Eillert Meeter, een negentiende-eeuwse roddelaar

Nee: hij was bepaald geen fan van het Nederlandse koningshuis. Eillert Meeter (geboren op 1 maart 1818 in Oude Pekela) werd zich al op jonge leeftijd bewust van zijn republikeinse gevoelens. Ook zou je hem gerust een communist avant la lettre mogen noemen: al op tweeëntwintigjarige leeftijd begon hij met het publiceren van een blad, de Tolk der Vrijheid, waarin hij opkwam voor het tragische lot van dagloners, arbeiders en kleine boeren.

Groningen

In datzelfde jaar bezocht Meeter de Groninger Meikermis, en samen met zijn kompanen hieven ze, gezeten in de wafelkraam van “Dove Saar”, de glazen op “Zijne Verheven Nulliteit Willen Kaaskop”, oftewel koning Willem I. In totaal werden er na dit incident zesentwintig mensen gevangengenomen, maar in augustus volgde vrijlating, omdat niet bewezen kon worden dat deze uitgelaten bende zich schuldig had gemaakt aan revolutionaire samenspanning.

Lees verder “Eillert Meeter, een negentiende-eeuwse roddelaar”

Gladiator II

(© 2024 Paramount)

Er is een nieuwe oudheidkundige film in de bioscoop, Gladiator II. Of, zoals de makers het niet ongeestig spellen, GladIIator. Deel één ben ik ooit samen met classica Simone Mooij wezen kijken en we liepen destijds de bioscoop uit met het gevoel dat de film precies dat bood wat ook de mensen destijds naar het amfitheater bracht: het geweld. En anders dan bijvoorbeeld de films van een Sam Peckinpah (Straw Dogs of Cross of Iron) had Gladiator daarover niets te melden. Het geweld was er en dat was dat. Dat is niet erg, maar de overeenkomst tussen Romeins en hedendaags amusement frappeerde Simone en mij.

En nu dus Gladiator II. Een journalist belde me gisteren met de vraag wat ik ervan vond. Nou daarvan vond ik niks, want ik had die film nog niet gezien en ik had er ook geen tijd voor. Maar had ik een quote? Nou nee, ook die had ik niet. Maar ik had wel een antwoord. Namelijk dat historici beter geen oordeel over historische films kunnen geven.

Lees verder “Gladiator II”

Nieuws dat u mag negeren (en waarom)

Nepnieuws

Onlangs kreeg ik over een kop koffie de vraag voorgelegd of ik kon samenvatten bij welk nieuws over de Oudheid een krantenlezer alert moest zijn. De vraag bracht me van mijn à propos. Hoewel signaalwoorden als “Israël” of “Pompeii” voor de hand liggen, is het lastig beknopt uit te leggen waarom juist die onderwerpen problematisch zijn.

Trouwens, ik weet niet eens waarom stukken over Pompeii zo vaak niet deugen. Misschien hebben ze daar een publiciteitsmedewerker die denkt dat het niet uitmaakt hoe je in het nieuws komt, als je maar in het nieuws komt. Feit is dat het meeste nieuws over Pompeii niet klopt. Dat kale vertrek met tralies in die bakkerij, afgelopen december gehypet als bewijs van de slechte levensomstandigheden van slaven, kan evengoed een tegen diefstal beveiligde graanopslag zijn geweest. En nee, die tovenaar wiens uitrusting zou zijn gevonden, dat is gewoon een verzinsel.

  • Advies: als een bezoek aan Pompeii er niet in zit, bezoek dan een expositie, lees een boek, maar geloof de media liever niet.

Lees verder “Nieuws dat u mag negeren (en waarom)”

Je doet het altijd verkeerd

Ik zit in de trein naar België en krijg de vraag voorgelegd: wat vind ik van onderzoek waarvan de uitkomst vooraf bekend is? Het ging over de vraag of de universiteit in Cambridge ooit had geprofiteerd van slavernij. Daar kan ik in de snelligheid wel even een antwoord op geven want de trein is prettig stil.

Verwachtingen en uitkomsten

Kijk, het zit zo. Je kunt een vermoeden hebben van de uitkomst. Dat de universiteit van Cambridge voordeel heeft gehad van de koloniale handel en de uitbuiting van onvrije arbeiders in India en op de plantages in de West, lijkt me iets wat je redelijkerwijs kunt verwachten. En van sommig onderzoek kun je verwachten dat de uitkomst zo negatief is als je vooraf verwacht. Zijn er Romeinse vondsten gedaan bij de aanleg van de Afsluitdijk? Je weet dat het niet zo zijn kan. Die resten zijn allemaal verspoeld bij de doorbraak van de Vlie, en als er nog iets was, hebben de ingenieurs er in de vooroorlogse jaren geen aandacht aan besteed.

Lees verder “Je doet het altijd verkeerd”

Nep-hunebed van de dag: Gasselte

De heuvel bij Gasselte waarin geen hunebed was

Het is alweer tien maanden geleden dat ik schreef over het nep-hunebed van Gasselte. Het gaat om een achter dorpshuis De Trefkoel gelegen heuvel, waarin zich volgens mensen die zich voor amateurarcheologen uitgaven, een prehistorisch graf zou bevinden. Hun “ontdekking” mag in deze reeks niet ontbreken, want er zijn nogal wat rare dingen aan de hand.

Om te beginnen: vanaf het allerbeginste begin was zonneklaar dat wat er ook in de heuvel mocht zitten, er met geen mogelijkheid een hunebed kon zijn. Eén reden daarvoor is dat er nergens in de buurt ooit ook maar iets is gevonden dat aan de Trechterbekercultuur viel toe te schrijven. Een andere reden is dat de bodem ongeschikt is.

