Missing link?! Verrek, het klopt

Vroeg-alfabetische inscriptie op een scherf uit Tel Lachis (© J. Dye, Österreichische Akademie der Wissenschaften)

Ho, stop, wacht. Dit was even niet de planning! Eigenlijk had ik vandaag een stukje willen schrijven over het handboek dat ik momenteel herlees, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, maar nu is er ineens nieuws. En niet zomaar nieuws, nee, het is nieuws uit Israël, het land waar de laatste jaren eigenlikk nooit iets zinvols over te schrijven viel. Het was óf bluf óf hype óf bluf én hype. U weet wel, in het voorjaar is er een paashoax, elke zomer graven ze weer een paleis op van koning David, rond Tisha B’Av is er iets over de oorlog tegen de Romeinen en in december is Chanoeka incompleet zonder Hasmoneeën-muntschat. Maar nu ineens zetten archeologen de Week van de Klassieken luister bij met een serieuze en vrije belangrijke vondst over het ontstaan van het alfabet.

Oude alfabetten

Kijk, het zit zo. Wij hebben ons alfabet van de Romeinen, die weer een Italisch alfabet hebben aangepast, dat die Italische volken op hun beurt hadden van de Grieken, die het op een zeker moment hebben overgenomen van de Feniciërs. Anders dan men wel beweert, hebben die het alfabet niet uitgevonden. Het was al ouder. Het museum in Damascus toont bijvoorbeeld een mooi kleitabletje uit Ugarit met daarop de tekens van een dertigletterige abjad, geschreven in de Late Bronstijd. Dat is een spijkerschriftalfabet. (Ik heb er geen foto van want ik had op de dag dat ik het museum bezocht nog niet door hoe je een suppoost zijn baksjisj betaalt.)

Lees verder “Missing link?! Verrek, het klopt”

Vroegchristelijke teksten

Mijn corona-app vertelt me dat ik onlangs een kwartier ben geweest in de nabijheid van iemand met de nare ziekte – ik wens hem of haar beterschap – en dus zit ik even thuis en is er tijd voor nog een filmpje. In de reeks “Zit een oudheidkundige met de rug naar een boekenkast” vertel ik u over Géza Vermes’ boek Christian Beginnings. Ik schreef er al eerder over en het filmpje is hieronder.

Het laatste boek van de in 2013 overleden grote geleerde leest als een trein. Hier en daar gaat hij wel erg kort door de bocht (en mijn samenvatting van het subordinationisme is dat zeker ook), maar het boekje is een fijne introductie tot de vroegchristelijke literatuur.

Lees verder “Vroegchristelijke teksten”

Een koninklijke toerist

Tempe

Voordat hij in de zomer van 480 v. Chr. Thessalië binnenviel, verzamelde de Perzische koning Xerxes zijn troepen in Therma (het huidige Thessaloniki). Bij het zien van de toppen van Olympos en Ossa, besloot hij de kloof tussen de twee bergen, het Tempe-ravijn waarover ik al eens blogde, te bezoeken. Een van de redenen was om de weg te verkennen. De Griekse onderzoeker Herodotos geeft echter ook een tweede motief aan: de grote koning had grote bewondering voor de grote werken van de natuur.

Het koninklijk bezoek biedt Herodotos de gelegenheid om uit te weiden. Verwijzend naar een oude mythe dat de god Poseidon de kloof van Tempe zou hebben geschapen, merkt hij op dat dit een redelijke verklaring is. De dichter Homeros had Poseidon immers de “schudder der aarde” genoemd, en het lag volgens Herodotos voor de hand dat deze kloof door aardbevingen was ontstaan. Hoewel hij zich vergist – Tempe is in feite ontstaan door erosie – geeft hij er blijk van zich bewust te zijn van het feit dat het oppervlak van de aarde sinds het ontstaan van de wereld is veranderd. Dat is nogal een inzicht.

