Marcus Antonius en de Lupercalia

Marcus Antonius (Staatliche Münzsammlung, München)

Zoals ik zojuist al schreef was het 15 februari 44 v.Chr. De Romeinen vierden de Lupercalia, een vruchtbaarheidsfeest ter ere van een vergeten godheid Lupercus. De priesters renden hierbij naakt door de straten en sloegen met riemen, gemaakt van geitenhuid, naar de omstanders. Wie werd geraakt, mocht hopen op grotere vruchtbaarheid. Verder dreven de Romeinen op deze dag met alles en iedereen de spot. Er is in de loop der eeuwen een hoop flauwekul verzonnen over dit feest; daarover leest u hier meer. Voor het moment is belangrijk dat heel Rome in een vrolijke stemming was.

Nikolaos van Damascus, de auteur van een biografie van keizer Augustus, beschrijft in groot detail wat er op die dag gebeurde. Hier is het verslag. Voor het goede begrip: Caesar was, zoals bekend, dictator; naast hem stond zijn rechterhand, Marcus Aemilius Lepidus. Wie een diadeem omdeed, kroonde zichzelf tot koning.

Lees verder “Marcus Antonius en de Lupercalia”

Deel dit:

Caesar voor de Lupercalia

Lupercalia (Archeologisch museum, Sousse)

De Romeinen vierden het feest van de Lupercalia en het was in het jaar waarin Julius Caesar en Marcus Antonius het consulaat bekleedden. Omgerekend naar onze kalender: het was 15 februari 44 v.Chr. Trouwe lezers van deze blog weten dat ze vandaag het antwoord mogen verwachten op de vraag wat Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden deed.

Dat is echter nog niet zo gemakkelijk, hoewel er iets opvallends gebeurde en we daarover volop bronnen hebben. Daaronder is een zeer uitgebreide bron, die ik zo meteen integraal zal citeren. Maar we snappen het niet.

De situatie

Wat we wel snappen, is de situatie. Caesar had in de Tweede Burgeroorlog de Senaat verslagen en de alleenheerschappij gevestigd. Alleen in Syrië en op het Iberische Schiereiland waren nog verzetshaarden van tegenstanders die, met de smoes dat ze opkwamen voor de eer van de republiek, hun eigen belangen dienden. Dat was ergerlijk, maar Caesar had urgentere problemen aan het hoofd.

Lees verder “Caesar voor de Lupercalia”

Deel dit:

Het nieuwe leger van Darius III

Volgens het Staatliches Münzkabinett in München is dit een goudstuk van Darius III Codomannus (maar misschien is ‘ie ouder)

Ik liet u vorige maand achter met een Alexander de Grote die in het voorjaar van 331 v.Chr. op het punt stond de strijd aan te binden met de Perzische koning Darius III. Diens bijnaam “Codomannus” kennen we alleen uit een Latijnse tekst, en we weten niet zeker wat de Perzische vorm kan zijn, maar de meest plausibele verklaring die ik ooit heb gelezen is dat het zoiets als “de krijgszuchtige” betekent. En dat zou niet voor niets zijn, want de man was voor de duvel niet bang en was een knappe organisator.

En na slag bij Issos, waarover we het in deze reeks al hebben behandeld, was hij zo’n beetje alles kwijt: zijn infanterie en cavalerie, zijn oorlogskas, zijn familie. Desondanks slaagde hij er in de maanden na zijn nederlaag in om alle moeilijkheden weer te boven te komen, wat bewijst hoe gevaarlijk hij was. Het mocht echter niet baten. Dat de vijanden uit het westen zouden doorbreken, stond geschreven in de sterren – letterlijk, zoals bleek bij Gaugamela – en geen sterveling kon daar verandering in brengen.

Lees verder “Het nieuwe leger van Darius III”

Deel dit:

Voor-westerse geschiedenis (6) herders

Herders in de Zagros

Wie door het Midden-Oosten reist, stuit vroeg of laat onvermijdelijk op herders die hun kuddes verplaatsen van de zomer- naar de winterweiden en terug. Ze trekken daar wat meer de aandacht dan in Griekenland of Italië, hoewel ook daar nog altijd herders zijn die met geiten en runderen heen en weer trekken. In Spanje zijn de cañadas, de wegen waarlangs herders hun kuddes verweidden, niet meer wat ze zijn geweest, en dat geldt ook voor de drailles uit het zuiden van Frankrijk, maar de aloude levenswijze is niet verdwenen. Ik zag vorige maand ergens bij Murcia nog een verkeersbord dat automobilisten attendeerde op grote kuddes.

