Nieuws zonder filter (6)

In drie stukjes (een, twee, drie) heb ik uitgelegd dat de wetenschap niet altijd even betrouwbare informatie aanlevert en dat journalisten, door hun focus op nieuws en door hun duiding met gemakzuchtige frames, ervoor zorgen dat u een stortvloed aan informatie over u heen krijgt, die u het zicht belemmert op wat er nou écht aan nieuws is. Voor zover ik kan overzien is er in de Week van de Klassieken niet één medium geweest dat uit het aanbod wist te distilleren hoe de DNA-revolutie de interpretatiehorizon verwijdt en hoe de klassieken zullen gaan veranderen.

Dat komt niet alleen door journalisten, overigens. Ik heb de indruk dat classici het zelf ook nog niet helemaal door hebben. Ze zijn in de jaren tachtig, toen de studieduur werd bekort, een fuik in gezwommen: waar oudheidkundigen ooit ongeveer wisten wat collega-disciplines deden, weten ze dat nu nauwelijks meer (en oproepen tot interdisciplinariteit blijven al een halve eeuw beperkt tot geroep in de woestijn), zodat inzichten van de ene discipline de andere onvoldoende bereiken. Een andere ontwikkeling is de groeiende nadruk op onderzoek en onderwijs. Als ik een euro had gekregen van elke oudheidkundige die ooit heeft gezegd dat zijn of haar werk bestaat uit onderzoek en onderwijs, en negeerde dat de wet ook overdracht noemt als academische kerntaak, zou ik een lang weekend naar Brussel kunnen. Ik ben bang dat de universiteiten inmiddels te ver de fuik zijn ingezwommen en zichzelf niet langer kunnen hervormen. Het zal van buiten moeten komen – en verrek, er zijn hoopvolle ontwikkelingen.

Lees verder “Nieuws zonder filter (6)”

Nieuws zonder filter (5)

Grote mannen, sensationele verhalen (maar dit was dus onzin)

In mijn eerste stukje over mijn lezing bij “Oog op de Oudheid” vertelde ik dat wetenschap sowieso een subjectief element heeft en in het tweede gaf ik aan dat onderzoekers deze vrijheid nogal eens gebruiken om hun onderzoeksresultaten mooier voor te stellen dan ze eigenlijk zijn. Daar voegde ik nog aan toe dat de verworven data soms vals zijn.

Het wetenschappelijke aanbod, dat weliswaar het minst slechte is waarover de mensheid beschikt maar dat bepaald beter zou kunnen, komt vervolgens bij de media en journalisten willen weliswaar enerzijds inzicht geven in het wetenschappelijk proces, maar moeten uiteindelijk wel nieuws hebben. Er gaat daardoor veel aandacht naar doorbraken en ontdekkingen, waardoor de kern van de geesteswetenschappen, het doorgronden van het eigen denken, onderbelicht blijft. Classici houden doorgaans vast aan die kern en zijn daardoor voor de media oninteressant; archeologen hebben hun geesteswetenschappelijke essentie opgegeven en presenteren alles maar als ontdekking, ook als het dat feitelijk niet is.

Saaie frames

Nieuws vergt echter duiding. En dat kan niet iets zijn als “de DNA-revolutie leidt tot nieuwe heuristieken, namelijk een wijdere filologische interpretatiehorizon”. Dat is weliswaar de crux, maar de gemiddelde lezer haakt af. Journalisten vallen daarom terug op vertrouwde frames. Die komen vrijwel allemaal uit de negentiende eeuw.

Lees verder “Nieuws zonder filter (5)”

De Mainzer Beobachter (de echte)

Je heb bloggers en bloggers. Sommigen beperken zich tot één hoofdthema, anderen schrijven over alles wat maar bij ze opkomt. Je moet eens weten hoeveel van die laatsten ergens in hun CV schrijven dat ze over alles een mening klaar hebben liggen. Zou Multatuli in onze tijd leven, hij zou hebben behoord tot die tweede categorie: iemand die over elk onderwerp wel een opiniërend stukje kon schrijven. Pak van Sjaalman.

Dat werd begin 1866 wat lastig, omdat hij gedwongen was Nederland te verlaten. Of beter: hij was wegens openlijke geweldpleging (“het moedwillig toebrengen van slagen … waardoor geene ziekte of beletsel van te werken van langer dan 20 dagen is ontstaan”) veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf en voelde zich te goed om die uit te zitten. Omdat hij, gevlucht naar het Rijnland, geld nodig had, ging hij stukjes schrijven voor de Opregte Haarlemsche Courant: vrij uitgebreide, redelijk betaalde samenvattingen van wat de Duitse kranten zoal te melden hadden. Broodschrijverij dus.

Lees verder “De Mainzer Beobachter (de echte)”

Argus

Ik heb op deze plek al een paar keer lekker zitten mopperen op het gebrek aan inhoud van de weekendkranten. Ik meen daar elke letter van: ooit kon ik op zaterdag urenlang zitten lezen in de kranten, nu heb ik ze allemaal vrij snel uit. Dat laat onverlet dat die mopperstukjes, oprecht als ze zijn, eigenlijk ook redelijk futiel zijn. De aloude taak van de krant, informeren over het nieuws, is overgenomen door het internet en de kranten doen tegenwoordig wat vroeger werd gedaan door tijdschriften. Dat zal niet meer veranderen, zoals ook de tijd niet terugkomt waarop kranten diverse edities per dag uitbrachten om het alleractueelste nieuws te kunnen bieden.

Na mijn laatste mopperblog werd ik van twee of drie kanten tegelijk gewezen op Argus. Op de website typeren de hoofdredacteuren het als

een smakelijke opiniekrant, zo’n blad dat we zelf graag zouden lezen, ingaand op het nieuws, maar ook met al dan niet actuele grotere verhalen waar het schrijfplezier vanaf spat.

En verrek, het klopt, al is het natuurlijk geen echte krant maar een twee keer per maand verschijnend tijdschrift dat zich heeft vermomd als krant. De charme ligt er voor een deel in dat Argus eigenlijk van alles wat biedt: nu eens serieus, dan weer ironisch, dan weer verontwaardigd, dan weer volkomen onzin (zoals de constatering dat als we een tatoeage-vrij Nederlands elftal willen, de voorhoede wat problematisch zal zijn). Een mixed bag die desondanks een eenheid vormt.

Lees verder “Argus”

De wetenschap en wij (1)

Leeuwarden, Blokhuispoort

Uitvindingen en nieuwe inzichten veranderen de wereld. Daarom financieren we wetenschappers en daardoor komen we als gemeenschap verder. Maar wat als de wetenschap zich keert tegen de samenleving? Ik bedoel niet dat de verworvenheden verkeerd kunnen worden toegepast. Dat acht ik bekend. Ik bedoel dat universiteiten hun bevoegdheden kunnen overschrijden en schadelijk kunnen worden.

Dat is geen gebruikelijk geluid. Het risico is echter aanwezig. Het gevaar zit ’m in drie factoren die op zich goed zijn maar in combinatie gevaarlijk kunnen uitpakken:

  1. Menig niet-academicus draagt bij aan de wetenschap;
  2. De universiteiten voelen zich verantwoordelijk voor goede wetenschap;
  3. De academische vrijheid laat academici zichzelf beoordelen.

Alvorens daarop in te gaan eerst een kaart van het wetenschappelijke landschap.

Lees verder “De wetenschap en wij (1)”

De saaiheid der dingen

De eeuwige wederkeer der dingen (gevelsteen, Prinsengracht 11, Amsterdam)

Ik heb mijn teleurstelling over de weekendkranten al vaker beschreven. Ik zal niet in herhaling vervallen door dat probleem wéér uit te leggen, maar samengevat: er staat zo weinig in de krant dat me verbaast, verrast en blij maakt.

(Voor de niet-vaste lezers van deze blog toch even één voorbeeld: De Volkskrant bevatte gisteren lange stukken over Jos Brech, Maarten van der Weijden, Kiki Bertens, Max Verstappen, Paul de Leeuw, Tom Lanoye, Alexander Rinnooy Kan. De twee eersten hebben hun aandacht afgelopen week wel voldoende gehad; de vijf anderen staan sowieso voortdurend in de belangstelling. De stukken over Arie Slob, Leonard Bernstein, Martin Koolhoven en Rob Hoogland vond ik minder voorspelbaar. Ian Buruma zweeft er zo’n beetje tussenin.)

Ik voel me dus onbehaaglijk bij al die aandacht voor mensen wier meningen ik eigenlijk wel ken en ik verbeeld me dat het vroeger anders was. De Groene Amsterdammer en de Nieuwe Revu boden elke week wel iets dat me aan het denken zette. Later waren er de Vlaamse kranten, die ik dagelijks las in de Brakke Grond. Tegenwoordig lijken de gedrukte media voorspelbaar.

Lees verder “De saaiheid der dingen”

De ideale krant (3)

Gevelsteen (Zeedijk 125, Amsterdam)

[Dit is het derde deel van een stuk over de ideale krant. In het eerste schreef ik over de plaag van columnistiek en verouderde frames. Ik wil een krant met onderzoeks- en datajournalistiek. In het tweede deel pleitte ik voor wetenschapsbijlagen die niet het smalle aanbod van deze of gene academicus centraal stellen maar de brede informatiebehoefte van de lezer. Ook beschreef ik een boekenbijlage die ideeën aanreikt voor het maatschappelijk debat en geen verlengstuk is van de commerciële belangen van de boekenbranche.]

Wie zal dat betalen?

Op het eerste gezicht is de ideale krant onbetaalbaar. Om te beginnen zijn de uitgaven nogal hoog. Je wil geroutineerde journalisten en die zijn duur. Freelancers wil je bovendien niet de bodemprijzen betalen die tegenwoordig nogal eens doorgaan voor honorering. (Tussen haakjes: ik schrijf soms in het NRC Handelsblad en heb daarover niet te klagen.)

Daarnaast vallen de inkomsten van de ideale krant tegen: een krant zonder lifestyle-bijlage trekt minder advertenties terwijl een boekenbijdrage die ideeën centraal stelt, weinig advertenties trekt uit de boekenbranche. Die streeft immers naar de verkoop van heel veel boeken, wat haaks staat op de verspreiding van heel veel nieuwe ideeën.

Lees verder “De ideale krant (3)”