Lees verder “Een koninklijke toerist”

Henri Pirenne: Van Late Oudheid naar Vroege Middeleeuwen

De apostel Paulus. Byzantijns ivoorsnijwerk, gevonden in een Merovingische context (Teseum, Tongeren)

Nog een derde filmpje in mijn reeks “Zit een oudheidkundige met de rug naar een boekenkast”: dit keer over Henri Pirenne, de grote Belgische historicus. Ik heb al eens eerder over zijn boek Mahomet et Charlemagne geschreven en het is niet zo zinvol dat te herhalen. U leest het hier maar.

Het filmpje duurt een kwartier. Langer dan ik wilde, maar het is dan ook een heel belangrijk boek. Niet om de eigenlijke these: dat de Late Oudheid, met de Merovingen als opvallendste dynastie, overging in de Vroege Middeleeuwen doordat de handel tussen het oostelijk en westelijk bekken van de Middellandse Zee tot stilstand kwam na de Arabische veroveringen. Zonder Mohammed geen Karel de Grote. Dát is weerlegd.

Lees verder “Henri Pirenne: Van Late Oudheid naar Vroege Middeleeuwen”

Het Aramees: de eerste wereldtaal

Een papyrus uit Elefantine met een deel van de tekst van de Behistuninscriptie, vertaald in het Aramees (Neues Museum, Berlijn)

De oudste wereldtaal is het Aramees. Of eigenlijk is het niet één taal, maar een familie van talen. Het aardige is dat het Aramees al drie millennia te volgen is. Aanvankelijk was het de taal van – u raadt het al – de Arameeërs in Syrië, maar later was het de kanselarijtaal van het Perzische Rijk en toen dat ten onder was gegaan, bleef het Aramees in gebruik in het gehele Nabije Oosten. In het Romeinse Rijk en het Parthisch/Sasanidische Rijk ontstonden joodse, samaritaanse en mandese varianten.

En ook christelijke, trouwens, die nog altijd worden gesproken in een paar dorpen ten noorden van Damascus. Ik weet niet of dat nog steeds de situatie is want tijdens de Syrische Burgeroorlog is stevig geplunderd in die regio en ik sluit niet uit dat ook de bewoners het hard te verduren hebben gehad. Mogelijk is het Aramees sinds kort geen levende taal meer.

Lees verder “Het Aramees: de eerste wereldtaal”

Geliefd boek: De opgang van Stefan Hertmans

Vandag, na de Italiaan Pennacchi over Italië in de beide wereldoorlogen en daarna, twee prachtige Nederlandse (Vlaamse) romans over WO I en II in Vlaanderen. Omdat deze beide romans mij ook zeer lief zijn (prachtig geschreven, boeiende opbouw en thematiek) en ook wel een beetje omdat ik in de rubriek Geliefd boek geen recente Nederlandse literatuur tegenkom en daarover her en der ook nogal wat gemopperd wordt. Alsof er in Nederland en Vlaanderen geen goede hedendaagse literatuur geschreven zou worden. Quod non.

Evenals Pennacchi is Stefan Hertmans zelf deel van de geschiedenis waarover hij schrijft. Maar op een andere wijze, en met iets meer afstand. Tegelijk is met name De Opgang in tijd en geografische afstand veel dichter bij de hedendaagse Nederlandse lezer.

Lees verder “Geliefd boek: De opgang van Stefan Hertmans”

De Oudheid in het nieuws

Een blik in Toebosch’ keuken

Straks begint Oog op de Oudheid, het evenement waartoe Timo Epping van het Rijksmuseum van Oudheden en ik, destijds namens RomeinenNu, het initiatief namen. Het doel is het publiek wat méér te bieden dan alleen conclusies. Mijn goede vriend Richard Kroes is altijd de presentator geweest, de Tempelzaal in het museum de vaste locatie.

Alleen zal daar dit keer niemand zitten. U weet waarom. Omdat we het vanavond niet live konden doen, is het een livestream, die helemaal niet live is maar vanmiddag opgenomen. Evengoed is de aflevering interessant omdat het gaat over de wijze waarop de Oudheid in het nieuws komt. Of niet in het nieuws komt, want classici krijgen, zo constateerden we, aanzienlijk minder aandacht dan archeologen. Waarom dat zo is, is een van de vragen die aan de orde kwam. (Al kwam het antwoord dat ik verwachtte te horen, namelijk dat classici zich richten op het gymnasium, er grappig genoeg niet uit.)

