Piet Hein

Piet Hein (Delfshaven)

Piet Hein

Die d’aard van Neêrlands volk in eens wil door zien steken,
En weten, wat bij elk het hoogst in achting staat,
Noem’ mij op markt, op beurs, bij kinders op de straat,
Hij zal ze van mijn buit, de Zilvervloot, doen spreken.

Maar wat ik meer bedreef, mijn’ wezendlijken lof!
“O!” zegt heel Amsterdam, “daar wete wij niet of,
Daar het de wisselbank gien oortje van gestreken.”

[De slag in de Baai van Matanzas vond plaats op 7/8 september 1628.]


Lotfollah

augustus 21, 2019

Antiquarisme

januari 20, 2020
Deel dit:

3 gedachtes over “Piet Hein”

  1. Maurice Vanbellinghen

    Als Oostendenaar denk ik vaak aan Piet Hein. Geregeld fiets ik immers door de Jacob Besagestraat alhier. Jacob Besage was een Oostendse kaperkapitein. Tijdens de zeeslag van 17 juni 1629 stond hij aan het hoofd van de Oostendse kapervloot. Piet Hein werd toen gedood door een kanonskogel afgevuurd vanaf het commandoschip van Besage. Die kwam bij het gevecht weliswaar zelf aan zijn eind. Maar hij heeft dus wel een naar hem genoemde straat.
    Overigens weet ik dit nog niet zo heel lang. Piet Hein daarentegen was mij al veel langer bekend. De Zilvervloot behoorde namelijk tot de liederen die we als kind op school leerden zingen, “Piet Hein!, Piet Hein!, Piet Hein zijn naam is klein,
    Zijn daden bennen groot, zijn daden bennen groot
    Hij heeft gewonnen de zilveren vloot,
    Die heeft gewonnen, gewonnen de Zilvervloot. (bis)”

  2. Ik heb onlangs geleerd dat er een Deense wetenschapper was die ook Piet Hein heette en regelmatig de vraag kreeg of hij een afstammeling was van de kaapvaarder. De man bleek behalve een wetenschapper ook zeer geestig te zijn: “De kaapvaarder Piet Hein was kinderloos. Nu mag je niet veel verwachten van een voorvader, maar wel dat die kinderen had.”

Reacties zijn gesloten.