Nep-hunebed van de dag: Gasselte

De heuvel waarin geen hunebed was

Het is alweer tien maanden geleden dat ik schreef over het nep-hunebed van Gasselte. Het gaat om een achter dorpshuis De Trefkoel gelegen heuvel, waarin zich volgens mensen die zich voor amateurarcheologen uitgaven, een prehistorisch graf zou bevinden. Hun “ontdekking” mag in deze reeks niet ontbreken, want er zijn nogal wat rare dingen aan de hand.

Om te beginnen: vanaf het allerbeginste begin was zonneklaar dat wat er ook in de heuvel mocht zitten, er met geen mogelijkheid een hunebed kon zijn. Eén reden daarvoor is dat er nergens in de buurt ooit ook maar iets is gevonden dat aan de Trechterbekercultuur viel toe te schrijven. Een andere reden is dat de bodem ongeschikt is.

Lees verder “Nep-hunebed van de dag: Gasselte”

MoM | Rome 455, Washington 2021?

Als mijn uitgever het me vraagt, en als die uitgever ook nog inhoudelijk nadenkt over wat geschiedenis is, kan ik moeilijk weigeren. Vandaar: een stukje over de vergelijking in het plaatje hierboven. Mijn uitgever heeft gelijk: de grap, waarin de Vandalen van 455 staan tegenover de vandalen van 2021, veronderstelt een achterhaalde visie op de Vandalen. Wie de Vandalen waren, leest u maar in het boek van Mischa Meier. Ik schreef er al over en zal er nog weleens op terugkomen. Mij gaat het vandaag om de vergelijking zelf.

Washington en Rome

Het is namelijk niet de enige recente vergelijking tussen gebeurtenissen in Washington en gebeurtenissen in het Romeinse Rijk. Hier staat bijvoorbeeld Donald Trump naast de Gracchi, de Pompeii en de Caesares die een einde maakten aan de Romeinse republiek. Er valt iets voor te zeggen. Een elite die privileges accepteerde zonder dienstbaarheid, werd ervaren als corrupt, had geen steun meer en ging ten onder. Maar ja: die analyse is zó algemeen dat ’ie altijd klopt. De instorting van het pausdom in de dertiende eeuw en de ondergang van het Franse absolutisme zijn andere voorbeelden. De vergelijking is zo breed dat ze zinledig is.

Lees verder “MoM | Rome 455, Washington 2021?”

Relevance is the enemy of history

Het bovenstaande plaatje doet de ronde op de sociale media. De strekking is duidelijk: christelijk Rechts in de Verenigde Staten heeft niets begrepen van het christendom. Dat wil ik best wel voor mijn rekening nemen maar er zijn kanttekeningen te plaatsen.

Vraag één: wat is christendom? Dat is zo simpel nog niet. Het is in elk geval een verzameling ideeën, gegroeid in de loop van een kleine tweeduizend jaar. Sommigen benadrukken Bijbelstudie, anderen leggen de nadruk op sacramenten en rituelen. Zo nu en dan is het een onderdeel van ’s mensen culturele of nationale identiteit. Doordat eigenlijk alles én het tegendeel daarvan vroeg of laat christelijk is, zijn christelijke ideeën overal om ons heen. Ook waar we het misschien niet meteen verwachten. Het humanisme valt bijvoorbeeld te interpreteren als een vorm van christendom.

Hieruit volgt dat de Christus van Amerikaans evangelisch Rechts een loot kan zijn aan de christelijke boom, aangezien alle ideeën vroeg of laat christelijk zijn, en dat deze Christus óók valt te interpreteren als niet-christelijk. Datzelfde geldt voor het in het plaatje getoonde alternatief: ja, die Linkse Christus staat in een christelijke traditie, en nee, deze Christus is net zo goed een politiek construct.

Lees verder “Relevance is the enemy of history”

Oudheidkundig gezwam

De zee-engte bij Salamis

Het blijft lastig, schrijven over de Oudheid. Om dit punt te illustreren nemen we het bekende Amerikaanse blad Newsweek. Het feitelijke nieuws is simpel en staat keurig in de eerste zin.

