Toevallig in Barcelona

Boeddha (Etnografisch Museum, Barcelona)

Wie vanuit Lleida terug naar Nederland wil reizen, zoals ik vorige week deed, zal vaak met de trein naar Barcelona gaan en op station Sants overstappen op ander vervoer. Ik was supervroeg in de hoofdstad van Catalonië, waar ik een dag moest stukslaan maar eigenlijk niks te zoeken had. Ik was gekomen voor Lleida en had Zaragoza gehad als bonus, maar Barcelona leek me een stad waar je een week voor moet uittrekken, liefst als het rustig is. Om heel veel toeristen te zien, hoef ik Amsterdam niet te verlaten. Ik was op Barcelona niet voorbereid.

Etnografie

Van de nood een deugd makend, wandelde ik naar het Museum voor Etnografie en Wereldculturen, waar ik de enige bezoeker was. En hoewel ik daarover niet zal klagen, trof de serene rust me als vreemd, want het is een schitterend museum dat ieders belangstelling zou kunnen hebben. De collectie heeft vier zwaartepunten: westelijk Afrika in de negentiende en twintigste eeuw, Oceanië, precolumbiaans Latijns Amerika en de religieuze kunst van het Verre Oosten.

Houtsnijwerk van Paaseiland (Etnografisch Museum, Barcelona)

Oceanië boeide me niet buitengewoon, al vond ik het leuk eens wat voorwerpen te zien van het Paaseiland, waarvan ik tot nu toe alleen één zo’n stenen standbeeld heb gezien. Ik zag ook een gouden kroon uit Sumatra, die ik niet meteen had verwacht in een museum in Spanje. De drie andere thema’s hadden echter mijn belangstelling wel, dus ik keek naar Afrikaanse edelsmeedkunst, maskers en houtsnijwerk. Hoewel het accent ligt op West-Afrika, is er ook Koptische kunst te zien.

Kunst uit Indonesië (Borobudur!) vormde de brug van Oceanië naar de afdeling Oost-Azië, waar de voorwerpen waren verdeeld over religie: dus eerst hindoeïsme, daarna jaïnisme en boeddhisme, en dat laatste dan weer in diverse scholen. Nadeel van deze onderwerpskeuze is dat het vooroordeel dat die Aziaten allemaal reuze mystiek en religieus zijn, er niet bepaald door wordt weerlegd. Voorwerpen uit het dagelijks leven ontbraken. Op deze afdeling was ook sculptuur te zien uit Gandara, de Grieks-boeddhistische beschaving die aan het begin van onze jaartelling bestond in Afghanistan en Pakistan. Ik ben altijd verbaasd over de nauwkeurigheid waarmee musea deze objecten kunnen dateren; niet dat ik de museale expertise in twijfel trek, maar ik snap niet waarop de dateringen zijn gebaseerd.

Een verdacht mooi beeldje, Nazca-cultuur (Etnografisch Museum, Barcelona)

Tot slot was er de Precolumbiaanse kunst, met enkele voorwerpen die zó mooi bewaard leken, dat ik vermoedde dat het weleens vervalsingen konden zijn. Eerlijk gezegd zag ik er weinig nieuws, maar dat betekent vermoedelijk dat ik van deze culturen, waar ik nooit systematisch in ben onderwezen, inmiddels voldoende heb opgepikt om vertrouwd te zijn met de hoofdlijnen maar onvoldoende om te begrijpen welke details interessant zijn.

Uitleg

Dit is het moment waar een museum méér moet bieden, om de geïnteresseerden bij de les te houden. Het Museum voor Etnografie en Wereldculturen deed dat goed door de uitleg anders te structureren dan ik gewend ben. Meestal hebben musea drie niveaus van uitleg: algemene uitleg aan het begin van een zaal, uitleg bij een vitrine en uitleg bij de voorwerpen. Hier waren twee soorten uitleg: bij elk voorwerp eerst wat specifieke uitleg en daarna toelichting bij die uitleg. Kortom, een fijn museum.

Vishu (Gupta-tijd; Etnografisch Museum, Barcelona)

Ik bleef achter met een vraag: hoe is deze collectie tot stand gekomen? Er is namelijk een verhaal over een etnografisch museum in Barcelona dat in de problemen raakte. Toen, zoals even voorspelbaar als onvermijdelijk was, het doek viel en het museum werd gesloten, was er geen plan om de collectie te redden, zodat die uiteindelijk is geveild. Ik vroeg me af of het museum waar ik zo’n fijne ochtend heb doorgebracht, misschien toch een voortzetting was van dat eerdere museum.

Het Museum voor Etnografie en Wereldculturen bevindt zich overigens tegenover een museum voor Picasso, is toegankelijk met rolstoelen (al moeten die soms omrijden) en kent geen audiofragmenten, dus mensen met hyperacusis kunnen er met een gerust hart naar toe. Sterker nog, in de heksenketel van Barcelona is het een plek om op adem te komen.

Romeins grafportret (Historisch Museum, Barcelona)

Romeins Barcelona

Even verderop, dieper in de heksenketel, is het Historisch Museum van Barcelona. Het is vooral heel groot en is gebouwd op een Romeinse opgraving. Die doet wat denken aan die onder de basiliek van Tongeren, maar het te bezoeken gebied is veel groter. Je ziet de derde-eeuwse stadsmuur en enkele muurhuizen, die in de vierde eeuw plaatsmaakten voor het bisschoppelijk complex dat later het verblijf was van de graaf van Barcelona. De huidige kathedraal, die ik niet heb bezocht, is een voortzetting van de Visigotische kerk. Een van de muurhuizen was gebouwd met opus africanum – en die Maghrebijnse bouwtechniek had ik niet zien aankomen, hoewel zo’n ontlening in een havenstad toch niet onlogisch is.

Boven de opgraving zijn afdelingen gewijd aan de ontwikkeling van Barcelona, dat in de Romeinse tijd Barcino heette, tot een van de hoofdsteden van de Mediterrane wereld. Tot de voorwerpen behoorde een elegant uitgehouwen Karolingisch grafschrift, dat me deed bedenken dat Barcelona de zuidelijke haven was van een rijk dat in het noorden Dorestad bezat.

Laatantieke wandschildering (Historisch Museum, Barcelona)

Er waren reproducties van landkaarten en middeleeuwse manuscripten, aardewerk en een indrukwekkende dertiende-eeuwse wandschildering met ridders. Ook zag ik een erg mooie reproductie van de Catalaanse Wereldatlas uit 1375. Er was meer te zien in dit mooie museum, maar na Lleida, Zaragoza en het etnografisch museum duizelde het me een beetje, dus ik ben naar de uitgang gelopen.

Hoewel een belangrijk deel van dit museum dus bestaat uit een opgraving, is ook dit helemaal toegankelijk voor mensen met rolstoelen, en ook dit museum houdt rekening met mensen met hyperacusis. Aanrader.

Deel dit: