Toerist in Valencia (2)

Standbeeld van El Cid, Valencia

Het was toeval dat wij in Valencia waren op de feestdag van de Romeinse heilige Vincentius. Bij leven was hij in Zaragoza diaken, wat betekent dat hij verantwoordelijk was voor de uitdeling van aalmoezen en het beheer van kerkelijke goederen. In 304, tijdens de vervolging door keizer Diocletianus, werd hij gearresteerd en terechtgesteld in Valencia. Dat is eigenlijk alles wat met zekerheid bekend is, maar dat heeft vanzelfsprekend niet verhinderd dat er allerlei verhalen kwamen.

Vincentius

Een eeuw na zijn marteldood vertelde de Spaanse christelijke auteur Prudentius in zijn Kransrede welke martelingen Vincentius onderging. De arme diaken zou op de pijnbank zijn gelegd en met gloeiende haken zou zijn vlees van zijn botten gerukt. Hij was levend verbrand op een rooster, maar niet helemaal, want daarna was hij in een gevangeniscel gelegd op een bed van gebroken scherven. Daar gaf hij de geest. Zoals te doen gebruikelijk was de beul zó onder de indruk van de sereniteit waarmee de aspirant-heilige zijn martelingen verdroeg, dat hij zich bekeerde. De Kransrede is dus een voorspelbare, brave, kortom stomvervelende tekst.

Lees verder “Toerist in Valencia (2)”

Kosmas en Damianos

Kosmas en Damianos (Martinikerk, Groningen)

In nogal wat kerken in de provincie Groningen zijn fresco’s te bewonderen uit de Late Middeleeuwen. Veel daarvan zijn in de loop van de tijd helaas verloren gegaan, maar er zijn er gelukkig ook veel overgeleverd, mede dankzij overschildering met kalk na de Reformatie en de zorgvuldige restauratie in de afgelopen decennia. Eén zo’n schildering is die van de heiligen Kosmas en Damianos, in de Martinikerk in de stad Groningen. Via het internet zocht ik deze broers op, en kwam gelijk in een heel erg interessant verhaal terecht, zeker waar het de parafernalia betreft die vaak met de broers werden afgebeeld.

Rijk Groningen

De anonieme kunstenaar heeft de schildering aan het eind van de vijftiende eeuw op de gewelven van deze kerk aangebracht, toen Groningen één van de rijkste steden van de lage landen was, mede dankzij het zogenaamde “stapelrecht”, waardoor de stad nogal wat inkomsten genereerde uit het recht om alle handel uit bijvoorbeeld het Oostzeegebied via de stad te laten verlopen. Het meest zichtbare symbool van die rijkdom is de zesennegentig meter hoge Martinitoren, waarvan de bouw ook op driekwart van die vijftiende eeuw begon.

Lees verder “Kosmas en Damianos”

1700 jaar Nikaia (5): de besluiten

Nikaia loste niet alle problemen op; er waren meer concilies nodig. In het Rila-klooster zijn ze allemaal afgebeeld.

Het is maar al te begrijpelijk dat de bisschoppen die aanwezig waren op het Concilie van Nikaia meenden dat de Heilige Geest hen in de juiste richting had geleid. Men was het vooraf oneens geweest over de relatie tussen God de Vader en God de Zoon, over de autonomie van de bisschoppen, over de paasdatum en over nog andere thema’s. De bisschoppen communiceerden in het Grieks, maar we moeten niet onderschatten dat de aanhangers van de twee grote scholen van Bijbeluitleg, de Alexandrijnse en Antiocheense, niet zelden dachten in het Egyptisch (Koptisch) en het Syrisch (Aramees).

Persoonlijke ergernissen speelden een rol. Wellicht waren er mensen die zich stoorden aan de rol van de keizer. We beschikken over een door hem bij een andere gelegenheid gehouden toespraak waaruit blijkt dat hij de theologische finesses niet geheel beheerste. (De auteurs van onze bronnen, die Constantijn positief presenteren, maken overigens geen melding van irritaties over zijn rol.) Ondanks alle moeilijkheden eindigde de vergadering met consensus. De keizer had met de ruziënde bisschoppen een enorm risico genomen, maar kon tevreden beginnen aan het regeringsjubileum, de vicennalia, dat hij kort daarna zou vieren. Zoals gezegd heeft de Kerk de ingreep door het wereldlijk gezag geaccepteerd omdat de Heilige Geest zo evident aanwezig was geweest.

Lees verder “1700 jaar Nikaia (5): de besluiten”

1700 jaar Nikaia (1): iets nieuws?

