MoM | Feiten in soorten en maten

De overeenkomst tussen het oercontinent Pangaea, donkere materie en de Nubische heerschappij over Egypte is dat geen enkele wetenschapper ze ooit heeft gezien. Het bestaan ervan kan alleen indirect worden aangetoond.

Toen Wegener honderd jaar geleden opperde dat de huidige continenten zijn ontstaan door het uiteenvallen van een oercontinent, had hij daarvoor slechts indirect bewijs, zoals (fossielen van) overeenkomstige diersoorten, de vormen van de continenten en overeenkomstige geologische strata. Sindsdien hebben onderzoekers vastgesteld dat de continenten zich inderdaad verplaatsen en gaat men ervan uit dat er één oercontinent is geweest, maar niemand heeft Pangaea ooit waargenomen. Hetzelfde geldt voor donkere materie: ze moet bestaan (al denkt Erik Verlinde daar anders over), maar geen astronoom kan haar aantonen. En geen oudheidkundige observeerde ooit de Nubische heerschappij over Egypte, hoewel ze er moet zijn geweest, aangezien er inscripties bestaan, monumenten zijn opgegraven en middeleeuwse handschriften zijn met de teksten van antieke auteurs die erover schrijven.

Lees verder “MoM | Feiten in soorten en maten”

Thee met Olaf Kaper

Tutu (©Wikimedia Commons, Keith Schengili-Roberts)

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar als ik woorden als “doorbraak” of “Nobelprijs” hoor, haak ik al vrij snel af. Dat wetenschap door de revolutionaire, onverwachte inzichten van geniale onderzoekers zou voortschrijden, is een romantische mythe en zegt weinig over wat onderzoek nou echt is. Dat heeft meer te maken met een gestage aanwas van data. Niet dat er nooit iets nieuws gebeurt. De oudheidkunde krijgt er momenteel toch maar mooi het DNA-onderzoek bij. Het wil ook niet zeggen dat er nooit een fundamenteel probleem wordt opgelost. Over de Bronstijdchronologie heb ik onlangs geblogd.

Het is echter verkeerd dat de berichtgeving over de wetenschap vaak wordt bepaald door dit soort romantische frames. Onderzoek is meestal tastend zoeken. Stapje voor stapje verder komen, zoals met de puzzel van de Bronstijdchronologie. Het is vooral aarzelen en de conclusie in twijfel trekken die je het liefst zou trekken. De rubriek “Ware wetenschap” die De Volkskrant ooit had, bracht vooral dat aspect in beeld. En ik ben een tijdje geleden thee gaan drinken met egyptoloog Olaf Kaper van de Leidse universiteit.

Lees verder “Thee met Olaf Kaper”

DNA, Ieren, Etrusken, Karthagers en Chinezen

Karthaags masker, eind zesde eeuw (Bardo-museum, Tunis)

Voor de oudheidkundige is het DNA-onderzoek nog vooral een belofte. Ik heb in eerdere stukjes enkele ontwikkelingen geschetst, maar die betroffen vooral de Prehistorie: hoe de mensheid wegtrok uit Afrika, de verspreiding van de landbouw en de migraties van de Indo-Europeanen. De conclusie is dat Europa in twee enorme golven bevolkt is geraakt: één golf van landbouwers en één golf van Indo-Europees-sprekenden.

Als we in de historische tijd aankomen, wanneer we geschreven bronnen krijgen, zijn de grote migraties al voorbij. Het DNA-onderzoek zal eerst verfijnder moeten raken vóór we veel verder kunnen kijken. Dat zal nog wel gebeuren, want het uitvoeren van tests wordt steeds meer routine (en goedkoper).

Overigens is geschreven documentatie niet helemáál zonder betekenis: de Centraal-Aziatische samenleving van de Indo-Iraniërs is enigszins gedocumenteerd in geschreven teksten, namelijk in het oudste deel van de Avesta, het heilige boek van de Iraanse volken: een wereld van nomadische veetelers op de steppe. Het is een wereld met een dualistisch wereldbeeld dat we misschien ook archeologisch kunnen documenteren.

Lees verder “DNA, Ieren, Etrusken, Karthagers en Chinezen”

MoM | De eerste hoofdwet van de archeologie

Een tijdje geleden plaatste ik foto’s online van het prachtige gebouw, opgegraven in de Iraanse stad Bishapur, dat bekendstaat als de “tempel van Anahita”. Dat was een watergodin die we kennen uit verschillende oud-Iraanse teksten en u moet voor plaatjes maar even op deze link klikken. Het monument bestaat uit een vierkante vijver, omgeven door een soort trottoir, waar een gang omheen loopt. Je kunt er alleen komen door eerst een trap af te gaan, want het ligt een paar meter onder de grond. Misschien omdat het anders niet mogelijk was water uit de rivier hierheen te leiden.

In feite hebben we geen idee of het werkelijk een tempel was en weten we ook al niet of het heiligdom – áls het dus een heiligdom was – was gewijd aan Anahita. Uit heel Iran is namelijk niet een tempel voor deze godheid bekend. Een ander bouwwerk dat “tempel van Anahita” wordt genoemd, een enorm terras bij Kangavar, is alleen maar zo genoemd omdat het is opgegraven in de buurt van een paar bronnen en omdat een tekst een tempel van Artemis vermeldt in deze omgeving. Het monumentale bouwwerk in Bishapur lijkt er bepaald niet op. Anahita lijkt ook niet op Artemis, trouwens.

