Stukje in mineur

Dit plaatje heeft niets met wetenschap te maken maar wetenschap heeft wel alles te maken met haar toekomst.

Eigenlijk ben ik al twee weken van slag. Het begon met de Cuijkse Affaire, waarin de genoemde gemeente in een officieel document de wetenschap plaatste tegenover het maatschappelijk belang. Ik weet dat mijn vak ooit inspirerender is geweest, maar ik was liever iets minder rauw geconfronteerd met de minachting die het inmiddels oproept. Later was er het nieuws over de papyrologie. Hoewel we al wisten dat de Green Collection gestolen oudheden heelde, en hoewel we dus mochten aannemen dat er minimaal één dief was, zag ik niet aankomen dat dit een vooraanstaand Oxford-wetenschapper zou zijn.

Verder was er slecht nieuws over de Nederlandse universiteiten. Simpel samengevat neemt de minister het advies van de Commissie van Rijn over dat er meer geld moet naar de technische universiteiten en dat dit kan worden weggehaald bij de algemene universiteiten. Wat dat betekent, is samen te vatten als “het geld gaat niet naar de samenleving maar naar multinationals”. Wat dat betekent, kunt u ook lezen in de brief van WO in Actie naar de Commissie OCW van de Tweede Kamer: schade aan de vervlochtenheid van de wetenschappen en verhoogde druk op studies als neerlandistiek, econometrie, Duits en huisartsengeneeskunde. Over tien jaar zult u veel meer moeite moeten doen om een huisarts te vinden.

Lees verder “Stukje in mineur”

De wetenschap en wij (2)

De Processiestraat in Babylon (Pergamonmuseum, Berlijn)

[Het tweede deel van een artikel; het eerste is hier.]

2

Eén factor is dat de eisen die we stellen aan de wetenschapscommunicatie met het opleidingsniveau van de bevolking mee stijgen: het wetenschappelijk proces moet daarom worden uitgelegd. In veel vakgebieden is dit niet zo’n probleem, maar in de humaniora wel: de eis – een terechte eis – kwam immers ongeveer op hetzelfde moment waarop de opleidingen tot vier jaar werden beknot. Anders gezegd: terwijl het publiek meer wil weten, ontbrak het de letterenfaculteiten aan de mogelijkheden studenten voldoende lang op te leiden.

Zelfs gepromoveerden blijken minder te weten dan het publiek nodig heeft. Om niet wéér te beginnen over Fik Meijer (maar zie desgewenst dit, dit en dit), noem ik een classicus die me vertelde dat hij dankzij mijn blog begreep hoe makkelijk een papyrus viel te vervalsen. Dat was bedoeld als compliment en ik heb iets vriendelijks geantwoord, maar het is in feite verontrustend. Het betekent dat het publiek dingen nodig heeft die een universiteit blijkbaar niet langer bekend veronderstelt bij zijn medewerkers. Er is dus een groeiende inhoudelijke overlap tussen universiteit en periferie en daardoor neemt de kans toe dat de universiteit meent dat in de periferie iets gebeurt waarvoor zij verantwoordelijk is.

Lees verder “De wetenschap en wij (2)”

De wetenschap en wij (1)

Leeuwarden, Blokhuispoort

Uitvindingen en nieuwe inzichten veranderen de wereld. Daarom financieren we wetenschappers en daardoor komen we als gemeenschap verder. Maar wat als de wetenschap zich keert tegen de samenleving? Ik bedoel niet dat de verworvenheden verkeerd kunnen worden toegepast. Dat acht ik bekend. Ik bedoel dat universiteiten hun bevoegdheden kunnen overschrijden en schadelijk kunnen worden.

Dat is geen gebruikelijk geluid. Het risico is echter aanwezig. Het gevaar zit ’m in drie factoren die op zich goed zijn maar in combinatie gevaarlijk kunnen uitpakken:

  1. Menig niet-academicus draagt bij aan de wetenschap;
  2. De universiteiten voelen zich verantwoordelijk voor goede wetenschap;
  3. De academische vrijheid laat academici zichzelf beoordelen.

Alvorens daarop in te gaan eerst een kaart van het wetenschappelijke landschap.

Lees verder “De wetenschap en wij (1)”

Zomaar een idee

Minerva’s uil denkt er het zijne van (Gevelsteen, Nieuwe Uilenburgerstraat 88, Amsterdam)

Over twee maanden zal mijn vriendin H. moeder worden. Ik denk niet dat iets aan het geluk van het jonge gezin zal afdoen, maar er is wel een probleempje. H. is nog niet zo lang geleden afgestudeerd en kan geen betaald werk vinden. Terwijl ze voor elke werkgever een droomkandidaat is: ze heeft niet één maar twee academische opleidingen gevolgd, waarvan één in het buitenland. Zo iemand wil je als werkgever in dienst hebben, maar een zwangere vrouw kan na afloop van een sollicitatiegesprek fluiten naar een tweede gesprek, laat staan naar een aanstelling. Ik begrijp ergens ook wel waarom dat zo is: een werkgever betaalt niet graag voor mensen die niet werken en als hij zoiets kan vermijden, zal hij dat doen. In een meer volmaakte wereld zou deze cynische argumentatie echter niet bestaan.

Het NRC Handelsblad plaatste onlangs een artikel over deze problematiek en spitste het toe op één groep: vrouwelijke wetenschappers die moeilijk een onderzoekssubsidie krijgen. In dit geval is de genoemde cynische argumentatie niet van toepassing, want die beurs is niet gekoppeld aan een bepaald aantal uren op kantoor maar aan een wetenschappelijk eindproduct. Dat vrouwen door de aard van de procedure worden achtergesteld, oogt als discriminatie. Ik schrijf “oogt” omdat de kwestie bij de rechter ligt. Dat is dan ook waarom het in de krant staat, want voor het overige is het vanzelfsprekend geen nieuws dat vrouwen het op de arbeidsmarkt lastig hebben.

Lees verder “Zomaar een idee”

MoM | Het backfire-effect

Anderhalf jaar geleden schreef Carlijne Vos een verhelderend stuk in De Volkskrant over asielzoekers, dat ze inleidde met de opmerking dat het tijd was “om fictie van feiten te onderscheiden”. Er was helemaal niets mis met haar betoog. Voor wie probeerde genuanceerd te denken over de problematiek, stond er veel lezenswaardigs in. Wie zich daarentegen vooral zorgen maakte en de nuance voorbij was, werd door het stuk vooral bevestigd in het idee dat die linkse journalisten van De Volkskrant desnoods gewoon logen om hun multiculti-ideaal op te dringen aan een Nederland dat met die gelukzoekers allang helemaal klaar was.

Die laatste reactie was dan een uiting van het backfire-effect. Het lijkt zo voorbeeldig wat Vos deed: het presenteren van de correcte feiten en het uitleggen van de wijze waarop die zijn vastgesteld, maar het werkt niet. Weliswaar is uitleg vaak een manier om een discussie naar een goed einde te brengen, maar dat is niet het geval wanneer de context al polemisch is. Dan worden zelfs de objectiefst-denkbare gegevens en de allerredelijkste methoden gewantrouwd.

Lees verder “MoM | Het backfire-effect”

Wetenschappelijke zelfcensuur

logo_knaw

Ik had niet verwacht dat het zou gebeuren, dat de Kamer zou meegaan met de motie van de VVD om de KNAW onderzoek te laten doen naar zelfcensuur in de wetenschap. De achterliggende aanname is dat in de wetenschap niet alle politieke geluiden zouden zijn vertegenwoordigd. Wie zo over wetenschap denkt – en een meerderheid in de Kamer lijkt die mening toegedaan – heeft niet begrepen wat wetenschap is.

Het is, zoals ik al eerder betoogde, een door een methode gecontroleerde zoektocht naar inzicht. Daarbij dient de methode ertoe om die queeste te structureren, persoonlijke voorkeuren te neutraliseren en allerlei misstanden (zoals zelfcensuur) te vermijden. Dat weet de VVD ook.

Dat ze deze malle motie indiende, lijkt bedoeld om publiciteit te genereren, wat in de aanloop naar de verkiezingen geen kwaad kan. Het leuke (voor de VVD althans) is dat de aantijging niet te weerleggen valt. Als de KNAW namelijk zegt “er is bij het gros van de wetenschappen niks aan de hand”, kan dat vrij snel worden afgedaan als een poging te verbergen dat er wel iets aan de hand is.

Lees verder “Wetenschappelijke zelfcensuur”