Kelten, Hunnen, Avaren, Saksen

Merovingische mantelgesp (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Er zijn een paar gebieden waar de oudheidkunde momenteel vooruitgang boekt. Eén front is het DNA- en het isotopenonderzoek. De zich daar aftekenende conclusie is, zoals bekend, dat mensen vroeger beweeglijker zijn geweest dan altijd was aangenomen. Omdat mensen hun ideeën meenemen, betekent dit dat de hermeneutische horizon is weggevallen. De winst is dus vooral voor classici en andere filologen, die een goudmijn aan informatie erbij hebben gekregen. Dit is een echte revolutie, met een wijzigende negatieve heuristiek.

Langzaam wordt het bewijs ook sterker. We wisten al dat de landbouw en de Indo-Europese talen zijn verspreid door migratie. Tot nu toe was de verdere redenatie min of meer “als in de Prehistorie de mensen mobiel waren, waren ze dat zeker in tijden met betere schepen en betere wegen”. Het was een a fortiori-redenering. Dat is altijd onbevredigend, omdat het veronderstelt dat alle andere factoren dezelfde zijn gebleven. (Om er nog een Latijnse term tegenaan te smijten: een ceteris paribus-redenering.) Het is natuurlijk denkbaar dat in het latere tijdperk factoren een rol hebben gespeeld die we nu nog niet herkennen.

Lees verder “Kelten, Hunnen, Avaren, Saksen”

Geliefd boek: Erasmus, dwarsdenker

Dat omslag, een jonge Erasmus met felrode klaprozen op zijn overhemd, dat trok onmiddellijk mijn aandacht.

Toch kocht ik het boek nog niet, alhoewel ik al bijna een leven lang een grote fascinatie heb voor Erasmus. En dat kwam door de nogal zure recensie van David Rijser in het NRC Handelsblad die beweerde dat er eigenlijk niets nieuws stond in deze biografie. (Ik vermoed dat hij te weinig vertrouwd is met de theologische kwesties die onvermijdelijk en noodzakelijk in zo’n biografie aan de orde komen)

Later kwamen er, beter onderbouwde, recensies in andere media. Vooral die van Marc van Oostendorp in het online tijdschrift voor Neerlandistiek overtuigde mij. Toen dacht ik: maar natuurlijk moet ik dit lezen. En ik heb deze biografie achter elkaar door uitgelezen want het boek is ook nog eens goed en soepel geschreven. En levendig, doordat Sandra Langereis uitvoerig gebruikt maakt van en citeert uit al Erasmus’ brieven.

Lees verder “Geliefd boek: Erasmus, dwarsdenker”

The Dig

Er was vorig jaar veel te doen over The Dig, een film waarin de opgraving van Sutton Hoo een rol speelt. Het graf van de vroeg-zevende-eeuwse Angelsaksische vorst Raedwald geldt als een van de grote archeologische ontdekkingen van de vorige eeuw. De bijzetting zou te vergelijken zijn met die van andere heersers uit de Late Oudheid, zoals Childeric in Doornik en het grafveld bij het Zweedse Vendel, ware het niet dat ze alles in omvang overtreft: Raedwald is begraven in een schip van een slordige zevenentwintig meter lang. Het is begrijpelijk dat de opgravers die er in 1938 en 1939 werkten, lang overwogen dat het een Vikinggraf was.

Sutton Hoo

Maar het was dus ouder. Dit schip documenteerde de wereld van de Angelen, van de Saksen, van de kerstening en van de Beowulf. Wellicht herinnert u zich uit 2005/2006 de expositie “Professor Van Giffen en het geheim van de wierden” in het Groninger Museum. In The Dig vat een medewerker van het British Museum, Charles Phillips, het belang van de ontdekking mooi samen: “The Dark Ages are not dark anymore.” En ook: “The Anglo-Saxons did have a civilization.”

Lees verder “The Dig”

Robert de Fries en Sint-Nikolaas

Sinterklaas: gevelsteen uit Amsterdam (Dam 2)

Nog even over de relieken van Sint-Nikolaas dus, waarvan afgelopen zondag een piepklein deel vanuit de Egmondse Abdij is overgebracht naar de Amsterdamse Nikolaasbasiliek. Of dat bot echt is, is volkomen irrelevant. Een heilige staat voor een waarde – in dit geval: het is goed te geven aan wie niets kan teruggeven – en al het overige is geneuzel. Een weldenkend mens heeft het er niet over. Of besteedt het uit aan bloggers.