Lees verder “Nep-hunebed van de dag: Gasselte”

De Oudheid in het nieuws

Een blik in Toebosch’ keuken

Straks begint Oog op de Oudheid, het evenement waartoe Timo Epping van het Rijksmuseum van Oudheden en ik, destijds namens RomeinenNu, het initiatief namen. Het doel is het publiek wat méér te bieden dan alleen conclusies. Mijn goede vriend Richard Kroes is altijd de presentator geweest, de Tempelzaal in het museum de vaste locatie.

Alleen zal daar dit keer niemand zitten. U weet waarom. Omdat we het vanavond niet live konden doen, is het een livestream, die helemaal niet live is maar vanmiddag opgenomen. Evengoed is de aflevering interessant omdat het gaat over de wijze waarop de Oudheid in het nieuws komt. Of niet in het nieuws komt, want classici krijgen, zo constateerden we, aanzienlijk minder aandacht dan archeologen. Waarom dat zo is, is een van de vragen die aan de orde kwam. (Al kwam het antwoord dat ik verwachtte te horen, namelijk dat classici zich richten op het gymnasium, er grappig genoeg niet uit.)

Lees verder “De Oudheid in het nieuws”

De nieuwsselectie

Onlangs vertelde een archeoloog me over een erg leuke ontdekking. Ik kan u niet verklappen welke, want het onderzoek loopt nog en niemand wil plunderaars op de opgraving, maar het was echt heel erg leuk. Ik zou de betrokkene hebben willen feliciteren, maar een hand geven is lastig op anderhalve meter.

Twee jaar geleden zou het nieuws moeiteloos de kranten hebben gehaald. In de regionale krant zou het voorpaginanieuws zijn geweest, het museum zou met spectaculaire bezoekersaantallen de bezuinigingen van enkele voorgaande jaren royaal compenseren. Ik denk echter dat het, als het onderzoek later dit jaar is afgerond, de kranten niet werkelijk zal halen. Dat is niet omdat oudheidkundigen inmiddels onder de terechte verdenking staan eigenlijk maar wat te roepen, maar omdat de nieuwsselectie de laatste tijd weinig ruimte laat voor positief wetenschapsnieuws.

Lees verder “De nieuwsselectie”

Aan een mafkees

Gevelsteen (Wolvenstraat 32, Amsterdam)

Ik kan elke week ongeveer twintig uur echt werken. Soms iets minder, soms iets meer, maar gemiddeld twintig uur. Dat is wat er voor mij maximaal in zit en ik heb de rest van mijn tijd nodig om de accu op te laden. Het is niet ideaal maar dankzij de Livius-vennootschap (waarvoor ik cursussen verzorg, reizen begeleid, een nieuwsbrief aanbied en schrijfwerk doe) kan ik het hoofd boven water houden. Ik zou mezelf zelfs rekenen tot de gezegendste mensen op aarde als ik niet verschrikkelijk veel tijd verspilde aan overbodig, tijdrovend gedoe. Zoals insinuaties die je beantwoorden móet om geruchten in de kiem te smoren. Dus bij dezen: nee, mafkees, ik krijg voor deze blog geen geld. Het staat je vrij een klacht in te dienen maar ik zou niet weten wie je daarna nog serieus zal nemen.

Je stelde vragen naar aanleiding van dit artikel over influencers die niet aangaven wanneer ze werden betaald om iets aan te prijzen. Kort en duidelijk: ik blog soms voor mijn plezier, soms omdat ik de Oudheid belangrijk vind, vaak om allebei die redenen en nooit om geld mee te verdienen.

Lees verder “Aan een mafkees”

De ironie van De Volkskrant

Wie zich ergert aan de zelfbewieroking van de humaniora, de geesteswetenschappen, de culturele sector, alfa’s of hoe u het ook wil noemen, heeft niet helemáál ongelijk.

Mijn blogje van gisteren over het gebruik van het woord “pretstudies” in een kop in De Volkskrant leverde nogal wat reacties op. Soms instemmend, soms ook met de strekking “Waar maak je je druk over? De ironie blijkt toch uit de aanhalingstekens?”

Misschien heb ik zulke reacties in de hand gewerkt door in mijn stukje een onhandig voorbeeld te geven, namelijk “De azijnbode” als synoniem voor een gewaardeerd ochtendblad. Als iemand die term gebruikt, wordt de ironie meteen herkend omdat iedereen weet dat het gaat om De Volkskrant. Dat ligt anders bij “pretstudies”. Het publiek kan immers nauwelijks ontdekken waar het feitelijk om gaat. Dat de officiële naam – voor zover die bestaat – valt weer te geven als “humaniora”, als “geesteswetenschappen”, als capaciteitsgroepen in de “Humanities Cluster”, als “alfa-wetenschappen”, als “culturele wetenschappen”, als “letteren” en Joost mag weten wat nog meer, is illustratief voor deze onduidelijkheid.

Lees verder “De ironie van De Volkskrant”

Pretstudies

Brief aan De Volkskrant

“Het land heeft ook ‘pretstudies’ nodig”, kopte deze krant op dinsdag 3 september boven een verslag van de Ware Opening van het academisch jaar in Leiden. Ik had deze kop niet verwacht in deze krant, die bankiers niet typeert als “graaiers” en mensen met een arbeidshandicap niet wegzet als “steuntrekkers”.

Waarom, waarom in vredesnaam? Dat de juiste namen van de geesteswetenschappen (humaniora, letteren…) onbekend zouden zijn, lijkt me kras. Nog onlangs was ik een van degenen die deze krant hielpen bij een artikel waarin diverse mensen, academisch en daarbuiten, de aard van de geesteswetenschappen netjes uitlegden (“Alfa’s in opstand”, 25 juli). Moet ik concluderen dat u uw eigen krant niet leest?

Lees verder “Pretstudies”