Hollands joden en christenen (1)

Yosef Caro-synagoge, Safed: de Tien Geboden.

Er zijn drie visies op het jodendom zoals dat bestond toen de Tempel in Jeruzalem nog functioneerde. Zo is er de visie van christenen op de religieuze gebruiken en opvattingen in de wereld van Jezus. Doordat er zoveel christenen zijn is deze visie gangbaarder dan de visie van hedendaagse joden op de tempelcultus. Tot slot is er de visie van historici, die het Tempeljodendom niet willen zien als voorstation van het latere, rabbijnse jodendom of het christendom, maar als iets dat op zichzelf interessant is.

Deze visies zijn natuurlijk niet los van elkaar te zien. Het christelijke beeld van het antieke jodendom was deels gevormd door wat christenen wisten over joden uit de eigen tijd. Het twintigste-eeuwse historisch onderzoek – met name dat naar de Dode Zee-rollen – heeft geholpen christelijke en joodse oordelen bij te stellen. Slechts weinig christenen zullen nu nog denken dat het Tempeljodendom verstard was en dat er met Jezus pas weer muziek in kwam. Er zullen ook maar weinig joden zijn die het christendom nog beschouwen als verwaterd jodendom. De meeste geïnteresseerden zijn zich er nu van bewust dat de twee hedendaagse godsdiensten de afgelopen eeuwen nogal wat karikaturen van elkaar hebben geschetst.

Lees verder “Hollands joden en christenen (1)”

Echt archeologie-nieuws

Ik mopper weleens dat het in de voorlichting over archeologie meer gaat over vondsten dan over archeologie. Zo’n vondst wordt dan opgehypet tot sensatie en vervolgens valt het tegen: er is géén graf van Alexander (of zelfs maar van een tijdgenoot) in Amfipolis, we zouden Israël inmiddels kunnen bezaaien met paleizen van koning David als elke claim waar was gebleken, het badhuis van Heerlen is niet Nederlands oudste gebouw en in Nijmegen herhalen ze negentiende-eeuwse ideeën. En die kamers in het graf van Toetanchamon, die vielen ook al tegen.

Dit is cruciaal. Sensationalisme dat niet wordt waargemaakt is alleen maar sensationalisme. Hierdoor haakt de voor elke wetenschap cruciale doelgroep af: de mensen die geïnteresseerd zijn. Als je die groep verliest, is er niemand die namens jou uitlegt waar je vak zinvol voor is. Dan gaat de staatssecretaris van Cultuur zich afvragen wat hij moet met musea vol opgegraven potten en pannen. Dan ontslaat de gemeente Cuijk zichzelf van zijn wettelijke verplichtingen. Als je je pas gaat uitleggen als de kritiek daar is, zal een sceptisch publiek je uitleg niet meer geloven (het backfire-effect). Wetenschapsvoorlichting moet en kan proactief zijn.

Lees verder “Echt archeologie-nieuws”

Klassieke literatuur (10): roman

Ere-inschrift voor Apuleius (Madauros)

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke roman.]

De eerste vraag moet, naar ik vrees, zijn: wat is een roman? Er zijn nogal wat definities en die hebben dan vaak iets met karakterontwikkeling van doen, maar ik ken er geen die zich beperkt tot “lang stuk fictief proza”. Toch vermoed ik dat dit de minst slechte typering is van wat doorgaat voor antieke romans. Het gaat om lange verhalen met een begin en een eind waartussen van alles gebeurt, maar daarmee is dan ook al veel gezegd.

Lees verder “Klassieke literatuur (10): roman”

Nog eens Trismegistos

Je bezoekt een voor jou belangrijke website en ziet dat die op zwart is. Een boodschap herinnert aan de financiële problemen van de webmaster. Je leest dat er geld gevraagd zal worden en bereikt het beginscherm. De zoekfunctie die je wil activeren doet niet wat je wil. Je wil betalen en ziet dat voor jou een hoger tarief geldt dan voor onderzoekers. En je weet weer: universiteiten zullen nooit nalaten je in te peperen dat ze vinden dat wetenschap er niet is voor de burger. Je herinnert je de onderzoekster met wie je ooit dineerde in Delfi: “De burger moet betalen,” zei ze, “niet méér.” Je blogt je boosheid van je af.

