Boekhandelverdriet

Aischylos (Neues Museum, Berlijn)

Er gaan dagen voorbij zonder dat ik een Griekse tragedie lees, maar soms kun je ineens AischylosDe Perzen willen lezen. Gewoon hardop, heen en weer benend, en dus uit een papieren boek. Maar in Gemmenich, waar ik nu een maand woon, is een papieren boek nog niet zo makkelijk te verkrijgen. Vaals heeft het leuke antiquariaat Belcampo, maar ik meende meer kans te hebben dat ik mijn boek zou kunnen kopen als ik het in Aken zou proberen.

Aken heeft een kwart miljoen inwoners. Aken is een universiteitsstad. Aken trekt tienduizenden toeristen. Aken heeft dus goede boekhandels, zoals de Mayersche Buchhandlung, die ooit de grootste boekenzaak van Duitsland was. En Duitsland is het paradijs voor oudheidkundigen. Het Duits was tot de Eerste Wereldoorlog immers dé taal van de Altertumswissenschaft en veel van wat nu in het Engels wordt gepubliceerd, is een herhaling van zetten van wat allang in het Duits gepubliceerd is geweest. Nog altijd is de Griekse Oudheid in Duitsland, meer dan elders, deel van de algemene ontwikkeling. Kortom, ik was optimistisch dat ik in Aken mijn boek wel zou vinden, temeer omdat het volgens de website op voorraad was.

Lees verder “Boekhandelverdriet”

Drie voorbeelden

Soms voel ik me de koning te rijk

Twee weken geleden bestond mijn blog acht jaar en ik had me voorgenomen een stukje te schrijven over drie blogs die me de afgelopen jaren als voorbeeld hebben gediend. De actualiteit sprong er die dag voor, maar eigenlijk had ik een compliment willen geven aan Peter Breedveld, een van de eerste bloggers in Nederland en qualitate qua iemand die allerlei dingen heeft bedacht. Zijn blog Frontaal Naakt had bijvoorbeeld aanvankelijk de vorm van een tijdschrift dat op zondag verscheen met een aantal stukken. Het was Breedveld die – vermoedelijk niet als enige maar wel als eerste binnen mijn horizon – zag dat die vorm niet werkt. Je moet je stukken verspreid over de week publiceren.

Ook als het gaat om het definiëren van een thema, is Breedveld een voorganger. Simpel gezegd: met schrijven over alles wat bij je opkomt of met het bijhouden van een kroniek van alledag draag je niets zinvols bij. Je moet een thema hebben om herkenbaar te zijn. Breedvelds blog is van breed en algemeen cultureel geradicaliseerd naar een verzameling (naar mijn smaak: te) scherpe stukken over iedereen die kritisch is over de multiculturele samenleving; zelf ben ik me gaan toeleggen op het informeren over de ontwikkelingen in de oudheidkunde. Dat is een andere richting maar dat doet niet af aan het feit dat ik me, net als Breedveld, ben gaan beperken. Een wegbereider moet hij helaas ook zijn op het gebied van modereren, het bannen van vervelio’s, het problemen krijgen met stukken en de noodzaak te beschikken over de adviezen van een jurist. Het feit dat Breedveld ondanks weerstand door blijft gaan, vind ik knap.

Lees verder “Drie voorbeelden”

Lendering gaat het land uit

Gevelsteen (Oudezijds Achterburgwal, Amsterdam)

Afgelopen zondag plaatste ik hier een oproep voor een crowdsourcing-actie, met als doel een huisje in België te kunnen huren om, far from the madding crowd, aan twee schrijfprojecten te kunnen werken.

Maandag sprak ik erover met mijn zakenpartner, die het geld in de gaten houdt, en die me liet weten dat er al een flink bedrag was binnengekomen. Dat is dinsdag en woensdag behoorlijk toegenomen en toen mijn partner vanmiddag even keek naar de stand van zaken, bleek dat we het streefbedrag van €1500 hadden gehaald en zelfs overschreden.

Lees verder “Lendering gaat het land uit”

Vlaanderen

Vele jaren geleden verzorgde ik een lezing voor een deftig Vlaams genootschap. Het was in een hotel, vooraf was er een diner – laat de gastronomie maar over aan die zuiderlingen – en daarna zal ik hebben gesproken over een of ander oudheidkundig onderwerp. Ik herinner het me niet zo goed. De avond eindigde met een pintje. Vermoedelijk zelfs meer dan één. Ook dat herinner ik me niet goed, maar erg zou het niet zijn geweest als ik meer dan één biertje had gedronken, aangezien ik in het hotel overnachtte.

Ook al herinner ik me dus niet alles, wat me vooral levendig is bij gebleven, is de conversatie tijdens het diner en na afloop. De aanwezigen spraken zonder uitzondering over België in de verleden tijd. Niet dat ze militant anti-Waals waren, integendeel, maar het was duidelijk dat ze weinig toekomst zagen voor België.