Een achttiende-eeuwse weergave van het Concilie van Nikaia (325).

Aanstaande dinsdag is het 1700 jaar geleden dat in Nikaia, het huidige İznik in Turkije, een enorme vergadering begon van christelijke leiders: het Concilie van Nikaia. (Ook wel aangeduid als Nicea, maar ik wil niet invisibiliseren.) Onder toezicht van keizer Constantijn de Grote stelden de bisschoppen een formule vast waarmee ze de relatie tussen God de Vader en God de Zoon konden beschrijven; verder namen ze besluiten over de berekening van de paasdatum, de organisatie van de kerk en de levenswijze van de geestelijken.

Uit de baaierd aan christelijke vormen ontstond één christendom, dat nog steeds bestaat. De beslissingen zijn na al die eeuwen zó vanzelfsprekend, dat we niet langer herkennen hoe revolutionair ze ooit waren.

Lees verder “1700 jaar Nikaia (1): iets nieuws?”

De martelaren van Lyon

De onderaardse ruimte waar de martelaren van Lyon gevangen zouden zijn gehouden.

Meestal blog ik op zondagmorgen over het Nieuwe Testament, maar vandaag neem ik een verwant onderwerp ter hand: de eerste christenen in Gallië – meer in het bijzonder die in de stad Lyon ten tijde van keizer Marcus Aurelius (r.161-180). Als we kijken naar wat latere informatie, zien we dat de christelijke gemeenschappen zich meestal bevinden in steden die niet al te ver van de grote wegen liggen. Het is geen woeste conclusie dat het nieuwe geloof zich door de Provence had verspreid langs de Via Domitia en stroomopwaarts langs de Rhône vanuit Arles naar Vienne en Lyon en daarvan dan richting Reims of via Metz naar het Rijnland.

We weten zeker dat er in Lyon al rond het midden van de tweede eeuw christenen leefden. Een in 1974 ontdekt grafschrift is evident christelijk. Het is gesteld in het Grieks, wat suggereert dat migratie een rol speelde. De contacten met het oosten bleven bestaan: de straks te noemen bisschop Eirenaios werd uitgenodigd om uit het oosten te komen.

Lees verder “De martelaren van Lyon”

Valentinus ofwel Sint-Valentijn

De heilige Valentinus zegent de bouw van zijn kerk in Terni

De verering van de heilige Valentinus (Valentijn in het Nederlands) is sinds 1969 in de rooms-katholieke kerk niet langer voorgeschreven, omdat we volgens deskundigen eigenlijk te weinig van hem weten om een serieuze biografie over hem te kunnen schrijven. Maar (en dat vind ik nou typisch rooms-katholiek) hij wordt nog wel erkend als zijnde een “Heilige van de Kerk”. Hoe het ook zij: voor velen is zijn naamdag (14 februari) nog steeds een belangrijk ijkpunt in het liefdesleven.

Van tweeën één?

Wat denken we te weten van Valentinus? Allereerst dat er twee christelijke martelaren zijn geweest die naar deze destijds gangbare naam luisterden. De ene Valentinus was als priester en als arts actief in Rome, de andere zou bisschop zijn geweest van Terni (zo’n 100 km noordelijk van Rome).

Lees verder “Valentinus ofwel Sint-Valentijn”

Sebastianus, een multifunctionele heilige

Sebastianus (Catacomben van Sint-Sebastianus, Rome)

Toen keizer Diocletianus zich in 305 na Chr. terugtrok in zijn nieuwgebouwde, schitterende paleis in Spalato (Split), kon hij terugkijken op een succesvol keizerschap van zo’n twintig jaar. De splitsing van het veel te grote, onoverzichtelijke rijk in twee delen was al een huzarenstukje, de monetaire hervormingen, hervormingen binnen het leger en daarmee samenhangende veranderingen in de totale rijksadministratie, droegen enorm bij aan zijn roem. Verder liet hij nog een gigantisch badhuis na aan de stad Rome, waarvan we nu nog de indrukwekkende resten zien, nabij het Stazione Termini. Diocletianus kon rustig boontjes en bloemen gaan kweken in zijn tuin in Split, zoals vaak beweerd wordt.

Een leven vol roem voor de boeg

Een keizer die het einde van zijn leven zonder moord of doodslag haalde mag je al een bijzonderheid noemen, maar dat kon alleen als hij voor 120% kon vertrouwen op zijn persoonlijke lijfwacht. En daar deed zich aan het eind van de derde eeuw een probleem voor: ondanks ook door Diocletianus gepropageerde vervolgingen van die rare christenen, die weigerden om de keizer als de belangrijkste vertegenwoordiger van de boven hen gestelde machten te vereren, was er een commandant van die garde die juist dat verfoeide geloof aanhing: Sebastianus.

