Gewetensvraag

De verkeerde berg is wel erg mooi.
De verkeerde berg is wel erg mooi.

Ik zit met een bescheiden gewetensvraag, dus lieve lezers van deze kleine blog, help mij. Zo af en toe is er weer iemand die op zoek gaat naar de Ark van Noach, die zou moeten liggen op een berg in het oosten van Turkije die tegenwoordig “Ararat” wordt genoemd. Die zoektocht is vrij stompzinnig en dan bedoel ik niet wat een seculiere lezer denkt: dat die ark nooit heeft gevaren.

Me even verplaatsend in iemand die het gelijk van de Bijbel wil bewijzen: léés die Bijbel dan. Er staat uitdrukkelijk dat de ark rustte “op de bergen van Ararat”, en het woord “Ararat” is een verwijzing naar een koninkrijk dat ooit in het oosten van Turkije lag en bekender is onder de naam Urartu. De “berg Ararat” danken we aan westerse reizigers als Marco Polo, die een onjuiste bijbelvertaling bij zich hadden. Joden, oosterse christenen en moslims wijzen een andere plaats aan, vlakbij Cizre in zuidoost-Turkije, en het aardige is dat die plek ook wordt genoemd in Babylonische teksten. Bij Cizre is blijkbaar iets te zien – de bronnen noemen bitumen en pek – en het is een verdedigbare vraag wat nou de aandacht van de Babyloniërs, joden, oosterse christenen en moslims heeft getrokken. Meer over deze materie hier.

Wat ik maar zeggen wil: de zoektocht naar de ark op een berg in Oost-Turkije is oliedom. Kwakgeschiedenis. Wie er geld aan uitgeeft, verdient het ook dat hij er zijn geld aan verspilt.

Maar nu word ik benaderd door een onderneming die een film wil maken over de zoektocht op de verkeerde berg. Ze bieden een mooie prijs voor enkele van mijn foto’s. Ik kan zeggen “handel is handel”, maar dan word ik handlanger in deze zwendel. Weiger ik, dan verkoopt iemand anders zijn foto’s wel, dus de verspreiding van goede informatie wint niet echt als ik principieel ga lopen doen.

De simpele oplossing is dat ik uitleg waarom het niet zo zinvol in Oost-Turkije te zoeken met als uitgangspunt een identificatie uit de westerse, middeleeuwse traditie, terwijl er een oosterse, oudere traditie is die duidt op Zuidoost-Turkije. De toon waarmee ik ben benaderd, suggereert dat men niet echt openstaat voor goede raad, zelfs als ik die zó presenteer dat ik mensen in hun bijbels-literalistische waarde laat.

Ik neig ernaar toch die brief met uitleg te schrijven maar ik weet niet of ik, als men niet wil luisteren, nou moet verkopen of niet. Wie heeft goede raad?

Naschrift

Dank voor alle reacties. Inmiddels heb ik de brief geschreven, want de gelegenheid mensen uit te leggen dat ze iets écht verkeerd doen, is het belangrijkste. Als het om een hoger bedrag zou gaan, zou ik misschien dollartekens in de ogen hebben.

23 gedachtes over “Gewetensvraag

  1. busshowfeur

    Het lijkt erop, dat u weinig trek hebt in slechts verkopen om den gelde. De optie “Nee!” verkopen hebt u eigenlijk om zeer legitieme reden al uitgesloten. Blijft over het risico, dat de opdrachtgever niet wil luisteren naar het verstandige verhaal. Zou er een geldig alternatief zijn voor dat risico, dan zou ik dat onderzoeken. Vooraleer zou ik zeggen: de alternatieven lopen dood. Als de opdrachtgever niet wil, is er geen geldige opdracht. Als die wel wil bestaat er een unieke kans…… (IK zou het die kans gunnen!)

  2. henktjong

    Vraag nadere uitleg en kijk of je je argumenten naar voren kunt brengen. Als ze hun uitgangspunten niet meer los kunnen laten: niet doen. Je gaat je er nog jaren rot over voelen als je daaraan meedoet.

  3. Alleen jijzelf kunt bepalen welk prijskaartje er aan je principes hangt. Denk niet dat gesproken moet worden van zwendel als de anderen oprecht menen dat die verkeerde berg nu juist de goede berg is. In die zin zou je bij verkoop niet in zee gaan met oplichters maar verdwaasden. Wellicht maakt dat de verkoop dragelijk. Beide categorieën lijken me niet erg genegen naar tegenargumenten te luisteren, maar ik zou zeker die brief met tegenargumenten schrijven.

