De Cyrenaica (2)

Apollonia (Cyrenaica)

[Dit is het tweede en laatste blogje over de Cyrenaica.]

Een tijd zonder geschiedenis

De Perzen veroverden Egypte in 525 v.Chr. en lijken daarna de Cyrenaica te hebben onderworpen. Uit de Historiën van Herodotos van Halikarnassos zouden we afleiden dat het gebeurde rond 513, maar zoals zo veel dateringen is ook dit jaartal niet zo zeker als het lijkt. Het is onduidelijk of de Achaimeniden daadwerkelijk de regio hebben beheerst: ze lag immers ver weg. Het is in elk geval waarschijnlijk dat de Cyrenaica haar zelfstandigheid herwon toen koning Xerxes de perifere rijksdelen opgaf. In elk geval moeten de steden van de Cyrenaica na de onafhankelijkheid van Egypte in 404 autonoom zijn geweest.

Lees verder “De Cyrenaica (2)”

Utrecht: Woerden

Inscriptie voor Elagabal (Stadsmuseum, Woerden)

[Vandaag bestaat de Mainzer Beobachter vijftien jaar, en ik plaats vijftien blogjes over vijftien voorwerpen uit de vijftiennoot Vandaag zijn Holland en Vlaanderen elk weer één gewest. Nederlandssprekende provincies.] 

Woerden

Ik blogde twee uur geleden over de oosterse religieuze invloed in Tongeren, ik ga er nog even mee door: oosterse invloed in Woerden. Daar is bovenstaande inscriptie gevonden, waarvan de eerste regels nogal vreemd zijn.

Lees verder “Utrecht: Woerden”

De Tempel voor de Vrede

De Tempel voor de Vrede

Het zal u in het vorige blogje al zijn opgevallen dat wat een plein leek, werd aangeduid als Tempel van de Vrede. Dat is omdat het Latijnse templum niet alleen verwijst naar een gebouw, maar ook naar een ruimte die was afgebakend om zieners de vlucht van de vogels te laten observeren. Zo’n templum was een vierkant stuk grond dat met een bepaalde formule in gebruik was genomen.noot Varro, De Latijnse taal 7.8.

De Tempel van de Vrede was dus een vierkante ruimte, aan alle zijden omgeven door galerijen met pilaren uit grijs en roze Egyptisch graniet, met de hoeken gericht naar de hoofdwindstreken, ongeveer een hectare groot. Om een beeld te krijgen van de afmetingen: de huidige Torre dei Conti staat op wat vroeger de noordpunt was en de SS. Cosma e Damiano staat op de zuidhoek. Ik weet niet of de vergelijking met de Vrijdagmarkt in Gent voor veel lezers iets verheldert, maar dat plein heeft dezelfde oriëntatie en afmetingen.

Lees verder “De Tempel voor de Vrede”

De Romeinse Provence (2)

Romeinse brug in Vaison

[Tweede deel van een blogje over Gallia Narbonensis, ofwel de Provence in de Romeinse tijd. Het eerste deel was hier.]

Keizertijd

Een geschiedenis van Gallia Narbonensis in de Keizertijd is een standaardverhaal. Het Romeinse Rijk, gevestigd met Blut und Eisen, garandeerde rust. Gallia Narbonensis behoorde in deze wereld tot de “binnencirkel” van de Romeinse provincies, wat inhield dat zo’n provincie meer belastingen betaalde dan de Romeinse overheid investeerde. Het was een wingewest. In de buitencirkel, waar de kostbare grenslegers waren gestationeerd, was dat andersom: daar gaf de overheid meer uit dan het aan belastingen binnen haalde.