Lees verder “MoM | De eerste hoofdwet van de archeologie”

Oude talen, modern nationalisme

Deze stele uit Nevsha in Bulgarije documenteert de Indo-Europese migraties (Archeologisch Museum van Varna)

Alvorens verder te gaan met deze reeks over de eerste resultaten van het oudheidkundige DNA-onderzoek, eerst een herinnering aan mijn eerste jaar aan de universiteit. Het leek wel alsof de stof altijd ophield op het moment dat ze interessant werd. Ik heb mijn handboek oude geschiedenis, Een kennismaking met de oude wereld van de Blois en Van der Spek, er nog even op nageslagen, en daar stond het inderdaad weer: de auteurs gebruikten woorden als “Indo-Europees” en “Semitisch”

omdat het nu eenmaal gewoonte is volken in te delen en te benoemen op grond van hun taal. De Semitische talen vertonen onderling een sterke verwantschap en hetzelfde geldt voor de verschillende onderafdelingen van de Indo-Europese taalfamilie. … De termen Semitisch en Indo-Europees hebben weinig te maken met ras of natie.

En dat was dat. Terwijl “het is nu eenmaal zo” toch echt het moment is waarop een wetenschapper sceptisch wordt. De eerdere wetenschappers hebben immers een reden gehad volken in te delen op grond van hun taal. Dat kan een goede of een slechte reden zijn geweest, maar een wetenschapper wil weten of die klopt vóór hij dat overneemt. Wie “het is nu eenmaal zo” schrijft, hoort – ietwat gechargeerd gezegd – niet thuis aan een universiteit.

Lees verder “Oude talen, modern nationalisme”

MoM: Eliminatie

[Geschiedenis is geen amusement, leuk voor een vrijblijvend stukje in een tijdschrift of een item op TV. Het is een wetenschap. In de reeks “Methode op Maandag” (MoM) leg ik uit wat de oudheidkundige wetenschappen, en de historische wetenschappen in het algemeen, maakt tot wetenschappen. Een overzicht van deze en vergelijkbare stukjes is hier.]

Vorige week blogde ik over de Hangende Tuinen van Babylon en vertelde ik dat er verschillende antieke bronnen bestaan over die tuinen, maar dat die allemaal teruggaan op één bron. Dit betekent dat informatie uit de afgeleide bronnen mag worden genegeerd. Dit staat bekend als “eliminatie”. Het is een krachtig instrument om betrouwbaardere en minder betrouwbare informatie te scheiden, omdat we zo in elk geval auteurs uit de discussie halen die anderen napapagaaien.

Eerst een makkelijk voorbeeld waarvan het belang in één keer duidelijk is. We hebben vier verslagen van de laatste dagen van Jezus van Nazaret: de evangeliën van Matteüs, Marcus, Lukas en Johannes. Daartussen zitten wat verschillen, zoals u voor uzelf kunt constateren als u de laatste woorden van Jezus erop naslaat. Aangezien kan worden bewezen dat Matteüs en Lukas zijn afgeleid van het evangelie Marcus, hebben we voor de procesgang in feite maar twee getuigenissen, namelijk Marcus en Johannes. Matteüs en Lukas zijn, ten opzichte van Marcus, elimineerbaar. Dit betekent dat de beruchte zelfvervloeking van de Joden die Matteüs als enige vermeldt (“zijn bloed kome over ons en onze kinderen”) ook elimineerbaar is. Als Mel Gibson deze toont in zijn film The Passion of the Christ, wijkt hij af van zijn opzet de gebeurtenissen historisch zo accuraat mogelijk te tonen.

Lees verder “MoM: Eliminatie”

MoM | Wat is waarheid?

methode_op_maandag

Het argument valt in deze verkiezingstijd weer te horen: dit of dat is wetenschappelijk vastgesteld. “Onderzoek wijst uit…”, zeggen ze dan, en daarna horen we dat het klimaat verandert, dat allochtonen oververtegenwoordigd zijn in de criminaliteitscijfers of dat kleinere schoolklassen gezonder zijn. De implicatie van dit type argument is dat als de wetenschap eenmaal een uitspraak heeft gedaan, het dus waar is. Dat is ook de aanname achter websites als de StellingChecker en de NieuwsCheckers, die controleren of politici zich wel baseren op de juiste aannames.

De stelling “wat wetenschappelijk is, is waar” zal een factcheck echter niet overleven. Wetenschap is een manier om de waarheid te benaderen. Niet meer, niet minder. De crux is dat we allerlei gecontroleerd verworven data – of dat nu astronomische waarnemingen zijn of laboratoriumuitslagen of oud-Griekse bronnen – ordenen via gecontroleerde stappen om vervolgens op gecontroleerde wijze te komen tot conclusies. Die controles noemen we “methode” en een wetenschappelijk conclusie is alleen waar volgens een bepaalde methode.

Lees verder “MoM | Wat is waarheid?”