The remains of a huge building from ancient Greece has been discovered by underwater archaeologists working in the port of Athens.

Sorry, die vijf laatste woorden staan er niet. Er staat:

The remains of a huge building from ancient Greece has been discovered by underwater archaeologists working at a site of an epic battle that took place 2,500 years ago.

Ze is nog niet door haar vijf Ws heen of journaliste Hannah Osborne is al ontspoord. Het wordt hierna eigenlijk niets meer. Nadat we hebben gehoord dat een en ander in juni/juli 2018 is gevonden, lezen we dat

Lees verder “Oudheidkundig gezwam”

Trouw: om moedeloos van te worden

(Dit staat dus echt in Trouw)

Kranten zijn net mensen: ze maken fouten. De overeenkomst gaat verder. Zoals veel mensen van hun fouten leren, zo leren ook de meeste kranten van hun fouten. En zoals sommige mensen niet leren van hun fouten, zo leert ook Trouw niet bij. De berichtgeving over de Oudheid is altijd ondermaats en dat is des te erger omdat de redactie ervan op de hoogte is dat ze op dit punt een blinde vlek heeft.

Dat weet ik, omdat ik een tijdje geleden een brief heb ontvangen van de hoofdredacteur, Cees van der Laan, over de gang van zaken rond een interview met een dominee die de kwakhistorische theorie herhaalde dat Jezus niet had bestaan. Dat de beklagenswaardige weleerwaarde zich bij zijn kerk moest verantwoorden was vanzelfsprekend nieuws maar vormde al even vanzelfsprekend geen reden om zijn verdoolde ideeën ook een platform te geven. Zoals ik destijds heb beschreven, kreeg Trouw kritiek, negeerde de krant die, beweerde Van der Laan in een hoofdredactioneel commentaar zelfs dat het bestaan van Jezus een open kwestie was, draaide hij later bij en plaatste de krant een goedmaakstukje dat de kern van de problematiek miste. Daarover heb ik dus met Van der Laan gecorrespondeerd en daarom weet ik dat de redactie haar zwakke punt kent.

Lees verder “Trouw: om moedeloos van te worden”

Kwakgeschiedenis: Jesaja

Afgelopen vrijdag was ’ie er, keurig volgens planning: de proef van het boek dat Vincent Hunink en ik momenteel aan het maken zijn, Het visioen van Constantijn. Als ik tijd vind blog ik morgen over een relevant museumstuk, maar ik schrijf niet zonder reden “als ik tijd vind”, want ik zit dit weekend dus gebogen over de proef. Wat ik overigens een prettig werkje vind. Je ziet je stommiteiten en je krijgt een kans ze te verbeteren: menigeen benijdt je zoiets.

Het betekent echter dat ik vandaag geen “echt” stukje voor u heb. Ik verwijs u daarom naar deze blog, waarin het bericht dat een afdruk van de zegel van de profeet Jesaja zou zijn gevonden, kundig wordt gefileerd. Simpel samengevat: er staat inderdaad JESAJA (maar dat was geen heel erg ongebruikelijke naam) en daarop volgen letters die zich laten lezen alsof er “profeet” staat, NBYI ofwel nabi. Dat was inderdaad een beroep dat je kon hebben, maar de auteur van die andere blog, voor zover ik weet Deane Galbraith, wijst erop dat uit teksten uit Lachis blijkt dat dat woord destijds anders werd gespeld.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: Jesaja”

De Constantijnmeteoor

meteoor

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, verschijnt in april een boek van mijn hand over het visioen waarmee de weg van keizer Constantijn de Grote richting christendom begon. Vincent Hunink heeft de oudste tekst over die gebeurtenis, een redevoering uit het jaar 310, voor de gelegenheid vertaald. Ik neuzel nog wat om die vertaling heen en ik meende, naïef als ik ben, dat dit een onderwerp was waarbij ik me zou kunnen concentreren op datgene waarover u wil lezen.

