
Toen Heinrich Schliemann in 1873 begon aan de opgraving van Troje, wist hij niet beter dan te beginnen aan de noordkant en dan een geul te graven naar het centrum. Het nog altijd zichtbare resultaat staat bekend als de Schliemann Trench. Werkende weg herkenden hij en zijn kort daarna aangetrokken medewerker Wilhelm Dörpfeld dat er in deze heuvel vier bewoningslagen boven elkaar waren. (Latere archeologen hebben eerst negen en later vele tientallen strata geïdentificeerd.) Ze concludeerden bovendien dat in een complexe heuvel als deze een brede horizontale sleuf niet de beste manier was voor het onderzoek, omdat je dan de diverse strata niet goed kon herkennen.
De sounding in Ur

Latere archeologen deden het anders. Dat kan ik met foto’s illustreren aan de hand van Leonard Woolleys opgraving van de Mesopotamische stad Ur. We hebben het over de vroege jaren twintig van de vorige eeuw, toen oudheidkundigen nog maar weinig wisten van het aardewerk uit die regio. En aardewerk is belangrijk omdat het eigenlijk overal is te vinden en een belangrijk hulpmiddel is bij het dateren van de andere vondsten. Woolley besloot eerst een meters diepe kuil te graven, dus niet horizontaal maar verticaal de grond in, om te zien hoe de diverse strata boven elkaar lagen. Zo kon hij de volgorde van de diverse soorten keramiek een stuk beter vaststellen dan bij een horizontale geul.
Dit gebeurde tegelijkertijd ook op andere opgravingen in Mesopotamië, zoals in Jemdet Nasr en Ubaid. Ik blogde er al eens over. Door de resultaten van drie sites te combineren, werd het mogelijk de volgorde van de diverse aardewerkvormen vast te stellen. Voortaan had de Mesopotamische archeologie, om zo te zeggen, een van aardewerk gemaakte meetlat voor de chronologie.
Monument van de wetenschap
“Woolley’s Pit” is nu een onopvallende kuil in het landschap, maar is eigenlijk een monument van de wetenschap, vergelijkbaar met de telescoop van Galilei, de schedel van de Javamens, de Colossuscomputer en de landingsplaats van de Apollo-11. De enige bescherming die Woolley’s Pit nu heeft, bestaat uit wat prikkeldraad, waar in elk geval ik makkelijk overheen kon stappen. Uiteraard heb ik alleen van een afstandje gekeken naar de heilige grond.

Zo’n diepe kuil om de chronologie vast te stellen heet een sounding of sondage. Het is een nogal drastische aanpak, die nadelen heeft. Door eerst de aardewerkchronologie vast te stellen, worden andere mogelijke vraagstellingen bemoeilijkt, terwijl daarbij eigenlijk altijd de plaatsing van voorwerpen in het horizontale vlak de prioriteit heeft. Het is dus niet zo dat archeologen alleen maar voorwerpen bergen: er is eerst een vraagstelling en die bepaalt de aanpak en de (on)mogelijkheden.
Soundings zijn nu gelukkig minder vaak nodig. Het gebeurt maar zelden dat aan het begin van een opgraving de hoofdlijn van de chronologie nog onbekend is. Los daarvan zijn er ook andere methoden om de ouderdom van voorwerpen vast te stellen, zoals de koolstofmethode. Dat ik er toch over blog, is om een simpele reden: het was dankzij de sounding dat archeologen vat begonnen te krijgen op niets minder dan de diepte van de tijd.
[De oudheidkundige wetenschappen zijn in de eerste plaats wetenschappen. Een overzicht van stukjes over het wetenschappelijk aspect, vindt u daar.]
PS
Radio Swammerdam is het wetenschapsprogramma van de Amsterdamse stadszender Salto. Afgelopen zondag werd ik een uur lang geïnterviewd als “oudheidkundekundige”: wat gebeurt er nou in dit vak, waarom negeren bèta-wetenschappers de classici bij een kwestie als Hannibals Alpentocht, vanwaar toch die gescheiden onderzoeksscholen, waarom zou je je überhaupt met de Oudheid bezighouden, waarom negeren classici het laboratoriumonderzoek bij papyri, waarom komen journalisten steeds met dezelfde ergerlijke frames, en waar zit het nieuws wél?
Aan de links in dit PS herkent u dat het gaat om stof waarover ik het vaker heb. Daarom was ik ook uitgenodigd. Maar als u het eens wil horen, vindt u uw podcast hier. Een goed gesprek met een interviewer die met je meedenkt is altijd een genoegen, en ik denk dat het plezier valt te horen.

Dat was een heel nuttig stukje, want zelfs archeologen vergeten weleens dat ze niet graven om te bergen maar dat er eerst een vraagstelling is. Dat is natuurlijk ook het nadeel van Malta. Feitelijk bepaalt niet de wetenschap maar de infrastructuur waar er wordt gegraven, en is het soort opgraving vooral het bergen.
Hoera! Nieuwe Jona Lendering-ASMR! Haha, grapje, maar altijd erg leuk om u langdurig in gesprek te kunnen horen.