Opnieuw: de Didache

Twintig jaar geleden werd over de Nijmeegse classicus Vincent Hunink – full disclosure: ik heb herhaaldelijk en plezierig met hem samengewerkt – weleens het grapje gemaakt dat hij voornemens was vóór het nieuwe millennium de integrale klassieke literatuur vertaald te hebben. Dat is hem niet gelukt maar aan zijn arbeidsethos ligt het niet. Alleen al de afgelopen maand kwamen er drie boeken van hem uit: de Didache, waarover ik het hieronder wil hebben, en twee bewerkingen van eerdere vertalingen, namelijk een boekje van Augustinus over onderwijs en een traktaat over landbouw van Cato. De Augustinustekst heb ik nog niet gelezen; Cato mag u gerust overslaan; de Didache is echter een unieke en fascinerende tekst. Dat vergt echter wat uitleg.

***

Tegenwoordig maken we onderscheid tussen joden en christenen, maar in de eerste eeuwen van onze jaartelling zou slechts een enkeling dat hebben begrepen. Je had destijds mensen die één God vereerden, voor wie de tempel in Jeruzalem belangrijk was en die meenden dat God zich in boekvorm had geopenbaard. Die mensen vielen te verdelen in diverse groepen met uiteenlopende antwoorden op allerlei vragen. Mocht je ook andere goden vereren? Zo ja hoe? Waren er ook andere cultusplaatsen dan Jeruzalem? In welke boeken had God zich eigenlijk geopenbaard?

Lees verder “Opnieuw: de Didache”

Het Woudagemaal

Het Woudagemaal bij Lemmer

Station Zwolle is voor Noordoost-Nederland wat Utrecht is voor Midden-Nederland: een knooppunt waar elke treinreiziger langs komt. Als er in Zwolle moet worden verbouwd, is er een stevig mobiliteitsprobleem. Dit voorjaar betrof het de brug over de IJssel, deze zomer moesten er een stuk of zeventig oude wissels uit en een stuk of veertig nieuwe in. Dus was station Zwolle de eerste twee weken van deze maand gesloten en moest je met een bus van Meppel naar Kampen en andersom.

Ik houd niet van bussen – of beter: ik wil niet hoeven meeluisteren naar de muziek van de chauffeur. Voor mij zat er dus weinig anders op dan, als ik op een vrijdagavond van Leeuwarden naar de Randstad wilde, of op een zondagmiddag naar het noorden terugkeerde, een stuk te fietsen. Dat is natuurlijk geen straf. Van Sneek via Urk naar Lelystad. Van Hardenberg via Hoogeveen naar Meppel. Van Heerenveen via Schokland naar Kampen. Zo kwam ik afgelopen vrijdag bij Lemmer, waar ik erin slaagde de weg kwijt te raken en me ineens niet bevond ten oosten van het stadje, waar de brug ligt naar de Noordoostpolder, maar in het westen. Kortom, ik was ineens vlakbij het Woudagemaal. Werelderfgoed.

Lees verder “Het Woudagemaal”

De Tien Geboden van Bertrand Russell

Gustave Doré, Mozes met de Tien Geboden

Het vervelende van mensen is dat ze niet volmaakt zijn. Een Plato vergeleek de ziel met een tweespan, getrokken door een edel en een geil paard, waarmee hij probeerde uit te leggen waarom we weleens iets verkeerds doen. De auteur van Genesis 4 laat God tegen Kaïn zeggen dat hij goed en slecht kan handelen: in het eerste geval kan hij iedereen recht in de ogen kijken, in het tweede geval ligt de zonde op de loer, begerig om de mens in zijn greep te krijgen – maar de mens kan uiteindelijk sterker zijn dan de zonde. Tegenwoordig denken we dat de driften die we niet als goed beschouwen, samenhangen met de ontwikkeling van onze hersenen: ergens hebben we iets behouden van de dieren die ooit op de savanne leefden en voor wie agressie normaal was.

Dat wij dat afkeuren betekent in feite dat we proberen onze diepste natuur te overwinnen. Het is geen compliment als je iemand zegt dat hij zich als een beest gedraagt, hoewel het in feite een constatering is van een simpel biologisch gegeven: we zijn natuurlijk wél beesten. We zijn alleen beesten die ernaar streven die beestachtigheid te overwinnen. De grote levensbeschouwelijke systemen bieden daartoe allemaal een leidraad. We zijn dieren maar kunnen ernaar streven dames en heren te zijn. U mag het heiligheid of Bildung of beschaving noemen.

Lees verder “De Tien Geboden van Bertrand Russell”

MoM | Crop marks

Crop marks

Vermoedelijk heeft u deze week het berichtje wel langs zien komen en anders leest u het hier nog eens: deze zomer zijn op luchtfoto’s allerlei opmerkelijke patronen zichtbaar. Terwijl de akkers er verdord bij liggen, zijn er ook groene banen. Daar lagen ooit – in Nederland wil dat zeggen: voor de ruilverkaveling – de sloten die de diverse percelen van elkaar scheidden.

