Er is er een jarig

Een suovetaurilia: het offer dat de Romeinen elke vijf jaar brachten als ze in een grote volkstelling hun statistieken weer op orde hadden.
Een suovetaurilia: het offer dat de Romeinen elke vijf jaar brachten als ze in een grote volkstelling hun statistieken weer op orde hadden.

Vandaag is het vijf jaar geleden dat deze blog online ging met een krabbel over Don Quichot, waarover ik toevallig binnenkort opnieuw wil schrijven. Na het eerste stukje volgden er nog 2179, ofwel ongeveer zes stukjes per vijf dagen.

Gaandeweg zijn er thema’s ontstaan die steeds terugkeren, zoals de reeks over de museumstukken, die ik zelf het leukst vind. Populair bij de lezers zijn de stukjes over kwakgeschiedenis: onzinnige ideeën over de Oudheid, pseudowetenschap en ondermaats functionerende oudheidkundigen. Ik heb ook gezocht naar de mechanismen waardoor de oudheidkunde zoveel onzin aantrekt, en die stukken beschouw ik als het meest waardevolle van deze website. Ik vatte ze onlangs samen en ik beken dat ik gisteren zat te peinzen of ik ze niet eens moest bundelen in een boek – niet omdat daarin iets nieuws zou staan maar omdat het, eenmaal gepresenteerd als een doorlopend verhaal, wellicht wat meer impact heeft.

Lees verder “Er is er een jarig” →

Jaaroverzicht

Aion-mozaïek (Munchen, glyptotheek)

Nou, laat ik dan ook eens een eindejaarslijstje publiceren. Namelijk dat van deze blog. U kent het nadeel: zo’n lijstje herhaalt slechts wat al vertrouwd is: u waardeert het vooral als ik me boos maak over de neergang van de geesteswetenschappen in het algemeen en de zelfmoord van de oudheidkundige disciplines in het bijzonder. En dat vindt u in dit lijstje allemaal opnieuw. Het voegt niets toe aan uw kennis.

Helemáál zinloos is dit stukje ondertussen niet. Ik vermoedde al langer dat u mijn verkenningen van de Zijderoute en de museumstukkenreeks minder apprecieerde, maar ik kan dat vermoeden nu onderbouwen. In die zin is dit stukje dus niet zonder nut. Maar eerlijk is eerlijk: ik zou u adviseren het onderstaande, dat u al kent, te laten wat het is en in plaats daarvan te klikken op deze en die pagina.

Lees verder “Jaaroverzicht” →

Waarom “Mainzer Beobachter”?

volksfreund
Ook mooi: de Trierischer Volksfreund

Waarom heet deze blog eigenlijk de Mainzer Beobachter? Een vriendin vroeg het me laatst, bij een kopje koffie, in het Haagse theater De Appel. Daarover valt best iets te zeggen.

Mooie krantennamen

De eerste reden is dat ik Duitse krantennamen zo mooi vind. Terwijl wij het moeten doen met vlakke titels als Algemeen Handelsblad, de Volkskrant of de Nieuwe Rotterdamsche Courant, had je in Duitsland tenminste een Neue Rheinische Zeitung, met als ondertitel Organ der Demokratie. Kijk, zo’n krant wil je nou lezen. (Sterker nog: dat deden zoveel mensen dat de autoriteiten deze krant onderscheidden met een publicatieverbod.)

Lees verder “Waarom “Mainzer Beobachter”?” →

De grenzen van het bloggen

Minaret in Qsarnaba (Libanon)
Minaret in Qsarnaba (Libanon)

Met Peter Breedveld, het eenmansleger achter weblog Frontaal Naakt, heb ik vorige week gesproken. Wetenschapsjournalist Marcel Hulspas sprak ik iets langer geleden voor het laatst. Ik ken ze dus allebei persoonlijk en dat betekent dat ik me wat onhandig voelde toen ze elkaar onlangs online in de haren vlogen. Zoals ook Jeroen Laemers al constateerde, ontspoorde hun discussie. Ze ging echter wél ergens over, en dus kom ik erop terug.

Koranverzen

De aanleiding tot het dispuut was het nieuwe boek van Ayaan Hirsi Ali, Ketters, waarin ze een hervorming van de islam voorstelt. Hulspas wees er in een stuk op dat haar adviezen onpraktisch waren. Sommige Koranverzen, zo schrijft hij, roepen nu eenmaal op tot moord en doodslag en die “krijg je met geen enkele hervorming uit de Koran”. Er zullen altijd mensen zijn die die regels letterlijk nemen en zolang deze teksten er zijn, is de islam “één oorzaak van extremistisch geweld”. Hulspas denkt dat een hervorming alleen kans van slagen heeft als ze in het Westen begint, maar schrijft daarbij dat daarvoor nodig is dat moslims hier in het westen eens uitleggen wat zij onder islam verstaan. Zoals Hulspas al eerder schreef [dode link], vindt hij dat niet-moslims van moslims mogen verwachten dat ze uitleggen waarin hun islam verschilt van die van terroristen.

Lees verder “De grenzen van het bloggen” →

Zoekt u maar

Nu ik mijn elfhonderdste stukje op deze kleine blog nader, én omdat december het seizoen is waarin journalistieke gemakzucht zich vertaalt in de beruchte “lijstjes”, én omdat ik even om een écht onderwerp verlegen zit, bied ook ik eens een lijstje. Met welke zoektermen komen mensen op de Mainzer Beobachter? Ik zou graag zeggen dat het allemaal verstokte multatulianen zijn, maar helaas: mijn naam is de meest-gebruikte zoekterm.

Dat ik nogal eens over de Oudheid schrijf, betekent dat mensen me vinden met zoekopdrachten als:

Lees verder “Zoekt u maar” →

Jubileum

Zesentwintig maanden geleden ben ik begonnen met deze blog en dit stukje is het duizendste dat ik publiceer. Eigenlijk het duizend-en-tweede, maar ik heb twee stukjes over de Kruistochten weer weggehaald, omdat mediëvist Henk ’t Jong me uitlegde dat ik een mystificatie niet had herkend.

Duizend stukjes in zesentwintig maanden komt neer op 1¼ stukje per dag. Dat lijkt indrukwekkender dan het is, want de eerste maanden heb ik ook oud materiaal online geplaatst, omdat ik een plek nodig had waar al die stukken bij elkaar staan. Dat zal overigens nooit lukken, want mijn recensies in het NRC Handelsblad zitten achter de betaalmuur van die krant.

Lees verder “Jubileum” →