Zo verging het mij anderhalve maand geleden, toen ik Trismegistos wilde raadplegen, een belangrijke website over papyrologie. Ik was mijn boek Bedrieglijk echt aan het afronden en wilde nog wat dingen verifiëren. Het kwaaie blogstukje vindt u hier. Al vrij snel kreeg ik opnieuw reden om boos te zijn, maar nu op mezelf. Wat ik had geschreven klopte namelijk maar ten dele, zoals de mensen van Trismegistos me in de comments al vrij snel uitlegden (hier). Ik nam contact op en er volgde wat correspondentie.

Lees verder “Nog eens Trismegistos”

De Artemidorospapyrus (3)

Het evangelie van de Vrouw van Jezus

[In het eerste en tweede deel van dit stuk heb ik uitgelegd wat de Artemidorospapyrus was en hoe ze werd ontmaskerd. Nu: wat betekent dit?]

Conclusie

Wat we in de eerste twee delen zagen, was een schoolvoorbeeld van hoe een vervalser de kluit belazert. In dit geval werd een nieuwe, literaire tekst vervaardigd, maar eigenlijk is dat al teveel werk. Ik zal nog uitleggen dat dat eigenlijk niet eens nodig is. Waar het om gaat is dat je iets componeert dat wetenschappers of verzamelaars graag willen hebben en hun hun kritische zin doet verliezen.

Heb je eenmaal een tekst, dan breng je die aan op oud schrijfmateriaal, dat voor een habbekrats te koop is en zelfs, zoals we zagen, legaal uit Egypte wordt geëxporteerd. Geen problemen dus met de koolstofdatering. Hoe je inkt maakt die spectrometrisch niet is te vervalsen, las u hier.

Lees verder “De Artemidorospapyrus (3)”

De Artemidorospapyrus (2)

De ouderdom van de papyrus waarop de Artemidorospapyrus is geschreven

Helaas geldt dat als iets te mooi is om waar te zijn, het vaak ook niet waar is. Na een expositie in 2006 zwol de kritiek aan. Sommige tekeningen leken wel op de afbeeldingen op vroegmoderne sterrenkaarten. Die anatomische schetsen, waren dat niet gewoon kopieën van Renaissancetekeningen? Was het niet wat vreemd dat een geografische tekst was geschreven in kanselarijschrift? Tot slot was verontrustend dat de provenance zo slecht was gedocumenteerd.

Discussie

De directrice van het Egyptisch Museum in Turijn, Eleni Vassilika, weigerde daarom de schenking aan te nemen. Ze kreeg in 2007 bijval van de Italiaanse oudheidkundige Luciano Canfora, die meende te weten wie de papyrusrol had gemaakt: de Ottomaanse Griek Konstantinos Simonides, de negentiende-eeuwse vervalser die als eerste had begrepen dat hij teksten moest aanbrengen op antiek schrijfmateriaal. Canfora’s identificatie werd weer tegengesproken. Aangezien hij de papyrus nooit met eigen ogen had gezien, had hij de schijn wel tegen.

Lees verder “De Artemidorospapyrus (2)”

De Artemidorospapyrus (1)

Detail van de Artemidorospapyrus

De papyrusrol die bekend is komen staan als de Artemidorospapyrus is zo’n twee-en-een-halve meter lang en ruim tweeëndertig centimeter hoog, wat suggereert dat deze tekst komt uit de Romeinse tijd. Heel misschien is ’ie iets ouder. Ze is beschreven met een nog onbekende aardrijkskundige tekst maar het opvallendst zijn allerlei tekeningen van dieren en de menselijke anatomie. Zo’n papyrus was nog nooit gezien en het verhaal dat zich in de eerste jaren van de eenentwintigste eeuw ontvouwde was spectaculair.

Drie levens

Het leek ooit de opzet geweest deze rol te voorzien van de tekst van het werk van Artemidoros van Efese, een Griekse geograaf die rond 100 v.Chr. leefde en vaak wordt geciteerd door auteurs, zoals Strabon van Amasia. De kopiist was bezig met een beschrijving van het Iberische Schiereiland toen hij zijn werk onderbrak om een tekenaar de kans te geven de landkaarten in te voegen. Het resultaat was echter desastreus. De kaartenmaker gebruikte een verkeerd voorbeeld, realiseerde zich zijn fout en maakte de tekening niet meer af. Hij had de bergen, rivieren en wegen al ingetekend maar verspilde geen tijd meer aan de belettering. De kopiist zal op een andere rol opnieuw zijn begonnen en de verprutste papyrus kreeg een tweede leven als kladpapier.

Lees verder “De Artemidorospapyrus (1)”