Lees verder “Sebastianus, een multifunctionele heilige”

Langs elkaar heen praten tot de dood erop volgt (2)

De martelaren bij Christus (Catacomben, Rome)

En dat brengt me op het eigenlijke thema van dit stukje: langs elkaar heen praten. Voor Plinius sloegen de twee christinnen wartaal uit. Ook de kloof tussen Saturninus en de Noordafrikaanse christenen die hij voor zich heeft wordt niet overbrugd. In een in 2021 verschenen commentaar op deze martelaarsakte gaat Vincent Hunink ervan uit dat de hier ondervraagde christenen met opzet uitspraken doen die de overheidsfunctionaris niet kan begrijpen. Het is in zijn visie moedwil om misverstand te vergroten, omdat deze christenen er gewoon op aansturen de marteldood te mogen ondergaan. De studie van Hunink is zeer informatief en goed doordacht, maar op dit punt ben ik het niet met hem eens. Vervolging is niet het doel van het volgen van Christus, maar een gevolg. Er bestaan zeker aanwijzingen dat er kamikazechristenen geweest zijn, maar die vormen eerder een uitzondering – niet de regel.

Mysterie

Als u uw oren kalm te luisteren legt, vertel ik een mysterie van eenvoud.

Dat zegt de christelijke woordvoerder tegen Saturninus. Het is geen toonbeeld van duidelijke communicatie. Vermoedelijk biedt de christen aan te onthullen wat de christelijke leer is en bedoelt hij dat die gemakkelijk te begrijpen is. Maar zijn woordkeus zet Saturninus op het verkeerde been. Die maakt eruit op dat de christen hem wil inwijden in deze voor hem afstotelijke cultus.

Lees verder “Langs elkaar heen praten tot de dood erop volgt (2)”

Langs elkaar heen praten tot de dood erop volgt (1)

Paulus (Catacomben van Domitilla, Rome)

“Verwerpelijk bijgelovig geraaskal.” In woorden van die strekking typeert Plinius, Romeins provinciebestuurder, in een brief aan keizer Trajanus de uitspraken van twee christelijke vrouwen. Van hun geloofspraktijk en ethische code kan Plinius nog wel iets begrijpen, maar wat het christelijke geloof zelf inhoudt, daar kan deze gezagsdrager niets mee.

We weten dat Plinius’ aanpak van christenen in zijn provincie Bithynië uitmondde in executie, maar kunnen niet nagaan wat de vrouwen tegen Plinius zeiden toen hij ze de duimschroeven aandraaide. Van een soortgelijk verhoor van later in de tweede eeuw is echter wel iets bewaard gebleven in de vorm van een martelaarsakte.

Dankbetuiging

“We hebben niets verkeerd gedaan,” zegt de woordvoerder van deze groep tegen gouverneur Saturninus, achter gesloten deuren in Carthago. Dat zal de overheidsbeambte ook andere gevangenen hebben horen zeggen, maar wat hem erg vreemd in de oren moet klinken is wat de christen daarna zegt:

Lees verder “Langs elkaar heen praten tot de dood erop volgt (1)”

Het Colosseum (4): executies

Een van de executies in een amfitheater (Museum van El-Djem)

[Dit is het vierde van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Ik vertelde in het vorige blogje dat een dag in het Colosseum begon met jachtpartijen, vervolgde met executies en eindigde met gladiatoren. In dat vorige blogje beschreef ik de jacht. Hadden de dieren elkaar of de jagers de dieren afgemaakt, dan waren dus de misdadigers aan de beurt. Wellicht is dit het moment om even een trigger warning af te geven, want wat nu gaat volgen, is onprettige lectuur.

De eerste executies ad bestias, door beesten, vonden volgens Valerius Maximus plaats in 146 en 168 v.Chr.:

Nadat hij het Karthaagse Rijk te gronde had gericht, wierp Publius Cornelius Scipio Aemilianus deserteurs van niet-Romeinse afkomst voor de wilde beesten tijdens spelen die hij aanbood aan het volk, en toen Lucius Aemilius Paullus koning Perseus van Macedonië had overwonnen, legde hij mensen met dezelfde afkomst en schuld voor de olifanten om te worden vertrapt.noot Valerius Maximus, Gedenkenswaardige daden en uitspraken 2.7.13-14.

Lees verder “Het Colosseum (4): executies”