Domitianus (23): Meleager

Meleager (Museo Archeologico Nazionale, Napels)

Scipio Africanus, de man die Hannibal versloeg, pretendeerde al dat hij een lijntje had met het hogere. Latere Romeinse generaals waren er evenmin vies van zich te presenteren als de uitverkorene van deze of gene godheid. Julius Caesar schermde met een afstamming van Venus, de jongere Pompeius had iets met Neptunus, Augustus wist dat de vergoddelijkte Caesar zijn vader was en deed er voor alle zekerheid Apollo nog bij. Ook halfgoden deden het goed: Commodus presenteerde zich als Hercules Romanus. In 337 liet Constantijn zich begraven als Nieuwe Christus, omgeven door twaalf apostelen.

Lees verder “Domitianus (23): Meleager”

Een vlechtende rivier

Durance

In Hannibal in de Alpen, dat deze week is gepresenteerd, behandel ik de onmogelijkheid vast te stellen waar de Karthaagse generaal met z’n olifanten de Alpen is overgestoken. Ik benut die op zich niet heel belangrijke vraag om te tonen hoe veelkleurig mijn vak is en om uit te leggen dat we weinig hebben aan oudheidkundigen die “hebbes!” roepen voordat ze weten over welke data ze beschikken.

In een eerste filmpje legde ik uit dat onze reconstructie van Hannibals krijgsplan afhankelijk is van de plek waar hij de Rhône overstak. Een tweede filmpje behandelde het lokaliseren van de woonplaatsen van antieke stammen. Filmpje drie behandelde ik de vraag of een bekend IJzertijdfort ook het fort was dat Hannibal stormenderhand innam. Het vorige filmpje behandelde bronkritiek.

Lees verder “Een vlechtende rivier”

Hunebed van de dag: D45 (Emmerdennen)

Hunebed D45 bij Emmen (Emmerdennen)

Voor het op drie na zuidelijkste hunebed in Nederland, hunebed D45, zijn we weer in Emmen. Dit is echt de hunebeddenhoofdstad van ons land, want je kunt hier twaalf trechterbekergraven zien: beginnend bij D47 en D46 in een oostelijke nieuwbouwwijk, fiets je naar D45 (waarover zo meteen meer), en dan verder naar het drietal D38-D39-D40 op het Emmerveld ten noorden van de stad, waarna je over de grote weg teruggaat naar D41. Hier ga je de es op, heen en weer naar D42, waarna je terugkeert en je weg zuidwaarts vervolgt naar het langgraf D43. Neem dan, even na de grote kruising, de Westenescherstraat en je komt bij het kleine D44, om te eindigen bij D51 en D50. Daarvandaan kun je nog naar de Papeloze Kerk D49, maar je kunt ook naar Emmen terugfietsen, een hotel nemen en de volgende dag naar de dierentuin gaan.

Hunebed D45 is een van de interessantere. Het is om te beginnen flink groot: 18½ meter lang en 4½ meter breed. De kransstenen zijn er nog. Maar het is vooral de plaats die het bijzonder maakt. Hunebedden.nl legt uit:

Lees verder “Hunebed van de dag: D45 (Emmerdennen)”

Terugkijken

Gistermiddag was in een verder verlaten Rijksmuseum van Oudheden de presentatie van mijn nieuw boek Hannibal in de Alpen. Die was online te bekijken, wat leuk was, omdat we zo meer mensen konden bereiken dan als iedereen live aanwezig moest zijn.

Museumdirecteur Wim Weijland heette de kijkers welkom en ik vertelde iets over het boek. Daarna interviewde Martijn van Calmthout museumconservator Annemarieke Willemsen en mijzelf over wat het inhoudt het publiek gelaagd te informeren over wetenschap. Je kunt bijvoorbeeld Hannibal gebruiken om de aandacht te trekken en dan iets vertellen waarvan de mensen nog niet wisten dat het interessant zou zijn. Dat geldt voor museumtentoonstellingen evengoed als voor boeken. Het probleem is dat de formats en frames waarmee we de aandacht trekken, inmiddels behoorlijk sleets zijn en niet zelden contraproductief. En dat, als het over de Oudheid gaat, die vervolginformatie meestal ontbreekt.

Lees verder “Terugkijken”

Domitianus (22): Nog eens Isis

Isis (Museo Archeologico Nazionale, Napels)

Aan de Livius.org-website kan ik al heel lang niet werken. Een van de dingen die al jaren op mijn wensenlijst staat, is het maken van een overzicht van de tempel van Isis. Als u Rome kent: die ligt ruwweg achter de huidige Santa Maria sopra Minerva. Er is weleens geopperd dat die kerk zo heet omdat men in de Middeleeuwen de twee godinnen verwarde. Of het waar is, weet ik zo net niet.

In elk geval: keizer Domitianus herbouwde een tempel voor Isis. Eentje die zijn vader, getuige munten, had gebouwd of herbouwd. Vespasianus claimde namelijk de macht te hebben ontvangen van de Egyptische goden. Het bewijs was dat hij in Alexandrië lammen had kunnen laten lopen en blinden had kunnen laten zien. In de Oudheid waren er evenveel rois thaumaturges als in later tijden. Eenmaal als keizer begroet, had Vespasianus beloofd als de Nijl zo gul te zijn. Niet zonder reden lag de graanuitdeelplek van Rome op een boogscheut van de Isistempel. De tempel van Isis was ook de plaats waar Vespasianus’ triomftocht begon.

Lees verder “Domitianus (22): Nog eens Isis”

Geliefd boek: De aap en de sushimeester

Ooit zag ik in Artis een chimpansee een stukje appel, dat net buiten de tralies lag, met een dun stokje naar zich toe halen. Het was de eerste keer dat ik een mensaap een ‘werktuig’ zag gebruiken. Apen bestuderen leek me een mooi vak. Ik moest weer aan die gebeurtenis denken toen ik enige tijd geleden The Ape and the Sushimaster, cultural reflections by a primatologist (2001, de Nederlandse vertaling is nog te koop) las van Frans de Waal. Dat boek gaat over zulke waarnemingen.

De Nederlandse primatoloog De Waal (1948) kreeg wereldbekendheid door zijn onderzoek naar verzoenend gedrag bij chimpansees. Dat had hij waargenomen bij de groep chimpansees in Burgers’ Zoo in Arnhem. Later heeft Bert Haanstra nog een film over die groep gemaakt. The Ape and the Sushimaster is een leesbare en weinig technische combinatie van apenwetenschap, uitleg van onderzoeksmethoden en autobiografie. De Waal wil bovendien nadrukkelijk laten zien dat hogere primaten een eigen cultuur hebben.

Lees verder “Geliefd boek: De aap en de sushimeester”

Trok Hannibal langs de Drac?

De Drac

In Hannibal in de Alpen, dat vanmiddag wordt gepresenteerd, behandel ik de onmogelijkheid vast te stellen waar de Karthaagse generaal met z’n olifanten de Alpen is overgestoken. Ik benut die op zich niet heel belangrijke vraag om te tonen hoe veelkleurig mijn vak is.

In een eerste filmpje legde ik uit dat onze reconstructie van Hannibals krijgsplan afhankelijk is van de plek waar hij de Rhône overstak. Een tweede filmpje behandelde het lokaliseren van de woonplaatsen van antieke stammen. In het vorige filmpje behandelde ik de vraag of een bekend IJzertijdfort ook het fort was dat Hannibal stormenderhand innam.

Lees verder “Trok Hannibal langs de Drac?”

Domitianus (21): Keizerlijke luxe

Bronzen lamp (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik maak het mezelf even niet al te moeilijk. Kijk eens hierboven, wat een prachtige olielamp en wat een prachtig aardewerk. Het is te zien op de – op het moment dat ik dit schrijf – door de lockdown verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96). Het komt uit het huidige Turkije en behoort bij de eigen collectie van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, maar ik kan me niet herinneren dat ik deze voorwerpen eerder zag. Domitianus moet in nog grotere weelde hebben geleefd.

Lees verder “Domitianus (21): Keizerlijke luxe”

Julius Caesar op avontuur

Een Romeins zeeschip (Lepcis Magna)

Als ik u zeg dat het begin maart was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Gaius Julius Caesar (voor de tweede keer) en Publius Servilius Isauricus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar medio januari 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Dat is eigenlijk best spannend. Julius Caesar was in Apollonia, het huidige Fier in Albanië. Hij beschikte over maar de helft van de troepen die hij nodig had om Pompeius’ leger aan te vallen. Omgekeerd waren Pompeius’ nog niet zo lang geleden gerekruteerde manschappen beducht om slaags te raken met de veteranen van Caesar. Die hadden immers ervaring opgedaan in de Gallische Oorlog en de Italische en Iberische campagnes. Caesar had versterkingen nodig om uit de impasse te geraken voordat Pompeius de aanval inzette. Over wat toen gebeurde, kan Caesars biograaf Ploutarchos beter vertellen dan ik. Ik geef u zijn woorden in de vertaling van Hetty van Rooijen.

Lees verder “Julius Caesar op avontuur”

Hunebedden van de dag: D54 en D53 (Havelte)

Hunebed D54 bij Havelte

“Het beste was dus tot het laatste bewaard,” schreef ik afgelopen september in mijn eerste stukje over de Nederlandse hunebedden. Ik doelde op de drie trechterbekergraven die ik afgelopen zomer in het zuidwesten van Drenthe bezocht: hunebed D52 bij Diever en de hunebedden D54 en D53 bij Havelte. Vooral dat tweetal maakte indruk. Ze staan op een prachtige uitgestrekte heide, die ik bezocht op een prachtige zomerdag, en zijn zelf ook prachtig. Gewoon, zoals je je een hunebed voorstelt.

Komend vanaf theehuis Het Hunebed en fietsend over de Hunebeddenweg, bereik je eerst hunebed D53. Het is op een handbreedte na negentien meter lang en is 4½ meter breed. Alleen hunebed D27, naast het Hunebedcentrum in Borger, is nog groter. En eigenlijk ook D43 bij Emmen, maar dat is geen echt hunebed. Niet alleen is D53 groot, er zijn ook nog kransstenen te zien.

Hunebed D53 bij Havelte

Hunebed D53

D53 “is het enige oorlogsslachtoffer onder de hunebedden,” schrijft Hunebeddeninfo.nl. Het monument is in het laatste oorlogsjaar namelijk gedeassembleerd om ruimte te maken voor de landingsbaan van een vliegveld; ik heb weleens geblogd over de luchtoorlog die de Duitsers en Geallieerden hebben uitgevochten boven Friesland. Die landingsbaan is vervolgens gebombardeerd, dus het begraven van het archeologische monument was geen overbodige voorzorgsmaatregel.

In 1949 is hunebed D53 herbouwd. Schade aan het bodemarchief was er gelukkig niet. Het monument was in 1918 al onderzocht en daarbij zijn meer trechterbekertijdvoorwerpen gevonden dan in welk Nederlands hunebed ook: 649 potten. Het materiaal dateerde uit de tijd tussen pakweg 3250 en 2750 v.Chr. Ook zijn er een pijlpunt, een knots en een drietal kralen gevonden.

Over dit onderzoek schrijf Herman Clerinx in Een paleis voor de doden:

In de kamer lagen crematieresten. Volgens de Ierse archeologe Anna Brindley, die werkt voor de Rijksuniversiteit Groningen, ging het om restanten van zeker vijf mensen. Tevens lagen er verbrande dierenresten, waaronder twee berenklauwen. Vermoedelijk was er een berenhuid verbrand. Dat moet als een kostbaar offer en/of een status-symbool hebben gegolden, aangezien zo’n huid zeldzaam was.

Hunebed D53 bij Havelte

Hunebed D54

Even verder fietsend – 150 meter om precies te zijn – ligt rechts van de weg hunebed D54. Dit is tijdens de oorlog niet gesloopt maar wel bedekt met zand. Het is fors: het is 12¾ meter lang en 3¼ meter breed. Hunebed D54 ligt bovendien erg mooi, net op een helling van de Havelterberg. Dit grafmonument is nooit onderzocht.

Hunebed D54 bij Havelte

Meer weten over de Trechterbekercultuur?

  1. Over dit hunebed: Wikipedia D53 en D54, en op Hunebedden.nl D53 en D54.
  2. Het  in Borger, het Drents Museum in Assen en het Muzeeaquarium in Delfzijl
  3. Wijnand van der Sanden, Gids voor de hunebedden in Drenthe en Groningen (2017)

Op Google Earth vindt u hunebed D53 hier en hunebed D54 daar. Ik bezocht dit tweetal op 20 augustus  2021, fietsend van Steenwijk naar Hoogeveen.

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]