Oude woorden uit de Arabische taal

Onager of wilde ezel (© Wikimedia Commons | Gebruiker Rufus46)

De oude Arabische taal had een enorme woordenschat en vele eigenaardige woorden, die zonder uitvoerige omschrijving niet begrepen kunnen worden. Drie voorbeelden:

waḥḥama: “een dier slachten ter bevrediging van de zwangerschapslusten van een vrouw”. Als een zwangere vrouw uitroept dat ze ineens zo’n zin heeft in schaap, wat doet haar man dan? Juist.

djaza’a: “genoeg hebben aan groene planten of vers gras, en daarom geen behoefte hebben aan water”. Gezegd van de kameel en de wilde ezel, dieren die grazen op grote afstand van een waterbron en hun behoefte aan vocht stillen met wat er in de planten zit. Als het gras op is of verdord trekken ze naar een plaats waar water is.

aḥqab is een adjectief van het model ’aCCaCu, dat gereserveerd is voor kleuren en permanente lichamelijke kenmerken. Het wordt uitsluitend gebruikt van wilde ezels en betekent volgens Fischer

an der Stelle, an der hinteren Sattelgurt (ḥaqab) besonders charakterisiert, d.h. weiß gefärbt.noot Wolfdietrich Fischer, Farb- und Formbezeichnungen in der Sprache der altarabischen Dichtung (Wiesbaden 1965).

Zulke bijzondere betekenissen staan in de grote woordenboeken van de Arabische taal; de kleinere stellen vaak teleur. Tot mijn verrassing geeft het kleine woordenboek van Hava de betekenis van waḥḥama wel volledig, maar bij djaza’a schrijft hij: “to be satisfied (camel),” en dat is niet genoeg om te begrijpen wat er aan de hand is. Bij aḥqab geeft Hava de betekenis “wild ass”. Hij verandert het adjectief dus in een substantief en laat ons de pracht van het dier helemaal niet zien.

Daarom, o gij twee mensen die nog pre-islamitische Arabische poëzie leest, grijpt altijd meteen naar de grotere woordenboeken: Ullmann, Lane of Kazimirski! en bij ’aCCaCu,-woorden naar Fischer. En laat Wehr liever dicht; hoe vaak moet ik het nog zeggen?

[Dit stuk verscheen oorspronkelijk op de eigen blog van Wim Raven.]

Deel dit:

2 gedachtes over “Oude woorden uit de Arabische taal

  1. Nu wil ik het gedicht lezen over de man die wahhama moet bedrijven op zijn schaap. Welke aanstaande vader is er niet bij nacht en ontij op uitgestuurd om zure bommen, snoep of nieuwe haring te scoren?

Reacties zijn gesloten.