MoM | Johan Picardt

Coevorden, kerk
Coevorden, kerk

Een van de beste mij bekende oudheidkundige boeken is Lost World of the Golden King van Frank Holt (recensie). Hoofdstuk na hoofdstuk neemt hij u mee langs de diverse manieren waarop oudheidkundigen zich bezig hebben gehouden met de oostelijke buitenposten van de Grieks-Romeinse cultuur: Baktrië. Zeg maar het grensgebied van Afghanistan en Oezbekistan, met steden als Kampyr Tepe, Begram en Ai Khanum. Zeg maar de museumcollecties van de musea in Kabul (die u kunt kennen van reizende exposities), Tashkent en Termez. Zeg maar het gebied waar de klassieke cultuur nooit vanzelfsprekend was, waar ze elke keer opnieuw werd bevochten en waar je ziet wat mensen het belangrijkste vonden om te bewaren: een uiterlijke vormentaal die prestige verleende.

Holt vertelt hoe het onderzoek begon toen oudheidkundigen probeerden bij elke uit de bronnen bekende koningsnaam een muntportret te vinden. Dit doel was al snel verwezenlijkt maar er was een complicatie: de muntverzamelaars waren gestuit op munten van vorsten die niet in de bronnen stonden vermeld.

En dan schakelen we nu over naar Drenthe, naar het stadje waarvan u de kerk hierboven ziet: Coevorden.

Lees verder “MoM | Johan Picardt”

Antieke paarden

Romeins legerpaard uit Ockenburg (Museon, Den Haag)
Romeins legerpaard uit Ockenburg (Museon, Den Haag). Dit dier was opvallend groot, vergeleken met de paarden die de naburige Cananefaten gebruikten. In het antieke Zuid-Holland bestonden dus minimaal twee paardensoorten naast elkaar.

Ik schreef een paar dagen geleden een stukje over de verspreiding van de Indo-Europese talen. Oorspronkelijk werden die – volgens de meest gebruikelijke interpretatie van het complexe bewijsmateriaal – gesproken door de mensen van de Yamnaya-cultuur (koergan-cultuur, putgrafcultuur…) uit Oekraïne. Die hadden het paard gedomesticeerd, wat hun extra mobiliteit verschafte. Hun cultuur verspreidde zich over een steeds groter gebied en ze namen hun taal met zich mee. Of beter gezegd talen. Door de steeds grotere onderlinge afstanden viel de oertaal steeds verder uiteen.

De expansie naar het westen begon tussen 3500 en 3000 v.Chr.: eerst langs de Zwarte Zee naar de Beneden-Donau – u leest er hier meer over – en dan daarvandaan stroomopwaarts naar het Karpatenbasin en daarvandaan naar West-Europa, later ook van de Beneden-Donau over het Balkangebergte richting Griekenland. Die laatste beweging wordt geplaatst rond 2000 v.Chr. De uitbreiding naar het oosten begon op datzelfde moment – eerst naar Kazachstan, later door Turkmenistan en Oezbekistan naar het zuiden, en tot slot richting Iran en India. Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, is dit beeld van de recente Prehistorie gebaseerd op taalkundig en archeologisch materiaal en in 2015 bevestigd door DNA-onderzoek, al blijven er natuurlijk vragen en vraagjes.

Lees verder “Antieke paarden”

Echt of vals?

De bronzen schijf uit Luristan, waarvan is vastgesteld dat 'ie echt is (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)
De bronzen schijf uit Luristan, waarvan is vastgesteld dat ‘ie echt is (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Lezersverzoekje: viel er niet wat meer te vertellen over die echte of onechte schijf uit Luristan waarover ik dinsdag blogde? Antwoord: ja dat kan. Toevallig kan dat zelfs heel goed want ik ben hierover ooit eens helemaal bijgepraat door Lucas Petit, de conservator van de afdeling Nabije Oosten van het Rijksmuseum van Oudheden, waar deze schijf is te zien.

Het voorwerp is in 1943 verworven bij een handelaar in oudheden en zou afkomstig zijn uit Luristan, zeg maar de centrale Zagros in Iran. Hier is in de IJzertijd fantastisch edelsmeedwerk vervaardigd: bijlen, kleine schijven met afbeeldingen, dolken, en zo voort. De schijf in het RMO, zo groot als een langspeelplaat, is een unicum: er zijn geen voorwerpen die hierop lijken. Middenin is een soort schildknop, en daarom heen zijn drie jachtscènes afgebeeld (een man die rijdt op een stier, een boogschutter en een leeuw, een man die twee steenbokken vasthoudt) en een troonscène, waarin een vorst zo’n steenbok wordt aangeboden.

Lees verder “Echt of vals?”

Nieuws zonder filter (5)

Grote mannen, sensationele verhalen (maar dit was dus onzin)

In mijn eerste stukje over mijn lezing bij “Oog op de Oudheid” vertelde ik dat wetenschap sowieso een subjectief element heeft en in het tweede gaf ik aan dat onderzoekers deze vrijheid nogal eens gebruiken om hun onderzoeksresultaten mooier voor te stellen dan ze eigenlijk zijn. Daar voegde ik nog aan toe dat de verworven data soms vals zijn.

Het wetenschappelijke aanbod, dat weliswaar het minst slechte is waarover de mensheid beschikt maar dat bepaald beter zou kunnen, komt vervolgens bij de media en journalisten willen weliswaar enerzijds inzicht geven in het wetenschappelijk proces, maar moeten uiteindelijk wel nieuws hebben. Er gaat daardoor veel aandacht naar doorbraken en ontdekkingen, waardoor de kern van de geesteswetenschappen, het doorgronden van het eigen denken, onderbelicht blijft. Classici houden doorgaans vast aan die kern en zijn daardoor voor de media oninteressant; archeologen hebben hun geesteswetenschappelijke essentie opgegeven en presenteren alles maar als ontdekking, ook als het dat feitelijk niet is.