Ik beken dat ik even op het verkeerde been was gezet door de berichtgeving, waarin de nadruk lag op die sloten. Het ontdekken daarvan is namelijk niet zo heel bijzonder. Althans niet in Noordwest-Europa, waar eigenlijk alles wel in kaart is gebracht met een techniek die bekendstaat als laser-altimetrie. Dat is een dure manier om te zeggen dat ze met behulp van een in een helikopter of een vliegtuig opgehangen laser de afstand tot de aarde enkele keren hebben gemeten. De resultaten zijn doorgaans supernauwkeurig en men spreekt wel van microreliëf. U kunt ze opzoeken in het Actueel Hoogtebestand Nederland en het Digitaal Hoogtemodel Vlaanderen. Ik sluit niet uit dat ook andere, aanvullende technieken worden gebruikt om het microreliëf in kaart te brengen, maar u begrijpt waar het ongeveer op neerkomt.

Lees verder “MoM | Crop marks”

Gekooide vogel

Een gekooide en een vrije patrijs (Folklore-museum, Amman)

Het bovenstaande mozaïek fotografeerde ik in het Folklore-museum in Amman maar het is afkomstig uit Jerash, het antieke Gerasa, een enorme ruïnestad in het noordwesten van Jordanië. Meer specifiek: ze komen uit de zesde-eeuwse kerk van de heiligen Elias, Maria en Soreg. De afbeelding is niet heel ingewikkeld: twee patrijzen, waarvan één in een kooitje.

Ik heb ze wel vaker gezien, meestal in het oostelijk Middellandse Zee-gebied, maar ook in Italië. Ik begrijp echter dat het motief is ontleend aan de klassieke wereld: stoïcijnse filosofen als Seneca en neoplatonisten als Porfyrios vergeleken de menselijke ziel met een vogel in een kooi. Het verlangen van de vogel om weer langs de hemel te kunnen vliegen is hierbij te vergelijken met het verlangen van de ziel om weer vrij te zijn en naar zijn hemelse oorsprong terug te keren.

Lees verder “Gekooide vogel”

De Marseillaise

Isidore Pils – Kapitein Rouget de Lisle zingt de Marseillaise (1849)

Het schilderij hierboven, in 1849 vervaardigd door Isidore Pils en te zien in Straatsburg, is niet het allermooiste en de afgebeelde gebeurtenis is ook niet wereldberoemd: u ziet hoe genie-kapitein Claude Joseph Rouget de Lisle op 26 april 1792 ten overstaan van de burgemeester van Straatsburg een lied ten gehore bracht dat hij in de voorafgaande nacht had geschreven. Het heette Chant de guerre pour l’Armee du Rhin.

Het Franse Rijnleger kon in die lente wel wat inspiratie gebruiken. Drie jaar daarvoor had koning Lodewijk XVI, geconfronteerd met diverse grote problemen, de Staten-Generaal samengeroepen en de vertegenwoordigers van de burgerij hadden vervolgens gezworen het land een grondwet te zullen geven. Toen die er eenmaal was, volgde radicalisering en de ambitie de verworvenheden van de Franse Revolutie te exporteren, waarop de Europese grootmachten tot oorlog besloten. Op 20 april 1792 verklaarde Lodewijk XVI, die meende dat oorlog goed was om het verdeelde Frankrijk onder zijn gezag te herenigen, de oorlog aan Oostenrijk. Het lag in de rede dat Straatsburg het eerste Oostenrijkse aanvalsdoel zou zijn en dus gaf de burgemeester van Straatsburg kapitein Rouget de Lisle opdracht een strijdlied te schrijven.

Lees verder “De Marseillaise”

De slag bij Vlaardingen

Op 29 juli 1018, over twee weken dus een millennium geleden, stuurde keizer Hendrik II van het Roomse Rijk, waar de Lage Landen destijds deel van uitmaakten, een leger uit om graaf Dirk III tot de orde te roepen. Deze heerste over onder andere de mondingen van de Maas en Rijn, een gebied de kern vormt van het graafschap Holland maar in de elfde eeuw misschien beter kan worden aangeduid als West-Frisia.

Dirk was, zonder dat hij daartoe bevoegd was, tol gaan eisen van de kooplieden die voeren op de Merwede. De graaf was kansloos tegen het keizerlijke leger, dat werd aangevoerd door de ervaren hertog Godfried en vermoedelijk drieduizend man sterk was. Dirk zal er op zijn hoogst duizend tegenover hebben kunnen zetten, meest bewapende boeren, maar hij behaalde desondanks de overwinning. Ik blogde er al eens over.

Lees verder “De slag bij Vlaardingen”