inclusief de Afrikaanse provincies. De derde eeuw is van belang omdat toen economische stagnatie optrad. Handig als je hypotheses over bepalende factoren voor economische groei wilt toetsen.

Doel en doelgroep

Het boek is op het niveau van alinea’s helder geschreven, bondig en ter zake. Als je het letterlijk voorleest, heb je een hoorcollege. De structuur is minder doorwrocht en maakt een rommelige indruk. Een blik op de koppen en subkoppen geeft geen goed voorgevoel. Die indruk wordt al lezende helaas bevestigd. En laten we wel zijn, de titel is ook niet bepaald om in te lijsten.

Lees verder “Geld, cultuur en welzijn (1)”