Licht

Vier is beter dan één (Wetenschapsmuseum, Valencia)

De bovenstaande foto doet u wellicht denken aan een van de beroemdste kunstwerken uit de afgelopen eeuw, maar dat is helaas in zwartwit, terwijl ik het vandaag wil hebben over kleur. Iets wat natuurlijk feitelijk niet bestaat: het is slechts de visualisering die onze hersenen geven aan de door de kegeltjes in onze ogen geregistreerde elektromagnetische straling. Anders gezegd, onze ogen kunnen straling met een golflengte tussen de 380 en 780 nanometer waarnemen en onze hersenen zetten die waarneming om in violet, blauw, groen, geel, oranje en rood. Kortere golflengtes, die we dus niet kunnen zien, noemen we ultraviolet. Ze zijn energierijker per deeltje (foton), met röntgenstraling als extreem voorbeeld. Golflengtes langer dan 780 nanometer heten infrarood en zijn minder energierijk.

Een kleur is dus niets anders dan onze mentale interpretatie van een golflengte. Een van de doorbraken van de twintigste-eeuwse wetenschap is nu dat we de golflengtes die onze ogen niet kunnen registreren, toch kunnen bestuderen. Dat is, althans in principe, heel simpel: je bouwt een apparaat dat voor het oog niet waarneembare golflengtes kan ontvangen (zoals een radio-ontvanger). Omdat je diverse golflengtes analyseert, heet zo’n apparaat een multispectrale camera.

Lees verder “Licht”

Toerist in Valencia (2)

Standbeeld van El Cid, Valencia

Het was toeval dat wij in Valencia waren op de feestdag van de Romeinse heilige Vincentius. Bij leven was hij in Zaragoza diaken, wat betekent dat hij verantwoordelijk was voor de uitdeling van aalmoezen en het beheer van kerkelijke goederen. In 304, tijdens de vervolging door keizer Diocletianus, werd hij gearresteerd en terechtgesteld in Valencia. Dat is eigenlijk alles wat met zekerheid bekend is, maar dat heeft vanzelfsprekend niet verhinderd dat er allerlei verhalen kwamen.

Vincentius

Een eeuw na zijn marteldood vertelde de Spaanse christelijke auteur Prudentius in zijn Kransrede welke martelingen Vincentius onderging. De arme diaken zou op de pijnbank zijn gelegd en met gloeiende haken zou zijn vlees van zijn botten gerukt. Hij was levend verbrand op een rooster, maar niet helemaal, want daarna was hij in een gevangeniscel gelegd op een bed van gebroken scherven. Daar gaf hij de geest. Zoals te doen gebruikelijk was de beul zó onder de indruk van de sereniteit waarmee de aspirant-heilige zijn martelingen verdroeg, dat hij zich bekeerde. De Kransrede is dus een voorspelbare, brave, kortom stomvervelende tekst.

Lees verder “Toerist in Valencia (2)”