Lees verder “Vlaanderen”

Lendering het land uit!

Gevelsteen (Zeedijk 125, Amsterdam)

Zoals u misschien weet, ben ik lid van een vennootschap, Livius, en verdien ik mijn geld met het geven van cursussen, met werk als reisleider en met het schrijven voor onder andere het NRC Handelsblad. De vennootschap is een fijne constructie, want enerzijds ben ik zelfstandig en ongesubsidieerd, anderzijds heb ik een soort financieel vangnet. Ik hoef niet elk project aan te pakken om mijn schoorsteen te laten roken. Met ongeveer twintig uur werk per week kan ik mijn geld verdienen en dat is ook ongeveer het maximum dat ik aankan. Ik heb grote bewondering voor mensen in het onderwijs die vergelijkbaar werk doen en veel langere werkweken maken. Zoveel energie heb ik helaas niet en de verhaaltjes die ik soms schrijf over fietstochtjes, zijn ook de verhaaltjes van iemand die zijn batterijen bovengemiddeld vaak moet opladen. De vennootschapstructuur maakt voor mij echt verschil.

Misschien nog wel belangrijker dan de financiële steun is dat de vennootschap me ook inhoudelijke kansen biedt. Als ik boeken schrijf, hoef ik geen goedverkopende pulp te schrijven, maar kan ik me richten op lacunes in het aanbod, zoals uitleg van hoe een oudheidkundige omgaat met een wonderverhaal. Ook kan ik af en toe een uurtje uittrekken om een journalist advies te geven zonder dat ik daar meteen een prijskaartje aan hoef te hangen. En ik kan een gratis nieuwsbrief uitgeven. Oké, de nieuwsbrief collecteert eens in het jaar (rond 1 september), maar het is goed dat het ding gratis kan blijven. Informatie over de Oudheid moet toegankelijk zijn. Er zijn nog te veel academisch betaalmuren.

Lees verder “Lendering het land uit!”

De Amsterdamse Nieuwbouwprijs

Hoe het er vroeger uitzag

Zes jaar geleden – vooruit: zes jaar geleden min twaalf dagen – schreef ik een stukje over de werkzaamheden bij mij aan de overkant van de gracht. Het terrein van de voormalige stadsdeelwerf (zie boven) was in de voorafgaande maanden bouwrijp gemaakt en inmiddels was men gaan heien, wat nogal wat overlast veroorzaakte. Die was op een gegeven moment natuurlijk ook weer voorbij en de afgelopen jaren zijn er nieuwe huizen gebouwd. Het project is onlangs afgerond, de straat is weer begaanbaar en ik verwachtte eigenlijk dat ik bericht zou krijgen dat ik eens mocht langskomen om woningen te bezichtigen.

Ik ben namelijk een paar jaar geleden in een kantoortje dat tijdelijk was geopend naast het bouwproject informatie gaan vragen en heb toen aangegeven belangstelling te hebben voor iets groters dan het huis waarin ik momenteel woon. Ik heb een woonduur van meer dan een kwart eeuw, ik laat een woning achter en ik ben economisch aan deze stad gebonden, dus op voorhand zou je denken dat zo’n projectontwikkelaar me uitnodigt nu ik heb aangegeven belangstelling te hebben. Gek genoeg heb ik nooit iets vernomen. Geen briefje, geen mailtje, geen telefoontje, niets.

Lees verder “De Amsterdamse Nieuwbouwprijs”

Utrecht CS

Utrecht CS (Madurodam, Den Haag)

    Utrecht CS (Madurodam, Den Haag)

De hel, dat is de spoorverbinding tussen Amsterdam en Utrecht. Toen er zes treinen per uur gingen rijden, leek het even te verbeteren, maar het blijft desondanks gierend druk in die trein, of je vanuit Amsterdam nu vanaf Zuid of vanaf CS vertrekt. Een zitplaats vind je eigenlijk nooit, de stiltecoupé is een oorlogszone en je bent helemaal aan de goden overgeleverd als je ook nog een fiets moet meenemen. Wat regelmatig gewoon noodzakelijk is, bijvoorbeeld als ik bij mijn uitgever moet zijn.

Ik ben weleens om zes uur opgestaan om naar Utrecht te fietsen omdat ik anders domweg daar niet op tijd kon zijn. Nu zal ik heus geen zout leggen op elke openbaarvervoerslak, geef ik ook weleens complimenten als een conducteur een pluim verdient en kan ik zo nu en dan best reizen zonder zitplaats, maar het moet me toch van het hart dat het openbaar vervoer faalt als je alleen op je bestemming kunt komen door voor dag en dauw veertig kilometer te gaan fietsen. Dan is er de facto geen openbaar vervoer.

Anyhow.

Lees verder “Utrecht CS”