  4. Jaco

    Wat je ook doet, die film en dus de slechte voorlichting komen er toch. Al je goede raad wordt in de wind gegooid en in het slechtste geval wordt jouw naam genoemd en daarmee de goede reputatie die je hebt opgebouwd besmeurd. In dit geval zou ik de reputatie een grotere waarde toekennen dan het geld. Niet doen dus.

  5. Dirk

    Pecunia non olet, zou je kunnen zeggen, maar ik volg je in je gewetensprobleem. Als de makers van de film vastbesloten zijn om door te zetten, met of zonder jouw foto’s, dan kan je er even goed wat aan verdienen en daar iets leuks of serieus-wetenschappelijks mee doen, afhankelijk van hoe hard je geweten knaagt.
    Als je naam erbij vermeld wordt, dan zou ik het sowieso niet doen. Als het gewoon om een onpersoonlijk leuk plaatje gaat dat ze willen gebruiken, raad ik als goede katholiek aan: verkopen, en daarna biechten.

  6. Pieter

    Oei “de koopman en de dominee” in een vraag c.q. blog… Je twijfelt nu al in het openbaar en uit alles blijkt dat je je er niet lekker bij voelt. Even denkend aan het obligate “alles is te koop voor een prijs” dus wat houdt je tegen, is denk ik de vraag je jij je moet stellen en beantwoorden “Wat verkoop ik?” Uit jouw twijfel blijkt dat jij gevoelsmatig niet alleen een paar plaatjes verkoopt maar ook je geloofwaardigheid naar jezelf als oudhistoricus. Geen idee wat het geboden geldbedrag is maar als je voorlopig blijft zitten met het gevoel dat je “je ziel” hebt verkocht zou ik het niet doen. Geld is niet alles, ook niet voor een atheïst die zijn ziel verkoopt!

  7. Erik Broekhof

    Met die berg als zodanig is niets mis: dat is gewoon een berg. Je foto’s daarvan kun je zonder bezwaren verkopen. Je kunt er in een brief bij vermelden dat dit de berg is die door velen abusievelijk met de ark uit het verhaal verbonden wordt en als toegift kun je de suggestie toevoegen over waar men beter kan zoeken en waarom. Dan heb je volkomen correct gehandeld, je naam loopt geen gevaar en je hebt weer wat verdiend.

  8. Otto Cox

    Ik zou in elk geval die brief met uitleg schrijven. Als ze daar zonder begrip op reageren dan je eigen gevoel volgen. En als dat gevoel ongemakkelijk blijft: niet verkopen.

  9. De meeste mensen gaan voor het “argument” geld door de knieën. Ik verwacht dat dit niet voor jou van toepassing is. Eigenlijk heb je je handen dan vrij. Leg die filmers van een kwaktheorie in een brief duidelijk uit waarom ze verkeerd bezig zijn en dat je daarmee niet geassocieerd wilt worden. En behoud de vrijheid als de film klaar is daarop kritiek te leveren.
    Groeten, Henk Ras.

  10. Johanna

    Ik zou een brief schrijven met de redenen waarom je niet op het aanbod in kunt gaan. ‘Als ik het niet doe, doet een ander het wel’ vind ik geen goede redenering. Of je naam nu wel of niet genoemd wordt, door de foto’s te verkopen werk je mee aan een productie waarmee je het op goede gronden oneens bent. Don’t follow the money!

  11. Michael van der Lee

    Je kunt weliswaar een brief meesturen maar het is de vraag of, gezien hun zienswijze, ze jouw brief ueberhaupt wel kunnen, danwel willen, begrijpen.
    Op afstand bekeken lijkt me dat, tenzij je er kan gaan van rentenieren, het teveel conflicten geeft om wel te doen. Verder is hun einddoel een zo andere dan de jouwe dat ook daar de schoen behoorlijk wringt.
    Sterkte met de beslissing ! 🙂