Scepsis

Broeder Adelbert, de reliekenbeheerder en huisblogger van de abdij van Egmond, heeft echter aangegeven in te staan voor de authenticiteit van de relikwie. Dat maakt mijn historische belangstelling wakker. Religieus geloof is immers één ding, wetenschap een ander ding. Je moet sterk staan om iets als “het is echt waar” te zeggen wanneer dat irrelevant is. Dan word ik nieuwsgierig.

Lees verder “Robert de Fries en Sint-Nikolaas”

Het bekken van Sint-Nikolaas

Reliekhouder uit Worms

Nog even over de resten die Sint-Nikolaas op aarde achterliet toen hij opsteeg naar de hemel – een verhaal waarover we het al eerder hebben gehad en dat we nu kunnen laten rusten, al is het nog zo mooi. We hebben het dus over Nikolaas’ gebeente.

Relikwieën over de hele wereld

Nog even herhalen: de ketterpletter is vermoedelijk in 342 of 343 begraven in een kerk aan de rand van de havenstad Myra. Die kerk is later herbouwd en in 1087 hebben mensen uit Bari daarvandaan de relieken meegenomen. Later gaven ze zo nu en dan botten mee aan bevriende steden. Het is dus mogelijk dat er een rib is terechtgekomen in de Egmondse Abdij, maar daarvoor zie ik, zoals ik gisteren schreef, zo snel geen aanknopingspunt in de bronnen van het latere graafschap Holland. Er zijn ook botfragmenten elders terechtgekomen, zoals in Venetië. De fragmenten in de Duitse keizerstad Worms zijn in de Tweede Wereldoorlog verloren gegaan. En een stukje van het bekken van Sint-Nikolaas zou zijn beland in Lyon.

Lees verder “Het bekken van Sint-Nikolaas”

Factcheck: de rib van Sint-Nikolaas

Ikoon van Nikolaas van Myra (Basiliek, Bari)

Het Sinterklaasjournaal besteedt er geen aandacht aan, maar er is nieuws over Sint-Nikolaas, goedheiligman, ketterpletter, bisschop van Myra alsmede beschermheilige van Amsterdam. Het nieuws: zondag zal een stukje van een van zijn ribben worden overgebracht naar de Amsterdamse Nikolaasbasiliek. Het botfragment is afkomstig uit de Abdij van Egmond.

Is dat botje echt?

Het is verre van mij daar de draak mee te steken. De verering van Sint-Nikolaas staat voor een waarde die minimaal overweging verdient: dat het goed is te geven aan mensen die niets terug kunnen geven. Daarom, zo lezen we in de Nieuwe Catechismus (vraag 25), geeft Sinterklaas aan kleine kinderen en is het een feest voor volwassenen. De vraag of het Egmondse botmateriaal werkelijk afkomstig is van de op 6 december 342 ontslapen bisschop, is niettemin een legitieme.

Lees verder “Factcheck: de rib van Sint-Nikolaas”

Ibn Khaldun

Standbeeld van Ibn Khaldun in Tunis

Toen ik in mijn boek Vergeten erfenis pleitte voor aandacht voor de oud-oosterse en Arabische bijdragen aan de Europese cultuur, stuitte ik op allerlei interessante geleerden waarvan ik dacht “daar zou ik meer over willen weten”. Denk aan de Ibn Firnas en de Al-Haytham waarover ik onlangs blogde. Of Ibn Khaldun (1332-1406), over wie ik destijds alleen opmerkte dat zijn Muqaddima (“inleiding”) het begin had kunnen zijn van een vorm van sociale wetenschap, maar dat het werk geen navolging kreeg. Ik attendeerde er verder op dat de man zijn werk kon doen dankzij het vorstelijk mecenaat van allerlei vorsten.

