Hysterie

Delen van het Antikythera-mechanisme (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)

Oké, zoals de oudheidkunde in het nieuws komt, het kan dus altijd nóg slechter. Ik meende het ergste wel te hebben gezien. Maar dat de Washington Post ooit nog zou koppen dat “een verloren stad” is teruggevonden, “gebouwd door krijgsgevangenen uit de Trojaanse Oorlog”, dat had ik niet meer zien aankomen. U vindt dat brok hysterie hier. Het erge is dat dit soort kulleklap helemaal niet nodig is omdat er over Tenea, want daarover hebben we het, ook een gewoon interessant stuk te schrijven zou zijn geweest.

Nu bent u, waarde lezer, slim genoeg om voorbij de kop te kijken. De meeste lezers doen dat echter niet en voor hen is de eerste indruk meteen de laatste: oudheidkundigen zijn weer eens aan het overdrijven. Aandachtshoeren.

In dit geval lag de nonsens er duimendik bovenop. Maar het kan ook subtieler. Ik ben al van vier kanten, door mensen die ik hoog acht en die zich doorgaans niet gek laten maken, gewezen op het bericht in Ha’aretz dat er een nieuw onderdeel van het Antikythera-mechanisme is gevonden. (Ik hoop dat de link werkt, ik had er moeite mee.) Dat zou leuk zijn, want dit mechanisme, dat is te zien in het Nationaal Archeologisch Museum in Athene, is een soort rekenmachine om de planeetstanden te berekenen. De maker was weliswaar geen Eise Eisinga – als de moderne reconstructies kloppen deed het ding het niet heel erg goed – maar zijn werkstuk is natuurlijk eindeloos fascinerend.

Lees verder “Hysterie”

Behistun (5)

Darius en zijn verslagen tegenstanders

Darius had, zo weten we uit de Historiën van Herodotos en dankzij de Behistuninscriptie, het koningschap bemachtigd en had het rebellerende Babylon getuchtigd. Het Perzische Rijk leek in rustiger vaarwater te komen en leek als eenheidsstaat te zijn gered. Leek, want in de laatste dagen van het jaar 522 ontving de nieuwe koning slecht nieuws.

Terwijl ik verbleef in Babylon, kwamen deze provincies tegen mij in opstand: Persis, Elam, Medië, Assyrië, Egypte, Parthië, Margiana, Sattagydia en Skythië. (Behistuninscriptie 21)

Uiteraard waren dit geen opstanden. Dat veronderstelt immers dat er een moment was geweest waarop deze gebieden Darius als heerser hadden erkend en dat was niet het geval. Dit waren gebieden die na de dood van Kambyses en Bardiya/Gaumata voor zichzelf waren begonnen en niet van zins waren hun herwonnen onafhankelijkheid op te geven. De lijst is overigens niet eens compleet: Herodotos weet dat de satraap van Lydië (in wat nu Turkije is) eveneens een nogal onafhankelijke koers was gaan varen.

Lees verder “Behistun (5)”

Datafraude

Leiden, Galgenwater

Als u op straat een fiets krijgt aangeboden voor vijfentwintig euro, hebt u een redelijk vermoeden dat er iets niet in de haak is. U zou vrijwel zeker een heler zijn als u die fiets kocht.

Als een oudheidkundige een papyrus- of perkamentfragment zonder provenance krijgt aangeboden, heeft hij een redelijk vermoeden dat het ding óf vals is óf is verworven door plundering. Hij zou vrijwel zeker datafraude plegen als hij ze uitgaf. Los daarvan ontzegt een wetenschapper die teksten zonder provenance bestudeert, zich een manier om de vondst te dateren: een tekst zonder archeologische context kan alleen paleografisch (dat wil zeggen: aan de vorm van het handschrift) worden gedateerd en dat is een berucht subjectieve methode.

Lees verder “Datafraude”

MoM | Positivisme

David Ricardo

Een tijdje geleden schreef ik een blogje waarin ik eraan herinnerde dat een historicus niet alleen wat feitjes oplepelt, zoals Paul Schnabel denkt, maar het verleden ook probeert te verklaren. Dat wil zeggen: de gereconstrueerde feiten in verband brengen met andere feiten. Eén mogelijkheid om dat te doen is het zoeken van oorzaken (“causale verbanden” voor wie het deftig wil uitdrukken). Bij deze methode van verklaren wordt in feite gekeken naar de natuurwetenschappen.

De methode is dan ook eigenlijk wel redelijk bekend. Eerst observeren de onderzoekers de verschijnselen en na verloop van tijd herkennen ze regelmatigheden, die dan wordt aangeduid als een natuurwet. Een voorbeeld is de wet van Boyle, die behelst dat de druk van een gas omgekeerd evenredig is aan het volume. In de tweede fase worden voorspellingen getoetst die op de veronderstelde regelmatigheden zijn gebaseerd. Stemmen de nieuwe waarnemingen overeen met wat is voorspeld, dan is de wet bevestigd, althans voor het moment. (Voor wie het deftig wil uitdrukken: een en ander is “gecorroboreerd”.) Is er daarentegen geen overeenstemming, dan is de wet óf niet geldig óf incompleet en moet ze worden verfijnd. In ons voorbeeld is dit laatste het geval. De volledige wet van Boyle luidt immers dat de druk van een gas omgekeerd evenredig is aan het volume zolang de temperatuur en de hoeveelheid gas dezelfde blijven.

Lees verder “MoM | Positivisme”

Behistun (4)

Een Perzische soldaat (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

De Behistuninscriptie beschrijft hoe Darius koning werd, een verhaal dat ook Herodotos vertelt, al lijkt er een mondelinge tussenschakel geweest. We zagen ook dat de Griekse onderzoeker moeiteloos overschakelt op een oosters sprookje als hij dat blijkt te kennen. En soms laat hij iets liggen. Hij weet bijvoorbeeld van een opstand van de Meden (vermeld in Historiën 1.130) maar gaat er nauwelijks op in. Het past blijkbaar niet in het plan van zijn boek. Als het gaat om de stad Babylon, zo zullen we zien, kiest Herodotos eveneens voor een fantastisch verhaal en niet voor de zakelijke beschrijving die hij uit de mondeling doorgegeven Behistuninscriptie moet hebben gekend. Babylon moest voor in zijn Historiën iets bijzonders zijn.

Welk verhaal liet hij liggen? Wat ontdekte Rawlinson over de geschiedenis van Perzië dat in zijn tijd niet al bekend was? Dat is het verhaal van de burgeroorlog na Darius’ troonsbestijging: hij moest negentien keer slag leveren in één jaar. Het verslag is redelijk slaapverwekkend en je begrijpt dat Herodotos het liet liggen. Cyrus en Kambyses hadden de volken van Azië onderworpen en Gaumata zou ze, althans volgens Herodotos, een belastingvrijstelling hebben verleend. Dat lijkt op een concessie aan groepen die geen eenheidsstaat wilden. Darius wilde die wél en moest optreden tegen separatisten. Hijzelf zegt:

Lees verder “Behistun (4)”

Naqš-e Rustam

De investituur van Ardašir (Naqš-e Rustam)

Over Darius’ greep naar de macht heeft Herodotos nog twee interessante dingen te vertellen. Eén daarvan is dat de samenzweerders een discussie hielden over de wijze waarop Perzië voortaan bestuurd zou worden. Ik kom in een volgend stukje terug op dit constitutionele debat, dat een echte klassieker is geworden met parallellen bij een Flavius Josephus, een Cassius Dio en een Philostratus.

Het andere leuke aspect is dat de samenzweerders, als ze eenmaal hebben gekozen voor een monarchie, een vorst moeten kiezen. Hier is hoe Herodotos het vertelt.

Lees verder “Naqš-e Rustam”

Behistun (3)

Darius vertrapt Gaumata (detail van het Behistunreliëf)

Ik beschreef in het eerste stukje hoe belangrijk de Behistuninscriptie was en vertelde in het tweede stukje dat deze oud-Perzische tekst de door koning Darius geautoriseerde versie is van de gebeurtenissen rond zijn staatsgreep. Herodotos kende het verhaal, vermoedelijk via een mondelinge informant, zoals wel vaker. We bekeken al de eerste scene: de staatsgreep van Gaumata, de magiër die voorwendde prins Bardiya te zijn.

Volgens Herodotos ontdekten hovelingen de waarheid en begonnen ze te overleggen hoe ze de valse broer van de inmiddels overleden koning Kambyses konden verwijderen. De Griekse onderzoeker kende zes aristocraten: Otanes, Gobryas, Intaphrenes, Hydarnes, Megabyzus en Aspathines. Ze aarzelen nog als de zevende samenzweerder aankomt: Darius, een verre verwant van Kambyses. Geen enkele lijfwacht durft het zevental tegen te houden als ze naar het koninklijke paleis in Susa gaan, waar Darius de valse koning doodt. Zie het plaatje hierboven.

Lees verder “Behistun (3)”