Lees verder “De Romeinse Provence (2)”

V Macedonica aan de Donau

Inscriptie van V Macedonica uit Oescus (Archeologisch museum, Sofia)

Van de meeste Romeinse legioenen kennen we de ontstaansgeschiedenis. Soms weten we welke keizer het heeft gesticht, soms kunnen we de geschiedenis herleiden tot de tijd van Julius Caesar en zijn opvolgers Marcus Antonius en Augustus. Van V Macedonica is de herkomst minder duidelijk. We kennen uit de vroegste tijd twee vijfde legioenen, V Urbana en V Gallica, die allebei identiek kunnen zijn aan het vijfde legioen dat later naar zijn standplaats Macedonië zou worden vernoemd. Misschien is het geformeerd door consul Gaius Vibius Pansa en diende het voor het eerst in 43 v.Chr., maar dat is slechts een hypothese.

V Macedonica was waarschijnlijk aanwezig bij de campagne rond Aktion (31 v.Chr.), waarna veteranen werden gevestigd in de Veneto. Een latere generatie veteranen is vijftien jaar later gedemobiliseerd in Fenicië in Beiroet. Hier kregen ook veteranen van VIII Augusta land toegewezen. In elk geval diende het legioen zelf in Macedonië.

Lees verder “V Macedonica aan de Donau”

Tipasa

Tipasa, Villa aux fresques

Ik heb het voorrecht nogal wat te kunnen reizen. Mijn laatste reis, per trein en bus door Spanje, waas puur vakantie. Maar de meeste reizen maak ik als reisleider en omdat ik ook het programma van zo’n reis maak, kan ik eigenlijk altijd wel iets invoegen dat ik zelf nog nooit heb gezien. Ik denk dat ik bovengemiddeld veel antieke ruïnes en archeologische musea heb bezocht, en ik zou niet goed weten wat ik de allermooiste vind – maar de Algerijnse stad Tipasa scoort hoog, heel hoog.

Het begint natuurlijk bij de locatie: aan de kust. In de hierboven afgebeelde villa moet het heerlijk wonen zijn geweest, met altijd het ruisen van de zee en een achtertuin die ook destijds overging in een bos. Dat was niet overal zo; momenteel zijn er meer bomen dan vroeger, zodat de site iets feeërieks heeft, al is het natuurlijk niet bepaald historisch verantwoord. Ik zei dat Tipasa mooi is, niet dat je er als het ware door een antieke stad wandelde. Daarvoor moet je naar Pompeii.

Lees verder “Tipasa”

Romeins Thracië en Moesië

De Via Egnatia in Filippoi

[Dit is het vijfde van zeven blogjes over de Thraciërs. Het eerste was hier.]

De Romeinse Republiek

Zoals ik in het vorige blogje al aangaf, kregen de Romeinen, in oorlog met de Macedoniërs, in de eerste helft van de tweede eeuw v.Chr. te maken met de Thraciërs. Komend vanaf de Adriatische Zee bouwden ze de Via Egnatia, die langs Thessaloniki naar het oosten voerde, langs de havensteden die de Grieken eeuwen eerder aan de Thracische zuidkust hadden gebouwd. Op de annexatie van Macedonië (in 146 v.Chr.) volgde de annexatie van het koninkrijk Pergamon, en daarmee was in elk geval de beheersing van het zuiden van Thracië voor Rome van enorm strategisch belang.

Het zou te ver voeren om hier alle conflicten te noemen die Rome in en rond Thracië heeft uitgevochten. Het was in elk geval nooit eenvoudig, zoals wel blijkt uit het feit dat de oorlog tegen de Bessers duurde van 119 tot 107 v.Chr. Al die tijd was de Via Egnatia niet helemaal veilig. Ook in de oorlogen tegen koning Mithridates VI Eupator van Pontus, een van de gevaarlijkste tegenstanders waarmee Rome te maken had in de eerste helft van de eerste eeuw v.Chr., werd gevochten in Bulgarije. Bij een van deze oorlogen moet Spartacus in Romeinse handen zijn gevallen: misschien als krijgsgevangene, misschien als verkochte slaaf.