Ook in onze eigen contreien benutten boeren nog altijd winter- en zomerweides. Ik herinner me uit mijn Veluwse jeugd dat de koeien met vrachtwagens naar Friesland gingen. De winter- en zomerweiden hoeven overigens niet zo ver uit elkaar te liggen: in Zwitserland bestaat Almwirtschaft, waarbij de kuddes van het dal naar – je raadt het nooit – de alm worden verplaatst. En weer terug natuurlijk. Het moge duidelijk zijn: veeteelt beperkt zich niet tot ’n grasveldje met wat prikkeldraad erom.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (6) herders”

Deel dit:

The Lions by the River Tigris

Een mevrouw die ik niet kende mailde me over de première van een film die ik niet kende over een stad die ik wel ken: Mosul. Zoals u zich misschien herinnert, is die stad in 2014 door de zogenaamd islamitische staat bezet, voerde zij een schrikbewind en werd de stad in 2017 bevrijd. Ietwat ironisch – dit is een eufemisme – is dat de coalitietroepen voorzichtig om de resten van de antieke Assyrische hoofdstad Nineveh heen trokken, maar dat het middeleeuwse stadscentrum eindigde als puinhoop. Terroristen bliezen de scheve minaret van de Nuri-moskee op. (Die is overigens inmiddels gerestaureerd, een jaar sneller dan gepland.)

Ik blogde al eens over mijn bezoek in 2021. Mijn vriendin komt al sinds 2001 in Mosul, dus we hadden alle reden om op de uitnodiging in te gaan – en The Lions by the River Tigris bleek een heel mooie film. Of een documentaire. De grens tussen wat in scène was gezet en wat ongeregiseerd was, oogde vloeiend. Ik weet niet goed hoe filmmakers daar tegenaan kijken, en het is ook niet zo heel erg belangrijk, want het verhaal van The Lions by the River Tigris is boeiend genoeg.

Lees verder “The Lions by the River Tigris”

Deel dit:

Ziryab

Monumentje voor Ziryab, Córdoba

Toen ik eens keek naar een documentaire over het Apolloproject viel me op dat de geleerden die ervoor zorgden dat de mensheid de maan bereikte, meest mannen overigens, allemaal witte overhemden droegen. Toen ben ook ik witte overhemden gaan dragen. Wat ik maar zeggen wil: je hebt smaakmakers en smaakvolgers. En dat was vroeger ook zo. Neem Abu al-Hasan ‘Ali ibn Nafi (789-857), bijgenaamd Ziryab, wat een zangvogel is.

Ziryab speelde de oud (een luit zonder fretten) aan het hof van de Abbasidische kalief Harun ar-Rashid. Op zeker moment – wellicht nadat het Kalifaat van Bagdad in 806 te maken kreeg met een opstand die overging in een conflict tussen Haruns opvolgers – reisde Ziryab af naar het westen. Via het hof van de Aghlabidische emir van Kairouan (in Tunesië) bereikte hij in 822 Córdoba, waar hij in dienst trad van emir Abd ar-Rahman II (r.822-852). Daar gold hij niet alleen als de grootmeester op de oud, maar ook als arbiter elegantiae: hij zette de toon op velerlei gebied.

Lees verder “Ziryab”

Deel dit:

Faits divers (47)

Het Byzantijnse fort van Madauros

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: de chronologie van Egypte, Charax, restauratietechniek, een superbelangrijk boek, beschadigd erfgoed en – het wordt een gewoonte – de bedreigde geesteswetenschappen.

Kenneth Kitchen

Als u deze blog leest, houdt u van geschiedenisboeken, waarin de resultaten van wetenschappelijk onderzoek worden gepresenteerd. Sommige onderwerpen trekken wat meer de aandacht, andere wat minder, en in die tweede categorie valt zeker het onderzoek naar de antieke chronologie. (Ik heb weleens een boek voorgesteld met de titel “hoe oud is het?” maar geen uitgever durft eraan te beginnen.) Maar een juiste chronologie is verondersteld bij alle andere onderzoek.