Saaie frames

Nieuws vergt echter duiding. En dat kan niet iets zijn als “de DNA-revolutie leidt tot nieuwe heuristieken, namelijk een wijdere filologische interpretatiehorizon”. Dat is weliswaar de crux, maar de gemiddelde lezer haakt af. Journalisten vallen daarom terug op vertrouwde frames. Die komen vrijwel allemaal uit de negentiende eeuw.

Lees verder “Nieuws zonder filter (5)”

Nieuws zonder filter (3)

De bronzen schijf uit Luristan, waarvan is vastgesteld dat 'ie echt is (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)
De bronzen schijf uit Luristan, waarvan is vastgesteld dat ‘ie echt is (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

In mijn eerste stukje over mijn lezing bij “Oog op de Oudheid” vertelde ik dat wetenschap sowieso een subjectief element heeft en in het tweede gaf ik aan dat onderzoekers deze vrijheid nogal eens gebruiken om hun onderzoeksresultaten mooier voor te stellen dan eigenlijk mag. Dat kan zijn door te overdrijven of door het resultaat zó te presenteren dat de samenleving er iets mee kan. Ik gaf, niet voor het eerst, als commentaar dat zo het potentieel schurende van het verleden tekort wordt gedaan. Een verleden dat biedt wat de mensen in het heden graag willen horen, heeft geen werkelijke betekenis.

Valse data

Ten opzichte van de ideale wetenschap, waarin we de conclusies het liefst logisch zouden afleiden uit de data, is het behoorlijk problematisch als onderzoekers bij het opstellen van de conclusies al aan het kijken zijn naar wat wenselijk is. Er is echter een principiëler punt: zijn de data wel echt? Je kunt immers geen reële conclusies verbinden aan valse data.

Lees verder “Nieuws zonder filter (3)”

MoM | Nieuws zonder filter (1)

Graf van Lucius Cornelius Scipio met een van de oudste vermeldingen van de cursus honorum (Vaticaanse Musea, Rome)
Graf van Lucius Cornelius Scipio met een van de oudste vermeldingen van de cursus honorum (Vaticaanse Musea, Rome)

Afgelopen dinsdag was in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden de laatste avond van “Oog op de Oudheid”, het evenement waarbij we proberen te tonen dat de oude wereld meer heeft te bieden dan borreltafelfeitjes. Oudheidkunde is immers, zeker als de enge vakgebiedjes worden overstegen, intellectueel wél uitdagend. Dat proberen we in Leiden over het voetlicht te brengen en dit jaar was het thema “data”. Met hashtag #OodO19 kent u de “twittulen” nalezen (maar let even op de volgorde).

Als de laatste spreker zou ik het hebben over het overaanbod aan data en informatie. (Informatie = data die in een juist of onjuist verband zijn geplaatst.) Sinds ruim een halve eeuw is het meer dan we menselijkerwijs kunnen behappen. Er bestaan berekeningen dat de mensheid tegenwoordig in twee dagen evenveel data produceert als vanaf de Steentijd tot 2003. Ook heeft iemand eens uitgeknobbeld dat u per dag meer informatie verstouwt dan u anno 1960 zou hebben verwerkt in een maand. Die explosie aan informatie heeft diverse gevolgen en ik behandelde afgelopen dinsdag een paar thema’s die de vaste lezers van deze blog kennen: dat de wetenschap sowieso subjectieve aspecten heeft, dat wetenschappers snel vol op het orgel gaan, dat journalisten dat eveneens doen, dat hierdoor de kans dat je slecht over de Oudheid wordt geïnformeerd groter is dan dat je adequate informatie krijgt. En verder: wat er beter kan. Op verzoek van enkele aanwezigen hieronder mijn praatje.

Lees verder “MoM | Nieuws zonder filter (1)”

De Mesopotamische kronieken

De Naboniduskroniek (British Museum, Londen)
De Naboniduskroniek (British Museum, Londen)

Ik heb gisteren beschreven hoe de Astronomische Dagboeken aan de ene kant sterrenkundige waarnemingen bevatten en aan de andere kant beschrijvingen van de gebeurtenissen die door die hemelse tekenen zouden zijn voorspeld. De auteurs herkenden patronen, schreven die op in een Voortekencatalogus en gebruikten die om de toekomst te voorspellen.

De Astronomische Dagboeken, die bij mijn weten allemaal liggen in het British Museum, zijn gepubliceerd tussen 1988 en 1996, al worden nog altijd nieuwe interpretaties voorgesteld. De publicatie van de Voortekencatalogus begon in 1989 en is, voor zover ik weet, afgerond in 2012. Samen met nog andere teksten hebben ze bijgedragen aan een enorme verbetering van onze kennis van het oude Nabije Oosten, en dan bedoel ik niet alleen dat we nu dingen weten over gebeurtenissen waar we vroeger geen weet van hadden, maar ook dat ons begrip van de antieke topografie is gegroeid. We kunnen andere bronnen nu beter beoordelen – de reputatie van Herodotos als bron voor Babylonië is er niet beter op geworden – en we weten nu welke factoren bijdroegen aan de vorming van de voedselprijzen. Ook meteorologen zijn geïnteresseerd, want de data waarop kanalen werd geopend, bieden een indicatie voor het antieke klimaat – en dus voor klimaatverandering.

Lees verder “De Mesopotamische kronieken”