De ironie van De Volkskrant

Wie zich ergert aan de zelfbewieroking van de humaniora, de geesteswetenschappen, de culturele sector, alfa’s of hoe u het ook wil noemen, heeft niet helemáál ongelijk.

Mijn blogje van gisteren over het gebruik van het woord “pretstudies” in een kop in De Volkskrant leverde nogal wat reacties op. Soms instemmend, soms ook met de strekking “Waar maak je je druk over? De ironie blijkt toch uit de aanhalingstekens?”

Misschien heb ik zulke reacties in de hand gewerkt door in mijn stukje een onhandig voorbeeld te geven, namelijk “De azijnbode” als synoniem voor een gewaardeerd ochtendblad. Als iemand die term gebruikt, wordt de ironie meteen herkend omdat iedereen weet dat het gaat om De Volkskrant. Dat ligt anders bij “pretstudies”. Het publiek kan immers nauwelijks ontdekken waar het feitelijk om gaat. Dat de officiële naam – voor zover die bestaat – valt weer te geven als “humaniora”, als “geesteswetenschappen”, als capaciteitsgroepen in de “Humanities Cluster”, als “alfa-wetenschappen”, als “culturele wetenschappen”, als “letteren” en Joost mag weten wat nog meer, is illustratief voor deze onduidelijkheid.

Lees verder “De ironie van De Volkskrant”

Pretstudies

Brief aan De Volkskrant

“Het land heeft ook ‘pretstudies’ nodig”, kopte deze krant op dinsdag 3 september boven een verslag van de Ware Opening van het academisch jaar in Leiden. Ik had deze kop niet verwacht in deze krant, die bankiers niet typeert als “graaiers” en mensen met een arbeidshandicap niet wegzet als “steuntrekkers”.

Waarom, waarom in vredesnaam? Dat de juiste namen van de geesteswetenschappen (humaniora, letteren…) onbekend zouden zijn, lijkt me kras. Nog onlangs was ik een van degenen die deze krant hielpen bij een artikel waarin diverse mensen, academisch en daarbuiten, de aard van de geesteswetenschappen netjes uitlegden (“Alfa’s in opstand”, 25 juli). Moet ik concluderen dat u uw eigen krant niet leest?

Lees verder “Pretstudies”

Illegale handel, alweer

Het voorbeeld is wat verouderd maar wel duidelijk: als je in pakweg 1990 op straat in Amsterdam een fiets kocht voor vijfentwintig gulden, dan wist je zeker dat die was gestolen. Je was dus heler. Geen Amsterdammer wist dat niet. Ik moest daar even aan denken toen ik op de website van de NOS las over een kunstverzamelaar die roofkunst teruggeeft aan het land van herkomst, China.

Henk Nieuwenhuys wilde niet langer naar zijn stukken kijken, toen bleek dat de papierwinkel van zijn kunstaankopen niet op orde was. Hij brengt zijn verzameling nu terug naar China en schenkt de collectie aan het Shanghai Museum.

Toen bleek dat de papierwinkel van zijn kunstaankopen niet op orde was? Ik ben geen expert in Chinese kunst, maar ik heb in Londen weleens een Iraanse IJzertijd-ring gekocht en neem van mij aan: daar kwam wat papierwerk bij kijken. Er stond keurig netjes op uit welke opgraving het voorwerp kwam en er was een verwijzing naar de exportvergunning die de regering van zijne keizerlijke majesteit de sjah had afgegeven voor de vondsten uit die opgraving. Dat zal bij de handel in Chinese oudheden niet anders zijn.

Lees verder “Illegale handel, alweer”

Oudheidkundig gezwam

De zee-engte bij Salamis

Het blijft lastig, schrijven over de Oudheid. Om dit punt te illustreren nemen we het bekende Amerikaanse blad Newsweek. Het feitelijke nieuws is simpel en staat keurig in de eerste zin.

The remains of a huge building from ancient Greece has been discovered by underwater archaeologists working in the port of Athens.

Sorry, die vijf laatste woorden staan er niet. Er staat:

The remains of a huge building from ancient Greece has been discovered by underwater archaeologists working at a site of an epic battle that took place 2,500 years ago.