Lees verder “Faits divers (47)”

Deel dit:

Historische verklaringen

Kleio, de muze van de geschiedwetenschap (Prado, Madrid)

Een tijdje geleden gaf iemand me een boek dat op het gymnasium werd gebruikt als de leerlingen de Romeinse geschiedschrijver Titus Livius leren vertalen. Het verbaasde, ja ergerde me dat de auteurs van dit schoolboek de geschiedwetenschap typeerden als het beschrijven van de gebeurtenissen uit het verleden. Dat is natuurlijk onzin. Historici proberen de gebeurtenissen uit het verleden te voorzien van een verklaring. Anders gezegd: de auteurs verwarden de wetenschap met haar voorbereiding.

Positivisme, hermeneutiek en meer

Een verklaring is per definitie het leggen van verbanden tussen gegevens, en historici hebben daarvoor vijf methoden. Ze duiden die aan als verklaringsmodellen. Het eerste is het wetmatige verklaringsmodel, dat de geschiedwetenschap deelt met bijvoorbeeld de natuurwetenschap en de taalkunde. Het wordt ook wel aangeduid als positivisme en komt erop neer dat de verbanden die je beschrijft, een wetmatig karakter hebben, waardoor je oorzaken kunt aanwijzen. De historische demografie is een mooi voorbeeld.

Lees verder “Historische verklaringen”

Deel dit:

Bijbelse en Griekse insecten

Zelfportret van de Meester van Frankfurt en zijn vrouw, detail (Koninklijk Museum voor Schone Kunsten, Antwerpen)

Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd: ik blog vandaag dus eens over iets kleins, namelijk insecten. Nu zitten er op het eerste gezicht niet bijster veel vliegen, muggen en vlooien in het Nieuwe Testament, waarover ik op zondag graag blog, maar er zijn er wel een paar verstopt. Als Jezus een bezetene heeft genezen, vragen mensen zich bijvoorbeeld af of hij een door God gezonden verlosser kan zijn, en werpen anderen tegen dat hij alleen demonen kon uitdrijven “dankzij Beëlzebul, de vorst der demonen”.noot Marcus 3.22.

Heer der vliegen

Hier gebeurt weer eens een hoop tegelijk. Eeuwen eerder was er vrijwel zeker een Kanaänitische godheid die Baäl-Zebul heette, wat de auteur van het Deuteronomistische Geschiedwerk, die niets wilde weten van andere goden dan zijn eigen godheid, “verbeterde”: hij duidde deze godheid aan als Baäl-Zebub, ofwel de “heer der vliegen”.noot 2 Koningen 1.2. De nieuwtestamentische weergave blijft dus iets dichter bij het Kanaänitische origineel, maar heeft een even negatieve associatie. In de latere, christelijke traditie zou Beëlzebul de naam van de duivel zelf zijn, wat niet helemaal hetzelfde is als de vorst der demonen.

Lees verder “Bijbelse en Griekse insecten”

Deel dit:

Brutus en Cassius en de anderen

Dit portret in het Louvre zou Cassius kunnen voorstellen, de voornaamste samenzweerder tegen Julius Caesar, al is ook Corbulo geopperd.

Ik beschreef gisteren hoe er twee netwerken waren van ontevreden senatoren. De groep rond Gaius Trebonius kunnen we typeren als aanhangers van Caesar. Zij zouden, als ze zich keerden tegen hun leider, hun weldoener verraden en dat was oneervol. Om die reden gromden zij ontevreden maar hielden ze zich rustig. Even ontevreden was de groep rond Gaius Cassius Longinus, die bestond uit mannen die ooit hadden gestreden voor de Senaat maar had ingezien dat verder verzet geen doel meer diende. In elk geval de eigen carrière niet.

Er circuleerden allerlei verontrustende geruchten. Caesar zou koning willen worden! Had hij geen relatie gehad met koningin Eunoë van Mauretanië? Was zijn andere minnares, koningin Kleopatra van Egypte, niet in Rome? Waren dat zijn voorbeelden niet? Wilde hij niet de hoofdstad verplaatsen naar Alexandrië? Verontrustend allemaal, zeker, maar geen van beide groepen lijkt tot actie te hebben willen overgaan.

Lees verder “Brutus en Cassius en de anderen”

Deel dit: