MoM | Isotopenonderzoek

Een kaak uit Kessel, gebruikt voor isotopenanalyse (© Vrije Universiteit Amsterdam)

Ik heb al een aantal keren geschreven over de DNA-revolutie. Hier zijn alle artikelen bij elkaar. Door het onderzoek naar zowel hedendaags als antiek genetisch materiaal is het mogelijk uitspraken te doen over bijvoorbeeld de relatie tussen de diverse leden van de Achttiende Dynastie van Egypte, waarvan de mummies over zijn. Ook kunnen we uitspraken doen over bepaalde antieke ziektes – Ötzi zou doodziek zijn geworden van melk – en het uiterlijk van mensen. Het belang van dit soort onderzoek voor het begrip van antieke migraties is ook groot en ik heb het behandeld in Wahibre-em-achet en andere Grieken, dat momenteel bij de corrector ligt en op 4 april wordt gepresenteerd.

Ook al spreken we van DNA-revolutie, dat is eigenlijk niet helemaal juist, want er is een tweede laboratoriumtechniek met een (minimaal voor migratie) even groot potentieel: het isotopenonderzoek. Dit vergt even wat uitleg maar de conclusies zijn echt leuk.

Lees verder “MoM | Isotopenonderzoek”

MoM | Physics of Society (3)

De eerste complexe samenlevingen: dat had de computersimulatie redelijk goed – op de Balkan loopt ze iets op de feiten vooruit en in Nubië loopt ze achter

In het vorige stukje heb ik getoond hoe de physics of society toepasbaar zouden kunnen zijn op het historisch proces. Het is maar al te begrijpelijk dat mensen dit niet beschouwen als echte geschiedwetenschap, maar de kritiek is niet altijd even terecht. Zo wordt weleens beweerd dat de variabelen zó worden gekozen dat alleen de juiste uitkomst eruit kan komen. Ik hoop dat mijn beschrijving van het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog duidelijk maakt dat dat verwijt niet juist is. Wat vermoedelijk wél waar is, is dat de auteurs het zojuist beschreven artikel vermoedelijk niet gepubliceerd zouden hebben als ze de plank spectaculair misgeslagen zouden hebben.

Een oudheidkundig voorbeeld dateert uit 2013 en is afkomstig van een team waarvan Peter Turchin de bekendste is (“War, space, and the evolution of Old World complex societies”). De onderzoekers verdeelden Afrika, Azië en Europa in vakjes van 100×100 kilometer en wezen aan de diverse vakjes kengetallen toe die de hoogte en het terreintype representeerden, dus of het een steppe, woestijn of landbouwgrond was. Hierbij gold overigens dat woestijnvakjes waar een rivier doorheen stroomde, gold als landbouwgrond. Dit was, om zo te zeggen, het speelbord, met die kanttekening dat het landbouwgebied in de gesimuleerde tijd (1500 v.Chr. – 1500 n.Chr.) langzaam groeide.

Lees verder “MoM | Physics of Society (3)”

MoM | Physics of Society (2)

65536 coalities en hun interne frictie. Slechts twee coalities zijn stabiel.

In het eerste stukje legde ik uit dat “physics of society” veronderstelt dat veel menselijke gedragingen zijn te herleiden tot een beperkt aantal regels, die je in een computerprogramma kunt simuleren. Daarmee kunnen ook onverwachte gebeurtenissen worden verklaard. Het gaat hier echter vooral om redelijk alledaagse situaties. Kun je het ook gebruiken op de menselijke geschiedenis? Het antwoord is dat er wel wat mogelijk is en dat je, door zo’n computersimulatie duizenden keren te laten draaien, zou kunnen benaderen welke factoren er werkelijk toe doen. De implicatie is dat je dan ook de toekomst kunt voorspellen en dat voelt intuïtief niet aan alsof dat klopt. Slecht verzonnen science fiction. Misschien is het ook wel zo, maar laten we eerst eens kijken naar wat mogelijk is.

Een mooi voorbeeld is het ontstaan van de allianties die in de Tweede Wereldoorlog tegenover elkaar kwamen staan, zoals deze is beschreven door de Amerikaanse onderzoekers Robert Axelrod en Scott Bennett (“A Landscape Theory of Aggregation“, 1993). Ze gingen ervan uit dat er niet één aantrekkende en afstotende kracht was, zoals in de voorbeelden uit het voorgaande stukje, maar vijf. Elk land kon zich tot een ander aangetrokken voelen (of juist niet) om economische, etnische, ideologische, religieuze en historische redenen. Dit duidden Axelrod en Bennett aan als +1 of -1. Een zesde factor waren grensconflicten, die alleen als -1 konden worden aangegeven. Daarnaast werd de macht van elk land berekend aan de hand van zaken als demografie, militaire kracht en bruto nationaal product.