Ze is nog niet door haar vijf Ws heen of journaliste Hannah Osborne is al ontspoord. Het wordt hierna eigenlijk niets meer. Nadat we hebben gehoord dat een en ander in juni/juli 2018 is gevonden, lezen we dat

Lees verder “Oudheidkundig gezwam”

Nieuws zonder filter (6)

In drie stukjes (een, twee, drie) heb ik uitgelegd dat de wetenschap niet altijd even betrouwbare informatie aanlevert en dat journalisten, door hun focus op nieuws en door hun duiding met gemakzuchtige frames, ervoor zorgen dat u een stortvloed aan informatie over u heen krijgt, die u het zicht belemmert op wat er nou écht aan nieuws is. Voor zover ik kan overzien is er in de Week van de Klassieken niet één medium geweest dat uit het aanbod wist te distilleren hoe de DNA-revolutie de interpretatiehorizon verwijdt en hoe de klassieken zullen gaan veranderen.

Dat komt niet alleen door journalisten, overigens. Ik heb de indruk dat classici het zelf ook nog niet helemaal door hebben. Ze zijn in de jaren tachtig, toen de studieduur werd bekort, een fuik in gezwommen: waar oudheidkundigen ooit ongeveer wisten wat collega-disciplines deden, weten ze dat nu nauwelijks meer (en oproepen tot interdisciplinariteit blijven al een halve eeuw beperkt tot geroep in de woestijn), zodat inzichten van de ene discipline de andere onvoldoende bereiken. Een andere ontwikkeling is de groeiende nadruk op onderzoek en onderwijs. Als ik een euro had gekregen van elke oudheidkundige die ooit heeft gezegd dat zijn of haar werk bestaat uit onderzoek en onderwijs, en negeerde dat de wet ook overdracht noemt als academische kerntaak, zou ik een lang weekend naar Brussel kunnen. Ik ben bang dat de universiteiten inmiddels te ver de fuik zijn ingezwommen en zichzelf niet langer kunnen hervormen. Het zal van buiten moeten komen – en verrek, er zijn hoopvolle ontwikkelingen.

Lees verder “Nieuws zonder filter (6)”

Nieuws zonder filter (5)

Grote mannen, sensationele verhalen (maar dit was dus onzin)

In mijn eerste stukje over mijn lezing bij “Oog op de Oudheid” vertelde ik dat wetenschap sowieso een subjectief element heeft en in het tweede gaf ik aan dat onderzoekers deze vrijheid nogal eens gebruiken om hun onderzoeksresultaten mooier voor te stellen dan ze eigenlijk zijn. Daar voegde ik nog aan toe dat de verworven data soms vals zijn.

Het wetenschappelijke aanbod, dat weliswaar het minst slechte is waarover de mensheid beschikt maar dat bepaald beter zou kunnen, komt vervolgens bij de media en journalisten willen weliswaar enerzijds inzicht geven in het wetenschappelijk proces, maar moeten uiteindelijk wel nieuws hebben. Er gaat daardoor veel aandacht naar doorbraken en ontdekkingen, waardoor de kern van de geesteswetenschappen, het doorgronden van het eigen denken, onderbelicht blijft. Classici houden doorgaans vast aan die kern en zijn daardoor voor de media oninteressant; archeologen hebben hun geesteswetenschappelijke essentie opgegeven en presenteren alles maar als ontdekking, ook als het dat feitelijk niet is.

Saaie frames

Nieuws vergt echter duiding. En dat kan niet iets zijn als “de DNA-revolutie leidt tot nieuwe heuristieken, namelijk een wijdere filologische interpretatiehorizon”. Dat is weliswaar de crux, maar de gemiddelde lezer haakt af. Journalisten vallen daarom terug op vertrouwde frames. Die komen vrijwel allemaal uit de negentiende eeuw.

Lees verder “Nieuws zonder filter (5)”

De Mainzer Beobachter (de echte)

Je heb bloggers en bloggers. Sommigen beperken zich tot één hoofdthema, anderen schrijven over alles wat maar bij ze opkomt. Je moet eens weten hoeveel van die laatsten ergens in hun CV schrijven dat ze over alles een mening klaar hebben liggen. Zou Multatuli in onze tijd leven, hij zou hebben behoord tot die tweede categorie: iemand die over elk onderwerp wel een opiniërend stukje kon schrijven. Pak van Sjaalman.

Dat werd begin 1866 wat lastig, omdat hij gedwongen was Nederland te verlaten. Of beter: hij was wegens openlijke geweldpleging (“het moedwillig toebrengen van slagen … waardoor geene ziekte of beletsel van te werken van langer dan 20 dagen is ontstaan”) veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf en voelde zich te goed om die uit te zitten. Omdat hij, gevlucht naar het Rijnland, geld nodig had, ging hij stukjes schrijven voor de Opregte Haarlemsche Courant: vrij uitgebreide, redelijk betaalde samenvattingen van wat de Duitse kranten zoal te melden hadden. Broodschrijverij dus.

Lees verder “De Mainzer Beobachter (de echte)”