
Het was toeval dat wij in Valencia waren op de feestdag van de Romeinse heilige Vincentius. Bij leven was hij in Zaragoza diaken, wat betekent dat hij verantwoordelijk was voor de uitdeling van aalmoezen en het beheer van kerkelijke goederen. In 304, tijdens de vervolging door keizer Diocletianus, werd hij gearresteerd en terechtgesteld in Valencia. Dat is eigenlijk alles wat met zekerheid bekend is, maar dat heeft vanzelfsprekend niet verhinderd dat er allerlei verhalen kwamen.
Vincentius
Een eeuw na zijn marteldood vertelde de Spaanse christelijke auteur Prudentius in zijn Kransrede welke martelingen Vincentius onderging. De arme diaken zou op de pijnbank zijn gelegd en met gloeiende haken zou zijn vlees van zijn botten gerukt. Hij was levend verbrand op een rooster, maar niet helemaal, want daarna was hij in een gevangeniscel gelegd op een bed van gebroken scherven. Daar gaf hij de geest. Zoals te doen gebruikelijk was de beul zó onder de indruk van de sereniteit waarmee de aspirant-heilige zijn martelingen verdroeg, dat hij zich bekeerde. De Kransrede is dus een voorspelbare, brave, kortom stomvervelende tekst.
Dat Prudentius drie verschillende doodsoorzaken noemt, suggereert evenveel tradities en betekent dat de christenen in zijn tijd ook al niet zeker wisten hoe een einde was gekomen aan het aardse bestaan van Vincentius. Die pijnbank had bovendien de vorm van het Andreaskruis waarmee hij wordt afgebeeld, terwijl het verhaal van de geroosterde geloofsheld eigenlijk ging over Sint-Laurentius van Rome, eveneens diaken. Wat we wel zeker weten is dat Vincentius rond 400 een bekende heilige was en dat Valencia in de Late Oudheid al een kerkje aan hem had gewijd. Ik noemde het gisteren.

In de kathedraal bewaart men (afgezien van de zogenaamde Graal, een van Judas’ zilverlingen, een doorn van de doornenkroon en een pluk van de sluier die Maria verloor bij haar tenhemelopneming) ook een natuurlijk gemummificeerde arm, die vanzelfsprekend niet anders kon zijn dan de arm waarmee de heilige aalmoezen had uitgedeeld. Vandaag werd het beeld van de heilige in processie door de stad rondgedragen. Ik heb gelezen dat er laurierblaadjes worden gestrooid, maar ik heb alleen groene blaadjes (geen laurier) zien liggen op het plein voor de kathedraal. De draagbaar van het beeld was versierd met een scheepslading rode rozen, erg mooi.
Het wetenschapsmuseum
In het oosten van de stad is de kazerne waarvandaan generaal Jaime Milans del Bosch de stad bezette tijdens de mislukte staatsgreep van februari 1981. Het is moeilijk voor te stellen dat destijds tientallen tanks door Valencia hebben gereden. Dat was het oude Spanje. Even verderop ligt het nieuwe Spanje: de Ciudad de las Artes y las Ciencias, waar we een deel van de dag hebben doorgebracht.

Het futuristisch ogende complex is ontworpen door de architect Santiago Calatrava, die ook de bruggen in de Haarlemmermeerpolder en het station van Luik ontwierp. Van noordwest naar zuidoost gaat het om een operagebouw dat nog het meest lijkt op een ruimteschip uit Star Trek, een brug, een Imax-bioscoop, een wetenschapsmuseum met daarnaast een botanische tuin, nog een brug, een multifunctionele hal en een verzameling aquaria. Wij bezochten het wetenschapsmuseum, maar om eerlijk te zijn vond ik het gebodene nogal voorspelbaar, en zo nu en dan zelfs verouderd. De nadruk op individuele geleerden (Leonardo da Vinci, Nobelprijswinnaars) vind ik zelfs onwetenschappelijk. Het Deutsches Museum in München is beter. Er is duidelijk geld aan het museum in Valencia gestoken, en gemakzuchtig is het heus niet, maar het kon inhoudelijk beter.
Sint-Nikolaas
Ik had vroeger de gewoonte om, als ik voor het eerst in een stad was, naar de stadsrand te wandelen. Zo krijg je, denk ik, een redelijk idee van het geheel. Dat deden we ook dit keer, en de stadsrand van Valencia is natuurlijk het strand. Het was een fijne wandeling.

We rondden de dag (en deze aflevering van mijn narcistisch winterfeuilleton) af met een bezoek aan de kerk van Sint-Nikolaas van Bari en Sint-Petrus van Verona. Ze is bekend om de laat-zeventiende-eeuwse plafondschildering, die wel wordt vergeleken met de Sixtijnse Kapel in Rome. Dat is in zoverre correct dat in beide gebedsplaatsen veel toeristen zijn, maar verder zijn de kunstwerken onvergelijkbaar. Ik noteer nog dat de kerk teruggaat op een tempel uit de tweede eeuw na Chr., die hier stond aan een van de hoofdstraten van Valencia, en dat daar later een kerk kwam, die weer werd vervangen door een moskee, die in de dertiende eeuw weer in gebruik werd genomen als kerk. Een soort samenvatting van de Spaanse Oudheid en Middeleeuwen dus, eigenlijk.
Wij reizen nu door naar Alicante. Ik lees net dat jullie in Nederland moeten uitkijken voor ijzel. Dat maakt onze zonnige vakantie natuurlijk alleen maar beter.😉

Dat Palau lijkt toch wel verdacht veel op het operagebouw van Sydney.
Het is winter, dan hoort het te ijzelen en doe daar nog maar een paar centimeter sneeuw bij, dankuwel.
Ik zal nooit begrijpen dat mensen in de winter de warmte opzoeken. We moeten ze al verdragen in de zomer.
Maar geniet ervan! Elke plek waar je prehistorie, oudheid, middeleeuwen in één dag of op één site kan proeven, is een voorafname op het paradijs. Spanje lijkt me een prachtig en divers land. Jammer dat het niet in Scandinavië ligt.
Het grote feest in Valencia is de Fallas ter ere van sint Jozef, de eerste helft van maart; al is het een groot beeld van Maria dat uit bloemen gevormd wordt. Met veel vuurwerk, grote beelden die verbrand worden op de laatste nacht, bands die door de stad lopen en Valencia spelen, en optochten van vrouwen in mantillas en kant.
“In het oosten van de stad is de kazerne waarvandaan generaal Jaime Milans del Bosch de stad bezette tijdens de mislukte staatsgreep van februari 1981.”
Juan Carlos had de voorafgaande dag en nacht alle potentieel deelnemende generaals gebeld en hun loyaliteit aan hem gevraagd, en of ze de volgende dag maar in de kazerne wilden blijven. Volgens Javier Tusell, La transición Española, heeft hij dat etmaal 100 telefoongesprekken gevoerd, wat een idee geeft hoe wijdvertakt de couppoging was. Maar Milans del Bosch had hij niet te pakken kunnen krijgen. Toen die merkte dat hij de enige was, zijn de tanks teruggegaan naar de kazerne