Geliefd boek: Coming through Slaughter

Alles wat een geheim in zich draagt, blijft intrigeren

Tientallen jaren geleden, bij het lezen van het boek Hear me talkin’ to ya. The story of jazz by the men who made it, stuitte ik op de naam Buddy Bolden. Wat zijn collega’s over de trompetspeler vertellen, intrigeerde me:

Mutt Carey:

When you come right down to it, the man who started the big noise in jazz was Buddy Bolden. Yes, he was a powerful trumpet player and a good one too. I guess he deserves credit for starting it all. (…) King Bolden was one fine-lookin’ brown-skin man, tall and slender and a terror with the ladies.

Albert Gleny

Bolden was crazy from wine and women and vice versa. Sometimes he would have run away from the women. When he went mad, he would walk up and down the street talking to the wrong people – foolish – about this gal and that gal.

Louis Armstrong:

Buddy got drinking too much … staying up two or three nights a week without sleep and going right on to work like so many hot musicians. (…) The sad part is Buddy actually did go crazy a few years later and was put away in an insane asylum. He was just a one-man genius that was ahead of ‘em all … too good for his time.

De tragiek van een supertalent, van wie geen noot bewaard is gebleven, jong gestorven in een psychiatrisch ziekenhuis, genoeg aanknopingspunten voor het schrijven van een roman? Michael Ondaatje dacht van wel en in 1976 verscheen Coming through Slaughter. Een jaar of twintig geleden vond ik de Nederlandse vertaling in een antiquariaat: Op weg naar stilte.

Sindsdien lees ik het boek elk jaar en steeds opnieuw is het genieten geblazen. Genieten van het verhaal? Dat zeker, maar bijvoorbeeld ook door de vondst de mysterieuze, manke fotograaf door het boek te laten kreupelen. Je zou kunnen zeggen dat hij – naast Bolden – schitterende solo’s produceert. Dat doet ook Webb, een jeugdvriend, en zo zijn er nog een paar solisten die ruimte voor hun solo’s veroveren. Je zou het boek kunnen zien – ik durf niet te zeggen ‘moeten zien’ – als een muziekstuk waarin diverse musici hun solo’s spelen.

De structuur van het boek is wild. Zo nu en dan valt de lezer – met de wenkbrauwen hoog – in een gat dat later door een andere solist van betekenis wordt voorzien. Het is als Storyville, de bordelenwijk van New Orleans, verrassend en wild-aantrekkelijk. Dit is de wijk waar Bolden thuis is. In de tijd dat hij nog niet van de muziek kon bestaan, was hij kapper. Zij die hem kenden, kwamen vroeg, want geschoren en geknipt te worden door een dronken kapper is geen pretje. Daarnaast gaf hij het obscure tijdschriftje The Cricket uit, dat hij vulde met roddels.

Storyville, een kleurrijke wijk in New Orleans, gevuld met hoeren. Bolden kende ze allemaal. En ze kenden hem. Zijn vrouw Nora was er een van. Toen de mooiste man uit de buurt Bolden plaagde door te zeggen dat hij een nacht had doorgebracht met Nora, ontdekte hij te laat zijn nadelige positie: hij zat machteloos in de scheerstoel, toen Bolden zijn scheermes inzette bij het diep bekrassen van zijn gelaat. Daarna volgt een episch gevecht met scheerriemen, stoelen en brekend glas.

Hard, heel hard was het leven in Storyville en hard was ook de muziek van Bolden. Slopend bovendien. De titel van de vertaling is mooi gevonden: het boek is het verslag van een zware mars op weg naar stilte. De stilte die hij uiteindelijk praktiseert in een psychiatrisch ziekenhuis: hij heeft er nooit een woord gesproken. Wel waren er nog wat tussenstops, zoals het verblijf bij een muziekminnend echtpaar, waarvan hij de vrouw verleidt.

Ze was zich ervan bewust dat zijn vingers tijdens hun gesprek in het vlees van haar rug drukten alsof hij ze op een kornet stortte. Ze wist zeker dat hij het niet door had.(…) Maar ze had ongelijk. Hij had ‘Cakewalking Babies’ verbeterd.

In hem leefde toch nog de muziek, ook al bezat hij nog slechts het mondstuk van zijn instrument.

Een tweede tussenstop was het zomerhuis van Webb, die hem uiteindelijk terug naar New Orleans praat. Daar worden de laatste gaten gedicht, daar toont hij nog één keer zijn muzikaal kunnen, maar het is te veel. Zijn laatste verblijf is het East Louisiana State Hospital, waar hij zelfs verkrachtingen in stilte ondergaat. Ook het mondstuk is hij kwijt.

Tot slot dan nog enkele woorden over die merkwaardige solist, fotograaf Bellocq. In eerste instantie dacht ik met een fictieve figuur te maken te hebben. Misverstand. Internet toont zijn foto’s. Zijn rol is mysterieus. Bolden zegt:

Wij waren gemeubileerde kamers en Bellocq was een raam met uitzicht.

Iets later meldt degene die ik maar ‘de verteller’ zal noemen:

Omdat Bellocq toch al op de rand leefde, voelde hij zich er thuis, maar Buddy niet, die ging op zijn eigen houtje door als een argeloze ontdekkingsreiziger op zoek naar houvast. (…) Bellocq had altijd gedacht dat zijn vriend de toon aangaf, nu ontdekte hij dat hij het zelf was geweest.

Hij stierf door brand in zijn eigen woning te stichten.

Veel later in het boek zegt Nora de pest aan Bellocq gehad te hebben.

Buddy: ‘Maar waarom? Je hebt zijn foto’s zelfs nooit gezien, ze waren prachtig. Ze waren teder. Waarom haat je hem?’
Nora: ‘Kijk naar jezelf. Kijk naar wat ie met jou heeft gedaan. Kijk naar jezelf. Kijk naar jezelf. Godverdomme. Kijk naar jezelf.’

Ik kan alleen maar zeggen dat het boek van Ondaatje voor mij nog voldoende geheimen bevat om steeds opnieuw gelezen te worden.

PS

Een jaar of wat geleden heb ik een zestal exemplaren op internet gekocht en cadeau gedaan aan vrienden. Maar … niemand vond het wat! Eigenlijk beviel me dat wel.

[Op mijn uitnodiging om tijdens deze lockdown geliefde boeken te delen, ging ook Gerrit Lettinga in. Dank je wel Gerrit!]

7 gedachtes over “Geliefd boek: Coming through Slaughter

    1. Huibert Schijf

      De link heeft een foute naam gekregen. Als je erop klikt kom je wel bij het goede boek terecht. Nu ik u toch aan de lijn heb, bedankt voor uw tip Stefan Hertmans De bekeerlinge. Ik heb het met veel plezier gelezen, net zoals het meesterwerk Oorlog en Terpentijn.

    2. Frans

      De titel is wel een beetje misleidend. Gecombineerd met die oude foto is de eerste indruk dat het een oorlogsboek is. Pas als je beter kijkt zie dat het een groepje muzikanten is.

          1. De title deed me dan weer aan een populair (met name ook in Nederland) thriller auteur denken. Nu we toch aan het associëren zijn: deze Amerikaanse werd vakkundig door een karakter van Marion Pauw neergesabeld, heel amusant. Niettemin is Zoenoffer (Kisscut) uit 2002 één van de beste, want misselijkst makende boeken die ik ooit gelezen heb.

  1. Rob van Dam

    Over Bolden is niet lang geleden een speelfilm gemaakt, met muziek van Wynton Marsalis. De trailer staat op YouTube.

Reacties zijn gesloten.