Huishoudelijke mededeling

Gevelsteen (Egelantiersstraat, Amsterdam)

Een tijdje geleden heb ik de discussiepanelen gesloten. De aanleiding was dat er teveel anonieme commentaren kwamen. Ik weet van sommige mensen welke goede redenen ze hebben om hun naam te verbergen; maar er wordt misbruik van gemaakt en het zuigt mijn energie weg.

Ik werk nu aan een systeem waarmee mensen kunnen inloggen en vervolgens meedoen aan een discussie. Dat wordt zo makkelijk mogelijk gemaakt, maar het geeft mij iets meer vat op wie hier schrijven. Ook kan ik mensen die een gastblog schrijven, wat meer credits geven dan het flauwe “gastauteur”.

Lees verder “Huishoudelijke mededeling”

Aarzelend voorwaarts – maar waarheen? (2)

Ik ben even de weg kwijt.

“Op dit punt ben ik somberder,” schreef ik in mijn vorige stukje, doelend op de toekomst van de oudheidkunde als bloeiende wetenschap. Er zijn stevige intellectuele problemen. Uitdagende debatten zoals die in de jaren zeventig over de vraag of je, wanneer filologisch en archeologisch bewijsmateriaal asymmetrisch is, de ene of de andere bewijscategorie moet volgen, zijn er momenteel niet. Zowel in eigen land als daarbuiten werken de oudheidkundige bloedgroepen weinig samen, hoewel de problemen in de papyrologie toch echt voortkomen uit het feit dat tekstwetenschappers oostindisch doof zijn geweest voor wat archeologen zeggen over provenance, en hoewel de DNA-revolutie juist voor de filologische wetenschappen de belangrijkste gevolgen heeft. De oudheidkunde dreigt intellectueel op dood spoor te raken.

Ook de overdracht hapert. De samenleving zit opgezadeld met te kort opgeleide afgestudeerden en met desinformatie. Dat laatste probleem groeit al jaren. Ik zou het hebben gewaardeerd als degenen die de afgelopen maanden mopperden dat antiwetenschappelijke standpunten over klimaat, vaccinatie en corona op TV een platform kregen, de afgelopen decennia ook hadden gemopperd bij antiwetenschappelijk gezwatel over de geesteswetenschappen. Het is niet erg wetenschap te brengen als amusement, maar je moet degene die hierdoor belangstelling krijgt, wel zicht bieden op verdieping. Voorlichting zonder tweede lijn is aandachttrekkerij en dus contraproductief. Zie de schade die de archeologie ondervindt van de vlakke informatie over de limes.

Lees verder “Aarzelend voorwaarts – maar waarheen? (2)”

Spreektaal, blogtaal en boekentaal

Gevelsteen (Egelantiersstraat, Amsterdam)

Dit weekend rondde ik Bedrieglijk echt af, mijn boek over papyrologie. Het gekke is dat je nooit precies kunt aanwijzen wanneer een boek klaar is. Ik weet dat ik begin te spreken over een voltooid boek als ik het denkwerk heb gedaan, als ik de materie heb verdeeld over hoofdstukken, paragrafen en alinea’s en als ik het beeldmateriaal heb uitgezocht. Dan hoef ik alleen nog maar de zinnen te schrijven, wat in principe ook iemand anders zou kunnen doen. Tegelijk weet ik dat er tijdens het schrijven van de zinnen altijd nog ideeën komen. En soms grove ingrepen. Dit keer is bijvoorbeeld een paragraaf over Kellis, waar papyri de manichese geloofspraktijk documenteren, op het laatste moment geschrapt, waar ik eigenlijk van baal.

Maar ook als ik de zinnen heb geschreven en het manuscript naar de uitgever zou kunnen, is het niet af. Toen ik de tekst afgelopen weekend af had, ben ik die nog eens met de stofkam doorgelopen en uiteindelijk heb ik alles nog 5% ingedikt. Dat doe ik met boeken altijd en het maakt een tekst beter, maar ik snap niet goed wat er in die fase nu werkelijk gebeurt. Nou ja, ik heb een vermoeden.

Lees verder “Spreektaal, blogtaal en boekentaal”

Drie voorbeelden

Soms voel ik me de koning te rijk

Twee weken geleden bestond mijn blog acht jaar en ik had me voorgenomen een stukje te schrijven over drie blogs die me de afgelopen jaren als voorbeeld hebben gediend. De actualiteit sprong er die dag voor, maar eigenlijk had ik een compliment willen geven aan Peter Breedveld, een van de eerste bloggers in Nederland en qualitate qua iemand die allerlei dingen heeft bedacht.