Helaas is dat niet het geval. Iedereen vindt de Oudheid namelijk interessant en dat betekent dat er vrijwel geen onderwerp is waarover geen onzintheorie de ronde doet. En jawel, ook over het visioen van Constantijn is een onzintheorie: Constantijn heeft een meteoor zien neerkomen.

Eh?

Lees verder “De Constantijnmeteoor”

Het proactieve Kerststukje

De drie wijzen uit het oosten bij koning Herodes. Byzantijns mozaïek uit de Chora-kerk in Istanbul.

Als een misverstand over de Oudheid er eenmaal is, gaat het nooit meer weg. Wie de Oudheid goed wil uitleggen, moet dus niet alleen zo accuraat mogelijke informatie verspreiden maar er ook voor zorgen dat misverstanden niet ontstaan. Is het daarvoor te laat, zoals vaak het geval is, dan moet hij zien de verspreiding te bemoeilijken.

Zoals vandaag. Binnenkort is het namelijk kerstmis en de christelijke feestdagen zijn altijd een moment waarop de media snelle kopij zoeken, journalisten niet verder kijken dan hun neus lang is en er nogal wat onzin de wereld in wordt gepompt. Wellicht helpt dit stukje de schade in de perken te houden.

Heeft Jezus überhaupt wel bestaan?

Niets uit het verre verleden is helemaal zeker, maar bij een normale toepassing van de historisch-kritische methode is het antwoord ja. U leest er hier meer over.

Lees verder “Het proactieve Kerststukje”

Kwakgeschiedenis: Luther

Een tijdje geleden fietste ik van Zwolle naar Deventer. Ik was nog niet lang onderweg toen ik een gebouw zag dat ik nooit eerder had gezien maar uit duizenden herkende: Windesheim, een van de centra van de Moderne Devotie.  Dat dit een kerkelijke vernieuwingsbeweging uit de Late Middeleeuwen is geweest, reken ik tot de algemene ontwikkeling. Je hoeft in elk geval geen professioneel historicus te zijn om ervan te weten. Ik hoorde er bijvoorbeeld zelf van toen ik op de lagere school zat. De Moderne Devotie maakt nu geen deel meer uit van de canon, maar in ons geschiedenisboekje stonden Geert Groote en de Broeders des Gemenen Levens keurig vermeld.

Je hoeft ook geen doctor in de geschiedwetenschap te zijn om te weten dat in diezelfde Late Middeleeuwen Johannes Hus en John Wyclif twee belangrijke vernieuwers waren van het Europese christendom. Dat was op dat moment inderdaad toe aan vernieuwing: al rond 1300 hekelde Dante de rijkdommen van de kerk, daarop volgden eerst het verblijf van de pausen in Avignon en vervolgens het Westers Schisma, waarin er zowel in Rome als in Avignon een paus was. Het Concilie van Pisa (1409) moest daaraan een einde maken maar het eindresultaat was dat er vervolgens drie pausen waren.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: Luther”

Kwakgeschiedenis: Griekse theaters

Het theater van Epidauros

(1)

Eigenlijk was ik best een leuke middag aan het hebben, maar toen las ik het bericht dat Eindhovense onderzoekers hebben vastgesteld dat de akoestiek in de Griekse theaters tegenviel. Dat weten we natuurlijk allang. Ik herinner me van mijn studie, eind jaren tachtig, dat mijn docent Grieks, professor Schenkeveld, uitlegde dat die theaters geluidstechnisch niet zo heel best waren.

Wat nog interessanter was: ook de Atheense democratie had akoestische problemen. Op de Pnyx, waar de volksvergadering samenkwam, was het onmogelijk dat alle mensen verstonden wat er werd gezegd. Met andere woorden, ze stemden in feite niet hoofdelijk maar volgden mensen die vooraan stonden en wél verstonden wat er was gezegd. Dat was, als ik me goed herinner, ooit eens uitgevogeld door een Amerikaanse prof en een hoop vrijwilligers.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: Griekse theaters”