
Het was toeval dat wij in Valencia waren op de feestdag van de Romeinse heilige Vincentius. Bij leven was hij in Zaragoza diaken, wat betekent dat hij verantwoordelijk was voor de uitdeling van aalmoezen en het beheer van kerkelijke goederen. In 304, tijdens de vervolging door keizer Diocletianus, werd hij gearresteerd en terechtgesteld in Valencia. Dat is eigenlijk alles wat met zekerheid bekend is, maar dat heeft vanzelfsprekend niet verhinderd dat er allerlei verhalen kwamen.
Vincentius
Een eeuw na zijn marteldood vertelde de Spaanse christelijke auteur Prudentius in zijn Kransrede welke martelingen Vincentius onderging. De arme diaken zou op de pijnbank zijn gelegd en met gloeiende haken zou zijn vlees van zijn botten gerukt. Hij was levend verbrand op een rooster, maar niet helemaal, want daarna was hij in een gevangeniscel gelegd op een bed van gebroken scherven. Daar gaf hij de geest. Zoals te doen gebruikelijk was de beul zó onder de indruk van de sereniteit waarmee de aspirant-heilige zijn martelingen verdroeg, dat hij zich bekeerde. De Kransrede is dus een voorspelbare, brave, kortom stomvervelende tekst.









Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.