Peter Breedveld

Zijn blog Frontaal Naakt had bijvoorbeeld aanvankelijk de vorm van een tijdschrift dat op zondag verscheen met een aantal stukken. Het was Breedveld die – vermoedelijk niet als enige maar wel als eerste binnen mijn horizon – zag dat die vorm niet werkt. Je moet je stukken verspreid over de week publiceren.

Ook als het gaat om het definiëren van een thema, is Breedveld een voorganger. Simpel gezegd: met schrijven over alles wat bij je opkomt of met het bijhouden van een kroniek van alledag draag je niets zinvols bij. Je moet een thema hebben om herkenbaar te zijn. Breedvelds blog is van breed en algemeen cultureel geradicaliseerd naar een verzameling (naar mijn smaak: te) scherpe stukken over iedereen die kritisch is over de multiculturele samenleving; zelf ben ik me gaan toeleggen op het informeren over de ontwikkelingen in de oudheidkunde. Dat is een andere richting maar dat doet niet af aan het feit dat ik me, net als Breedveld, ben gaan beperken. Een wegbereider moet hij helaas ook zijn op het gebied van modereren, het bannen van vervelio’s, het problemen krijgen met stukken en de noodzaak te beschikken over de adviezen van een jurist. Het feit dat Breedveld ondanks weerstand door blijft gaan, vind ik knap.

Lees verder “Drie voorbeelden”

De bloggersparadox

Ik heb nu ruim 3200 blogstukjes en ruim twee miljoen woorden geschreven, meestal over de Oudheid. Daarbij kan ik me weleens vergissen, maar trouwe lezers van deze blog weten dat ik ook weleens terugkom op een eerder oordeel en mezelf verbeter. U weet dat ik daarbij geen werkelijke agenda heb, of het moest zijn dat ik wil tonen waarom oudheidkunde een wetenschap is. Volmaakt ben ik allerminst, maar ik probeer naar eer en geweten te schrijven over het onderwerp dat me dierbaar is.

Gek genoeg is het problematisch. U vertrouwt me, maar alleen eerlijke mensen zijn zulk vertrouwen waard. Helaas moet ik, om zo nu en dan een bepaald punt te maken, van tijd tot tijd oneerlijk zijn. Daarin zit iets paradoxaals. En ik kom er niet werkelijk uit.

Lees verder “De bloggersparadox”

3000+1

Gevelsteen (Egelantiersstraat, Amsterdam)

Dit is een blog. Bloggen is, als journalistiek genre, nog vrijer dan het schrijven van columns. Je mag immers alles en bent niet gehouden aan woordenaantallen. De lezer heeft bovendien de mogelijkheid te antwoorden, wat voor de auteur een prettige manier is om zijn onwetendheid te verminderen. Misschien nog wel het aardigst van bloggen is dat de respondenten belang beginnen te stellen in elkaar, zoals toen vorige week iemand constateerde dat het stukje over zwaartekracht iets zou zijn voor de natuurkundeleraar die hier vroeger weleens antwoordde – hoe was het eigenlijk met hem? Kortom, bloggen is leuk.

Nou ja, meestal. Je moet soms wat alert zijn. Bijvoorbeeld omdat deze blog wat groot aan het worden is. De Livius Nieuwsbrief van gisteren was het 3000e stukje. Afgelopen augustus had ik gemiddeld 2200 lezers per dag en er zijn ook nog ruim 900 mensen die mijn verwarde flarden per e-mail ontvangen. Er liggen inmiddels zo’n 20.000 reacties; de laatste tijd zijn stukjes met twintig, dertig reacties niet ongebruikelijk meer. En daar, beste digitale vrienden, moet ik het vandaag even met u over hebben.

Lees verder “3000+1”

De drie onvrijheden van de blogger

bulla_regia_slavecollar_mndb
Halsband van een slavin (Musée national du Bardo, Tunis)

Ooit was de column het meest vrije genre dat er was. Nog altijd kan de columnist schrijven waarover hij wil en heeft hij eigenlijk maar één beperking: hij moet een bepaald aantal woorden vol schrijven. De blogger is nog vrijer: die heeft zelfs die beperking niet. Hij neemt zoveel woorden als nodig is voor zijn betoog en dat is dat.

