Hoe bestuur je een wereldrijk? (2)

Chinees borduurwerk, herkenbaar aan het gebruik van de kettingsteek, maar gevonden in het Romeinse Rijk (Palmyra)

[Tweede deel van een bespreking van bespreking van de door Walter Scheidel geredigeerde bundel State Power in Ancient China and Rome (2015). Het eerste deel was hier.]

De steden

Terug naar de verschillen. En dan springen de verschillen tussen de steden in het oog, zowel in het stadsbestuur als in het uiterlijk voorkomen van de steden. In het Middellandse Zee-gebied was er een lange traditie van autonoom stadsbestuur, in China was die traditie veel minder sterk en hadden de Qin doelbewust de stedelijke elites uitgeschakeld, onder andere door grootschalige deportaties.

Dat was ook zichtbaar in het uiterlijk van de steden. Romeinse steden kenden pleinen, fora, theaters, badhuizen en andere publieke gelegenheden waar de stadsbewoners konden samenkomen. De Chinese keizers en hun bestuurders moesten niets hebben van massale samenkomsten van hun onderdanen, ze waren er eerder bang voor. De enige plek aan samenkomst was de markt, er waren nauwelijks pleinen, geen grote theaters of publieke badhuizen. En er werd er afstand gecreëerd tussen bevolking en de bestuurders.

Lees verder “Hoe bestuur je een wereldrijk? (2)”

Hoe bestuur je een wereldrijk? (1)

Een Chinese kameel (Metropolitan Museum, New York)

Rond het begin van onze jaartelling bestonden er twee wereldrijken: het Romeinse Imperium en het Chinese Keizerrijk onder de Han-dynastie. Samen heersten zij over ongeveer de helft van de toenmalige wereldbevolking. Beide rijken hebben zich in dezelfde periode maar onafhankelijk van elkaar ontwikkeld. Is het de moeite waard om een vergelijking te maken tussen de Romeinen en de Han? De Oostenrijkse historicus Walter Scheidel, sinds 2004 hoogleraar in Stanford, meent van wel en laat dat zien in de bundel State Power in Ancient China and Rome. De bundel bevat acht artikelen die het Romeinse keizerrijk vergelijken met het China van de Han-dynastie.

Scheidel is een pleitbezorger van vergelijkende geschiedenis (comparative history). Eén van de voordelen van het vergelijken van staten en ontwikkelingen, zoals tussen Rome en de Han, is volgens hem dat het de historicus dwingt uit de specialistische “comfort zone” te treden en nieuwe vragen te stellen. Het dwingt tot het overstijgen van (historische) disciplines en het helpt bij het identificeren van causale relaties en factoren en hoe die in verschillende omgeving verschillend uitwerken. Vergelijken is overigens geen doel op zich, maar een middel voor het stellen van vragen en formuleren van verklaringen.

Lees verder “Hoe bestuur je een wereldrijk? (1)”

Het verlangen van Nescio

Een enkel woord betekent soms meer dan je denkt. Je moet het kraken als een noot om te ontdekken wat erin schuil gaat.

Waarom bijvoorbeeld heet Nescio’s derde verhaal, dat over de ongelukkige Eduard, eigenlijk Dichtertje? De hoofdpersoon heeft weliswaar een bundel gepubliceerd en de kritiek noemde hem veelbelovend, maar hij is in de eerste plaats echtgenoot, vader, kostwinner, kantoorman. Die kwaliteiten domineren zijn bestaan. Hij is een burgerman. Dichten is vooral wat hij níet doet.

‘Maar in dit nette, onschadelijke, jonge burgerheertje leefde nog iets, dat geen heertje was, maar een mensch, die niet zoo maar dood wou gaan, die zichzelf een toren wou oprichten tot de blauwe lucht, om te staan in eeuwigheid. En een beest dat zich zat wilde vreten aan al ’t onverschillige levende en doode, dat maar deed of hij er niet was en zich wederom zat wilde vreten tot ’t alles opgevreten had en alleen over was met ’t niet.

Lees verder “Het verlangen van Nescio”

Misverstand: Famous last words

Vespasianus (Archeologisch museum, Napels)

Misverstand: Vespasianus’ laatste woorden waren dat hij vreesde een god te worden

Goede Romeinse keizers werden na hun dood vereerd als goden, en het oordeel of iemand goed had geheerst was vooral afhankelijk van de vraag of hij een zoon had die hem als keizer zou opvolgen en de vergoddelijking er bij de Senaat zou doordrukken. Omdat keizer Vespasianus (r.69-79) een zoon had, Titus, kon hij er zeker van zijn dat na zijn dood aan hem zou worden geofferd. Hij zou zijn gestorven met de geslaagde grap dat hij vreesde een god aan het worden te zijn.

