Hoi! Je past niet in ons profiel

Standvastigheid: de eerste eigenschap voor een sollicitant. Gevelsteen, Sint-Luciënsteeg, Amsterdam

[De stad Yerevan bestaat deze maand 2800 jaar en daar moest ik heen. Vandaag een gastblog van Lauren de Lange – van Zoonen. Ze heeft een erg leuke blog.]

Sinds vijf maanden behoor ik samen met duizenden andere Nederlanders tot de categorie “werkzoekenden”. Om het UWV te citeren “doe ik mijn best om werk te vinden” en verricht ik sollicitatie-activiteiten die tot een baan zouden kunnen leiden, ook bij bedrijven en organisaties waar al eerder mijn interesse kenbaar heb gemaakt. Eén zo’n organisatie, waar ik mij ondanks herhaalde afwijzingen niet uit het veld heb laten slaan, betreft een hogeschool in Enschede.

Onlangs solliciteerde ik er voor een zevende keer (in acht jaar tijd) en op vrijdag 3 augustus jl. ontving ik bericht. Als geoefende lezer op dit gebied, hoefde ik de mail niet in zijn volledigheid te lezen, want de openingszin volstond: “We hebben ontzettend veel geschikte reacties ontvangen”. Voor de zekerheid las ik nog even de laatste zin: “We wensen je veel succes toe met je verdere sollicitaties”. De reden dat ik was afgewezen? “Je past niet in ons profiel”. De standaardafwijzing die vrijwel elk bedrijf of organisatie hanteert.

Lees verder “Hoi! Je past niet in ons profiel”

Huisregels

Raadhuis, Gouda: “Luister ook naar de andere partij”.

Ik schrijf hier elke dag een stukje, doorgaans om u te laten delen in mijn liefde voor mijn vak, de oudheidkunde, en soms omdat ik zin heb te schrijven over iets heel anders. Dit mag leiden tot discussie en ik ben blij met de tijd die u daaraan wijdt, die immers bewijst dat u betrokken bent en werk maakt van uw rol als burger, meedenkend over zaken die voor meer mensen van belang kunnen zijn. Elke discussie verloopt echter beter als we niet wat lopen te roeptoeteren. Beledigingen, sarcasme, insinuaties en te snelle generaliseringen zijn immers niet de efficiëntste middelen om uw gesprekspartners te overtuigen.

U hóeft bovendien niemand te overtuigen. Evenmin hoeft u het laatste woord te hebben. Als de discussie onaangenaam wordt, wees dan de verstandigste en brom iets als “jij gelijk, ik mijn rust”.

Lees verder “Huisregels”

Ontbijt

Het leukste in een hotel vind ik altijd het ontbijt. Wat opmerkelijk is, aangezien ik geen grote ontbijter ben. Ik gebruik het moment vooral om een plaatselijke krant te lezen en in plaats van het ochtendmaal te gebruiken een bescheiden lunchpakketje te maken.

Maar ooit – het moet 1997 of 1998 zijn geweest – realiseerde ik me in een hotel in een zuidelijke buitenwijk van Berlijn: ik houd van dit moment van de dag, als je vooruitblikt naar wat je zult gaan ontdekken in de stad waar je net wakker bent geworden, en ik houd ook van zo’n Duits Frühstück. Het aanbod is gevarieerder dan ik thuis ooit op voorraad zou kunnen hebben.

Lees verder “Ontbijt”

Er komt geen einde aan de kleurenkladder

Tja. Bloggen. Je doet je best, maar uiteindelijk haalt het weinig uit. De Amerikaanse “biblioblogger” Jim West heeft wel duizend keer uitgelegd dat katten eigenlijk duivels zijn, maar toch blijven mensen die loeders houden als huisdier. Ik ken iemand die al het mogelijke doet om Nederland te waarschuwen voor Ineke van Gent maar ze blijft omhoog vallen. @SayNo2Ducks – oké, dat is geen blogger, maar toch – attendeert op de eendenproblematiek en wordt om een of andere reden niet serieus genomen, terwijl een foto als deze toch best wel schokkend is.

Lees verder “Er komt geen einde aan de kleurenkladder”

3000+1

Dit is een blog. Bloggen is, als journalistiek genre, nog vrijer dan het schrijven van columns. Je mag immers alles en bent niet gehouden aan woordenaantallen. De lezer heeft bovendien de mogelijkheid te antwoorden, wat voor de auteur een prettige manier is om zijn onwetendheid te verminderen. Misschien nog wel het aardigst van bloggen is dat de respondenten belang beginnen te stellen in elkaar, zoals toen vorige week iemand constateerde dat het stukje over zwaartekracht iets zou zijn voor de natuurkundeleraar die hier vroeger weleens antwoordde – hoe was het eigenlijk met hem? Kortom, bloggen is leuk.

Nou ja, meestal. Je moet soms wat alert zijn. Bijvoorbeeld omdat deze blog wat groot aan het worden is. De Livius Nieuwsbrief van gisteren was het 3000e stukje. Afgelopen augustus had ik gemiddeld 2200 lezers per dag en er zijn ook nog ruim 900 mensen die mijn verwarde flarden per e-mail ontvangen. Er liggen inmiddels zo’n 20.000 reacties; de laatste tijd zijn stukjes met twintig, dertig reacties niet ongebruikelijk meer. En daar, beste digitale vrienden, moet ik het vandaag even met u over hebben.

Lees verder “3000+1”

Friese geveltekens

Foudgum

Mijn verblijf in Friesland loopt ten einde. Ik had wat vaker op de fiets willen stappen om te genieten van het wijdse landschap, maar het is er niet zo vaak van gekomen als ik wilde. In plaats daarvan knalde ik op en neer naar Libanon, dus u hoort me niet klagen, maar de tocht van Harlingen langs het wad naar het Lauwersmeer moet nog even wachten.

Bovenstaande foto maakte ik in Foudgum, waar François HaverSchmidt (Piet Paaltjens) enige tijd predikant was en begon met het maken van het Oera Linda Boek. Ik noemde geveltekens als deze in gedachten altijd een “oelebord” maar ik schijn daarmee een woord te hebben verzonnen dat noch Nederlands (“uilenbord”) noch Fries (“ûleboerd”) is. In elk geval gaat het om het bewerkte uiteinde van een nok, met de rechtopstaande makelaar. Vaak zit er een gat onder, waardoor uilen een schuur konden binnenvliegen, vandaar de naam.

Lees verder “Friese geveltekens”