Lees verder “Romeins Thracië en Moesië”

De hoofddoek (2) het westen

Hellenistische dame met hoofddoek (RIjksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik gaf gisteren aan dat het hoofddoekje in het oude Nabije Oosten en in de Mediterrane wereld gold als het privilege van een getrouwde vrouw. Negatief geformuleerd: het onbedekte haar van slavinnen, prostituees en ongetrouwde meisjes was een aanwijzing dat ze seksueel beschikbaar waren – uiteraard na toestemming van de eigenaar, na betaling of na huwelijkssluiting. Ik attendeerde er ook op dat vrouwenportretten een andere werkelijkheid documenteren: vrouwen waarvan we zeker weten dat ze getrouwd waren, worden met onbedekt haar afgebeeld. Ik ben er vrij zeker van dat niemand de Romeinse keizerin beschouwde als seksueel beschikbaar.

Dat er in elk geval in de Romeinse keizertijd diverse normen bestonden, blijkt tevens uit teksten die het joodse leven documenteren. De traditionele norm, dat een getrouwde vrouw een hoofddoek mocht dragen, wordt verondersteld in de rond 200 na Chr. samengestelde Mishna. Deze eerste grote optekening van rabbijnse opvattingen legt het vertrouwde verband tussen het dragen van een hoofddoek en het huwelijk: een man mocht zijn echtgenote verstoten als ze met onbedekt haar over straat ging, en hoefde dan de bruidsschat niet terug te betalen.noot Mishna, Ketuboth 7.6.

Lees verder “De hoofddoek (2) het westen”

Het vierkinderenrecht

Reconstructie van het beeld van keizer Augustus uit Primaporta (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

De huwelijkswetgeving lag keizer Augustus na aan het hart. We weten niet waarom precies, maar zijn hele regering lang heeft hij geprobeerd de relaties tussen man en vrouw te reguleren. Uit het jaar 18 v.Chr. dateert de Lex Julia de maritandis ordinibus, die bepaalde wie met wie konden trouwen. Vermoedelijk uit hetzelfde jaar dateert de Lex Julia de adulteriis coercendis, ofwel een wet tegen overspel. Wellicht hingen deze wetten samen met de afkondiging van een “nieuwe era” in het daaropvolgende jaar.  We lezen verder over wetgeving de pudicitia, betreffende de openbare zeden.

Hoe belangrijk dit thema was voor Augustus, blijkt wel uit het feit dat hij niet alleen het burgerlijk recht maar ook het strafrecht inzette. Bovendien bleef hij erop terugkomen: alsof drie wetten nog niet genoeg waren, herhaalde hij de wetgeving het in 9 na Chr., al liet hij het indienen toen over aan de twee consuls. Deze wet staat bekend als de Lex Papia et Poppaea, die de maatregelen uit de eerstgenoemde wet aanvulde en aanscherpte.

Lees verder “Het vierkinderenrecht”

Robert Nouwen, Rome & de Lage Landen (1)

Afgelopen zaterdag werd in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden het boek Rome en de Lage Landen van de Belgische historicus, archeoloog en museumdirecteur Robert Nouwen ten doop gehouden. Dat is een heel belangrijk boek: de eerste synthese over dit onderwerp in een halve eeuw. Ik heb vorig jaar opgetreden als meelezer van het manuscript, en mocht bij de presentatie een toespraakje houden. Uiteraard deed ik dat maar wat graag. Dit is wat je noemt: de eer hebben iets te mogen doen.

Maar er was een probleem. Al vóór de presentatie waren verschillende mensen verbijsterd over het bescheiden karakter van de presentatie. Iemand noemde de locatie een “derderangszaaltje”, en inderdaad: de Tempelzaal in het museum had meer voor de hand gelegen dan de Trajanuszaal. We hadden ook kunnen uitwijken naar de Waalse Kerk. Bij een zo belangrijk boek beleg je een symposium met een dozijn hoogleraren uit binnen- en buitenland. Je nodigt het NOS-journaal uit en de koning, die immers de bekendste historicus van Nederland is, en die ook het eerste exemplaar aannam van de Wereldgeschiedenis van Nederland. Wij oudheidkundigen zijn toch niet minder dan andere historici?

Lees verder “Robert Nouwen, Rome & de Lage Landen (1)”