  12. Paul

    Het feit dat je de vraag stelt, is eigenlijk al het antwoord. Je beschouwt je wetenschappelijke integriteit als een groter goed dan het geld, en door het openbaar maken van het vraagstuk hengel je naar erkenning van dat standpunt. Ik denk dat je helemaal gelijk hebt. Integriteit betaalt zich vroeger of later altijd terug. Bovendien moet je erg uitkijken met medewerking aan projecten. Ik ken een geval waar een Duitse wetenschapper om inhoudelijk advies werd gevraagd voor een historisch project. Zijn advies werd volkomen in de wind geslagen, maar hij stond tot zijn grote ergernis wel in het colofon genoemd als adviseur.
    Lijkt me overigens een geweldig thema voor een documentaire, zo’n zoektocht op de goede berg. Die historische vergissing van de verkeerde berg geeft het een extra dimensie. Een prachtig BBC-project. En dan word jij ingehuurd als adviseur.

    1. Ik weet eigenlijk niet of ik het grote woord “integriteit” zou gebruiken. Het gaat me meer om een vorm van “besmetting”. Geld doet heel vreemde dingen met mensen. Daarom moet het niet komen uit gekke activiteiten, zoals je een bank zoekt die niet in wapenhandel investeert.

  13. Henk Looijesteijn

    Ik zou de brief schrijven, maar er verder niet te veel van verwachten. Ik ben wel eens gevraagd voor items over de tulpenmanie in de 17de eeuw, en dan komen ze altijd met de gebruikelijke gemeenplaatsen. Ik vertel dan altijd hoe het volgens mij zit. En vaak – zo lijkt het in elk geval – neemt men de historicus serieus. Maar ik heb hierbij nooit te maken gehad met mensen die hun Bijbelvertaling als leidraad hanteren voor hun blik op het verleden.

  14. Ik zou de foto’s verkopen, met begeleidend schrijven waarom ze ernaast zitten en waarom. Als voorwaarde kun je dan stellen dat je naam op geen enkele manier vermeld mag worden, en wel om de redenen die je in je brief hebt geschreven. Het is prima om geld te krijgen voor je materiaal, en je hebt tegelijkertijd goed advies gegeven (gratis). Maar je naam wordt niet verbonden aan een slecht project. Sterker nog, je zou hun documentaire kunnen gaan gebruiken om te laten zien hoe het niet moet.

      1. Hans Koonings

        Finkel: “Ironically (…) it is Mount Ararat today that is closest in location and spirit to the orinigal conception of the Babylonian poets”

        Zoeken ze per ongeluk toch weer op de mooiste plek…. verkopen dus die foto’s! (er zijn geen woorden in mijn hart)

  15. mnb0

    “léés die Bijbel dan”
    Doen ze niet. Volgens Amerikaans onderzoek – ik heb geen zin om te googelen vandaag – leest niemand (inclusief ongelovigen) zo weinig in de Bijbel als literalisten.
    Je gewetensvraag beantwoord ik lekker niet. Goed dat je een brief met uitleg hebt geschreven, maar je kunt best het geld aannemen en dan aan een goed doel spenderen. Je kunt ook weigeren. Het ene is niet beter dan het andere.

  16. Ik reageer te laat, maar om toch mijn duit in het zakje gedaan te hebben: ik zou in jouw plaats de brief of mail wel schrijven, maar er zeker niet te veel tijd/moeite aan besteden en de foto’s niet verkopen.

    In de brief zou ik wel degelijk helder maken dat die ark niet bestaan of gevaren heeft, derhalve nergens aan land gekomen is en dus ook nooit gevonden kan of zal worden. Maar ik ben dan ook van het soort dat geen reële noodzaak ziet om mensen in hun bijbels-literalistische waarde waan te laten. Dat ze daarmee behept zijn en daarom vaak tegen de harde realiteit aanlopen is hun probleem, niet het mijne. En ook niet het jouwe, als ik zo vrij mag zijn dat even voor je in te vullen.

    Ik heb wel enig meedogen met dat soort mensen, ik zou ook niet moedwillig onbeleefd tegen ze doen ofzo, maar uiteindelijk zal ik ze dus niet terwille kunnen zijn.

    En verder ben ik het tegendeel van rijk maar het wordt voor mij toch pas een gewetensconflict als de som meerdere duizenden euro’s beloopt. Dat lijkt me onwaarschijnlijk voor een paar plaatjes. Dus ik zou het gewoon niet doen.

Reacties zijn gesloten.