
[De Belgische oudhistoricus Jeroen Wijnendaele, de auteur van De wereld van Clovis, ging op vakantie naar Sardinië, zag van alles en deed verslag op BlueSky en hier is een vertaling.]
De Sardijnse havenstad Porto Torres oogde aanvankelijk als een teleurstelling. Dit was in de Oudheid de belangrijkste stad in noordelijk Sardinië, en de enige die door de Romeinen was gesticht (Turris Libisonis). De huidige gemeente bezit een van de belangrijkste archeologische parken op het eiland en zoals een collega uit het even verderop gelegen Sassari het uitdrukte: “Hier is de moderne Sardijnse archeologie geboren”.
En toch: een teleurstellend begin. Net als in Olbia was het archeologisch museum wegens renovatiewerkzaamheden tijdelijk gesloten. Ik had echter geen idee dat me in Porto Torres, meer precies in de basiliek van San Gavino, een donderende verrassing stond te wachten, en dat nota bene op mijn eigen terrein: de Late Oudheid.

Toen ik de crypte van deze kerk verkende, viel me op dat de sarcofagen dateerden uit de Late Keizertijd. Ze worden doorgaans gedateerd in zowel de derde als de vierde eeuw, maar de sarcofaag hierboven, met een afbeelding van Orfeus, lijkt me het beste te plaatsen in de vierde eeuw. De mythische Thracische bard lijkt een populair figuur te zijn geweest, want elders in het archeologische park was hij nog eens afgebeeld op een mozaïek.
Maar nog verbazingwekkender dan de aanwezigheid van een zanger uit Thracië op een eiland in de westelijke Middellandse Zee, was de onderstaande inscriptie die bewaard is gebleven in de eigenlijke basiliek. Als je even niet oplet, zie je haar over het hoofd.

Dit is een Byzantijnse triomfinscriptie waarin in het Grieks een hier in de omgeving geboekte overwinning op de Langobarden wordt gevierd. Het is echter niet zomaar een overwinning, het is een dubbele zege: te land en ter zee. Ik kan niet genoeg benadrukken hoe zeldzaam zo’n tekst is: niet alleen vanwege de locatie, maar ook als document dat licht werpt op een zeer obscure periode in de geschiedenis.
De inscriptie is opgericht ter ere van een Byzantijnse keizer met de naam Konstantijn, en in combinatie met het feit dat het gaat om een conflict met de Langobarden, moet het gaan om een heerser met die naam uit de zevende of zelfs de achtste eeuw. De ongelooflijk behulpzame gids in de basiliek wees me op een artikel van Francesca Fiori, die de inscriptie uitgebreid heeft bestudeerd en concludeerde dat ze betrekking moet hebben op Konstantijn V Kopronymos (r.741-775).
Als dit klopt, is dit een werkelijk verbazingwekkend document. Zoals ik elders al schreef, leek Sardinië al in de achtste eeuw aan de Oost-Romeinse heerschappij te zijn ontglipt. Als Fiori gelijk heeft – en ik zou veel meer tijd nodig hebben om dat in detail te bestuderen – dan hoeft deze inscriptie met die eerdere constatering niet per se in tegenspraak te zijn. We kennen namelijk vergelijkbare situaties uit de vijfde en zesde eeuw, waarin westelijke regio’s die niet langer rechtstreeks door de centrale staat werden bestuurd, toch documenten opstelden ter ere van Romeinse keizers. Toch documenteert de inscriptie ook dat Sardinië in de Vroege Middeleeuwen goed in staat was zijn eigen verdediging te organiseren.
Wat nog belangrijker is: zelfs in de achtste eeuw, met Arabische, Frankische en Langobardische machthebbers in de directe omgeving, maakte de keizer in het verre Constantinopel nog steeds ongelooflijke indruk op de lokale Sardijnse machthebbers. Ik weet dat ik op een dag nog eens terug moet naar zowel Olbia als Porto Torres, om hopelijk de gerenoveerde parken en musea te bezoeken. Maar dit was een verbazingwekkende ontdekking.
[Een gastbijdrage van Jeroen Wijnendaele. Dank je wel Jeroen!]
Zelfde tijdvak
Langs de Zijderoute (2)april 29, 2015
Vikingen in Assenjuli 7, 2012
Islamitisch recht (1) ontstaanjuni 11, 2025

Dank Jeroen!
Net als bij het lezen van ‘De wereld van Clovis’ slaat je geestdrift, betrokkenheid of weet ik veel* over op de lezer, in ieder geval op bovengetekende.
Meende altijd dat Sardinië het Siberië of beter: de goelag van de mediterrane wereld was en dus nauwelijks interessant, maar ben inmiddels genezen. Zou het eiland graag bezoeken, maar laat me vooralsnog afschrikken door berichten over een vrijwel non-existent openbaar vervoer. Weet iemand of dat klopt?
Eén gratis borrel voor diegene die me een betere term aanreikt.
Als je bent aangewezen op openbaar vervoer, zou ik er niet aan beginnen, temeer daar veel archeologische bezienswaardigheden op afgelegen plekken liggen.
Ik bezocht deze bijzondere kerk (plus het park annex museum dat toen wel open was) eveneens, maar als betrekkelijke leek is het belang van deze inscriptie geheel aan mij voorbijgegaan.
Voor de geïnteresseerden: uitgeverij Ilisso (www.ilisso.it) heeft een paar jaar geleden een reeks fraaie geïllustreerde boeken over de oude geschiedenis van Sardinië uitgebracht. In het Italiaans, dat wel.