Lees verder “De Oudheid in het nieuws”

Grieken in het Verre Oosten

Momenteel is de Week van de Klassieken, die is gewijd aan de Inclusieve Oudheid. Eén van de aspecten van dat thema is dat er (eindelijk) aandacht is voor regio’s die niet Griekenland en Italië heten. Vergeet niet op de website op de agenda-pagina rechtsboven te zoeken naar wat er de afgelopen dagen al was, want daar zaten interessante dingen bij, zoals lezingen van Miko Flohr en Marike van Aerde.

Ik wil het niet ongemerkt voorbij laten gaan en haak erop in met de keuze van het boek dat ik als eerste wil behandelen in een reeks filmpjes die ik al tijden in gedachten heb: “Zit een oudheidkundige met de rug naar een boekenkast”. Het boek dat ik als eerste uit die kast haal en aan u voorstel, is van Rachel Mairs; u bestelt het hier en ik schreef er daar al eens over.

Lees verder “Grieken in het Verre Oosten”

Wanneer is een historicus een historicus?

Tacitus’ grafsteen (Thermenmuseum, Rome)

Aanstaande woensdagavond is er een online-presentatie van Vincent Huninks nieuwe vertaling van de Annalen van de Romeinse auteur Tacitus. U kunt zich hier inschrijven. Het is een fascinerende tekst, dit overzicht van het Romeinse Rijk tussen de troonsbestijging van keizer Tiberius tot en met de beginnende desintegratie van het gezag van keizer Nero. Ik heb er geen cijfers over, maar vermoed dat de Annalen behoren tot de meest-gelezen teksten uit de oude wereld.

Thematiek

De auteur presenteert een reeks ontspoorde keizers en stelt in feite de vraag hoe een heer van stand zich moet gedragen in tijden van despotie. Je wil je verantwoordelijkheid nemen maar als je in ongenade valt, lopen ook de jouwen gevaar. Een aanklacht is zó verzonnen.

Na hen wordt Sextus Marius, rijkste man van Spanje, aangegeven wegens incest met zijn dochter en van de Tarpeïsche rots geworpen. En er mocht blijkbaar geen twijfel zijn dat ’s mans vele geld hem fataal was geworden: zijn goud‑ en zilvermijnen, hoewel geconfisqueerd voor de staat, hield Tiberius apart voor zichzelf. (Annalen 6.19; vert. Vincent Hunink)

Lees verder “Wanneer is een historicus een historicus?”

Tsundoku

Ik heb een tweekamerwoning in een vrij oud huis, drie hoog achter. De voordelen zijn legio. Zo hoog in het huis is het er altijd prettig licht, ik heb geen rumoerige bovenburen (en geen andere rumoerige buren, trouwens), ik heb alle winkels op loopafstand, het is sowieso een prettige buurt. Tot de nadelen behoort dat de kamers, zo dicht onder een oud dak, nogal vochtig zijn. Calciumchloride is onvoldoende oplossing. Vandaar dat het niet als verrassing kwam dat een tijdje geleden een boekenkast instortte. Korte tijd later volgde een een tweede.

Tsundoku

Ik weet niet precies hoeveel boeken ik bezit. Lange tijd had ik twee rekken romans staan in het trappenhuis, tot hilariteit van de buren op de trap, maar op een gegeven moment realiseerde ik me dat ik die boeken jarenlang nooit had ingekeken. Een deel ervan gaf ik aan kennissen, een deel ging naar boekenruilkastjes, een deel  belandde bij het oud papier. Nu ik toch bezig was, keek ik eens welke teksten online bestonden, en de papieren versies verdwenen eveneens uit huis. Allerlei stofnesten minder, één kast leeg die ik kon vullen met boeken uit de ingestorte kast, die naar het grof vuil kon. Helaas lijd ik aan tsundoku, dat wil zeggen dat ik sneller boeken verwerf dan ik kan lezen. Deels door aankoop, deels doordat weldoeners me weleens iets moois toestoppen.

Lees verder “Tsundoku”