Dat mecenaat, dat was zowel de reden waarom de wetenschap kon bloeien als de reden waarom het niet méér werd. Terwijl de wetenschapsbeoefening zich in het Europa van de Nieuwe Tijd ontwikkelde tot een zelfstandige “bedrijfstak” met een financiering die los stond van de wensen van deze of gene vorst, was de middeleeuwse wetenschapper in veel gevallen een hoveling die bedreven was in de kunst der stroopsmeerderij. Wetenschap was geen collectieve en daardoor duurzame activiteit, maar de kwetsbare hobby van enkelingen. Zoals Ibn Khaldun. Dat hij geen navolgers had, zal ermee te maken hebben gehad dat er daartoe ergens een vorst moest zijn die belang stelde in de ontluikende sociale wetenschap. Omdat die ontbrak kreeg Ibn Khaldun pas aandacht in de negentiende eeuw.

Lees verder “Ibn Khaldun”

Geliefd computerspel: Civilization

Wie wat bewaart, die heeft wat.

Wat grappig: ik heb nog nooit geblogd over het computerspel Civilization. En dat terwijl ik dat uren en uren heb gespeeld! De eerste kennismaking is zeker een kwart eeuw geleden. In Den Haag had ik bovenstaand pakket gekocht en in de vertraagde trein – stilstaand in de Schipholtunnel – had ik de spelregels gelezen. Eenmaal thuis had ik het spel geïnstalleerd en terwijl ik een half oog had op het pruttelende eten in de keuken, begon ik met de tutorial.

Het spel

Ik stichtte een stad. Een verkenner ontdekte nieuwe gebieden terwijl de stedelingen nieuwe technieken ontdekten. We stichtten nieuwe steden. Het werd later en later. Onze beschaving, Amerika, maakte contact met andere beschavingen: de Indiërs of de Fransen of de Zoeloe’s. Het werd middernacht. Onze legers streden tegen barbaren en tegen de andere beschavingen. Vooral de Britten waren taai, herinner ik me nu ineens.

Lees verder “Geliefd computerspel: Civilization”

Filmpjes uit Irak

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, hebben mijn vriendin en ik afgelopen oktober een reis gemaakt door Irak. We bezochten de Sumerische steden in het zuiden, dronken thee bij de Moeras-Arabieren, waren verbaasd over de ontwikkeling van toeristische faciliteiten in Babylon, bezochten de Assyrische hoofdsteden Aššur, Nimrud, Khorsabad en Nineveh, zagen de stadswal van de door Alexander de Grote gestichte stad Charax, waren de eerste toeristen in tijden in Hatra en bezochten de voornaamste sji’itische heiligdommen. Mijn geliefde had het goede idee dat we filmpjes zouden maken. Zo kunt ook u het een en ander zien. Niet iedereen kan immers even twee, drie weken naar Irak.

U vindt de filmpjes hieronder. Verwacht geen Hollywood. We probeerden licht te reizen en hadden alleen een telefoon en een klein microfoontje bij ons, geen statief. De wind, het felle zonlicht en de hitte speelden ons regelmatig parten. Meer dan eens zagen we zelf niet wat we aan het filmen waren. Ook improviseerde ik de tekst te plekke, zonder aantekeningen. Kortom, het was amateurisme – maar in de beste zin van het woord: gemaakt uit liefde. Kees Huyser heeft van het ruwe materiaal nog wat toonbaars gemaakt. Waarvoor veel dank (en een fles met drank).

Lees verder “Filmpjes uit Irak”

Gregorius van Tours

De boog van Glons: een voorbeeld van de Merovingische kunst (Musée Grand Curtius, Luik)

De zesde eeuw markeert de overgang van de Oudheid naar de Middeleeuwen. Als je geïnteresseerd bent in de uiterlijke vormen van het politieke stelsel kijk je misschien iets eerder, naar de afnemende relevantie en verdwijning van het keizerschap in West-Europa, of juist iets later, naar de grote Arabische veroveringen, maar de zesde eeuw zit daar mooi tussenin. Het is ook de tijd van Justinianus’ poging iets te herstellen van de Romeinse politieke macht, van een grote vulkaanuitbarsting en daaropvolgende, misoogsten plus epidemieën. En voor West-Europa hebben we een geweldige bron: de Geschiedenis van de Franken van Gregorius, de bisschop van Tours.

Voor ik verder ga: Gregorius is de beschermheilige van de historici. En het is vandaag zijn feestdag. Op 17 november 594, vandaag 1427 jaar geleden, is hij overleden.

Lees verder “Gregorius van Tours”