Lees verder “Misverstand: Famous last words”

Tempelreiniging

Een bankier (mozaïek uit Thabraca; Bardo-museum, Tunis)

Er was gisteren een vraag over de Tempelreiniging, het moment waarop Jezus in woede ontstak en de geldwisselaars van het tempelplein afranselde. Voor wie wil weten of het verhaal voldoet aan de authenticiteitscriteria: het is tweemaal geattesteerd (Marcus en Johannes) en ook het criterium van de gêne is van toepassing. De gebeurtenis, die volgens Marcus plaatsvond kort voor Jezus’ arrestatie, is door Johannes namelijk zo ver mogelijk daarvan weg gehaald: de vierde evangelist plaatst het voorval helemaal aan het begin van zijn verhaal, om de lezer niet op het idee te brengen dat Jezus werd gearresteerd wegens ordeverstoring.

Trof Jezus “de hogepriesters en hun onmiddellijke omgeving regelrecht in de portemonnee”, zoals geopperd? Reken maar. Er zijn meer bronnen waaruit blijkt dat er nogal wat aan de strijkstok bleef hangen. Een tijdgenoot van Jezus, de schrijver van het Testament van Mozes, meent dat in de tijd na koning Herodes een doodzieke groep goddelozen de mensen zou afpersen en desondanks de euvele moed had reinheidswetten te bespreken. De farizese leraar Simeon voer uit tegen de tarieven voor een offer: een goudstuk voor een stel duiven. Met zijn protest bereikte hij dat de vogels voortaan een sestertius kostten, één procent van wat oorspronkelijk was gevraagd. Dat zo’n prijsverlaging mogelijk was, suggereert dat de priesters vette winsten maakten.

Lees verder “Tempelreiniging”

Financieel wanbeleid (uiteraard papyrologie)

Dans om het gouden kalf (Lange Niezel 25, Amsterdam)

Wat kost een papyrus? Dat is niet zo een-twee-drie te zeggen omdat ze vaak onderhands worden geveild. De Sapfo-papyri zijn bijvoorbeeld door een onbekende eigenaar via een in zeer beperkte oplage verspreide catalogus aangeboden aan een zeer beperkt aantal onbekende geïnteresseerden. Welke prijzen gevraagd en geboden zijn, is onbekend en of ze bij die gelegenheid ook werkelijk zijn verkocht, is bij mijn weten eveneens onbekend. Uiteraard is een besloten veiling, buiten de openbaarheid, de koninklijke weg voor wie een vervalsing heeft aan te bieden.

Ondanks het schimmige karakter van deze handel, zijn er wel een paar dingen te zeggen. Grote snippers leveren meer op dan kleine. Helder geschreven fragmenten zijn geliefder dan fragmenten die speciale belichting vergen. Literaire teksten schuiven meer dan administratieve – en dat is natuurlijk zeer tot genoegen van vervalsers, want administratieve teksten zijn vaak opgesteld in lastig te imiteren cursiefsschriften terwijl literaire teksten in eenvoudiger te vervalsen blokletters zijn geschreven (“uncialen”). De hoogste tarieven zijn voor Bijbelteksten. Een snipper van de Dode Zee-rollen kost al snel een miljoen dollar.

Lees verder “Financieel wanbeleid (uiteraard papyrologie)”

Misverstand: Wapenrustingen

Twee verregende re-enactors in een lorica segmentata

Misverstand: Alle legionairs droegen een lorica segmentata

Het meest zichtbare aspect van de macht van de Romeinse keizer was het leger, waarover ontzettend veel bekend is uit enkele militaire traktaten, tientallen brieven, honderden inscripties en ontelbare archeologische vondsten. We kennen de rangen, de regimentsgeschiedenis van de legioenen, de militaire bases, de bewapening en de voornaamste campagnes, en we zijn ook tot in detail op de hoogte van zaken als soldij en training. In feite is er, tot de zestiende eeuw, geen leger geweest waarvan we zoveel weten. Zo voelen de Romeinse legioenen bijna vertrouwd aan.

En dat is ook het probleem, want al snel ga je te modern denken. Hedendaagse legers kennen eenheid van tenue: alle soldaten dragen hetzelfde uniform. Het is verleidelijk te denken dat dit in de legioenen ook zo was. Dat komt overigens niet uitsluitend door het moderne voorbeeld, maar ook doordat mensen eeuwenlang alleen bij passiespelen – toneelstukken over Jezus’ laatste dagen – zagen hoe een Romeinse soldaat eruit zag, en de kostuummakers vaak hetzelfde patroon gebruikten om verschillende acteurs te kleden.

Lees verder “Misverstand: Wapenrustingen”