Lees verder “MoM | Physics of Society (2)”

MoM | Physics of Society (1)

Geschiedenis is méér dan “het ene ding na het andere” of “vroeger zag het er hier zo uit”. Je probeert het verleden ook te verklaren: de diverse gegevens met elkaar in verband brengen dus. Dat kan door via wetmatige verbanden oorzaken aan te wijzen, ongeveer zoals in de natuurwetenschap gebeurt; het kan door oorzaken op te sporen via vergelijkingen; en het kan door je in de mensen van vroeger ein zu fühlen (wat we hermeneuse noemen).

Sinds enkele jaren is er een nieuw type verklaring waarvoor in feite geen naam is. Ik houd niet van het anglicisme “physics of society”, zoals deze verklaringswijze weleens wordt aangeduid, en wat nog erger is: de naam suggereert teveel. In enkele minuten zult u weten dat het niet zo nodig is de natuurkunde erbij te halen. Het verheldert wel iets maar het is niet zo heel erg essentieel. Maar voor we daar zijn eerst iets anders: een vlucht spreeuwen.

Lees verder “MoM | Physics of Society (1)”

Apollo 8

Ongetwijfeld schrijven alle kranten er deze dagen over (al zal het ze moeilijk vallen het beter te doen dan het Noord-Hollands Dagblad) en ik blogde er vijf jaar geleden ook al over. Dus ik ga niet dieper in op de Apollo 8 en de beroemde foto hierboven, die vandaag een halve eeuw geleden werd genomen. Het al even beroemde geluidsfragment staat zo meteen hieronder.

Ik weet dat het Apollo-project een politieke motivatie had. Ik weet ook dat het geld dat je uitgeeft om mensen op de maan te zetten, tevens een keuze is om er geen ziekenhuizen mee te bouwen. En ik weet ook dat de eerste vlucht naar de maan de Amerikanen niet slecht uitkwam omdat ze eind 1968 zo niet hoefden te denken aan de moord op Marten Luther King, de moord op Bobby Kennedy en de sinds het Tet-offensief zeer omstreden oorlog in Vietnam.

Lees verder “Apollo 8”

De Olympos

Lang geleden vloog ik vanaf Schiphol naar Athene en omdat het lang geleden was, was het nog mogelijk aan de stewardess te vragen of je even in de cockpit mocht kijken. De piloten vonden het prima en zo zag ik Griekenland zoals de oude goden het ooit gezien moeten hebben: vanuit de hemel. Vóór me lag Thessaloniki, daar achter de zee, en rechts zag ik de Olympos. Een verbijsterend hoge berg, recht naast de zee. Heel lang mocht ik er niet van genieten, want de piloten begonnen de landing in te zetten en ik moest weer naar mijn zitplaats, maar dit pakt niemand me meer af.

De Grieken zijn – niemand weet precies wanneer – hun land vanuit het noorden binnengetrokken en hebben, toen ze de Olympos zagen, die berg geïdentificeerd met de godenberg uit hun mythologie. Andere groepen, die zich vestigden op Kreta, in Lycië, in Mysië of op Cyprus, wezen weer andere bergen aan als de Olympos. De Noord-Griekse berg is echter de indrukwekkendste, al beken ik dat ik de Mysische Olympos nog niet heb gezien.

Lees verder “De Olympos”

MoM | Winckelmann (2)

Winckelmann (door Anton von Maron)

Gisteren heb ik het leven van Winckelmann kort beschreven, vandaag wil ik het hebben over zijn oeuvre en zijn betekenis. Soms was de Duitse kunsthistoricus heel traditioneel, zoals in zijn Description des pierres gravées du feu Baron de Stosch uit 1760: een redelijk normale catalogus, die ook zijn voorgangers zouden hebben kunnen maken. Ook had hij, net als zijn tijdgenoten, nog een normaal brede onderwerpskeuze: weliswaar was hij enthousiaster over de Griekse kunst dan over de oud-Oosterse culturen, maar in de Geschichte der Kunst des Altertums behandelde hij toch ook de kunst van de Egyptenaren, Feniciërs, Perzen en Etrusken.

Het vernieuwende zit in de brug die Winckelmann sloeg tussen enerzijds de welbeschouwd zielloze beschrijvingen van voorwerpen en anderzijds de ideeën van de Verlichting. Hij stelde namelijk dat er een soort ideale kunst bestond en probeerde vervolgens te verklaren door welke maatschappelijke factoren deze was ontstaan. Zijn poging schoonheid te definiëren aan de hand van vaste criteria komt op ons wat bizar over, maar de toenmalige kunstkenners keken er niet van op. Ze keken evenmin op van Winckelmanns opmerkingen dat het lichaam van een man mooier was dan dat van een vrouw, dat het lichaam het beste zonder versiering kon worden afgebeeld (lees: naakt) en dat het beter was als emoties beperkt bleven. Emoties waren immers tijdelijk en de ware, eeuwige schoonheid bleef onverstoord door tijdelijke passies. Niets was Winckelmann een grotere gruwel dan de sculptuur van Bernini, die hij in Rome dagelijks moet hebben gezien en die volgens hem alleen een ongeschoold publiek zou kunnen imponeren en dan ook nog kortstondig. (Ik moet altijd aan dit oordeel denken als ik het Groninger Museum zie. Saai.)

Lees verder “MoM | Winckelmann (2)”