Zomaar een idee

Minerva’s uil denkt er het zijne van (Gevelsteen, Nieuwe Uilenburgerstraat 88, Amsterdam)

Over twee maanden zal mijn vriendin H. moeder worden. Ik denk niet dat iets aan het geluk van het jonge gezin zal afdoen, maar er is wel een probleempje. H. is nog niet zo lang geleden afgestudeerd en kan geen betaald werk vinden. Terwijl ze voor elke werkgever een droomkandidaat is: ze heeft niet één maar twee academische opleidingen gevolgd, waarvan één in het buitenland. Zo iemand wil je als werkgever in dienst hebben, maar een zwangere vrouw kan na afloop van een sollicitatiegesprek fluiten naar een tweede gesprek, laat staan naar een aanstelling. Ik begrijp ergens ook wel waarom dat zo is: een werkgever betaalt niet graag voor mensen die niet werken en als hij zoiets kan vermijden, zal hij dat doen. In een meer volmaakte wereld zou deze cynische argumentatie echter niet bestaan.

Het NRC Handelsblad plaatste onlangs een artikel over deze problematiek en spitste het toe op één groep: vrouwelijke wetenschappers die moeilijk een onderzoekssubsidie krijgen. In dit geval is de genoemde cynische argumentatie niet van toepassing, want die beurs is niet gekoppeld aan een bepaald aantal uren op kantoor maar aan een wetenschappelijk eindproduct. Dat vrouwen door de aard van de procedure worden achtergesteld, oogt als discriminatie. Ik schrijf “oogt” omdat de kwestie bij de rechter ligt. Dat is dan ook waarom het in de krant staat, want voor het overige is het vanzelfsprekend geen nieuws dat vrouwen het op de arbeidsmarkt lastig hebben.

Ik kan me voorstellen dat een H. zich aan het artikel in het Handelsblad heeft geërgerd. Ze zou immers van mening kunnen zijn dat vrouwen die al het privilege hebben gehad te mogen promoveren, voor minder-geprivilegieerden soortgenoten opkomen en niet alleen voor zichzelf, zoals er ook genoeg geprivilegieerde mannen zijn die voor de minder-geprivilegieerde vrouwen opkomen. Ik laat in het midden of zo’n ergernis terecht is, maar constateer slechts dat zulke meningen bestaan: de bezetters van het Bunge- en het Maagdenhuis in 2015 verspeelden nogal wat sympathie toen ze niet slechts hervormingen voorstelden van het wetenschappelijk bedrijf waar de hele samenleving iets aan heeft, maar ook een baanzekerheid eisten die geen enkele werknemer tegenwoordig nog heeft. Daarmee laadden ze de verdenking op zich dat ze niet werkelijk in de maatschappij waren geïnteresseerd en vooral goed wilden zorgen voor zichzelf.

Ik laat in het midden of die verdenking terecht is want ik probeer iets anders te beschrijven: de wetenschap kent vele problemen en de oplossing van het ene probleem kan andere problemen vergroten. Als je bijvoorbeeld de alleszins reële achterstelling van vrouwen wil verminderen door tien nieuwe leerstoelen te scheppen waar je alleen vrouwen aanstelt, dupeer je weliswaar niemand, maar draag je bij aan een ander, even reëel probleem, namelijk de inflatie van het hoogleraarschap. En trouwens: nóg meer onderzoekers betekent ook nóg meer artikelen, terwijl nu al een groot deel ongeciteerd blijft. Laat staan dat de inzichten worden overgedragen aan de samenleving.

Veel problemen hangen dus met elkaar samen. Dat bracht me op een idee: kan een krant nou niet eens de samenhang van de problemen illustreren door een reeks artikelen te plaatsen? Bijvoorbeeld:

  • Maandag: het overaanbod van wetenschappelijke artikelen
  • Dinsdag: de te korte opleidingen (en als gevolg daarvan: de steeds lagere status van promovendi en andere afgestudeerden)
  • Woensdag: de replicatiecrisis
  • Donderdag: de slechte publieksvoorlichting
  • Vrijdag: het moeizame diversiteits- en personeelsbeleid

Het geheel wordt meer dan de som der delen als enkele wetenschappers daarna in de weekendbijlage aangeven welk van deze problemen volgens hen het grootste obstakel vormt om de wetenschap haar maatschappelijke taak te laten uitvoeren, dan het op een na grootste probleem, het op twee na grootste probleem… Bij het maken van de top-5 moeten ze appels en peren vergelijken en juist dat geeft inzicht in de complexiteit van het wetenschapsbeleid.

In diezelfde weekendbijlage vragen we een groep geïnteresseerde leken om dezelfde problemen te plaatsen in een top-5. Ik heb zo’n vermoeden dat de leken de tekortschietende publieksvoorlichting op één of twee zullen plaatsen en dat de wetenschappers het een lagere plek geven. Die twee top-5-en zouden dan mooi in beeld brengen dat onderzoekers anders naar de wetenschap kijken dan degenen voor wie die wetenschap is bedoeld. Er is – om dat cliché maar eens te gebruiken – een perceptiekloof. En dat is het ernstigste probleem.

18 gedachtes over “Zomaar een idee

  1. K Claassen

    De ‘alleszins reële achterstelling van vrouwen’ wordt in de hogere segmenten wel, maar in de onderste niet gezien. Meer vrouwen op de vuilniswagen, in de plantsoenendienst, op de bouwsteigers? Doe maar niet. Het is de nagenoeg autonome drang naar almaar meer gelijkheid die ook dwingt tot almaar minder vrijheid. Méér staatsingrijpen (alleen de staat kan het, alleen de staat wordt erom gesmeekt) met gelijkheidsquota is niets anders dan de weg naar een dictatoriale staat. Er is geen andere manier om van de natuurlijke ongelijkheden onnatuurlijke gelijkheden te maken. Zomaar een idee.

    1. Ik weet het werkelijk niet.

      Om de discussie hieronder weg te houden van een bijzaak: mijn stukje ging niet over diversiteitsbeleid maar over de vervlochtenheid van diverse problemen. Ook ging het over mijn vermoeden dat de universiteit zelf een nogal eenzijdige prioritering heeft in die problemen.

      1. Roger van Bever

        Ik ben van mening dat er veel talent op die manier verloren gaat, zoals in het geval van H. Op zwangerschap heerst m.i. nog steeds een taboe. Zowel bij bedrijven als bij universiteiten (dat zijn natuurlijk ook bedrijven met onderlinge concurrentie). Een vrouw kan zwanger worden of wil zwanger worden. Voorlopig kan een man dat niet.

        Dat hoeft voor een project niet altijd een probleem te vormen, de meeste vrouwen in West-Europa, zeker die vrouwen die ambitieus genoeg zijn om een groot onderzoeksproject te starten waarvoor subsidie moet toegekend worden, kunnen en zullen, omdat ze gemotiveerd zijn, langer doorgaan met werken vóór de bevalling en hebben meestal niet de neiging om een lang zwangerschapsverlof op te nemen. Ik vind de Scandinavische wetgeving eerder anti-emancipatoir. Overigens vind ik dat een hoop werk thuis gedaan kan worden. Ik weet niet hoe het met de kinderopvang van de universiteiten gesteld is, maar daar valt ook nog wel wat te winnen. Het is op zichzelf krankzinnig dat in een tijd als deze met internet zo weinig thuis gedaan kan worden. Overigens hoeft een promovendus niet altijd fysiek aanwezig te zijn op de plek waar het onderzoek plaats vindt. Ik ben van mening dat er een resultaatverplichting moet komen i.p.v. een inspanningsverplichting, tenzij de duur van het onderzoek totaal uit de hand loopt.

        Wat je voorstelt m.b.t. een discussie over de samenhang en ook de vervlochtenheid van de verschillende problemen en hun onderlinge samenhang, lijkt mij een prima idee. Maar stel nou dat de conclusie van de wetenschappers een bepaald lijstje van prioriteiten zou opleveren en dat de geïnteresseerde leken hetzelfde lijstje zouden opstellen, dan ben ik toch nog bang dat de universiteiten die prioriteiten niet zullen respecteren. Helaas! Want hun primaire doelstelling is natuurlijk om zo hoog mogelijk in de rankings te komen en zoveel mogelijk studenten aan te trekken. En die rankings worden weer bepaald door het aantal gegenereerde artikelen en de citation index, etc. etc. en daar heb je weer de vicieuze cirkel…

    2. jan kroeze

      Helemaal eens, bouwvakkers (ik ken meerdere lieden uit deze beroepsgroepen) hebben het de laatste 10 jaar zeer slecht gehad.
      En wat de universiteit betreft, voor elk wissewasje is wel een deeltijdhoogleraar te vinden. Tien hoogleraren erbij om zgn. een probleem op te lossen is naar mijn mening volslagen onzin.

  2. Henriette Broekema

    Voorbeeld van die vervlochtenheid: minister Asscher wijzigde het ontslagrecht: voortaan werden werkgevers verplicht om werknemers niet na drie jaar, maar al na twee jaar in vaste dienst te nemen. Inmiddels waren zieke werknemers al zodanig beschermd dat zij niet na één jaar, maar pas na twee jaar ontslagen konden worden. Deze beide maatregelen zijn nog verder aangescherpt: het UWV moet voortaan nog veel beter naar de ontslaggrond kijken en zieke werknemers kunnen eigenlijk helemaal niet meer ontslagen worden. Werkgevers lopen dus een groot risico wanneer zij werknemers in vaste dienst nemen, en zij gingen daarom massaal ZZP’ers inhuren, die totaal geen collectieve ontslagbescherming of arbeidsongeschiktheidsbescherming hebben. En ja hoor, nu worden er allerlei maatregelen verzonnen om de ZZP’ers zoveel mogelijk dezelfde status als werknemers te geven.

  3. Johan Leestemaker

    Ondanks alle verzet die mijn woorden (weer) zullen oproepen: het Noorse, Zweedse, Finse en Deense voorbeeld hebben de wereld (yes) laten zien dat ALLEEN door de staat vastgelegde quoteringen helpen (a), en (b) uiteraard de door ALLE belastingbetalers in Zweden betaalde èn toegejuigde uiterst genereuze 480 (!!!!) dagen ouderschapsverlof vanaf de geboorte.

    Dat zijn de enige manieren waarop autoritaire, vaak gewelddadige, door mannen bestuurde samenlevingen een lesje geleerd kan worden.

    Kinderen zijn niet alleen van hun bio-ouders, maar van ons allemaal en allemaal dienen we een steen bij te dragen aan gelukkige samenlevingen met volledige en genereus betaalde werkgelegenheid.

    Wereldwijd.

    meneertje trumpie.

    1. Pieter

      Milde correctie en een aanvulling. Het is 453 dagen ouderschapsverlof op te nemen in de eerste 8 jaar van het leven van het kind. En het is per kind en inderdaad ouderschapsverlof dus zowel voor vader als moeder.
      En oja, je wordt er op aangekeken door collega’s, mangement, vrienden en familie als je het niet gebruikt. Dat is volledig “not done”.

  4. sara

    Twee belangrijke boosdoeners: de ‘heilige’ marktwerking en de daarmee gepaard gaande perverse prikkels. Resultaat: managers ipv goede docenten c.q. zorgverleners. Een en ander resulterend in slecht(e) onderwijs, zorg, woningvoorziening, enz.
    Het is tijd dat de heilige koe van de marktwerking geslacht wordt. Tenslotte hebben we een democratie die als taak heeft uitwassen op allerlei gebied tegen te gaan.

    1. Hoe slacht je een heilige koe als die inmiddels ongrijpbaar geworden is, want alom tegenwoordig tot in de diepste vezels van de samenleving en dat vrijwel mondiaal? Ik ben het helemaal met je eens, maar praten is makkelijk. Zonder revolutie, oorlog of vergelijkbare calamiteit lijkt zo´n ingrijpende verandering niet waarschijnlijk. Het systeem zal zichzelf ongetwijfeld een keer opblazen maar vóór die tijd zullen we het moeten doen met een pleistertje hier en een noodverbandje daar. En wat er daarna komt moet je ook maar afwachten. Misschien is dat nog wel tien keer zo erg…

    2. Henriette Broekema

      Ik vind dit een nogal eenzijdige analyse van de problemen in het onderwijs. Als er nu één sector in de samenleving is dat tot op het bot gereguleerd is door de overheid, is het wel het onderwijs. Na Sociale Zaken het grootste ministerie. Met erbarmelijke resultaten. Zoek daarentegen een particuliere opleiding op internet en de kans is groot dat je een voortreffelijke cursus aantreft. Helaas moet je daar vaak wel veel voor betalen. Hoewel mij de tarieven van Livius heel redelijk lijken.

    3. Ik denk dat er nog een andere factor is: gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef bij het academisch personeel. Steeds weer zegt men dat het beleid onuitvoerbaar is en soms schrijft men zelfs een stukje in de krant. En daarna gaat men weer verder met het uitvoeren.

  5. jacob krekel

    In dit blog wordt terecht gewezen op de samenhang van problemen. Maar vervolgens blijkt vrijwel niemand daar mee om te kunnen gaan. De meeste reacties gaan over iets anders, en het voorstel om een lijstje te gaan maken van eerst het ergste en daarna het een na ergste, en zo verder, ontkent nu juist de samenhang. Dat is niet vreemd. Mensen zijn erg slecht in het omgaan met complexe systemen waar alles met elkaar samenhangt, en dan ook nog eens niet lineair. Dat geeft gewoonlijk volstrekt contra-intuïtieve uitkomsten. Als je ingrijpt gebeurt er meestal heel wat anders dan je bedoeld, en maar al te vaak iets dat je ook helemaal niet wilde, omdat het inzicht in de samenhang ontbreekt. Sterker nog, iets doen is vaak veel rampzaliger dan niets doen, omdat door de systeemsamenhangen de reactie veel groter kan zijn dan de actie.
    Als je dan een krant zo ver krijgt om de vijf genoemde probleem afzonderlijk te beschrijven, dan zou je in de synthese niet een rangorde moeten maken, maar een analyse moeten geven van wat er met de andere vier gebeurt als je in één van die problemen een bepaalde ingreep doet.
    Op z’n janboerenfluitjes lukt dat niet, je hebt echt een systeem nodig waarin de samenhangen van de verschillende componenten beschreven zijn, met schattingen (of nog liever metingen, maar dat wordt erg ingewikkeld) van de sterkte daarvan. Iets wat ik een krant niet snel zie doen.
    Misschien iets voor een discussie naar aanleiding van dit blog?

  6. Frans

    Hmmmm… Ik ben zo’n geïnteresseerde leek. Ik heb bijvoorbeeld geen flauw idee wat
    een replicatiecrisis is. Ik las net op het nieuws dat het aantal aanmeldingen voor de pabo toeneemt. Misschien moeten we daar beginnen: de pabo studenten en daarmee de leerlingen die ze les gaan geven, bijbrengen dat kennisoverdracht op zichzelf mooi en verrijkend kan zijn en niet alleen dient om geld te verdienen. En als er een pabostudent tussen zit die dat onzin vindt, laat die dan z’n of haar zegje doen, dat maakt het debat alleen maar beter. Met andere woorden, de kiem wordt gezaaid in het lager onderwijs, niet in het hoger. Ik ben een van die vele mensen van wie de liefde voor geschiedenis is gewekt door die leraar die zo mooi kon vertellen. Daar begint het mee.

  7. Wanneer mannen bij sollicitatiegesprekken zwangere vrouwen afwijzen?
    Volgens mij maakt vooral duidelijk hoe de rollen in hun privé leven verdeeld zijn.
    Daar valt jammer genoeg niets aan te veranderen …

    Daar kan geen enkele wetenschap iets aan veranderen.

    Vriendelijke groet,

  8. Frans

    “Trrrring!”
    “Met Hanna.”
    “Met Universiteit … Gefeliciteerd, u hebt de baan.”
    “Oh, dank u!”
    “De proeftijd duurt twee maanden.”
    “Oh…ehhh…over drie maanden ben ik uitgerekend.”
    “Oh…”
    Trrrring!
    “Met Johan.”
    “Met Universiteit… Kun je morgen beginnen?’
    “Natuurlijk!”

  9. A. Harmens

    Wat de laatste alinea’s betreft, mis ik de internationalisering van de universiteit. Veel studenten en ook, in mindere mate, het personeel komen uit het buitenland. Dat heeft ook invloed op de productie en de communicatie.

Reacties zijn gesloten.