Paradoxalerwijs leidt deze vrijheid in de praktijk toch tot een beperking. Als iemand schrijft over alles wat bij hem opkomt, is er immers ook geen reden hem te volgen, want in driekwart van de gevallen schrijft hij over een onderwerp dat je niet interessant vindt. Slechts een enkele blogger – slechts een enkele auteur, trouwens – heeft het gouden pennetje dat hem zó goed doet schrijven dat mensen álles willen lezen, domweg omdat hij het schrijft. Onder de columnisten is Max Pam zo iemand: ook al kan ik niet echt schaken, ik heb jarenlang zijn schaakrubriek gevolgd omdat hij zo verrotte goed schreef. Een blogger met deze stilistische vaardigheid heb ik nog niet ontdekt. Ik zeg weleens dat Multatuli het bloggen heeft uitgevonden omdat hij in zijn Ideën alle vrijheden al heeft genomen, maar zijn digitale volgelingen halen diens torenhoge niveau niet.

Lees verder “De drie onvrijheden van de blogger”

Groot onderhoud

Alweer een tijdje geleden kreeg deze blog een nieuwe lay-out, waardoor die op telefoons en tablets wat makkelijker valt te lezen. Een andere verandering was dat het beeldmateriaal wat prominenter werd: ik heb de kleine, 150 pixels brede plaatjes rechtsboven vervangen door een grote illustratie boven het stukje. Verder stond beeldmateriaal soms op de Livius.org-website, die echter op de schop is, zodat plaatjes waren verdwenen.

Een en ander dwong me alle blogstukjes eens langs te lopen en daar ben ik momenteel mee bezig. Sommige plaatjes, zoals de kop bij de Livius Nieuwsbrief, zijn bijvoorbeeld gestandaardiseerd, zodat u meteen weet wat u eraan heeft. De hand die boven dit stukje staat, geeft meestal aan dat een stukje wat overpeinzingen bevat over mijn schrijfwerkzaamheden. Ik heb nog meer van die leuke Amsterdamse gevelsteentjes kunnen toevoegen.

Lees verder “Groot onderhoud”

Pauze

Leiden

Vandaag zet ik tijdelijk een punt achter de Mainzer Beobachter. Niet omdat ik geen zin meer heb. Het is een dierbaar project dat ik over het algemeen ontspannend vind. Uw reacties maken mijn dag doorgaans goed en helpen me bovendien mijn denken wat te scherpen. Niks mis mee.

Alleen: ik heb naast mijn eigenlijke werk momenteel nog twee klussen liggen. Ik zal een “levensbericht” schrijven over de dit voorjaar overleden classica Simone Mooij en ik heb beloofd een boek mee te lezen over de Bataafse Opstand. Beide klussen moeten deze november af. Verder zijn er twee draaidagen voor het filmpjesproject, moet ik op een of andere manier een kapotte computer werkend zien te krijgen en zou ik ook mijn moeder nog eens willen opzoeken. Het helpt niet dat bouwvakkers vanmorgen zijn begonnen met het plaatsen van steigers tegen de achtergevel van mijn huis voor werkzaamheden waarvan ik tot eergisteren niet op de hoogte was.

Lees verder “Pauze”

Vom Nutzen und Nachteil der Historie für das Leben (1)

Ik heb geen plaatje van een brandende moskee (en eigenlijk gaat dit stukje er ook niet over) dus ik geef u deze foto maar van de Lotfollah-moskee in Isfahan.
Ik heb geen plaatje van een brandende moskee (en eigenlijk gaat dit stukje er ook niet over) dus ik geef u deze foto maar van de Lotfollah-moskee in Isfahan.

Het is verleidelijk om over de actualiteit te bloggen. Een nieuwsbericht over pakweg een rechtszaak tegen de NS maakt je boos of wanhopig of vrolijk, of alledrie, en dat wil je van je afschrijven. Het leuke is dat je met een actueel stukje ook wat meer lezers trekt. Soms wordt het doorgeplaatst naar andere websites en dan heb je wat eer van je werk.

Een nadeel van zo’n stukje is dat het een bepaalde eenvoud moet hebben. Je kunt er één gedachte in uitwerken, hooguit twee. Je kunt ook niet te veel voorkennis veronderstellen. De discussie over de islam, die in de kern gaat over lastige zaken als methodisch collectivisme en methodisch individualisme, is geen onderwerp voor een blogstukje. (Ik heb dat hier eens uitgelegd aan de hand van de ontspoorde discussie tussen Peter Breedveld en Marcel Hulspas.) De discussie die we zouden moeten voeren, leent zich ook niet voor een TV-debat en is vermoedelijk zelfs te complex voor een krant. Aangezien onze meningen desondanks worden beïnvloed door deze media, is de discussie inmiddels onderdeel van het probleem.

Lees verder “Vom Nutzen und Nachteil der Historie für das Leben (1)”